21/09/1628

 
English | Nederlands

21 - 09 - 1628

Presentielijst:

Gelderland:
Holland:
Zeeland:
Utrecht:
Friesland:
Overijssel:
Groningen:

Resoluties:

1 In een memorie verzoeken Schoonhoven en Joost Brasser teruggave van de door hen op de Venetiaanse subsidie voorgeschoten 99.000 pond. Het land heeft dit bedrag anderhalf jaar op rente geleend.
HHM laten ontvanger-generaal Doublet de 99.000 pond aan de supplianten teruggeven. In plaats daarvan moet hij eenzelfde bedrag op rente lenen.

2 Commissaris Cracou schrijft d.d. Elseneur [Helsingør] 3 sept. dat de uit Koningsbergen [Kaliningrad] komende schippers steeds vaker van Spieringh in Pillau [Baltiysk] overlast ondervinden vanwege de tolheffing.
HHM nemen hierover geen besluit.

3 Op verzoek van Johan van Liebergen vervangen HHM de afwezige Huygens en Clant door Lochteren en Schaffer om diens op 12 aug. ingediend rekest tegen de borgen van Campaen te onderzoeken.

4 De koning van Zweden verzoekt d.d. Dirschau in Pommeren 26/16 juli hem met raad en daad te helpen bij de verdediging van Stralsund, aangezien deze kwestie niet alleen hem raakt maar alle bevriende naties aangaat.
HHM zullen deze brief tegelijk met de op 18 sept. door Rostock namens Stralsund ingediende propositie bespreken met Z.Exc.

5 HHM lezen een memorie waarin resident Camerarius vraagt om voor de koning van Zweden vijftigduizend pond buskruit te mogen uitvoeren, een kopie van een brief d.d. 21 nov. 1627 waarin Z.M. vraagt om Erick Lourensen vijftien last buskruit te mogen laten uitvoeren, en een kopie van het verzoek van Z.M. d.d. 23 feb. om Johannes van Vosselen dertigduizend pond buskruit te laten uitvoeren.
HHM weigeren de verzochte uitvoer, omdat er nog slechts weinig buskruit in het land is.

6 Op verzoek van Henderick ten Velde en Barent IJsbrantsz. Halffhoorn c.s. verlenen HHM hun voorschrijven aan de koning van Groot-Brittannië, diens raden en alle ambassadeurs van de Republiek in Engeland opdat zij het schip De Waterhont met toebehoren mogen terugkrijgen. Ook willen zij dat de vrachtbrieven worden beperkt tot wanneer kapitein Digby hun schip in de Middellandse Zee heeft gestolen.

7 HHM depêcheren ordonnantie voor de declaratie van Nobel à 55 gld. 9 st. Het betreft gemaakte onkosten tijdens zijn commissie met Bruninxs om het eskader van Lieffhebber op zee te brengen.

8 HHM lezen een remonstrantie van Nederlandse kooplieden op Rouen en andere plaatsen in Frankrijk. Enkele door de beruchte voormalige zeerover Campaen op zee getroffen kooplieden uit Rouen hebben de Franse koning om kapersbrieven en andere represaillemaatregelen gevraagd tegen schepen en goederen van Nederlanders in Frankrijk. Het lijkt erop dat dit slechte plan kan worden uitgevoerd. De remonstranten verzoeken HHM te regelen dat het verlenen van dit soort brieven wordt voorkomen.
HHM schrijven hun ambassadeurs in Frankrijk alles in het werk te stellen opdat er geen represaillebrieven worden verleend aan de genoemde Fransen. Zij hebben immers geen recht verkregen tegen de sûreté de corps et de biens, door HHM aan Campaen beloofd om hem van zee te krijgen. Eerder hebben Nederlandse kooplieden hetzelfde meegemaakt in Frankrijk, waar de koning Symon den Danser eveneens sûreté de corps et de biens had verleend om hem van zee te halen.

9 HHM stellen een besluit uit over het verzoek van de voormalige rechters van de op Amboina [Ambon] geëxecuteerde Engelsen om vrij te mogen vertrekken. Eerst moeten de drie in Portsmouth in Engeland vastgehouden Oost-Indiëvaarders in Nederland terug zijn.

10 Naar aanleiding van het herhaaldelijk verzoek van secretaris Gunter om de 18.000 gld. ter aanvulling van de aan hem van het subsidiegeld voor Z.M. beloofde 50.000 gld. vragen HHM Joost Brasser dit bedrag in geld in plaats van in wapens aan Gunter te geven.

11 Voordat HHM besluiten over het rekest van Baudewyn de Man c.s. geven zij het tegelijk met het antwoord van de Admiraliteit te Rotterdam over deze zaak aan Beaumont en Marienburch. Zij moeten de stukken onderzoeken en erover berichten.

12 Z.Exc. heeft HHM op de hoogte gesteld van een bericht van Ernst Casimir dat de steden in Friesland die vier voor de koning van Engeland opgebrachte ruitercompagnieën hebben ingenomen daarvan af willen. Zij vragen Z.Exc. de ruiters een andere garnizoensplaats te geven, waar zij op eigen kosten kunnen verblijven.
HHM zullen deze brief nader bespreken met Z.Exc.

13 Het eskader van vice-admiraal Quast heeft gisteren een schip uit Duinkerke op het strand bij Scheveningen gejaagd, waar de bemanning aan land is gegaan. Zestig bemanningsleden zijn gevangengenomen en naar de Voorpoort in 's- Gravenhage gebracht.
HHM laten de gevangenen naar de Admiraliteit in het Noorderkwartier brengen, waartoe het genoemde eskader behoort.