27/01/1629, 9

27/01/1629, 9

9 De heren van Holland leggen HHM voor dat zij krachtens de autorisatie van HHM de burgemeesters van Amsterdam verzocht hebben op regelmatige basis het geld voor de legatie van de Republiek in Polen en Zweden voor te schieten. Ten behoeve van de ambassadeurs hebben de burgemeesters tot nu toe 55.993 gld. 4 st. 8 p. betaald in wissels en baar geld, met daarbij nog de 3.318 gld. 12 st. 8 p. aan rente. De gedeputeerden vragen HHM naar hun mening.
HHM verzoeken de Hollandse gedeputeerden om voorlopig de rente met de heren van Amsterdam te vereffenen, welk bedrag zij later bij de Generaliteit in rekening kunnen brengen. Het bedrag van 55.993 gld. 4 st. 8 p. met de lopende rente kunnen zij voorlopig nog laten openstaan totdat er een regeling getroffen is met de provincies over de aflossing ervan.