27/10/1626, 10

27/10/1626, 10

10 In hun reactie op het verzoek om jaarlijksrekening te mogen doen, stellen de beëdigde hoofdparticipanten dat dit ook al in de vergadering van de Heren Zeventien aan de orde is geweest. Daar kon men het echter niet eens worden over de grondslag van de rekening en vormt het onderwerp van de volgende bijeenkomst. De hoofdparticipanten zijn bereid desgevraagd de onmogelijkheid van een jaarlijkse rekening uiteen te zetten.
De hoofdparticipanten verzoeken voorts in de uitbreiding van het octrooi de volgende punten te betrekken: ten eerste, dat conform artikel 26 van het octrooi de plaatsen van overleden bewindhebbers binnen drie maanden dienen te worden opgevuld; ten tweede, dat het te nomineren drietal uitsluitend personen bevat die twee tot drie jaar hoofdparticipant zijn geweest in de Kamer waar de verkiezing plaatsvindt en, ten derde, dat het bevel inzake het lossen van de uit Oost-Indië gekomen schepen, per brief d.d. 28 sept. 1624 door HHM aan de Heren Zeventien gegeven, wordt uitgevoerd.
De Heren Zeventien zullen schriftelijk op de hoogte worden gesteld ten behoeve van een reactie.