10/05/1630, 18

10/05/1630, 18

18 Ontvangen is een brief van de Bewindhebbers van de VOC ter Kamer Amsterdam d.d. 7 mei, met een antwoord en informatie over een op 1 mei bij HHM ingediend verzoek van Jaques Faulcon en consorten, wonend te Dieppe in Frankrijk. Ze ontkennen in alle oprechtheid het relaas in het verzoek en ze kunnen ook niet geloven dat commandeur Adriaen Block Martsz. iets gedaan zou hebben dat in dit relaas aan de orde wordt gesteld, temeer daar de commandeur met zijn vloot al in oktober 1627 was uitgevaren. Daarvoor lag hij geruime tijd in Engeland en hij had deze zaak zo nodig voor zijn vertrek naar Indië kunnen verantwoorden, indien Faulcon, zoals dat hoort, tijdig van zich had laten horen. De Bewindhebbers verzekeren te goeder trouw en onbekend met dit vreemde voorval voldoende tijd nodig te hebben om de bescheiden en informatie uit Indië te verkrijgen. Ze twijfelen er niet aan of de toedracht van de zaak is een andere. Ze zullen op last van HHM met de eerste gelegenheid naar Indiëschrijven ter verkrijging van de benodigde bescheiden. Na ontvangst hiervan zullen ze Faulcon en consorten voor competente rechters bejegenen naar behoren.
HHM zullen dit door middel van een schriftelijk uittreksel aan Faulcon meedelen.