07/11/1626, 2

07/11/1626, 2

2 De gouverneur van Brazilië compareert en wil voor zijn vertrek HHM dankzeggen voor de hem betoonde eer. Hij biedt zijn diensten aan en verzoekt de drie cavaliers die in Utrecht gevangenzitten toe te staan dagelijks een paar uur naar buiten te gaan. Hij vraagt paspoort voor een bode van Brussel op Utrecht voor de berichtgeving over de onderhandelingen met de Infanta over hun zaak. Ook verzoekt hij de in Rotterdam gevangen gehouden pater Bras Suares te ruilen voor drie gevangenen in Spanje. Hij verzoekt eveneens toe te staan dat drie Nederlanders - Willem, Hendrick en Steven de Ridder - hem vergezellen.
HHM wensen hem een goede reis en hebben hem speciaal aanbevolen in Spanje de vrijlating van Du Chene en Tiarck te bevorderen. Aangaande de Utrechtse gevangenen zal men zich eerst van de situatie op de hoogte stellen. De overige verzoeken worden geëxcuseerd.
Advocaat De Wit is de vergadering binnengekomen en meldt dat hij zeven paters uit Bahia de Todos os Santos naar 's- Gravenhage heeft gebracht. Hij neemt aan dat zij, streng bewaakt, door anderen naar Rotterdam zullen worden vervoerd.