18/03/1627

18 - 03 - 1627

Presentielijst:

Gelderland:
Holland:
Zeeland:
Utrecht:
Friesland:
Overijssel:
Groningen:

Resoluties:

1 De Admiraliteit in het Noorderkwartier vraagt uitleg over het plakkaat dat op 4 en 22 juli 1625 is uitgebracht. Mogen neutrale schepen uit bijvoorbeeld Hamburg, die de havens van Vlaanderen aandoen en door de kapiteins van de kustblokkade zijn veroverd, tot rechtmatige buit worden verklaard? Hebben de kapiteins dan recht op de helft van die buit?
HHM bevestigen dit, ook om de kapiteins en matrozen nog ijveriger te maken in het overmeesteren van de schepen.

2 Gysbert Dimmer is door Z.Exc. commissie verleend als drost van Steenbergen. De Raad van Brabant maakt echter bezwaar en heeft de fiscaal van Brabant mandement poenaal verleend. Dimmer is op straffe van een zware boete de uitvoering van het ambt verboden omdat hij geen geboren Brabander is en zijn commissie dus in strijd met het privilege van de Blijde Incompste van Brabant. Dimmer verzoekt niettemin zijn ambt te mogen bedienen omdat dit privilege tegenwoordig niet in deze landen wordt gehandhaafd, ook niet door de raden zelf die evenmin geboren Brabander zijn en hun kanselarij buiten de grenzen van Brabant houden. In Steenbergen en omgeving is de in Zierikzee geboren Cornelis Imants van Suitlant drost geweest. De Hollander Jan Adriaenssen is er meerdere keren burgemeester geweest en nu is dat de in 's-Gravenhage geboren Andries Joosten. Ook Jan Janssen Vinck is daar diverse malen schepen geweest.
HHM besluiten vanwege de bovenstaande redenen, in weerwil van de oppositie, de commissie te onderschrijven. Zij zullen hiertoe akte van non-prejuditie opstellen, indien de Raad van Brabant dit wenst.

3 De Directeurs van de Levantse handel verzoeken een afschrift van de instructie van Pijnacker.
De instructie mag hun worden meegedeeld door de gecommitteerden. Zij zullen ook Pijnacker horen over de klachten die de Directeurs over hem hebben geuit.

4 Soranzo heeft een memorie tegen de resolutie van 15 maart over de door Moins opgebrachte goederen overhandigd.
Na lezing hebben de heren van Holland de memorie meegenomen voor nadere bestudering.

5 Er is rapport gedaan over de kwestie Oost-Friesland.
HHM besluiten het rapport morgen in aanwezigheid van Z.Exc. en de RvS te behandelen. De gedeputeerden zullen bedenken hoe de bedijking van de overstroomde gebieden moet plaatsvinden.

6 De uit Berg verdreven predikant Johanne Demelius is 50 gld. toegekend.

7 De RvS adviseert d.d. 12 maart enkele veranderingen in de instructies voor de commissaris-generaal en de controleur van de schepen en stelt dat het beter is iemand anders dan Lintzenich tot formeel controleur te benoemen. Totdat hij aan een andere functie is geholpen zou men hem wel zijn traktement moeten doorbetalen.
De heren van Holland willen nog geen besluit nemen.

8 Rode heeft op 13 maart verklaard dat de Staten van Utrecht consenteren in het subsidie van 1.000.000 gld. voor de Admiraliteiten. Het uitblijven van de eerder verzochte subsidies is echter niet aan de orde gesteld.
HHM besluiten de Staten van Utrecht aan te sporen ook in deze subsidies te consenteren.

9 Van Joachimi zijn drie brieven d.d. Londen 7, 17 en 26 feb. ontvangen.
Er valt geen besluit.

10 Het verzoek van de Franse ambassadeur om over Brabant naar Frankrijk acht paarden voor de bisschop van Mende en acht paarden voor zijn zwager De Foureij te mogen sturen, roept bezwaren op.