08/07/1627

08 - 07 - 1627

Presentielijst:

Gelderland:
Holland:
Zeeland:
Utrecht:
Friesland:
Overijssel:
Groningen:

Resoluties:

1 HHM appointeren op het rekest van Caspar Smits, schipper van Hamburg, tot restitutie van zijn door admiraal Real opgebrachte schip en goederen, dat hij zich hiervoor tot de Admiraliteit te Amsterdam moet wenden.
Vanwege de nadere instantie van Baudewyn de Man, die eveneens aanspraak maakt op dit schip als zijnde door hem veroverd, moeten Nobel en Aelberts de aanwezige gedeputeerden van de Amsterdamse Admiraliteit horen.

2 De volgende personen is tegen Bosch' licent en onder cautie de uitvoer van paarden toegestaan: Adriaen Anthonissen, Adriaen Mathyssen en Thonis Ariaensz. ieder twee merries naar Baardwijk; Pieter Thomassen drie merries, twee melkkoeien en vijf jonge runderen naar Waspik; Dammis Joosten, Jacob Joosten, Jan Hendrixen Rijdol en Jan Willemsen Buis ieder twee merries idem; Dionys Nyssen, Adriaen Baijenssen, Gerrit Jan Schouten en Gerrit Laurenssen ieder twee merries naar Aalburg; Anneken Janssen Soomers en Jan Janssen Soomers ieder twee merries en twee melkkoeien naar Besoijen en Jan Claessen Goyerts, Jan Michielsen de Bie en Adriaen Pieters vant Kerckhoff ieder twee merries idem.
Tevens is majoor Jacob Sem toegestaan op een binnenlands paspoort twee rijpaarden naar Willemstad en schans Blaak uit te voeren en Jacob Govertsen c.s. vier merries in plaats van vier andere die zijn verdronken en waarvoor zij Bosch' licent hebben betaald.

3 Ontvanger-generaal Doublet verschijnt ter vergadering. In opdracht van de RvS overhandigt hij een brief van de gedeputeerden van het Kwartier van de Veluwe , waarin verzocht wordt Dibbet van Uchelen van geld te voorzien om de trekpaarden te betalen die gebruikt moeten worden om de schepen te verplaatsen.
De RvS moet de ontvanger van de konvooien en licenten in Arnhem hiertoe wat geld laten lenen. De ontvanger moet dit uit de eerste ontvangst van zijn kantoor weer aflossen.

4 Op verzoek van de Admiraliteit te Amsterdam om met enkele gedeputeerden in conferentie te treden, zijn Schagen en Aelberts aangewezen.

5 Languerack bericht d.d. Parijs 26 juni over het vertrek van de koning naar Nantes met de vraag of hij hem zal volgen.
HHM nemen nog geen besluit hierover.

6 Lenert Claessen, wonend in Zevenbergen, is op zijn verzoek toegestaan de rond Breda gelegen schepen die van bewoners uit de Republiek zijn geweest op de Spanjaarden te veroveren en in deze landen te brengen. De eigenaren mogen de schepen niet aanvaarden voordat zij hem het bedrag hebben betaald dat door twee mannen bij arbitrage wordt vastgesteld.

7 HHM vragen de RvS advies over het verzoek van de weduwe van geweldige Pallant om enig onderhoud en de aanbevelingsbrieven van de stad Nijmegen daarvoor.

8 Die van Heusden verzoeken hun bieren te mogen verkopen in de Langstraat en de heer van Anholt verzoekt om uitvoer van levensmiddelen.
HHM vragen hierover advies aan de RvS.

9 De RvS adviseert baron Ketteler een lijst van levensmiddelen tegen Bosch' licent toe te staan.
HHM gaan akkoord. Hij mag het volgende tegen Bosch' licent en onder cautie naar Oijen brengen: twee last rogge of tarwe, zes okshoofden wijn, een ton boter, driehonderd pond kanterkaas, honderdvijftig pond Edammer kaas, tweehonderd pond stokvis, twee tonnen haring, acht mud zout om boter en beesten mee te zouten, tien pond rijst, zes kinnetjes zeep, een ton teer, een halve ton teen, achthonderd ton turf, driehonderd planken van dennenhout, honderd sparren, voor 150 gld. aan specerijen en banketwaren, voor 300 gld. zijdenstoffen en voor 400 gld. wollen laken.

10 Het ambt Gennep en Oeffelt met 2.460 inwoners is op advies van de RvS tegen Bosch' licent wekelijks de invoer van de volgende waren toegestaan: vijf zakken zout, twee tonnen zeep, twee tonnen haring, vierhonderd pond kaas, driehonderd pond stokvis, twee tonnen gezouten kabeljauw, een okshoofd wijn, een aam brandewijn, een aam olie, een ton traan, twee tonnen weedas, vierduizend raapkoeken voor wanneer de runderen op stal staan, acht suikerbroden, twee stuks binnenlands laken, twee stuks binnenlands bombazijn, twee dekens, twee zemen of leren vellen, vierhonderd planken van dennenhout en honderd sparren. Ter voorkoming van fraude zullen de waren door Reiner van den Broeck worden verdeeld.

11 Het gisteren opgestelde advies van de RvS vanwege het rekest van kapitein Sir Henrij Careuw is gelezen. Aangaande diens verzoek over betaling van de maanden gedurende zijn absentie verwijst de Raad naar de resolutie die hierover is gevallen.
HHM gaan akkoord en de suppliant krijgt geld van vier maanden absentie.
Eveneens zal de kornet van de compagnie van maarschalk De Chastillon naar aanleiding van zijn rekest maximaal vier maanden voor zijn absentie ontvangen.

12 Wegens het verzoek van dr. Pynacker om voorschrijven aan de steden Lübeck en Emden opdat hij van hen terugbetaling van het door hem voorgeschoten geld in verband met de vrijlating van hun gevangenen in Barbarije [Marokko] mag krijgen, wordt in plaats van Feith Hendrick van Eck gecommitteerd.

13 Er worden twee brieven besproken die door Johan Agelius, geheimraad van de administrator van Maagdenburg en diens resident bij de koning van Denemarken, aan Z.Exc. zijn geschreven. Hierin wordt sterk aangedrongen op de betaling van 16.850 rijksdaalder.
HHM blijven desondanks bij hun eerder besluit.

14 De gecommitteerden tot onderzoek van de geschillen tussen Groningen en de Ommelanden doen rapport. Zij hebben de diverse gedeputeerden langdurig over de verschillende punten gehoord en hun stukken gelezen. Tevens hebben zij beide partijen afzonderlijk gevraagd of zij een oplossing weten en zo niet, of zij dan akkoord gaan met een beslissing van HHM. De stad heeft toegezegd de beslissing van HHM af te wachten. De Ommelanden zijn nog in afwachting van enige gedeputeerden, die uiterlijk binnen twee dagen en misschien al vandaag hier zullen aankomen. Zij vragen om uitstel, evenzeer omdat deze gedeputeerden de door de stad gevraagde volmacht meebrengen.
HHM houden de zaak nog enige tijd in beraad omdat meerdere van de in deze zaak gecommitteerde heren ook naar het leger zijn afgevaardigd. Het landsbelang vereist dat zij hun reis na het vertrek van Z.Exc. niet langer uitstellen. In de tussentijd moet het beleid van de provincie Groningen gewoon voortgaan, conform de resoluties van 8 feb. en 23 maart. Aangaande de ingediende geschilpunten zullen beide partijen nochtans in hun rechten gehandhaafd blijven.