07/07/1629, 11

07/07/1629, 11

11 Ontvangen is een antwoord van de Gecommitteerde Raden van de Admiraliteit in Zeeland d.d. 26 juni op de missive van HHM d.d. 30 mei aangaande de zaak van Jacob van Leeuw. In maart 1624 heeft kapitein Cornelis Servaesz. Lantschot, op wacht voor Lillo, een pakje met geld aangeslagen dat aan de genoemde Leeuw behoorde. Dit pakje is vervolgens naar de genoemde Gecommitteerde Raden gestuurd, maar niemand weet aan wie het overhandigd of geleverd is. Na de gevolgde procedures werden de Raden vrijgesproken. Het pakje is niet gevonden. Van Leeuw heeft de genoemde kapitein vervolgens aangeklaagd, omdat hij door diens toedoen schade zou hebben geleden, en eiste de teruggave van het verloren bedrag. Op 22 nov. 1625 hebben de Gecommitteerde Raden deze eis onontvankelijk verklaard, waarbij de mogelijkheid werd opengelaten voor hem om een rechtsvordering in te stellen.
De vergadering schrijft de Gecommitteerde Raden de suppliant schadeloos te stellen. Hij, of zijn facteur, mogen voor de waarde van het verloren geld vrijgesteld worden van konvooi op inkomende en uitgaande koopwaar. Verder moeten zij onderzoeken waar het pakje in kwestie is gebleven.