03/05/1627

03 - 05 - 1627

Presentielijst:

Gelderland:
Holland:
Zeeland:
Utrecht:
Friesland:
Overijssel:
Groningen:

Resoluties:

1 De resolutie van gisteren over de sauvegarde is hervat, naar aanleiding van de opgestelde brief. HHM laten de RvS het op 20 april ingediende rapport van Heekeren en Ruisch over de bescherming van de Waal nazien. Het advies zal in het besluit worden meegenomen.

2 Pieter Janssen Gabriels, Matthijs Cornelissen Tolenaers, Dignus Janssen en Jan Wouterssen, wonend te Huijbergen; Maiken Stoffels, wonend te Wouw, en Marinus Bastiaenssen, wonend op de Noordgeest buiten de poort van Bergen op Zoom, mogen ieder tegen Bosch' licent en onder cautie één merrie uitvoeren voor de bebouwing van hun land.
Hendrick Dirxen Feiter mag tegen Bosch' licent en onder cautie van Poederoijen naar Andel zeven melkkoeien, vijf magere runderen en twee merries brengen.
Jan Janssen, stadhouder en schepen van Chaam, mag tegen Bosch' licent en onder cautie twee merries naar Chaam brengen voor de bebouwing van zijn land.
Pieter Seijs, burger van Bergen op Zoom, mag op zijn verzoek drie paarden naar Bergen op Zoom brengen voor verkoop aan de ruiterij.
Rentmeester Dierck Sluiter mag tegen Bosch' licent en onder cautie zes mud zout, driehonderd pond stokvis, tweehonderd pond kaas, drie kinnetjes zeep, een ton haring, een ton gezouten kabeljauw en een okshoofd wijn naar het huis te Boetzelaer brengen.

3 HHM vragen de RvS advies over het verzoek van werkmeester Pieter Willemsen van Rossum zes paarden en zes karren naar het fort Voorn te mogen brengen.

4 HHM laten de RvS besluiten over het verzoek van Fijcken Everts, weduwe van mr. Pieter van Stabele, voormalig pestmeester in Gorinchem, om betaling van het traktement van haar overleden man.

5 De RvS adviseert over het op 21 april ingediende verzoek van zes Zuid-Hollandse dorpen. Het vervoeren en verkopen van hun eigen gewas in steden aan weerskanten zou niet door het krijgsvolk belet mogen worden, omdat dit bij sauvegarde is toegestaan. Zij mogen hun goederen net als de andere dorpen halen op een lijst en tegen betaling van Bosch' licent, maar niet zonder Geertruidenberg aan te doen en te verbodemen.
HHM nemen dit advies over.

6 Conform het advies [van de RvS] wordt toegestaan dat Bernaert Leinertsen, Pieter Dielkens, Gillis Janssen, Marinus Lenertsen, Adolph Janssen, Hans Cornelis, Jan Hendrixen, Geert Cornelissen en Cornelis Janssen uit deze landen ieder een merrie naar Halsteren mogen brengen en schout Johan Blouck twee merries; Goert Claessen de Wit, Wouter Gysbrechtsen, Michiel Jagers en Claes Govers ieder twee merries en drie koeien naar Besoijen en Jasper Andriessen twee bouwpaarden, twee koeien, een hokkeling, drie varkens en zijn meubelen.

7 Adriaen Rombouts mag twee merries en zes magere runderen naar Capelle brengen en Jan Thyssen twee merries en drie melkkoeien naar Waspik.
Bastiaen Pieters mag tegen Bosch' licent en onder cautie zes magere runderen naar Capelle brengen en Adriaen Jochims twee merries.

8 De RvS adviseert niet in te stemmen met het verzoek van de ingezetenen van Cuijk hun runderen aan de overzijde van de Maas te mogen weiden. Dit vanwege de gevolgen en omdat voor de dieren moeilijk cautie kan worden gesteld.
HHM nemen dit advies over.

9 HHM volgen het negatieve advies van de RvS op het verzoek van Matthys Pieters om een turfschuit van hier naar de veengronden boven Breda te mogen brengen.

10 HHM gaan akkoord met het advies van de RvS inzake Leendert Adriaenssen. Deze wil eed doen tegenover de vijand religie of soevereiniteit niet te hebben afgezworen. Daarom mag hij van Klundert naar Hoeven verhuizen en zijn beesten en meubelen tegen betaling van Bosch' licent meenemen. In zijn eed zal hij niet alleen moeten beloven geen afzwering te hebben gedaan, maar dit ook niet te zullen doen. Adriaenssen heeft deze eed afgelegd.

11 De Admiraliteit in het Noorderkwartier antwoordt dat zij haar konvooischepen in Het Vlie opdraagt de gezanten naar Zweden en Polen te begeleiden, wanneer deze daar aankomen.
HHM laten de Admiraliteit haar schepen van Het Vlie naar Texel sturen, omdat de gezanten daar onder zeil zullen gaan.

12 Berck schrijft d.d. Venetië 16 april over het misnoegen aldaar over de resolutie van 10 maart aangaande de restitutie van de door kapitein Moins opgebrachte goederen.
HHM sturen Berck duplicaat van de resolutie van 6 april, samen met een duplicaat van de toen aan hem geschreven brief.

13 Ambassadeur Soranzo heeft opnieuw om brieven aan de Admiraliteit te Amsterdam verzocht, opdat dit College de resolutie van 6 april zal nakomen ten aanzien van Lucanelli en Benzio.
HHM gaan hiermee akkoord.

14 Toussain Muissart, koopman wonend in Leiden, heeft van Calais een vat met vijftig stuks Doornikse trijpen naar Danzig [Gdansk] verscheept. Dit vat is door ene Spierinck, die van de koning van Zweden represaillebrieven tegen Danzig had, aangehouden. De suppliant verzoekt de gezanten van HHM te gelasten de wijn terug te eisen.
HHM geven het rekest aan de gezanten om bij de koning van Zweden de verzochte restitutie aan te bevelen.