10/10/1628, 10

10/10/1628, 10

10 In een memorie meldt commissaris Hoogenhouck bij zijn vertrek uit Glückstadt het garnizoen daar op 3.880 man te hebben gelaten. Hij heeft echter begrepen dat er sindsdien meer soldaten naartoe zijn gestuurd en dat er ook nieuwe troepen in naam van de Deense koning mogen worden aangenomen. Hoogenhouck vraagt HHM hem een bevel te geven om dit bij de betaling van de troepen in Glückstadt te kunnen navolgen en een akte hiervan waarmee hij zich kan vrijspreken tegenover de officieren van de koning.
HHM geven de memorie aan de RvS. Na hierover te hebben besproken met Z.Exc. moet de Raad adviseren over het opstellen van de verzochte akte.