06/03/1627

 
English | Nederlands

06 - 03 - 1627

Presentielijst:

Gelderland:
Holland:
Zeeland:
Utrecht:
Friesland:
Overijssel:
Groningen:

Resoluties:

1 Doublet meldt dat van het uit Friesland gekomen geld 29.155 gld. 10 st. beschikbaar is voor de Admiraliteiten.
Dit bedrag zal naar de Rotterdamse Admiraliteit gaan met de formele aantekening dat verdere subsidie zal uitblijven zolang het College niet aantoont wat er op de restanten is betaald en hoe die zullen worden geïnd.
Dezelfde Admiraliteit en die te Amsterdam schrijven in antwoord op de brief van HHM d.d. 23 feb. waar hun schepen bestemd voor de kust van Vlaanderen zich nu bevinden.
Er valt geen besluit.
Van de Rotterdamse Admiraliteit is ook een brief ontvangen over Laurens de Poter uit Oostende die met zijn schip in Brielle is aangekomen. Diverse personen hebben bemiddeld om hem, zijn schip en goederen vrij te krijgen, aangezien hij goede diensten heeft bewezen aan gevangenen bij de vijand. Ook kwam hij tijdens en na het Bestand met zijn goederen naar de Republiek.
De heren van Holland hebben de brief meegenomen en houden de kwestie in beraad. Wel zal de Admiraliteit worden geantwoord dat men De Poter tot nader order moet vasthouden.

2 De commandant en overige kapiteins van het garnizoen van Emden verzoeken loop- en daggeld voor en monstering van het volk waarmee hun compagnieën is versterkt.
De RvS zal hierover beslissen.

3 Het Kwartier van Nijmegen en het stadsbestuur van Nijmegen sturen brieven waarin wordt aanbevolen kapitein Saint Hilaire een traktement toe te kennen als commandant van Nijmegen.
De RvS zal adviseren.

4 Twee afgevaardigden van de Admiraliteit te Amsterdam compareren en verzoeken subsidie opdat hun schepen de kustbewaking kunnen doen.
HHM stellen een besluit uit tot maandag aanstaande als de provincies hun voor de Admiraliteiten verzochte subsidies bekendmaken.
De Admiraliteit meldt eveneens Gijsbert Steens niet alleen te hebben aangehouden omdat hij betrokken was bij lorrendraaierij maar tevens omdat hij de officieren, die hem hierover hebben aangesproken, onheus heeft bejegend. Het College was niet op de hoogte van de buitensporig oplopende gevangeniskosten van de luitenant in Arnhem.
HHM zullen besluiten zodra het advies van de RvS bekend is.
De afgevaardigden overhandigen eveneens de attestatie van Cornelis Arentsen van Monickendam. Hij verklaart door een Duinkerker te zijn overmeesterd en dat hij vervolgens gedwongen werd hierop dienst te nemen. Op Driekoningenavond arriveerde de Duinkerker met een prijs te Weldam [Kanaal van Mardijck], maar kapitein Quast heeft niet eens de moeite genomen zijn anker te lichten voor een poging tot herovering.
De Admiraliteit in het Noorderkwartier ontvangt kopie van de attestatie. Zij dient Quast over deze zaak te horen en HHM daarover te berichten.

5 De heer van Gemart1 verzoekt zijn heerlijkheid Gemert, zoals tot nu toe, vrij van contributie te laten. De RvS wil hem echter aanslaan voor 500 gld. per maand, hoewel het gebied niet onder Brabant ligt.
De RvS zal adviseren.

6 De navolgende burgers en vrouwen van burgers van Breda brengen onder het voorwendsel van vrijheid te Oosterhout te genieten, goederen naar Breda: Lijn Knepen met haar kinderen, Maij Stoffels met haar kinderen, Anthoni den Schipper met zijn vrouw, Jasper den Kremer met zijn vrouw, Neel Boenders, Maiken Gorissen met haar zuster, Jen de Decke en De Koey met zijn vrouw.
De licentmeester in Geertruidenberg wordt geschreven deze personen geen goederen te verstrekken, zelfs wanneer zij een biljet van de officier tonen. Verder mag hij niemand goederen geven zonder een bijgesloten, met de hand ondertekend, biljet van de officier of diens substituut in Oosterhout.

7 De raden van State De Rover, Stavenisse, Veltriel en Gruijs verschijnen ter vergadering. Zij verklaren dat de fortificaties tegen minder geld kunnen worden aanbesteed als de aannemers contant geld gegeven wordt. Zij vragen of een dergelijke belofte mag worden gedaan.
HHM besluiten de besteding op de gebruikelijke manier te continueren. Aangezien het aandeel van Zeeland, Friesland en Groningen in het geld voor de fortificaties binnen die provincies wordt gebruikt, komen dus alleen Gelderland, Holland, Utrecht en Overijssel voor een bijdrage in aanmerking. De RvS zal bij deze provincies dan ook aandringen op het opbrengen van hun quote om daaruit prompte betaling te kunnen doen.
De raden van State melden tevens dat de hoogbaljuw van de Meierij van 's-Hertogenbosch is begonnen in Heusden jurisdictie uit te oefenen en nu een instructie verzoekt.
HHM laten de RvS een dergelijke instructie opstellen en de nodige beslissingen nemen.
De vijand haalt uit de dorpen in de Langstraat alle Hollandse levensmiddelen en andere waren onder het mom dat deze daar in strijd met het handelsverbod zijn gebracht.
Er valt nog geen beslissing.
Z.Exc. geeft op het verzoek van Willem de Rovre en Maria de Rovre in overweging dat inwilliging kan leiden tot tegenmaatregelen van de vijand ten aanzien van goederen in de Republiek.
HHM verlenen de gevraagde autorisatie op de Raad van Vlaanderen niet.

8 Z.Exc. heeft toegezegd de afspraken die de Overbetuwe, de Nederbetuwe, de Tielerwaard, Klundert en Willemstad met de vijand schijnen te maken, in Klundert en Willemstad te zullen tegengaan. Tevens zal hij, net als HHM 26 feb. hebben gedaan, aan het Hof van Gelderland en de ambtlieden van de Over- en Nederbetuwe en Tielerwaard schrijven de opgedragen bezetting uit te voeren en geen afspraken met de vijand te maken.
De afgevaardigden van de RvS zullen in het kader van de aanbesteding van de fortificaties op hun reis ook de Tielerwaard en de Over- en Nederbetuwe aandoen en zich daar laten informeren over de noodzaak tot nadere beveiliging. Ook moeten zij dan inlichtingen inwinnen over degenen die betrokken zijn bij de vermeende afspraken met de vijand. Naar aanleiding van hun rapport zal men beslissen.

9 De Gedeputeerde Staten van Friesland vragen in een schrijven d.d. 17 feb. wat geld op te sturen en 29.794 gld. te betalen die zij achterstallig zijn aan enkele uit Holland overgekomen pachters. Het betreft Hubert van der Mars, Cornelis Lutyen Groen en Hackius, die op aanbeveling van de RvS de pacht is vergund.
De RvS zal berichten en adviseren.

10 De gecommitteerden die met Mortaigne in bespreking zijn, laten weten dat de hofmeester het huis van pachter Middelcoop niet kan huren voor minder dan 1.400 gld. Zij willen weten of HHM dit goedkeuren.
De gecommitteerden zijn gemachtigd tot het sluiten van een akkoord tegen zo laag mogelijke kosten.

112 De Noordse compagnie vraagt ongeveer zes weken te wachten inzake het verzoek van Engelbrecht Pieterssen van der Zee teneinde een monster van de meegebrachte aarde te kunnen onderzoeken.
De zaak wordt in beraad gehouden.

12 De Admiraliteitscolleges zal worden aangeschreven met de pachters te liquideren en de afrekeningen op te sturen opdat daarvan een generale liquidatie kan worden gemaakt, zoals hen ook op 12 okt. 1626 schriftelijk is meegedeeld.

13 Kolonel Haulterive verzoekt de vier compagnieën die onder zijn regiment zijn gesteld, hetzelfde te betalen als de overige compagnieën.
HHM stellen een besluit uit.

14 Van Languerack is een brief d.d. 21 feb. ontvangen.
Behoeft geen besluit.

1 Zowel de commandeur te Gemert als de landcommandeur van de Duitse Orde komen in aanmerking. Gekozen is voor commandeur Holtrop.
2 Deze resolutie is gedrukt: Muller, Geschiedenis Noordsche Compagnie , 386.