18/01/1627, 5

18/01/1627, 5

5 David van der Heul, gevangene op de Voorpoort in 's-Gravenhage, mag op zijn verzoek de 13.600 gld. waartoe hij door de gedelegeerde rechters is veroordeeld, in termijnen betalen: 4.000 gld. contant en de resterende 9.600 gld. gelijkelijk verdeeld over acht jaar. Als voorwaarde geldt een afdoende borgstelling. Indien die toereikend is, mag hij voor drie maanden naar zijn huis in Brielle gaan om zijn zaken op orde te stellen. Hij dient zich daar niet aan deur of venster te vertonen, op straffe van verlies van zijn gratie.