26/08/1627

26 - 08 - 1627

Presentielijst:

Gelderland:
Holland:
Zeeland:
Utrecht:
Friesland:
Overijssel:
Groningen:

Resoluties:

1 Soranzo verschijnt ter vergadering. De republiek Venetië heeft de administrator van Maagdenburg conform de voor hem geschreven brief van HHM goed ontvangen, behandeld en heengestuurd. Dit wordt eveneens geschreven in de brief van 6 aug. van de republiek, die Soranzo bij deze overhandigt. De ambassadeur feliciteert de Staten-Generaal tevens voor de overwinning bij Groenlo.
HHM bedanken hem voor beide presentaties. Aangezien Soranzo eveneens heeft aangedrongen op de eerder verzochte brief aan de Admiraliteit te Amsterdam wegens de door kapitein Moins opgebrachte goederen, zal hem deze worden gegeven.

2 Johanna van Sneeck, weduwe van mr. Jacob van der Burch, krijgt paspoort om met een dienstmeid naar Brabant te gaan.

3 Jodocus Hondius krijgt paspoort om met een knecht over Brabant naar Frankrijk en Frankfurt te gaan.

4 Over het verzoek van de Amsterdamse koopman Emanuel van Zurck in Zevenbergen te mogen wonen, vragen HHM advies aan de RvS.

5 De gezanten in Zweden en Polen schrijven onder meer een wissel van 6.000 gld. te hebben getrokken.
HHM laten Doublet deze accepteren: de Staten van Holland wordt verzocht voor betaling te zorgen; die wordt afgetrokken van hun consenten.

6 Burgemeesters en raden van Enkhuizen schrijven d.d. 21 aug. dat de dertien vijandelijke schepen uit de Golf van Biskaje tot Shetland zijn gevorderd.
HHM sturen hiervan kopie aan de Admiraliteiten, opdat zij hun schepen naar de kust sturen. Tevens krijgt luitenant-admiraal Dorp op de kust kopie om hierop verdacht te wezen en te zorgen dat zij niet Duinkerke binnenlopen. Eveneens gaat een kopie naar de gedeputeerden te velde om deze met Z.Exc. te bespreken.

7 Resident Aissema schrijft d.d. Hamburg 8 aug. over de stand van zaken aldaar.
De brief wordt aan de gedeputeerden te velde doorgestuurd om mee te delen aan Z.Exc.
In de brief staat verder dat de vijand probeert zich meester te maken van de Wezer en de Elbe en dat te Hamburg vijftig schepen gereedliggen om met de eerste wind naar Spanje te varen.
HHM schrijven de Admiraliteiten van Holland welke schepen zij ter beschikking hebben voor afvaart. Eerst dienen zij de voor de beveiliging van de Elbe beschikbare schepen naar deze rivier te sturen om te verhinderen dat de schepen naar Spanje gaan.
Verder besluit men vanwege deze brief en een andere van Paul de Wilm de provincies opnieuw te manen tot spoedige betaling van het subsidie voor de koning van Denemarken, om niet het verwijt te krijgen niet aan de alliantieverplichtingen te hebben voldaan.

8 Susanna Eems te Bloiere verzoekt om een ordonnantie van 360 gld. per jaar op de Staten van Brabant, vanwege de uitgebleven uitbetaling van haar mede-efgenamen in een rente van 1.000 gld. per jaar op de beden van Brabant.
HHM vragen advies aan de superintendenten van de ontvanger van de Brabantse bede.

9 Jan Israels van Halmael, koopman wonend in Rotterdam, mag tegen Bosch' licent maandelijks voor 2.000 gld. aan wollen laken en kramerswaren naar Bocholt en andere neutrale plaatsen brengen.

10 Burgemeesters en raad van Münster klagen d.d. Münster 24 juli over kapitein Slingbije, commandant van Zutphen. Hij valt de commandant van Lünen lastig met vorderingen omdat deze enkele kooplieden uit Münster heeft bevrijd uit handen van een groep soldaten van Zutphen. Ook de kooplieden worden lastiggevallen.
HHM laten de RvS hierover besluiten.

11 Brederode heeft een memorie ingediend met het oog op een nader besluit op het op 28 juli gelezen advies van de Admiraliteit te Rotterdam wegens het door hem verzochte jacht.
HHM zullen de gedeputeerden te velde schrijven Brederode, evenals andere kolonels, schepen uit het leger te geven.

12 De weduwe van Jan Calff verzoekt te mogen volstaan met haar eerst gegeven cautie van 5.111 gld. 11 st. omdat zij de resolutie van 13 aug. niet kan nakomen.
HHM vragen hierover advies aan fiscaal Kinschot.

13 Pierre Morme maakt melding van twee zijner uitvindingen, die zeer nuttig zijn voor het land. De eerste betreft het in zee brengen van schepen tegen de wind in en zonder zeilen; de tweede om zoveel stenen, zand en aarde op een bolwerk van een belegerde stad te werpen, dat niemand het daarop uithoudt.
HHM verwijzen hem voor het eerste punt naar de Admiraliteit te Rotterdam . Indien zij de uitvinding nuttig vindt, moet zij hem een model laten maken. Voor reisgeld is hem 6 gld. gegeven.

14 Secretaris Huigens heeft in opdracht van de RvS een brief van kapitein Wyngarden uit Steenbergen meegedeeld. De vijand bevindt zich nog bij Zandvliet en versterkt zich met troepen. Hij heeft de omliggende sloten tot aan de rand met water doen vollopen.
HHM laten de RvS kopie van de brief aan Z.Exc. sturen. Wyngarden wordt geschreven het land niet onder water te zetten, voordat hij heeft gehoord dat de vijand Steenbergen als doelwit heeft.