Böeseken, Jacob (1868-1949)

 
English | Nederlands

BÖESEKEN, Jacob (1868-1949)

Böeseken, Jacob, scheikundige (Rotterdam 20-8-1868 - Delft 16-5-1949). Zoon van Antonij Johannes Hermanus Böeseken, fotograaf, en Johanna Jacoba Glazener. Gehuwd op 17-8-1899 met Maria Antoinette Valk. Uit dit huwelijk werden 2 zoons en 1 dochter geboren. afbeelding van Böeseken, Jacob

Böeseken werd na zijn studie tot scheikundig technoloog aan de Polytechnische School te Delft (1887-1893) eerst assistent aan het rijkslandbouwproefstation te Groningen, en vervolgens in 1894 aan het chemisch laboratorium van de Groningse universiteit bij A.F. Holleman. Omdat het voor een scheikundig technoloog in die tijd niet mogelijk was aan een Nederlandse universiteit de doctorsgraad te behalen, promoveerde hij op 11 mei 1897 magna cum laude aan de Universiteit van Bazel op een dissertatie: Ueber die Einwirkungsprodukte der primären Amine auf die Dinitrosacyle. Vanaf 1898 was hij leraar aan de HBS en het gymnasium te Assen. In 1906 volgde zijn benoeming tot lector in de propaedeutische scheikunde aan de Universiteit van Groningen. Hij aanvaardde dit ambt met een oratie: Ontwikkeling van enkele chemische problemen. In 1907 werd hij benoemd tot opvolger van S. Hoogewerff als gewoon hoogleraar in de organische scheikunde en de toepassingen ervan aan de Technische Hoogeschool te Delft. Hier hield hij op 16 oktober 1907 zijn inaugurele rede over Wisselwerkingen tusschen wetenschappelijk onderzoek en de organisch-chemische techniek.

Böeseken schonk als docent in de organische scheikunde veel aandacht aan biochemische vraagstukken. Hij zag voorts in dat de zich ontwikkelende organische chemie de methoden van de fysische scheikunde nodig heeft om tot een verdieping van het inzicht in de bouw en het gedrag van organische moleculen te komen. Zijn colleges publiceerde hij in verschillende boeken: Beknopte scheikunde der suikers (1912) en Overzicht der Koolwaterstoffen (1915-1916. 2 dl.), terwijl hij ook voor het middelbaar onderwijs meewerkte aan de totstandkoming van twee leerboeken: Leerboek der scheikunde (1902) en samen met A.G. van Manen een Beknopt leerboek der scheikunde voor gymnasia, lycea en h.b.s. (1924-1925. 2 dl.).

Böesekens wetenschappelijke verdiensten liggen vooral op het gebied van de configuratie van organische verbindingen met behulp van de boorzuurcomplexen van polyhydroxyverbindingen en van cyclische ketalen tot diolen en aceton, waarvan de eerste resultaten in 1913 verschenen. Zijn wetenschappelijke verdiensten vonden erkenning in de benoeming in 1915 tot lid van de Koninklijke Nederlandse Akademie van Wetenschappen. Deze onderzoekingen werden vooral uitgewerkt in dissertaties van zijn leerlingen Chr. van Loon (1919), J.G. Derx (1922), P.H. Hermans (1924), J. Coops jr. (1924) en C.J. Maan (1928). Vanaf 1917 onderzochten Böeseken en zijn leerlingen 5- en 6-koolstofringen, waarbij - onafhankelijk van H. Sachse (1890) en E. Mohr (1915) - langs experimentele weg de ruimtelijke structuur van de zesring werd gevonden (Böeseken, J. van Giffen en Derx, 1920 vlg.). Sindsdien loopt het onderzoek van spanningsvrije ringen met meer dan vijf koolstofatomen als een rode draad door Böesekens werk. Hiermee heeft hij een belangrijke, zij het veronachtzaamde, bijdrage geleverd tot de ontwikkeling van de conformatie-analyse. Van zijn overig werk zijn te noemen zijn onderzoekingen over katalytische werkingen, die tot de zg. dislocatietheorie leidden (1922) en zijn constitutiebepalingen van onverzadigde verbindingen als elaeostearinezuur (1925), die van belang waren voor de ontwikkeling van de studie van de vette oliën. Na in 1938 zijn afscheidsrede, De organische chemie in de laatste kwarteeuw, gehouden te hebben ging hij met emeritaat.

P: Chemisch Weekblad 4 (1907) 678-679; 19 (1922) 203-206 (incl. overzicht dissertaties); 29 (1932) 632-633; 35 (1938) 479-486; 'Afscheidsrede van Prof.Dr.Ir. J. Böeseken, uitgesproken op Vrijdag 24 Juni te 14.30 uur in de Groote Zaal van Stadsdoelen te Delft', ibidem 35 (1938) 514-518.

L: Chemisch Weekblad 4 (1907) 678; A.F. Holleman, 'Open brief aan prof.dr. J. Böeseken ter gelegenheid van zijn 25-jarig doctoraat op 11 mei 1922', ibidem 19 (1922) 201-202; 'De huldiging van prof. J. Böeseken ter gelegenheid van zijn 25-jarig ambtsjubileum', ibidem 29 (1932) 628-634; 'Prof.Dr.Ir. J. Böeseken', ibidem 35 (1938) 479; Livre Jubilaire J. Böeseken (Amsterdam, 1938); P.E. Verkade, 'Prof.Dr. J. Böeseken 50 jaar doctor', ibidem 43 (1947) 289; A.J. Kluyver, Verslag van de gewone vergaderingen der afdeling natuurkunde. Koninklijke Nederlandse Akademie van Wetenschappen 58 (1949) 35-38; O.B. Ramsay, 'De Delftse School: een vergeten bijdrage tot de ontwikkeling der conformatie-analyse', in Chemisch Weekblad 70 (1974) 28/29 (12 juli) 21-23.

I: Persoonlijkheden in het Koninkrijk der Nederlanden in woord en beeld. Onder hoofdred. van H.P. van den Aardweg (Amsterdam 1938) 178.

H.A.M. Snelders


Oorspronkelijke versie opgenomen in: Biografisch Woordenboek van Nederland 2 (Den Haag 1985)
Laatst gewijzigd op 12-11-2013