08/05/1630, 18

08/05/1630, 18

18 Het rapport van Randwijck en Bas (in plaats van de afwezige Vosbergen en Croock) is gehoord. Deze gedeputeerden hebben conform de resolutie van 19 maart het verzoek en de aanspraken van de voormalig agent te Tunis Lambertus Verhaer onderzocht, alsmede het daarop verstrekte advies d.d. 11 maart van de Directie van de Levantse Handel . Het advies in aanmerking genomen, besluiten HHM dat Verhaer recht heeft op in totaal 12.883½ realen van achten.1 Hiermee dient Verhaer verder van al zijn vorderingen af te zien. HHM dragen de Directie van de Levantse Handel op aan Verhaer te betalen uit de lastgelden en uit andere gelden onder haar beheer die deze staat toekomen, zoals de toekomstige lastgelden. HHM concluderen dat Verhaer deze schuld volgens het elfde artikel van zijn instructie nergens anders mag verhalen.

1 De specificatie van de posten is door een klerk geïnsereerd in S.G. 55.