Huijbers, Henricus Franciscus Maria (1881-1929)

 
English | Nederlands

HUIJBERS, Henricus Franciscus Maria (1881-1929)

Huijbers, Henricus Franciscus Maria, historicus (Utrecht 26-12-1881 - Nijmegen 17-3-1929). Zoon van Johannes Henricus Huijbers, notaris te Utrecht, en Helena Margaretha Roosen. Gehuwd sinds 17-6-1913 met Maria Joanna Gerarda Baesjou. Het huwelijk bleef kinderloos.

Huijbers studeerde, na zijn eindexamen aan het Utrechts stedelijk gymnasium in 1901 behaald te hebben, Nederlandse letteren en geschiedenis aan de Universiteit van Utrecht (doctoraal 1907). Tijdens zijn studietijd was hij bestuurslid van de jonge katholieke studentenvereniging Veritas en redacteur van het Annuarium der R.K. Studenten in Nederland. In deze periode legde Huijbers de grondslag voor zijn dissertatie. Van 1910 tot 1917 was hij als leraar werkzaam bij het middelbaar onderwijs te Goes en Wageningen (Rijkslandbouwschool) - hier behoorde Huijbers tot een der oprichters van de katholieke studentenvereniging St. Franciscus Xaverius - alsmede in Bergen op Zoom en Tiel. Tevens was hij sinds 1913 als buitengewoon en na 1917 als gewoon docent verbonden aan de R.K. Leergangen te Tilburg. Ondertussen had zijn promotie in 1913 bij G.W. Kernkamp plaatsgevonden op Don Juan van Oostenrijk. Landvoogd der Nederlanden I (II kwam in 1914 uit). In dat laatste jaar verscheen tevens een biografie van Jan Pieterszoon Coen. Huijbers die in deze tijd al een sterk voorstander was van het doen horen van het katholieke geluid in zijn vakgebied richtte samen met Th. Goossens en J. Witlox in 1913 het Historisch Tijdschrift op waarvan hij tot zijn dood redactielid zou blijven. Andere bemoeienissen ten behoeve van een specifiek katholieke geschiedbeoefening vooral op het gebied van nationale en internationale samenwerking bleven evenwel zonder gevolg. Bij de oprichting van de R.K. Universiteit te Nijmegen in 1923 werd de eerste leerstoel in de algemene en vaderlandse geschiedenis der nieuwere tijden door hem bezet.

Hoewel zijn gezondheid al ondermijnd was - hij zou in 1929 aan een nierkwaal sterven - onttrok hij zich niet aan maatschappelijke verplichtingen. Zo was hij o.a. bestuurlijk en propagandistisch actief in de katholieke drankbestrijdingsorganisatie en werkte mee aan vele katholieke periodieken.

Huijbers behoorde tot een nieuwe generatie van zelfbewuste katholieke intellectuelen die voor hun geloof en wereldbeschouwing een eigen plaats opeisten. Zijn betekenis ligt niet zo zeer in het zuiver wetenschappelijke vlak, maar eerder in de invloed die hij door de veel gebruikte geschiedenisleerboeken - geschreven met J. Kleijntjens S.J. - op het middelbaar onderwijs uitoefende. Generaties katholieke scholieren kregen les aan de hand van deze boeken waarvan er sommige meer dan twintig drukken beleefden.

A: Een collectie-Huijbers bevindt zich in de archieven van het Katholiek Documentatie Centrum te Nijmegen.

P: Behalve de reeds genoemde werken: Corn. J.F. Slootmans, 'Lijst van geschriften van prof.dr. H.F.M. Huijbers', in Jaarboek van de Studenten aan de R.K. Leergangen 1924, 54-60 en 'Lijst van opstellen en artikelen van dr. Huijbers' achter hieronder genoemd levensbericht van J. Kleijntjens.

L: J. Kleijntjens, in Handelingen van de Maatschappij der Nederlandsche Letterkunde te Leiden 1928-1929. Levensberichten 38-43; J.H.E.J. Hoogveld in Jaarboek der Sint Radboud-Stichting 1929, 85-89; Th. Goossens in Historisch Tijdschrift 8 (1929) I-IV.

J.P. de Valk


Oorspronkelijke versie opgenomen in: Biografisch Woordenboek van Nederland 1 (Den Haag 1979)
Laatst gewijzigd op 12-11-2013