Veder, Jan Hoyte (1846-1936)

 
English | Nederlands

VEDER, Jan Hoyte (1846-1936)

Veder, Jan Hoyte, koopman en bankier (Rotterdam 29-4-1846 - Rotterdam 25-6-1936). Zoon van Hoyte Veder, zeeman en koopman, en Hendrika Robertson. Gehuwd op 29-9-1870 met Betsy Teengs. Uit dit huwelijk werden 4 zoons en 3 dochters geboren.

J.H. Veder heeft zijn bestemming, anders dan vele zijner familieleden, niet op zee of in een havenbedrijf gezocht. Na de lagere school en het Gymnasium Erasmianum, waar hij de B-afdeling bezocht, te hebben verlaten, bewoog hij zich aanvankelijk in de handel: allereerst enkele jaren als volontair bij een voornamelijk op Duitsland gerichte Rotterdamse exportfirma in koffie en specerijen. Een poging om vervolgens in 1866 in Londen aan de slag te komen mislukte door de toen heersende malaise; een in het vooruitzicht gestelde positie bij de bankfirma Schaay te Rotterdam vervloog, nu door persoonlijke kwesties. Gesteund door familiekapitaal werd hij ten slotte in 1870 opgenomen in een jonge exportfirma op Nederlands-Indië. Doch in 1874 ging ook deze poging weer mis, toen een Duitse firma de financiën wilde versterken op voor Veder onaanvaardbare voorwaarden. Daarna trad hij in verbinding met een koopman die zich toelegde op commissiehandel in Indische produkten, vooral koffie en suiker. Met ingang van 1875 leidde deze nieuwe aanzet tot de vorming van de firma Burlage en Veder. Na enige persoonswisselingen associeerde hij zich ter voortzetting van deze handel met zijn broer William. Ondanks deze nogal wisselvallige loopbaan stond Veder als koopman blijkbaar voldoende goed bekend om in 1883 benoemd te worden tot lid van de Kamer van Koophandel & Fabrieken te Rotterdam, een destijds bepaald select gezelschap.

De wijzigingen in de koloniale handelspolitiek en de accijnswetgeving waren intussen oorzaak dat de door de firma gedreven algemene commissiehandel in koloniale produkten uit de tijd geraakte, en de toen modernere vorm van handel, die niet op enigerlei vorm van protectie steunde, trok Veder niet aan. Hij achtte dit soort zaken te weinig ingesteld op kwaliteit en te speculatief. Derhalve trad hij uit zijn firma en maakte hij gebruik van het openvallen van een plaats in de directie van de Bijbank van De Nederlandsche Bank te Rotterdam. Op 1 april 1894 werd hij secretaris en later president van dit bestuurscollege.

In de Kamer van Koophandel speelde Veder, die immers zo gehecht was geweest aan de oude vorm van op protectie steunende handel in Indische produkten, de rol van opposant tegen de sterk op vrijhandel georiënteerde overtuiging van de meerderheid der leden van de Kamer van Koophandel. In 1879 had hij reeds in deze geest een brochure geschreven onder de titel Theorie en Praktijk. Eenige beschouwingen over onze handelspolitiek, naar aanleiding der jongst verschenen geschriften (Rotterdam, 1879). Het is kenmerkend voor de verdraagzaamheid in de leidende figuren van de Rotterdamse koopmansstand, dat deze kring desniettemin Veder de vooraanstaande positie van lid van de Kamer van Koophandel had gegeven. In de volgende jaren, vooral in 1885/1886, heeft hij principieel gevochten voor het beginsel van 'fair trade', kort gezegd vrijhandel op voorwaarde van wederkerigheid, zoals dit in die tijd in Engeland opkwam in tegenstelling tot de 'free trade' van de Manchester School. Veder zette zich voor deze nieuwe stroming niet slechts in de belastingwetgeving in, doch bij voorbeeld ook door, tegenover verbetering van de Waal als vaarwater, tegelijkertijd de uitdieping van de Boven-Rijn te verlangen. Zijn streven was in de Rotterdamse handelswereld kansloos. Des te meer bleek haar neiging om persoonlijke verdienste boven theoretische instelling te doen gelden, toen de Kamer deze aartsopposant in 1898 benoemde tot vice-president naast de president A. Plate, die een hartstochtelijk voorstander van vrijhandel was. In 1907 traden zij te zamen als bestuursleden af.

Veder werd in verband met de oorlogsomstandigheden en haar nasleep tot zijn vijfenzeventigste levensjaar gehandhaafd in zijn functie bij De Nederlandsche Bank. Daarna heeft hij nog tot op hoge leeftijd lange tijd ambteloos geleefd.

A: Archief-Hudig & Veder BV bij Gemeentelijke Archiefdienst te Rotterdam, voor zover dit bedrijfsgegevens betreft. Persoonlijke gegevens in archief onder beheer van familie.

L: Gedenkboek [van de] Kamer van Koophandel en Fabrieken te Rotterdam, 1803-1928 (Rotterdam, 1928) passim.

W.F. Lichtenauer


Oorspronkelijke versie opgenomen in: Biografisch Woordenboek van Nederland 2 (Den Haag 1985)
Laatst gewijzigd op 12-11-2013