Bordes, Jan de (1894-1947)

 
English | Nederlands

BORDES, Jan de (1894-1947)

Bordes, Jan de (bekend onder de naam Van Walré de Bordes; na het overlijden van zijn grootvader van moederszijde kreeg hij bij K.B. van 14-7-1902 no. 66 de naam Van Walré erbij) (Utrecht 6-6-1894 - Delft 21-1-1947). Zoon van Cornelis Eliza Jan de Bordes, bankier, en Henrietta Antoinetta van Walré. Gehuwd op 4-6-1919 met Sophia Machtelina Grothe. Uit dit huwelijk werden 3 dochters en 2 zoons geboren.

Jan van Walré de Bordes studeerde te Utrecht rechten, waar hij in 1919 zijn doctoraal deed. Werd ambtenaar op het ministerie van Buitenlandse Zaken en trad in 1921 in dienst van de Volkenbond (lid economische en financiële sectie van het secretariaat, als zodanig o.a. in 1923 werkzaam bij mr. A.R. Zimmerman, oud-burgemeester van Rotterdam, op het Commissariaat-Generaal van de Volkenbond in Oostenrijk en in 1933 secretaris van de Londense economische en financiële conferentie). In 1924 promoveerde hij te Leiden op The Austrian Crown. lts depreciation and stabilisation. (Londen, 1924). In 1937 keerde hij terug naar Utrecht om zich als aanhanger van de Oxford-beweging geheel te wijden aan het werk van de morele en geestelijke herbewapening. Hoewel politiek dakloos stond hij achter de denkbeelden van de CHU.

In 1939 werd Van Walré de Bordes burgemeester van Middelburg. Tijdens het bombardement van 17 mei 1940 verwierf hij grote sympathie door, anders dan de velen die in paniek de stad uit vluchtten, op het stadhuis te blijven om te redden wat er te redden viel. Sindsdien noemde men hem de held van Middelburg. De bezettingsomstandigheden stelden spoedig ook deze burgemeester voor vele problemen. In oktober 1942 nam hij plotseling ontslag, niet zozeer vanwege deze problemen, alswel omdat hij door de voortdurende luchtaanvallen op Duitsland tot het inzicht was gekomen op andere wijze meer voor de vrede te kunnen doen dan als burgemeester van Middelburg. Hij verspeelde daarmee de sympathie van de bevolking van Middelburg, omdat zijn vrijwillig vertrek de benoeming van een NSB'er mogelijk maakte. Ook voor de Duitsers was zijn heengaan een verrassing, een onaangename zelfs, omdat zij in hem kennelijk een plooibare figuur zagen, die moeilijkheden tussen de bezetter en de bevolking kon voorkomen. Hij bleef opnieuw ambteloos, totdat het Militair Gezag hem najaar 1944 verzocht de leiding op zich te nemen van het opvangcentrum te Eindhoven voor degenen die terugkwamen uit de Duitse concentratiekampen. Nadat deze stroom verwerkt was (sinds 1945), is hem gevraagd als sous-chef Repatriëringsdienst Indië mee te werken aan de repatriëring van de Nederlanders. Begin 1947 kwam hij bij een auto-ongeluk om het leven.

L: M.W.G. van der Veur, Middelburg in oorlogs- en bezettingsjaren (1939-1944). (Middelburg, 1945) 64-65, 68; J.L.J. Bosmans, De Nederlander Mr. A.R. Zimmerman als Commissaris-Generaal van de Volkenbond in Oostenrijk 1922-1926 (Nijmegen, 1973). Proefschrift Nijmegen.

J. Bosmans


Oorspronkelijke versie opgenomen in: Biografisch Woordenboek van Nederland 1 (Den Haag 1979)
Laatst gewijzigd op 12-11-2013