09/05/1626, 3

09/05/1626, 3

3 Op credentie van de graaf van Oost-Friesland d.d. Aurich 20 april zijn ter vergadering diens raden Sixtus van Amama en Gerardus Geerts, landrechter, verschenen. Zij zetten uiteen dat de graaf tot een akkoord is gekomen met de ridderschap, de steden Aurich en Norden en de huismansstand en dat alleen de stad Emden nog over is. Zij zijn gestuurd met volledige last om daarover te onderhandelen, aan HHM overlatend of dit mondeling dan wel schriftelijk zou moeten gebeuren.
HHM besluiten hun propositie op schrift te eisen.
Amama en Geerts hebben tevens een brief overhandigd van de Deense koning d.d. 2 april, waarin deze de zaak van de graaf aanbeveelt. Die wordt de RvS ter hand gesteld.