28/03/1630

 
English | Nederlands

28 - 03 - 1630

1

Presentielijst:

Gelderland:
Holland:
Zeeland:
Utrecht:
Friesland:
Overijssel:
Groningen:

Resoluties:

1 Geresumeerd worden de punten uit het rapport van de gedeputeerden van HHM, onlangs uit 's- Hertogenbosch teruggekeerd. Gelet op hun advies dat conform de resoluties van 21 en 23 feb. op grond van die punten is opgesteld, besluiten HHM zoals bij de navolgende punten2 geapostilleerd staat:
I Tenminste twee personen van de religie, goede patriotten, worden in het tweede lid van de stadsregering benoemd in plaats van Grinsveen en Pieter van Gestel, die beiden zijn afgezet.
Op het eerste punt machtigen HHM hun gedeputeerden Brunincx en Goch het tweede lid te versterken met nog twee gekwalificeerde personen van de religie, woonachtig te 's-Hertogenbosch. Worden die niet gevonden, dan mogen zij twee personen van buiten benoemen met dezelfde kwalificaties.
II De ambten die de magistraat ter beschikking staan, of zij nu al wel of nog niet door personen worden bekleed, dienen door HHM eens onderzocht te worden. Men zal vaststellen dat sommige ervan worden bekleed door personen die voor de reductie van de stad hetzelfde ambt bekleedden, andere zijn door de magistraat vergeven en worden bediend door personen, die men vanwege hun eerdere handel en wandel niet erg kan vertrouwen. Dit zal uit bestudering van de lijst die ervan bestaat, nader kunnen blijken.
Op het tweede punt worden Brunincx en Goch gecommitteerd om er bij de magistraat van 's-Hertogenbosch op aan te dringen alleen rentmeesters, klerken, kwitantiegevers, portiers en schrijvers of andere personen aan te stellen of aan te houden, die gekwalificeerd, geschikt voor de functie en de religie toegedaan zijn. Indien geen personen van de religie in deze ambten kunnen worden aangesteld, moet de magistraat personen benoemen die het publieke belang gunstig gezind zijn.
III De mannelijke geestelijkheid - priesters, kanunniken en paters van de begijnenkloosters (die gezamenlijk de mis opdragen) - bewijst de stad een slechte dienst, omdat ze niet alleen een groot gedeelte van de burgerij voor de pauselijke religie poogt te animeren en van de gereformeerde religie afschrikt, maar ook onrust zaait tot nadeel van onze staat en onze gemeente. Er dient vast te worden besloten zulke geestelijken niet langer in de stad te laten blijven, alvorens zij de plechtige eed hebben afgelegd. Zij moeten zich onthouden van het opdragen van de mis of anders dadelijk vertrekken.
Op het derde punt machtigen HHM Brunincx en Goch om te 's-Hertogenbosch informatie in te winnen over de handel en wandel van personen waarop dit artikel betrekking heeft en na te gaan wie van hen een akte heeft om daar te verblijven en wie niet. Degenen zonder akte worden gevangengenomen, zij die een akte hebben zullen worden opgedragen zich strikt te houden aan de uitgevaardigde plakkaten van HHM wat betreft het vieren van de mis en het blijven aanhangen van het pauselijke bijgeloof. Na afloop van de in de akte genoemde tijd zal op hen en hun situatie goed worden gelet.
IV Ook dient een nadere resolutie te worden genomen over het nonnenklooster, of dit het beheer van zijn goederen zelf behoudt of dat dit aan de rentmeester van de geestelijke goederen komt.
Op het vierde punt wordt besloten dat het beheer van de goederen aan de kloosters wordt gelaten, totdat die van de meest gegoede kloosterlingen op een derde, de andere op de helft zullen zijn verstorven. Voorwaarde is dat er geen verhuringen of verpachtingen van vaste goederen worden gedaan dan ten overstaan van de rentmeester, en geen reparaties of timmerwerk in de kloosters wordt verricht dan met zijn medeweten. Degenen echter die uit de kloosters willen vertrekken, hetzij om te huwen of om apart te gaan wonen, zullen alimentatie ontvangen naar gelang het inkomen van hetzelfde klooster.
V Besloten dient te worden dat de kanunniken en andere mannelijke geestelijken die in de stad nog enkele huizen bewonen die tot de geestelijke goederen behoren, daaruit zullen moeten vertrekken of huur moeten gaan betalen voor de woning. Dit zullen zij in alle redelijkheid met de rentmeester moeten overeenkomen.
Op het vijfde punt machtigen HHM Brunincx en Goch om zich in 's-Hertogenbosch of elders waar nodig te laten informeren of het ecclesiastische, patrimoniale of vicariegoederen betreft en of iemand in het bijzonder - geen geestelijke zijnde - daarover enig recht of gezag heeft. Ondertussen blijven de genoemde goederen in de tegenwoordige staat.
VI Eerdaags dient besloten te worden en opdracht te worden gegeven voor de kerken te 's-Hertogenbosch vaste dienaars te beroepen, aangezien men daarvan meer voordeel verwacht bij de opbouw en verkondiging van Gods heilige woord. De predikanten die voor een korte tijd zijn geleend kunnen niet dezelfde vertrouwensband met de inwoners opbouwen als vaste predikanten. Bovendien is de uitlening ook zo vast niet als verondersteld wordt, omdat de uitgeleende predikanten zeer dikwijls naar huis reizen om hun privézaken te regelen. Het heen en weer reizen kost veel tijd. Bovendien is de uitlening zeer kostbaar voor het land, want elke predikant geniet dagelijks 4 gld.
Op het zesde punt wordt besloten de kerkenraad te 's-Hertogenbosch aan te schrijven om ten overstaan en met advies van de gecommitteerden van HHM bij meerderheid van stemmen zo snel mogelijk zeven, acht of negen personen te nomineren, geleerd, van onbesproken gedrag en vriendelijk in de omgang. Deze nominatie moet de kerkenraad aan HHM opsturen of door iemand uit hun midden aan HHM laten overhandigen. Uit het genoemde aantal zullen door HHM vier of vijf predikanten worden gekozen, die daarna in dit ambt worden aangesteld. De kerkenraad mag HHM zijn voorkeuren ten aanzien van de voorgedragen personen bekendmaken, aangeven met wie zij menen dat de kerk het best zou zijn gediend. Dit zal bij de verkiezing in aanmerking worden genomen. Bij vertrek of afwezigheid van de te verkiezen predikanten in de kerk van 's-Hertogenbosch zal door de kerkenraad moeten worden gehandeld zoals andere welgestelde kerken gewoon zijn te doen.
VII De hoogschout heeft bekendgemaakt dat hij volgens de gebruiken van de stad zonder een voorafgaand vonnis en in het bijzijn van het merendeel van de schepenen geen burgerhuis mag betreden om een delinquent te zoeken of een mis mag storen. Dat is in de praktijk niet uitvoerbaar.
Op het zevende punt wordt voorlopig besloten dat de hoogschout met terughoudenheid een burgerhuis mag betreden om delinquenten te zoeken of een mis mag storen, nadat hij de presiderend schepen daarvan in kennis heeft gesteld. De gedeputeerden van HHM zullen te 's-Hertogenbosch moeten onderzoeken of hiermee privileges of oude gebruiken van de magistraat worden geschaad. Daarvan moet rapport worden uitgebracht. Na kennisneming hiervan zal worden besloten.
VIII Om de contributies over de Demer uit te breiden zou met Z.Exc. dienen te worden afgesproken om alleen sauvegardes af te geven met de clausule dat deze elk half jaar vernieuwd moeten worden en de contributies aan de RvS dienen te worden betaald. Ritmeester Bergaigne zou gelast moeten worden enkele van zijn ruiters (veelal inwoners van die kwartieren en daarom bekend met de Demer) continu te laten rijden om de dorpen na verloop van tijd zoveel mogelijk onder contributie te brengen.
Op het achtste punt wordt Brunincx verzocht dit met Z.Exc. te overleggen en daarvan rapport uit te brengen.
IX De contributies aan deze zijde van de Demer blijven ook bij de verwachting achter. De boeren klagen veel aan het garnizoen te moeten bijdragen, maar toch veel overlast te ondervinden van soldaten infanterie en cavalerie van beide zijden, die soms in troepen, soms in kleine groepjes passeren. Ook inwoners van Peelland hebben daarover klachten ingediend. Daartegen zal moeten worden opgetreden, zo niet, dan zullen de boeren tot armoede vervallen waardoor zij hun contributies niet op zullen kunnen brengen. Dit heeft al tot achterstallige betalingen geleid. Tot groter gemak voor de ingezetenen van de Meierij van 's-Hertogenbosch die de redemptie moeten betalen aan ontvanger Hamel waarvan ze de controleur in kennis moeten stellen, zou deze ambtenaren opgedragen moeten worden van Heusden naar 's-Hertogenbosch te verhuizen, aangezien de ontvangst alleen over de Meierij strekt. De controleur zal van de ontvangst nauwkeurig register moeten houden, om elk misverstand te voorkomen.
Op het negende punt besluiten HHM de RvS te verzoeken precies naar de inhoud van dit artikel te handelen.
X Men heeft vernomen dat rentmeester Broeckhoven zich in Breda heeft gevestigd. Hij ontbiedt daar de rentieren op de beden van de stad en de Meierij van 's-Hertogenbosch om hun renten te ontvangen. Zo blijft de vijand in het bezit van dit ambt. Men dient zich af te vragen wat men hiertegen kan doen.
Op het tiende punt wordt alvorens te besluiten het advies van de RvS afgewacht.

2 Verder besluiten HHM om ten behoeve van de voormalige pastoor van de Sint Jacobskerk [te 's- Hertogenbosch] een lijfrente van 100 gld. jaarlijks te depĂȘcheren, levenslang, dit ter compensatie van de reparatie aan het pastoriehuis, die ongeveer 1.100 gld. bedroeg.

3 De rector in de Latijnse school te 's- Hertogenbosch wordt een jaarlijks traktement toegekend van 700 gld., de conrector 500 gld., de twee andere meesters elk 400 gld. en de ziekentrooster 300 gld.

4 De gedeputeerden van HHM wordt bij deze verzocht de moeite te nemen de magistraat te 's- Hertogenbosch aan te bevelen, om Rodolphus van der Schooff tot apotheker van het gasthuis te benoemen.

5 Het verleggen van de compagnie van Sint Martin buiten 's- Hertogenbosch of het verblijf aldaar wordt ter beslissing gelaten aan Z.Exc.

1 De resoluties van deze zittingsdag zijn door een klerk ingeschreven in S.G. 55.
2 Gedrukt in: Aitzema, S. & O. kwarto III, 156-160/folio I, 1006-1007.