03/12/1627, 4

03/12/1627, 4

4 HHM behandelen het verzoek van de generaals van de konvooien en licenten d.d. 23 april om een kwart van de door de pachters ontvangen boeten en confiscaties te mogen halen uit het derde part dat het land in deze boeten en confiscaties geniet.
Op advies van de aanwezige afgevaardigden van de Admiraliteiten in Rotterdam , Amsterdam , Zeeland en het Noorderkwartier wordt besloten dit kwart niet af te trekken van 's lands portie, maar door de officieren van het land te laten opbrengen. Dit besluit zal na het verstrijken van de lopende pachtperiode worden toegepast. Bij de verpachting moet worden bekendgemaakt dat voortaan alle gemaakte onkosten eerst van de geconfisqueerde goederen en boeten zullen worden afgetrokken. Indien de confiscatie dan nog zuiver 100 gld. bedraagt, zal daarvan de pachters een kwart toebedeeld worden, het land een derde in de resterende 75 gld., de fiscaal over zijn twaalfde part in de resterende 50 gld., 4 gld. 3 st. 4 d. De resterende 45 gld. 16 st. 8 d. worden verdeeld: de ene helft is voor de commies-generaal en de andere helft voor de cherchers. Andere sommen worden naar evenredigheid verdeeld. Het nadere verzoek van de generaals hun aandeel in hetgeen de kapiteins op de rivieren in beslag nemen te mogen ontvangen, wordt ingewilligd.