01/11/1629, 18

01/11/1629, 18

18 Croock, die zich samen met Van der Dusse zou toeleggen op het maken van de instructie voor commissaris Jan Wendelsz. die naar Algiers en Tunis gaat ter bevrijding van de aldaar gevangen ingezetenen van deze landen, heeft in afwezigheid van Van der Dusse HHM de volgende punten ter overweging gegeven: ten eerste of de schepen onder Jan Wendelsz. op weg daarheen zelf nog enkele Turken mogen aanvallen of door Turken overmeesterde schepen van deze landen mogen helpen en bevrijden, en waar hij voor anker moet voor Algiers; ten tweede of de in vriendschap gekomen Jan Wendelsz. naast de bevrijding van de gevangenen ook moet verzoeken om teruggave van in beslag genomen schepen en goederen die zij sinds het laatste traktaat de ingezetenen van deze landen hebben afgenomen; ten derde of hij namens deze staat voortzetting van de vriendschap mag aanbieden; ten vierde of hem cadeaus ter aanbieding worden meegeven; ten vijfde of indien het aantal gevangenen zo groot is dat hij deze niet met 's lands schepen kan terugbrengen, hij nog enkele schepen moet huren om hen naar Toulon te brengen; ten zesde of hij enig geweld mag gebruiken bij de terugkeer, ingeval ze het niet eens kunnen worden.
Een beslissing wordt opgeschort.