02/07/1627

02 - 07 - 1627

Presentielijst:

Resoluties:

1 Het in opdracht van Z.Exc. opgestelde conceptplakkaat tegen het duelleren gaat voor advies naar de RvS.
1

2 In een op 29 juni opgesteld advies laat de RvS het ter discretie van HHM of de bewezen dienst van kwartiermeester Percheval voor de heer van Valckenborch moet worden vergoed met 400 gld. eenmalig, of een lager of hoger bedrag.
HHM gaan akkoord, indien de Raad het geld van het traktement van Valkenborch betaalt.

3 Cecil, viscount van Wimbledon, verzoekt betaling van zijn traktement als ritmeester en kapitein gedurende zijn absentie.
HHM vragen hierover advies aan de RvS.

4 Griffier Goch meldt het gisteren geformuleerde antwoord inzake de Orde van de Kouseband aan de ambassadeur te hebben gegeven. Deze heeft het betiteld als een beleefd antwoord, waarvoor hij HHM bedankt. Tevens is met instemming van Carleton diens commissie en die van de heraut wegens vestiging van de orde op Z.Exc. overhandigd. Deze is eensluidend bevonden met de commissie uit 1613, waarbij de orde is gesteld op wijlen prins Maurits.

5 De Admiraliteit te Rotterdam stuurt d.d. 8 juni een overzicht van haar binnenjachten.
Aangezien het de bedoeling is op de jachten te bezuinigen, zal geantwoord worden dat het College geen nieuw jacht hoeft te leveren in plaats van het vernielde exemplaar van Brederode. Ook willen HHM vernemen of het jacht van Nijmegen wellicht gemist kan worden.

6 Ontvanger-generaal Jan van IJck verzoekt te weten wanneer de renten zullen ingaan van de ordonnanties, waarvan HHM hebben bepaald dat deze mogen worden omgezet in obligaties.
HHM bepalen dat renten ingaan vanaf de dag waarop de resolutie over de omzetting is genomen.

7 De RvS adviseert over het op 24 juni ingediende rekest van Wouter Adriaenssen dat hem uit gratie herroeping van zijn verbanning zou mogen worden vergund.
HHM gaan akkoord, opdat hij niet naar de vijand overloopt.

8 In een brief d.d. 30 mei bevelen burgemeesters en raad van Emden Anne Visschers aan, opdat zij betaling mag krijgen van de diensten van haar zoon Jan Visscher in Bahia de Todos os Santos als timmerman à 6 st. per dag.
HHM verwijzen haar, net als de anderen in deze kwestie, voor betaling naar de WIC .

9 Ontvanger-generaal Doublet is ontboden. Hem is opnieuw verzocht alles in het werk te stellen in verband met de vastgestelde lening voor de ongerepartieerde troepen. Tevens zal hij aan commies Kien 25.000 gld. uit de legerlasten geven.

10 De magistraat van Zaltbommel verzoekt d.d. Zaltbommel 7 juni niet in te stemmen met de invoer van hop uit Brabant.
HHM nemen hierover geen besluit.
De magistraat schrijft tevens d.d. 17 juni over de voortgang van het landinwaarts leggen van de dijk tegen bij Zaltbommel en het gevaar dat dit oplevert voor stad en land.
HHM geven deze brief aan de RvS, die een voor het land zo gunstig mogelijk besluit moet nemen.

11 Kapitein Quast schrijft d.d. de Braeck 29 juni met inlichtingen over de vijandelijke schepen, de ontbrekende schepen langs de kust [van Vlaanderen] en de trage terugkeer van de schepen.
HHM schrijven de Admiraliteiten hun schepen naar de kust te sturen en te gelasten de schepen die voor bevoorrading inlopen zo spoedig mogelijk weer te laten terugkeren.
De heren van Zeeland verzoeken acht te slaan op de grote achterstallen van de Admiraliteit in hun provincie. Het subsidie moet zowel aan haar als aan de andere Admiraliteiten naar verhouding worden toegekend.

12 Een brief van Languerack d.d. 22 juni behoeft geen resolutie.
De gecommitteerden vanwege de alliantie met Frankrijk is verzocht conform eerdere resoluties de zaken aan te pakken.

13 Een ongedateerde brief van agent Mibassen behoeft geen resolutie.

14 HHM zullen de VOC op de hoogte stellen van brieven van Witsen d.d. 7 april en 25 feb. en 1 maart met het verzoek voortaan geen brieven via Aleppo aan haar personeel in Oost-Indië te sturen omdat deze worden onderschept.

15 Generaalmeester Jacob van Nispen meldt ter vergadering dat hij denkt te weten wie de Deventer en Kamper goudgulden heeft vervalst.
Hendrick van Eck en Nobel moeten hem hierover spreken.

16 Op verzoek van Jan Cuisten zal het Hof van Holland worden verzocht recht in zijn zaak te doen.

17 De declaratie van generaalmeester Nispen zal door de gecommitteerden worden afgehandeld.

18 De Admiraliteit te Rotterdam bericht dat raadsheer Muijlwijck het door wijlen zijn vader als baljuw van Rotterdam op 22 mei 1621 ingestelde proces tegen Glaude Rota, destijds commies van de konvooien en licenten, opnieuw wil voeren. Het ging over geld dat deze had ontvangen en uitgegeven, in strijd met het op 1 mei door Holland uitgevaardigde plakkaat op de munt.
De heren van Holland is verzocht de magistraat van Rotterdam te bevelen Rota met rust te laten.

19 Jan Spillemans, griffier van het Land van Wijnendale, en diens halfzuster Francoise Schaep, wonend in Torhout bij Brugge, krijgen paspoort om in het land te komen.

20 Nobel, uit Rotterdam teruggekeerd, bericht dat de Admiraliteit morgen de kapiteins Van IJlen en Calslagen zal horen.
Tevens zal het College nog twee schepen voor de Grote Visserij sturen. Het schip van kapitein Teersgat, dat gerepareerd moet worden, kan niet zolang door een ander op de kust worden vervangen.

21 Schagen en Rode doen rapport. Zij zijn op 19 nov. 1626 gecommitteerd tot onderzoek naar de ingediende declaratie van resident Aissema inzake zijn jaarlijks traktement en gemaakte onkosten over de periode 5 juli 1625 tot 5 juli 1626. Op een aantal punten zijn de uitgaven hoger dan afgesproken: voor een Duitse klerk 500 gld. in plaats van 150 gld.; aan briefloon 290 gld. in plaats van 280 gld.; voor geheime correspondentie 500 gld. in plaats van 400 gld.; voor nieuwjaarsgiften 250 gld. in plaats van 150 gld.; voor de koets 400 gld., en voor Aissema's persoonlijke moeite in het heen- en weer reizen 2.500 gld.
HHM handhaven de vastgestelde bedragen, maar wijzen het geld voor de koetsier en zijn persoonlijke reiskosten af. Verder dient Aissema conform eerdere resolutie met zijn handtekening te staven dat de reiskosten naar waarheid zijn uitgegeven.

22 De heren van Friesland hebben Sixtus Mensonis Beuma als raad in de Admiraliteit genomineerd.
Beuma heeft de eed afgelegd, waarna commissie is verleend.

1 Het plakkaat is gedateerd op 3 juli en opgenomen in: Groot placaet-boek II, kol. 457-460.