13/08/1626, 12

13/08/1626, 12

12 Alvorens hem de verzochte audiƫntie te verlenen, is van de heer Camerarius de credentiebrief gevorderd om te zien in welke hoedanigheid hij compareert. In die brief d.d. 20 juni schrijft de koning van Zweden dat hij Camerarius stuurt om de plaats in te nemen van wijlen de resident Rutgertsius. Camerarius is vervolgens door twee gedeputeerden onthaald en binnengeleid. De nieuwe resident heeft de grote achting die Z.M. deze staat toedraagt overgebracht en eveneneens diens verzekering dat hij de alliantie wil onderhouden. Hij zet voorts uiteen hoe de oorlog tussen Z.M. en de koning van Polen verloopt en vraagt de Republiek de laatste geen aanvoer meer te doen. Gustaaf Adolf is nu in Pruisen om eventueel Duitsland hulp te bieden. Hij eindigt met diverse complimenten en biedt zijn diensten aan.
HHM bedanken Z.M. voor diens genegenheid tot de Republiek en de alliantie en verklaren de persoon van Camerarius aangenaam.