11/07/1628

11 - 07 - 1628

Presentielijst:

Resoluties:

1 HHM bespreken de gisteren namens Beaugij ingediende memorie.
Op advies van secretaris Huigens namens de RvS laten zij het verzochte paspoort afgeven.

2 HHM stemmen in met de op 8 juli in aanwezigheid van Z.Exc. en Ernst Casimir genomen besluiten inzake de hoofdpunten van de op 28 juni van de gezanten in Frankrijk ontvangen brieven, zoals deze in het secreet register zijn opgesteld. Zij laten deze besluiten over water naar Calais brengen en daarvandaan aan de gezanten bezorgen. Via de koerier van de brieven laten HHM dit weten aan de gezanten.

3 HHM resumeren de resolutie van 16 mei over het geven van de gouden keten aan de echtgenote van ambassadeur D'Espesses, indien deze niet uit Frankrijk zou terugkeren.
HHM weten zeker dat D'Espesses daar blijft en laten Noortwyck en Feit de voor zijn vertrek gemaakte gouden keten aan zijn echtgenote geven.

4 Naar aanleiding van de gisteren genomen resolutie inzake het verzoek van Joost Brasser laten HHM Noortwyck, Schaffer en de thesaurier-generaal hem overhalen de lening van de 99.000 pond enkele maanden op rente te verlengen. Daarnaast moeten zij uitzoeken waaraan de 93.750 pond is uitgegeven.

5 Op verzoek van Jan Jansz. Jan Broer c.s., schippers uit Rotterdam wier schepen op bevel van de Franse koning voor La Rochelle tot zinken zijn gebracht, verlenen HHM hun voorschrijven aan de gezanten in Frankrijk. Deze moeten de supplianten helpen de taxatiewaarde van hun schepen te krijgen.

6 De ritmeesters en kapiteins voor wier compagnieën Gooswyn Meurskens solliciteur is geweest verzoeken Meurskens te dwingen verschillende in zijn bezit zijnde ordonnanties, documenten en kwitanties in te leveren. Hiervoor is hij allang betaald, maar de supplianten hebben deze nog niet teruggekregen.
HHM laten Noortwyck, Ploos, de thesaurier-generaal en een afgevaardigde van de RvS tussen de partijen bemiddelen over de genoemde kwitanties.

7 HHM lezen het rekest van de op repartitie van Zeeland staande kapiteins Aiguebere, Moulouet en La Grandiere uit het regiment Candale. Zij klagen zeven maanden geen betaling voor hun compagnieën te hebben ontvangen en door de grote betalingsachterstand zouden de manschappen kunnen deserteren. De supplianten verzoeken HHM een spoedige betaling te regelen.
HHM zullen de Staten van Zeeland verzoeken de op hen gerepartieerde compagnieën en die van ritmeester Ten Haeften te betalen.

8 HHM lezen het rekest van Jan Aelbertsz. Raven, schipper uit Hoorn. Hij voert een proces voor HHM tegen Cornelis Wits, consul te Aleppo, door wie hij schade zou hebben geleden. Witsen zou deze moeten herstellen. HHM hebben de zaak toevertrouwd aan Noortwyck en Brouwer als commissarissen. Omdat Brouwer is vertrokken vraagt Raven het proces te verwijzen naar de Hoge Raad of het Hof van Holland om daar afgehandeld te worden. Ook kan een plaatsvervanger voor Brouwer worden aangesteld.
Voordat HHM hierover besluiten, laten zij over de zaak berichten.

9 Lochteren en Bas berichten het op 6 juli ingediende rekest van Adriaen Reyersz. c.s. te hebben onderzocht. Zij menen dat niet alleen een belasting op suiker maar ook op tabak, brandewijn, zijde laken en het kleinzegel door alle provincies zou kunnen worden geheven om daarmee de schulden van de Generaliteit te betalen.
HHM laten Lochteren, Bruninxs, Stavenis, Ploos, Eysinga, Rutger Haersolte en Schaffer een plan ontwerpen hoe de belasting op deze goederen in alle provincies kan worden verpacht en geheven.

10 HHM lezen het rekest van Joan van Raesfelt, drost van Vollenhove, en consorten. Naar aanleiding van het door hen op 7 juli ingediende rekest hebben HHM verklaard de drost en 24 etten van Drenthe te verzoeken te berichten waarom zij een decreet in het geschil tussen hen en de heer van Runen hebben verleend hoewel zij op 28 april hebben ingestemd met opschorting van de procedure. De supplianten verzoeken het besluit van 7 juli aan te passen en te gelasten dat de drost en 24 etten de procedures in deze zaak beëindigen totdat zij HHM hebben ingelicht over de verzochte redenen.
HHM geven dit en het op 7 juli ingediende rekest aan de aanwezige afgevaardigde van Drenthe om daarover te berichten.

11 Een brief van commissaris Hoogenhouck d.d. Glückstadt 24 juni behoeft geen resolutie.

12 HHM lezen het rekest van de afgevaardigden van de kerken van het Land van Gulik [Jülich], Kleef en Berg. In ruim zeventig kerken daar is met steun van de Palts-Neuburgse regering het preken van het evangelie verboden en zijn de gereformeerde scholen afgeschaft en de predikanten verjaagd. De Spaanse garnizoenen voeren een afschuwelijk schrikbewind in deze gebieden. Korte tijd geleden is in strijd met de militaire voorwaarden de gemeenten te Wezel en Gulik verboden om de gereformeerde religie uit te oefenen. De afgevaardigden verzoeken HHM een oplossing aan te dragen voor de genoemde vervolging en de christelijke kerk te beschermen.
HHM geven het rekest aan de RvS. Na overleg met Z.Exc. moet de Raad hierover adviseren.

13 Na bericht van Bruininxs en Aelbertsz. over de zaken van dr. Pynacker en Wynant de Keijser verklaren de heren van Holland hierover niet te kunnen adviseren. Zij willen dit eerst bespreken met hun momenteel bijeenzijnde lastgevers .
HHM stellen de kwestie voorlopig uit.