Heskes, Willem Frederik (1891-1973)

 
English | Nederlands

HESKES, Willem Frederik (1891-1973)

Heskes, Willem Frederik (Wam), acteur en beeldend kunstenaar (Delft 29-7-1891 - Zeist 20-8-1973). Zoon van Adrianus Albert Heskes, leraar HBS, en Catharina Francina Jansen. Gehuwd op 18-12-1928 met Henriëtte Emilie Mossel. Uit dit huwelijk werd 1 zoon geboren. afbeelding van Heskes, Willem Frederik

Wam Heskes volgde, na de HBS te hebben doorlopen, enige tijd lessen aan de academies voor beeldende kunst in Den Haag en Rotterdam zonder de studies met een diploma af te sluiten. Terzelfder tijd werkte hij zo nu en dan als acteur bij het gezelschap NV Het Tooneel van Willem Royaards. Op negentienjarige leeftijd vertrok hij voor twee jaren naar Florence, waar hij de klassieke meesters uit de Renaissance bestudeerde. In zijn drang naar onafhankelijkheid - een karaktertrek die zijn hele leven heeft getekend - voorzag hij in zijn levensonderhoud met schilderen, viool spelen op straten en in parken en optreden in nachtgelegenheden. Later verklaarde hij: 'In Florence heb ik zoveel genoten, ik heb er voor mijn leven getankt.' Na zijn diensttijd tijdens de mobilisatie '14-'18 werkte hij als illustrator voor verscheidene dag- en weekbladen, zoals Algemeen Handelsblad, Haagsche Post en De Zakenwereld. Ook ontwierp hij het omslag van het befaamde amusementsblad De Lach. Hij was in vele opzichten een sneltekenaar met een geheel eigen herkenbare stijl, gematigd karikaturiserend met krachtige, karakteristieke pennelijnen, die in de loop van zijn leven telkens opnieuw tot vlotte illustraties in verscheidene kranten en weekbladen kon leiden.

Na zijn huwelijk in 1928 vestigde hij zich in Laren. Toen maakte hij kennis met het nog jonge medium radio, dat het grootste deel van zijn werkzaam leven zou gaan bepalen, al bleef hij toch tekenen en schilderen. Heskes ontpopte zich als een voordrachtskunstenaar die met zijn stem virtuoos talloze karakters kon uitbeelden. Verscheidene hoorspelen schreef hij zelf. Voor de oorlog werkte hij voor de AVRO niet enkel voor de microfoon maar ook als illustrator van haar programmablad De Radiobode en voorzag hij verder boeken van tekeningen. Tot zijn meest bekende vooroorlogse creaties behoorden de figuren 'Koos Koen', de hoofdpersoon in een toneelstuk, waarin hij ook alle andere rollen zelf speelde en die hij behalve voor de radio ook 2000 maal op het toneel tot leven bracht, en 'juffrouw de Bonk', die 1080 radio-opvoeringen beleefde. In 1932 organiseerde hij als eerste een luisterwedstrijd. De opbrengst voor het Rode Kruis was twee ton.

In de oorlogsjaren trad Wam Heskes niet op; hij weigerde lid van de Kultuurkamer te worden. Hoewel zijn vrouw een joodse was, werd zij wegens gemengd huwelijk wel niet gedeporteerd maar zij ondervond met haar gezin veel moeilijkheden. Hun villa werd door de Nationaal-Socialistische Beweging (NSB) geconfisceerd. Wam hield zijn familie in leven met het tekenen van portretten. In september 1944 werd hij door de Landwacht met de dood bedreigd, maar hij wist aan terechtstelling te ontkomen. Na de oorlog ging hij weer aan het werk bij de omroep, waar hij als lid van de hoorspelkern vele rollen vertolkte. In 1948 overleed zijn vrouw aan een hartkwaal, een verlies dat hij nooit te boven is gekomen. Het werk moest echter doorgaan. Behalve aan hoorspelen werkte hij mee aan vele populaire amusementsprogramma's als 'Negen heit de klok', 'Tam-Tam' en 'De Wadders'. Beroemd echter werd hij door zijn creatie 'De gewone man zegt er het zijne van'. Van 1946 tot 1958, bracht hij driemaal per week de teksten tot leven die één jaar door Jan Derks en elf jaar door Toon Rammelt, toen programmaleider van de KRO, geschreven werden. Wam Heskes was verknocht aan de radio. Acteren voor de televisie trok hem niet. Een enkele maal werkte hij aan een uitzending mee, maar dan buiten beeld. In 1966 - hij was toen 75 jaar - is hij met werken gestopt. Hij trok zich terug en leefde zeer op zichzelf.

Wam Heskes gold bij zijn collega's als een vriendelijk en geestig mens, maar hun contacten met hem reikten nooit in de privé-sfeer, waar hij maar een enkeling toeliet. In 1970 werd hij door een vriend in een zeer verwaarloosde toestand aangetroffen. Hij liet Wam, zeer tegen diens zin, naar het ziekenhuis overbrengen en verspeelde daarmee een jarenlange vriendschap. Heskes wilde niet meer leven en moest dit gedwongen wel doen. Dank zij een andere vriend werd hij de drie laatste jaren van zijn leven in het rusthuis in Zeist ,,Ons Thuis" verzorgd. Om de ziektekosten te kunnen betalen werden tijdens een verkooptentoonstelling Wams vele bezittingen, waaronder zeer kostbare, verkocht. Zijn AOW-uitkering en een toelage van het ministerie van Cultuur, Recreatie en Maatschappelijk Werk waren niet toereikend.

Wam Heskes was een individualist van nature, een onafhankelijke vrijgevochten geest, die zelf besliste over zijn doen en laten. Daardoor bleef hij ook de eeuwige free-lancer in de omroepwereld. Hij wenste zich niet te binden. Een inventief mens met een grote werklust, die echter zelf het ogenblik bepaalde wanneer hij met de door hem zelf gestelde taak moest ophouden.

Een veelzijdig kunstenaar, een scherp observator in zijn schilderijen en tekeningen, die, evenals in zijn radiocreaties, het kijkend en luisterend publiek veel genotvolle uren heeft geschonken. Zijn visie op de wereld was verre van blijmoedig, getuige het persoonlijke vers dat hij schreef voor de vriend, de antiquair W. Mijnhardt uit Zeist, die zijn laatste levensjaren dragelijk heeft gemaakt: 'De wereld stinkt naar patates-frites, de wereld vreet maar patates-frites, de wereldvrede is er niet! Wel patates-frites! Die moet ik niet.' (Het Binnenhof. 31-7-1971).

A: Documentatiemateriaal bij KRO-documentatiedienst.

L: Conny Sluysmans, 'Wam Heskes wil alleen nog maar sterven', in De Telegraaf, 31-10-1970; 'Hoorspelacteur met de duizend stemmen. Wam Heskes 80 jaar', in Televizier. Onafhankelijk radio/ tv-blad, 24-7-1971; ',,Gewone man" Wam Heskes. Een vergeten 80-jarige', in Het Binnenhof, 30-7-1971; 'Wam Heskes, de reus, wil niet meer', in Haagsche Courant, 31-7-1971; 'Scherp observator en bohémien', in Algemeen Dagblad, 23-8-1973.

I: Beeldbank van het Nationaal Archief in Den Haag [Foto: Jac. de Nijs; Collectie ANEFO; Heskes in juli 1961].

H.W.A. Joosten


Oorspronkelijke versie opgenomen in: Biografisch Woordenboek van Nederland 3 (Den Haag 1989)
Laatst gewijzigd op 12-11-2013