20/02/1630, 10

20/02/1630, 10

10 Schaffer rapporteert conform de resolutie van HHM d.d. 16 feb. te hebben gesproken met Z.Exc. over de inhoud van de brief van de stadhouder en de raad van de vorst van Palts-Neuburg d.d. Düsseldorf 2 februari. Zij verzoeken ten eerste om de verhuizing van graaf Willem met zijn troepen uit de landen die bij de gemaakte verdeling tussen de beide vorsten nadrukkelijk aan de vorst van Neuburg zijn toebedeeld; ten tweede dat de door de graaf uitgeschreven contributie stopt; ten derde dat de vruchten van de vorst van Neuburg die door de troepen zijn gestolen en vervoerd, gerestitueerd worden; ten vierde dat de officieren die door de graaf zijn afgezet, in hun ambt worden hersteld.
HHM zullen conform het advies van Z.Exc. de stadhouder en raden antwoorden dat de graaf met zijn troepen in [ Gulik en Kleef] is ingekwartierd om te voorkomen dat de vijanden van deze staat daar opnieuw verblijf houden, aangezien zij daar en in de aangrenzende kwartieren voor het merendeel van de tijd sinds 1614 zeventien- of achttienduizend man hebben overwinterd tot voordeel van de koning van Spanje en tot groot ongemak van deze staat. Wat betreft de afzetting en aanstelling van de Neuburgse officieren is aan de graaf al opdracht gegeven zich hiermee te bemoeien. Verder wordt besloten aan de rest van de inhoud van de brief stilzwijgend voorbij te gaan.