Veder, Anthony (1914-1967)

 
English | Nederlands

VEDER, Anthony (1914-1967)

Veder, Anthony, reder (Rotterdam 7-10-1914 - Rotterdam 30-8-1967). Zoon van Anthony Veder, koopman en radiopionier, en Maria Johanna van Hoboken. Gehuwd op 26-7-1946 met Wilhelmina Annechiena Bok. Uit dit huwelijk werden 2 dochters geboren.

Anton Veder, zoals hij kortweg werd genoemd, was een spontane en levendige persoonlijkheid vol initiatief. Na middelbaar onderwijs te hebben genoten in zijn vaderstad en in Zwitserland was hij enkele jaren stagiair in het bankwezen en de scheepvaart in binnen- en buitenland. Doch reeds op 23-jarige leeftijd volbracht hij de krachtproef om een eigen zeerederijbedrijf op te richten. Ook als men er rekening mee houdt dat een aanzienlijk familiekapitaal hem meer dan gewone mogelijkheden bood, blijft deze stap een bepaald ongewone prestatie.

Verscheidene van zijn voorouders en verdere familieleden hadden zich in scheepvaartzaken bewogen, doch zijn besluit om als jonge man een scheepvaartlijn op de grote meren in het grensgebied tussen Canada en de Verenigde Staten op te zetten was toch wel van uitzonderlijk formaat. De nieuwe onderneming werd gedreven onder de naam Maatschappij Zeetransport NV te Rotterdam (in verloop van tijd formeel lichtelijk gewijzigd), waarvan Anthony Veder & Co NV de directie voerde. Hij doopte zijn rederij Oranje Lijn en al haar schepen werden genoemd naar leden van het Koninklijk Huis. Daarnaast was Anthony Veder & Co. NV in het havenbedrijf werkzaam als cargadoor en met soortverwante werkzaamheden. De rederij bewoog zich aanvankelijk uitsluitend in de vrachtvaart. Na de Tweede Wereldoorlog werden er schepen met accommodatie voor passagiers aan toegevoegd. In de eerste jaren van haar bestaan heeft deze onderneming pionierswerk verricht in de vaart tussen West-Europa en het door haar in Noord-Amerika bediende gebied. In 1959 bleek het, voor haar niet langer mogelijk onafhankelijk te opereren en traden dientengevolge de Koninkijke Paketvaart Maatschappij te Amsterdam en de Holland-Amerika Lijn te Rotterdam als commissarissen op. Ook onder deze nieuwe constellatie bleef Veder haar directeur. Na een ernstige ziekte liet hij in 1964 de directie aan anderen over en werd hij zelf president-commissaris. Hij nam ook een commissariaat waar bij het stuwadoorsbedrijf Rotterdam Terminal NV en bij andere met zijn bedrijf samenhangende vennootschappen.

Daarnaast bekleedde Veder verschillende maatschappelijke functies in verband met zijn commerciële activiteiten. Zo trad hij sedert 1964 op als honorair-secretaris van de Stichting Havenbelangen, een functie die hij geenszins als een erebaantje beschouwde, maar met een uit zijn ernstig verantwoordelijkheidsgevoel voortvloeiende toewijding vervulde. In 1955 was hij ook voorzitter van de Nederlands-Canadese Kamer van Koophandel en van 1954 tot 1962 bestuurslid van de Nederlandse redersvereniging. Zijn belangstelling voor het vreemdelingenbezoek bleek uit zijn vice-voorzitterschap van de raad van commissarissen van de hotelmaatschappij Hilton Rotterdam. Van 1956 tot 1963 maakte Veder bovendien deel uit van de Kamer van Koophandel en Fabrieken voor Rotterdam. Verder was hij o.a. commissaris van de tabakshandel A.L. van Beek NV te Rotterdam en de verffabriek Pieter Schoen & Zoon te Zaandam.

Evenals zijn vader, die in de jaren twintig een vooraanstaand bevorderaar was geweest van de ontwikkeling van de radio-omroep, toonde Anton Veder warme belangstelling voor het culturele en kunstzinnige leven. Hij trad als de stuwende voorzitter op van het comité dat het koopvaardijmonument De Boeg aan de Boompjes te Rotterdam in 1957 heeft bewerkstelligd. Zijn belangstelling voor de Nederlandse film kwam aan de dag bij zijn commissariaat van de NV Nederlandse Film Productie Maatschappij. Ook in het algemeen leefde hij met de moderne beoefening van schilderkunst en het toneel mee; een benoeming tot adviseur van culturele zaken van Prins Bernhard in 1965 vloeide daaruit voort.

Een hartkwaal heeft betrekkelijk vroeg een einde gemaakt aan dit van geestdrift bruisende leven.

L: A. Blussé van Oud-Alblas, in Rotterdams Jaarboekje 7e reeks 7 (1969) 217-218.

W.F. Lichtenauer


Oorspronkelijke versie opgenomen in: Biografisch Woordenboek van Nederland 2 (Den Haag 1985)
Laatst gewijzigd op 12-11-2013