18/10/1629

18 - 10 - 1629

Presentielijst:

Gelderland:
Holland:
Zeeland:
Utrecht:
Friesland:
Overijssel:
Groningen:

Resoluties:

1 Ontvangen is de brief van de Admiraliteit te Amsterdam d.d. 13 okt. met de documenten betreffende de zaak van kapitein Dorrevelt die in Bordeaux gevangen zit, als antwoord op de brief van HHM d.d. 3 oktober.
Het antwoord en de documenten zullen worden opgestuurd naar Langerack, met last zich er bij de koning, de koningin-moeder en kardinaal Richelieu voor in te spannen dat de kapitein vrijkomt.

2 Het leger onder het gezag van Z.Exc. kampt met veel zieken en andere ongemakken. Het seizoen is te ver verstreken om nog iets tegen de vijand te kunnen ondernemen. Bovendien zijn de gezonde soldaten uitgeput door de voortdurende belegering. Daarom zullen HHM Z.Exc. verzoeken het leger te ontbinden en het volk in garnizoen te leggen, tenzij Z.Exc. belangrijke bezwaren heeft. HHM vragen Z.Exc. zo snel mogelijk hierheen te komen om mee te beslissen over belangrijke kwesties.

3 De bewindhebbers van de WIC ter Kamer Zeeland d.d. Middelburg 15 okt. verzoeken HHM hun gecommitteerden op 25 okt. ter vergadering van de Heren Negentien te gelasten op de agendapunten en andere voorvallende zaken.
De commissie wordt uitgesteld totdat bekend is of de vergadering van de Heren Negentien te Middelburg zal worden gehouden of om bepaalde redenen voor deze keer in een stad in Holland.

4 HHM lezen het rekest van Pauwel de Wilhem, dat wordt ondersteund door een brief van de koning van Denemarken d.d. Krempe 10 september. De Wilhem verzoekt om vierduizend musketten met toebehoren, drieduizend zijdgeweren met hengsels, duizend harnassen, duizend spiesen en honderdduizend pond lonten, op patent vrij naar Denemarken te mogen uitvoeren ten behoeve van de Deense koning.
Een beslissing wordt opgeschort.

5 Commissaris Hoogenhouck verzoekt om betaling van 2.000 rijksdaalder die door hem in mei van dit jaar te Hamburg zijn getrokken ter betaling van het garnizoen in Glückstadt.
HHM zullen hierover met de ontvanger-generaal spreken.

6 Ter vergadering compareert ontvanger-generaal Doublet. Hij verklaart dat de RvS bezwaar heeft tegen het depêcheren van een akte van autorisatie voor de lening van 5.000 gld. ten laste van de provincies die nalaten de wisselbrieven van eenzelfde bedrag te betalen, opgenomen door commissaris Cracou bij Spegman te Stralsund. Ten tweede maakt hij HHM namens de RvS de ontvangst van de brief van de gedeputeerden te velde bij 's- Hertogenbosch bekend. De apostille in de marge daarvan luidt dat de RvS zo snel mogelijk een flinke som geld daarheen moet zenden, maar daartoe ziet hij geen mogelijkheid.
HHM zullen op het eerste punt vasthouden aan de eerdere resolutie. De ontvanger wordt aangezegd alsnog de genoemde som ten laste van de provincies te lenen. Het tweede punt wordt opgeschort.

7 Ter vergadering compareert Lantslodt, raad ter Admiraliteit te Amsterdam. Hij brengt verschillende punten naar voren, die hij schriftelijk zal indienen.

8 HHM lezen het verzoek van de graaf van Stirum tot betaling van twee ordonnanties die hij heeft ontvangen voor de versterking van zijn compagnie infanterie of tenminste een assignatie op het Kwartier Nijmegen dat nog een aanzienlijke som achterstallig is.
HHM machtigen de RvS om de suppliant te betalen of zijn ordonnanties in te trekken en hem te assigneren op het Kwartier Nijmegen.

9 Vosbergen, president vanwege de ziekte van Rode, laat de aanwezige gecommitteerden van de VOC weten dat HHM de deductie over de contractatie hebben ontvangen. Ook de dolerende participanten van de Kamer Zeeland zullen op hetzelfde punt hun overwegingen schriftelijk bekendmaken. De stukken van beide partijen worden echter niet uitgewisseld. Alvorens te beslissen willen HHM de ingediende stukken door hun gedeputeerden laten onderzoeken. Daar kan enige tijd overheen gaan. Bovendien is de vergadering door afwezigheid van een aantal provincies momenteel zwak. Daarom wordt de afgevaardigden ter overweging gegeven te vertrekken en over enkele dagen terug te komen of slechts enkele personen uit hun midden te laten blijven. Ten tweede verzoeken HHM de gedeputeerden van de VOC te reageren op de brief van de koning van Groot-Brittannië die hun ter hand is gesteld.
Na met elkaar te hebben overlegd, verzoeken de gedeputeerden te mogen vertrekken. Ze vragen de ondertussen door contractatie verkochte goederen die zich in Zeeland bevinden, te mogen leveren. Bovendien zullen de gedeputeerden HHM de gevraagde reactie doen toekomen.
Er wordt geen resolutie genomen.