22/07/1627

22 - 07 - 1627

Presentielijst:

Gelderland:
Holland:
Zeeland:
Utrecht:
Friesland:
Overijssel:
Groningen:

Resoluties:

1 Nicolaes Adriaenssen, schipper te Haarlem, en diens medereders van de bij Duinkerke genomen boeier De Fortuin, verzoeken restitutie. Het schip is verkocht aan een schipper uit Norden, die ermee in de Republiek is gekomen.
HHM geven het rekest aan de Admiraliteit in het Noorderkwartier om erover te besluiten conform de regels van het land.

2 Het op 16 juli opgestelde advies van de Admiraliteit in het Noorderkwartier over het op 16 juni ingediende rekest van kapitein Jan Pieters Esges is gelezen. Het verhaalde is naar waarheid bevonden.
Aangezien Esges nog niet zo oud is, laten HHM hem alsnog in dienst nemen. Intussen moet het College hem een half jaar traktement geven.

3 Jacob Janssen van der Rijst en Adriaen Pierssen Block is toegestaan tegen Bosch' licent en onder cautie ieder twee merries naar Roosendaal te brengen.

4 Hendrick ten Velde, burger van Amsterdam, is toegestaan tegen betaling van 's lands rechten duizend stuks kanthout uit het graafschap Bentheim hier te brengen.

5 Michael Renard, student theologie te Franeker en voormalig roomsgezind, is 30 gld. gegeven.

6 Ontvanger Gysbert Hamel verzoekt ten aanzien van de dertiende penning van de contributie beter betaald te worden.
HHM vragen de superintendenten en ontvanger van de bede van Brabant advies.

7 De RvS adviseert het op 15 juli ingediende verzoek van Simon Ghim, koopman te Amsterdam, in te willigen.
HHM staan hem toe tegen Bosch' licent elke drie maanden voor 2.000 gld. aan laken, karsaaien, baaien en andere Leidse manufacturen naar Xanten, Bocholt en andere neutrale plaatsen te brengen.

8 De RvS stelt aangaande het op 16 juli ingediende verzoek van die van Boxmeer en Sint Anthonis volgens een lijst levensmiddelen te mogen halen, dat hij geen bezwaar zou hebben gehad als het leger niet te velde was geweest.
HHM stellen de zaak nog langer uit.

9 Naar aanleiding van het verzoek van Walta en diens verklaring garant te staan voor de terugkeer van Willem van de Rijp, gevangene op de Voorpoort, besluiten HHM dat deze uit de gevangenis naar Z.Exc. mag gaan om zijn zaak te vervolgen.

10 Burgemeesters en regeerders van Dordrecht berichten d.d. 20 juli geen redenen te zien het op 16 juli gedane verzoek van mr. Cornelis Nicolai tegen te spreken.
HHM staan Nicolai toe gedurende zijn verbanning in de stad te verblijven.

11 De Admiraliteit in Zeeland heeft mr. Jan Steengracht en Anthoni van den Brande genomineerd als secretaris.
HHM benoemen Steengracht, die vervolgens de eed heeft afgelegd.

12 Berckel en Van der Hooge verschijnen ter vergadering. Zij berichten dat Z.Exc., Ernst Casimir en de gedeputeerden te velde het nodig achten met de vijand te overleggen over de aan weerskanten voorgenomen retorsie, die tot eind juli is uitgesteld.
HHM nemen geen besluit omdat de heren van Holland uitstel tot morgen willen.
In navolging van het traktaat van de uitwisseling van gevangenen dringen zij tevens aan op vrijlating van de gevangenen van de WIC .
HHM ontbieden de aanwezige gedeputeerden van de WIC ter vergadering om hun aan te sporen tot de vrijlating.

13 Bewindhebber Renselaer en Hamel, advocaat van de WIC, verschijnen ter vergadering. Zij melden dat de Heren Negentien besloten hebben de handel op de noordwestkust van Afrika te onderhouden en uit te breiden. Het betreft het gebied vanaf de kreeftskeerkring langs de kust van Kaapverdië tot Cabo do Monte, met de rivieren van Senegal, Gambia, Rio Grande, Sierra Leone en alles wat daartussen ligt, inclusief de Kaapverdische eilanden. Hiertoe wordt een directeur en kapitein-generaal aangesteld. De bewindhebbers vragen de benodigde commissie voor Pompeus de la Zale.
HHM gaan akkoord met zijn aanstelling, waarna hij bij de president de eed heeft afgelegd.

14 Essen en Schaffer schrijven d.d. Zutphen 20 juli met het verzoek om geld voor het leger. De ontboden ontvanger-generaal verklaart binnen twee dagen uit Friesland en Groningen geld te verwachten en meent verder dat die van Utrecht hun quote zullen opbrengen.
HHM zullen dit antwoorden aan Essen en Schaffer en hun aansporen die van Gelderland en Overijssel aan te spreken, opdat zij hun aandeel in de legerlasten eveneens opbrengen.

15 Er is nader beraadslaagd over de door de Admiraliteit te Rotterdam verzochte subsidie voor de afdanking van de twee met admiraal Reael gearriveerde schepen.
Vanwege de hoge rente à 130 gld. per dag die de Generaliteit door het aanhouden van de schepen kwijt is, zullen HHM de Admiraliteit subsidiëren met 29.000 gld. Dit bedrag is uit Friesland ontvangen als aandeel in het subsidie van 1.000.000 gld. en zal met op het comptoir nog te ontvangen bijdragen van andere provincies worden aangevuld.

16 Ontvanger-generaal Doublet meldt dat het fort van Steenbergen vanwege geldgebrek in gevaar verkeert.
HHM verzoeken de heren van Holland te regelen dat de voor de uitdieping van de IJssel bestemde 20.000 gld. voor het fort wordt aangewend. Dit bedrag ligt in Dordrecht klaar zonder dat er iets mee gedaan wordt.
Holland verklaart morgen een besluit hierover in te dienen.

17 Burgemeesters en raad van Hamburg schrijven d.d. 27 juni met verzoek tot restitutie van het door admiraal Reael opgebrachte schip van Caspar Smits.
HHM geven de brief voor besluit aan de Admiraliteit te Amsterdam .
In een andere brief van dezelfde datum klagen die van Hamburg dat de koning van Engeland vier schepen op de Elbe heeft gestationeerd die alle schepen van en naar hun stad inspecteren. Zij vragen om Joachimi te gelasten hun naar Engeland gezonden expressen te ondersteunen.
HHM nemen geen besluit.

18 De RvS adviseert het op 15 juli gedane verzoek van Geraert Thins nadelig voor de koperhandel te vinden.
HHM laten de suppliant de Raad nadere inlichtingen verstrekken, waarna deze nogmaals zal adviseren.

19 De Admiraliteit in Zeeland verzoekt te mogen weten door wie de dertig soldaten van kapitein Everwijn, die op de vloot van L'Eremite zijn overgegaan op het schip van Noord-Holland , betaald moeten worden.
HHM schrijven het College dat commies Van der Haer de betaling zal doen.

20 Namens het Hof van Holland is bericht dat maarschalk Mordiaen alsnog weigert de weduwe van Foulliert een toereikende obligatie te geven, hoewel hij dit eerder zelf had voorgesteld. Mordiaen gedraagt zich zodanig dat niemand iets met hem te maken wil hebben.
HHM laten het Hof op aangeven van de partijen Mordiaen opnieuw in bewaring stellen.