09/04/1627

09 - 04 - 1627

Presentielijst:

Gelderland:
Holland:
Zeeland:
Utrecht:
Friesland:
Overijssel:
Groningen:

Resoluties:

1 De gedeputeerden van Emden verschijnen ter vergadering. Zij hebben tegenover de RvS verklaard geen last te hebben om met de gezanten van de graaf over welke punten dan ook te onderhandelen. Daarentegen vinden zij dat de punten die dr. Amama heeft ingediend reeds in 1620 bij apostille zijn afgehandeld. Zij zien ervan af deze met de Raad te bespreken. Wel willen zij binnen veertien dagen schriftelijk reageren, indien HHM hun kopie van de punten geeft.
HHM zullen morgen met Z.Exc. en de Raad over het verzochte afscheid beslissen.

2 Daniel Noirot, rentmeester van de domeinen van Z.Exc. in Steenbergen, mag tegen Bosch' licent naar het Land van Steenbergen twee merries brengen voor de bebouwing van zijn landen, onder cautie dat deze daar blijven.

3 Carolus Hellemans mag frank en vrij met zijn twee koetspaarden en twee rijpaarden naar Zevenbergen reizen, op voorwaarde dat hij bij terugkomst de paarden weer meeneemt.

4 Languerack schrijft d.d. Parijs 28 maart.
HHM antwoorden het niet raadzaam te achten de drieduizend [Franse] soldaten die graaf De la Val voor de koning van Denemarken zal werven via de Republiek te transporteren.

5 De president hervat de kwestie met betrekking tot de gisteren ontvangen brief van de heren van Groningen over de commissie van Geert Roloffs. HHM is verzocht Roloffs nog voor deze keer wegens zijn indispositie niet naar 's- Gravenhage te laten komen om de eed af te leggen, maar dit door de Admiraliteit in Friesland te laten doen.
HHM wijzen dit af omdat het ingaat tegen de opgestelde regels, om welke reden soortgelijke verzoeken ook zijn afgewezen.

6 Op herhaald verzoek van Susanna Eems de Bloiere geven HHM haar eenmalig 50 gld.

7 Het traktement van kapitein Blaubeen van 100 gld. is op zijn verzoek en uit goede overwegingen voor zes maanden verlengd met ingang van de einddatum van de vorige concessie.

8 In een rekest melden de Bewindhebbers van de WIC dat de RvS restitutie wil van twee halve lichte kanonnen en zes hele en zes halve draken of het koper daarvan, die in 1623 voor de tocht naar Bahia de Todos os Santos zijn geleend.
Conform het verzoek laten HHM de restitutie uitstellen totdat zij met de WIC een onderlinge afrekening hebben gemaakt, waartoe de supplianten worden gemaand.

9 Sacharias de Wit, voormalig luitenant van kapitein Casenbroet, verzoekt een traktement.
De RvS zal hierover beslissen.

10 Balbiaen en Bilant verzoeken een gedeelte van de opbrengst [uit het plan] dat zij tot voordeel van het land zullen bekendmaken, te mogen hebben.
HHM blijven bij hun eerdere resolutie.

11 De secretaris van de Franse ambassadeur is op zijn verzoek audiëntie verleend. Hij dient een memorie in waarin de ambassadeur zijn beklag doet dat uit het schip van Thoirax in Amsterdam door een provoost en de beul een edelman genaamd De Coutardiere is gehaald. Hij verzoekt het nodige te doen opdat de hoogachting van de koning in stand wordt gehouden.
HHM laten de RvS hierover na overleg met Z.Exc. beslissen.

12 Noortwyck en Beaumont doen verslag van hun onderzoek vanwege de rekening van rentmeester Suerius. De particuliere ontvangers van de vijfde penning die de rentieren van Brabant moeten betalen, hebben tijdens het Bestand jaarlijks ieder 400 gld. genoten - dit volgens berekening van Suerius aan Z.Exc. gedaan. HHM dienen te beslissen hoeveel zij voortaan zullen krijgen omdat zij niet langer de vijfde penning ontvangen, maar de dertiende penning van de contributies.
Zij krijgen ieder 100 gld. en de controleurs een bedrag naar rato.

13 In plaats van de gestorven ontvanger Adriaen van der Burcht is besloten Joos Minne als ontvanger van de domeinen in Vlaanderen aan te stellen, mits hij borgstelling kan regelen.

14 De gouden keten voor de secretaris van Danzig is gewogen. Hij weegt 7 once 19 engels 18 aas en bedraagt op basis van 36 gld. 10 st. per once en met het fatsoen van 28 st. in totaal 302 gld. 5 1/2 st.

15 Overste Smelzingh verzoekt het door Jan van Twickelo aan de RvS verzochte appèl op de Hoge Krijgsraad af te wijzen en de verordende surseance op te heffen.
HHM nemen hierover nog geen besluit.