14/01/1628, 3

14/01/1628, 3

3 HHM laten Essen, Noortwijck, Duick, Vosbergen, Ploos, Ter Cuilen en Schaffer de propositie van resident Vosbergen d.d. 7 jan. onderzoeken.1
Josias van Vosbergen, resident van Z.M. van Denemarken, laat brieven zien waarin de koning de situatie aldaar beschrijft. Hij vraagt HHM alle mogelijke secours te bieden. Toen Z.M. de brieven schreef was hij nog niet op de hoogte van de moeite die HHM onlangs hebben gedaan de steden langs de Elbe te bevoorraden. Daarover zal hij zeer tevreden zijn. Vosbergen verzoekt HHM hiermee door te gaan zodat de plaatsen langs de Elbe behouden blijven. Dat is zowel voor Z.M. als voor de Republiek van groot belang.
In zijn laatste uiteenzetting [d.d. 9 dec. 1627] heeft de resident enkele onmiddellijk beschikbare inkomstenbronnen voorgesteld. Zowel het juweel van de koning van Groot-Brittannië als Elias Trip en zijn handel kunnen de Deense koning veel geld opleveren, wat HHM in acht moeten nemen.
De resident bericht verder dat enige burgers uit Wolfenbüttel bereid zijn 10.000 rijksdaalder te lenen tot betaling van het garnizoen of anderszins. Zij moeten wel verzekerd zijn van betaling door een assignatie van Z.M. op het subsidie van HHM. De resident vraagt HHM hierover een definitief besluit te nemen.
Voorts heeft Z.M. bevolen dat de resident moet vertrekken. Volgens de credentiebrief die hij HHM heeft gegeven stelt de koning een ander in zijn plaats aan. Vosbergen verzoekt HHM hem een korte aanbevelingsbrief te geven aangezien Z.M. daar soms waarde aan hecht. Ten slotte bedankt hij HHM voor de genegenheid die zij tot nog toe aan Z.M. hebben bewezen.

1 De propositie is ingevoegd in S.G. 3187.