22/01/1629, 12

22/01/1629, 12

12 In afwezigheid van Bruninxs en Ploos rapporteert Schaffer dat hij Gerridt Hermansz. Cassenburch, controleur van de konvooien en licenten, en Jan Storm, ontvanger van de konvooien en licenten in Harderwijk, heeft gehoord aangaande hun onderling conflict. Hij heeft de ontvanger daarbij opgedragen om binnen tien dagen, welke termijn nu al verstreken is, de boeken van hem en de controleur voor te leggen, naast de rekeningen van het jaar 1625 die zich bij de Admiraliteit te Amsterdam bevinden. Dit zijn namelijk de stukken die aan de basis liggen van het geschil. Storm heeft echter laten weten dat de Admiraliteit bezwaar heeft tegen het inleveren van de boeken en de rekeningen, omdat de kennisname in de zaak haar toekomt.
HHM committeren Eck, Van der Dusse en Schaffer, die in Amsterdam de vergadering van de Heren Negentien zullen bijwonen, om de bewuste stukken na te kijken en de twee partijen en de Admiraliteit te horen. HHM verwachten dat zij hun bevindingen bij monde of in geschrifte zullen rapporteren.