02/06/1627, 8

02/06/1627, 8

8 De pachters van Boetzeler mogen vijf merries naar zijn landen in Maas en Waal brengen, op voorwaarde dat deze nergens anders worden gebracht.
De heer van Kervendonck mag tegen Bosch' licent drie okshoofden wijn, vijf mud zout, honderdvijftig pond stokvis, drie kinnetjes zeep, honderd pond kaas, 100 gld. aan suiker en specerijen en 3.000 gld. aan doek- en zijdewerk naar Kervendonck brengen, op voorwaarde dat de goederen nergens anders terechtkomen.
De vrouwe van Spaldorp en de vrouwe van Zelhem mogen tegen Bosch' licent ieder acht okshoofden wijn, tweehonderd pond stokvis, zes mud zout en honderd pond kaas halen, op voorwaarde de waren nergens anders te brengen.
Caspar Clos, sluiter te Xanten, mag voor zichzelf en zijn aangehuwde kinderen tegen Bosch' licent naar Xanten drie loop zout, anderhalf vat boter, een ton gezouten kabeljauw, twee okshoofden Franse wijn, twintig pond pruimen, zes pond krenten, vier pond peper, een pond kaneel, twaalf pond rijst, honderdvijftig pond stokvis, tweehonderd pond kaas, een vat zeep, tien broden suiker, veertig pond siroop, zestien pond rozijnen, acht pond gember, twee pond nagelen, een half pond safraan en zestien pond stijfsel en blauwsel brengen, op voorwaarde dat de waren daar blijven.
Tien kanselarijraden, vier secretarissen, twee kanseliers, één kanselarijdienaar en vier boden uit Kleef mogen tegen betaling van Bosch' licent twaalf pijpen wijn, een pijp Spaanse wijn, veertien kinnetjes zeep, vijf en een halve mud zout, drie tonnen haring, vierhonderdtachtig pond stokvis, specerijen en wollen en zijden stoffen voor hun levensonderhoud halen, onder voorwaarde dat de goederen nergens anders belanden.