Waller Zeper, Sijbrand Allard (1874-1937)

 
English | Nederlands

WALLER ZEPER, Sijbrand Allard (1874-1937)

Waller Zeper, Sijbrand Allard, archivaris (Leeuwarden 29-11-1874 - Leeuwarden 4-1-1937). Zoon van Oeds Petrus Waller Zeper, fabrikant, en Petronella Agatha Hulshoff. Gehuwd op 1-9-1931 met Dirkje Zeper. Uit dit huwelijk werden geen kinderen geboren.

Waller Zeper, telg van een oud Fries doopsgezind geslacht, verhuisde al in zijn kinderjaren naar het westen des lands en bezocht hier verscheidene lagere scholen en het Haagse gymnasium. Na zijn eindexamen in 1895 liet hij zich inschrijven als student in de Nederlandse letteren aan de universiteit van Leiden. In 1898 legde hij het kandidaats-, in 1900 het doctoraal examen af. Een toelage van het Fruin-fonds stelde hem vervolgens in staat een half jaar te studeren aan de Parijse École des Chartes. Na terugkeer in Nederland werd hij per 1-9-1902 adjunct-commies aan het rijksarchief te Utrecht onder de voor zijn personeel zeer ongemakkelijke S. Muller Fzn. In 1905 bezorgde Waller Zeper samen met J. de Hullu een Utrechtse archiefpublikatie onder de titel Catalogus van de archieven van de kleine kapittelen en kloosters. Tot zijn vreugde kreeg hij in 1908 een benoeming aan het rijksarchief te Leeuwarden, waar hij opklom van adjunct-commies tot chartermeester. Later dan hij verwachtte kwam hij tot zijn proefschrift Jan van Henegouwen, heer van Beaumont. Bijdrage tot de geschiedenis der Nederlanden in de eerste helft der veertiende eeuw. 1e afdeeling, waarop hij in 1914 te Leiden bij P.J. Blok promoveerde. Nog in hetzelfde jaar verscheen van dit proefschrift een aanzienlijk uitgebreide handelseditie. Waller Zeper, die veel sympathie koesterde voor de Vlaams-nationale beweging, kreeg in 1917 een hoogleraarschap in de geschiedenis aangeboden aan de door de Duitsers vervlaamste universiteit van Gent, doch was zo verstandig hiervoor te bedanken.

Op 22-3-1921 werd Waller Zeper rijksarchivaris in Drenthe, waar hij vooral naam maakte met het terugvinden van het verloren gewaande archief van Huize De Klenke. Nadat in april 1924 wegens bezuinigingen het zelfstandige archivariaat Drenthe was opgeheven ging Waller Zepers grootse wens in vervulling met de benoeming op 1 april 1924 tot rijksarchivaris in Friesland. Hij verrichtte hier belangrijke arbeid, onder meer met de inventarisering van het archief-Vegelin. Als provinciaal inspecteur van de archieven maakte hij bovendien vele reizen door Friesland. Van 1915 tot 1931 was hij ook bibliothecaris van het Fries Genootschap en van 1916 tot 1928 redacteur van De Vrije Fries.

Nog te Assen wekte hij enig rumoer in de archiefwereld met een artikel in De Gids van februari 1924 over 'De mislukte Archiefschool', die zijns inziens veel te groots was opgezet als een Nederlandse École des Chartes. De heftige discussie die volgde bleek uiteindelijk weinig zinvol, omdat kort hierna de archiefschool wegens bezuinigingen 'tijdelijk' werd gesloten.

Sedert 1931 liet Waller Zepers gezondheid veel te wensen over. Een kwaal aan één van zijn knieën noodzaakte hem in dit jaar de inspectiereizen aan een ander over te laten; in 1933 zag hij zich genoopt wegens vrijwel algehele immobiliteit ziekteverlof aan te vragen. Met ingang van 1-2-1935 werd hem op zijn verzoek eervol ontslag verleend. Zijn laatste levensjaren waren moeilijk, het overlijden van zijn echtgenote bleek voor hem een onoverkomelijke slag. Toch nog vrij onverwachts kwam ook voor deze bescheiden en beminnelijke archivaris het einde.

P: In Jaarboek en De Vrije Fries, hieronder genoemd.

L: J.E. Kroon, in Jaarboek van de Maatschappij der Nederlandsche Letterkunde te Leiden 1936-1937. Levensberichten 185-187; A.L. Heerma van Voss, in Nederlandsch Archievenblad 44 (1936-1937) 61-64; idem, in De Vrije Fries 34 (1937) 1-5.

S.B.J. Zilverberg


Oorspronkelijke versie opgenomen in: Biografisch Woordenboek van Nederland 2 (Den Haag 1985)
Laatst gewijzigd op 12-11-2013