Kleijn, Kommer (1893-1982)

 
English | Nederlands

KLEIJN, Kommer (1893-1982)

Kleijn, Kommer, acteur, dramaturg en hoorspelregisseur bij de AVRO (Dordrecht 12-6-1893 - Hilversum 12-9-1982). Zoon van Machiel Kleijn, distillateur, en Adriana Maria Schellenbach. Gehuwd op 11-6-1919 met Wilhelmina Schnabel. Uit dit huwelijk werden 1 zoon en 1 dochter geboren. afbeelding van Kleijn, Kommer

Kommer Kleijn deed na een driejarige HBS-opleiding te Dordrecht in 1909 toelatingsexamen voor de Zeevaartschool in Amsterdam, maar hij werd wegens kleurenblindheid afgekeurd. Een kantoorbaan bij een verzekeringsmaatschappij voldeed hem niet; hij vond compensatie in het amateurtoneel. Na een bezoek aan een opvoering door een beroepsgezelschap besloot hij toneelspeler te worden. In 1911 ging hij naar de Tooneelschool in Amsterdam en hij slaagde in 1914 voor het eindexamen. Kleijn begon zijn acteursloopbaan bij het gezelschap Die Haghespelers onder leiding van Eduard Verkade. Met een onderbreking van twee jaar wegens engagementen elders, was hij tot 1929 verbonden aan gezelschappen waarvan Verkade directeur was.

In 1928 maakte Kommer Kleijn via ds. E.D. Spelberg, predikant-secretaris van de Vrijzinnig Protestantsche Radio-Omroep (VPRO), kennis met het medium radio. Op diens verzoek droeg Kleijn voor de microfoon gedeelten voor uit een toneelstuk van Spelberg waarin hij de hoofdrol had gespeeld. Een studio-opvoering van een blijspel voor de microfoon van de Algemeene Vereeniging Radio Omroep (AVRO) in 1929, waarin ook Kleijn acteerde, was voor AVRO-directeur W. Vogt aanleiding om hem uit te nodigen een reeks voordrachten te verzorgen uit de klassiek dramatische letterkunde en zich ook bezig te houden met, zoals het toen nog heette, 'radio-tooneel'. Kleijn nam de invitatie aan. Het was het begin van zijn dertigjarige carrière als acteur, dramaturg en hoorspelregisseur bij de AVRO. Na een reeks voordrachten uit de wereldliteratuur bracht hij van 24 september 1929 af eenmaal per veertien dagen, met wisselende groepen acteurs, toneelstukken die qua tekst en geluidsdecor zo goed mogelijk aan het gebruik van de microfoon waren aangepast. Hij begon met de uitzending van klassieke werken en verzorgde in dat kader onder meer een Shakespeare- en een Molièrecyclus. Geleidelijk aan kreeg ook het lichtere genre zijn aandacht. In 1931 presenteerde hij met de serie De strafzaak Vivienne Ware een thriller in zes afleveringen. Van 1933 af koos hij ook stukken uit het moderne internationale repertoire, nam spelen van Nederlandse auteurs en kinderhoorspelen. Tot 1934 werden alle hoorspelen 'live' uitgezonden, met alle kansen van vergissingen tijdens de opvoering. Voor deze nieuwe 'radiovorm van toneel' in opkomst deed Kommer Kleijn pionierswerk. In een artikel in het Radio-jaarboek 1932 constateerde hij dat het hoorspel toen nog geen eigen karakter had gekregen, maar 'dat in dit opzicht de toekomst vol beloften is'.

Toen in 1934 de techniek het mogelijk maakte uitzendingen tevoren op plaat vast te leggen, openden zich grotere mogelijkheden voor uitvoering, montage en afwerking. In de tweede helft van de jaren dertig heeft Kommer Kleijn dankbaar gebruik gemaakt van de nieuwe mogelijkheden die de zich snel ontwikkelende radiotechniek bood om de auditieve factor, die een spel tot een 'luisterspel' maakt, tot zijn recht te laten komen. In 1939 maakte hij kennis met de thrillerserie Send for Temple van de Engelse auteur Francis Dur bridge. Kleijn bewerkte haar voor Nederland waarbij de speurder Temple werd vervangen door de welhaast legendarische figuur van Paul Vlaanderen. De reeksen hoorspelen met Vlaanderen in de hoofdrol kregen een zeer grote luisterdichtheid; zij hebben, met een onderbreking tijdens de oorlogsjaren, repertoire gehouden tot 1953.

In september 1941, tijdens de Duitse bezetting, verliet Kommer Kleijn de omroep. Zoals meer acteurs trad hij in de oorlogsjaren enkel op in besloten kring. Na de bevrijding in 1945 keerde hij terug in de ether, eerst bij Radio Herrijzend Nederland en in 1946 weer bij de AVRO, waar hij zijn vroegere functies hernam tot aan zijn pensionering in 1959. Pensioen betekende voor hem geen begin van een rustperiode. Op 1 april van dat jaar werd hij benoemd tot hoorspelleider bij de toenmalige Nederlandse Radio Unie; deze taak als chef van de zg. 'hoorspel-kern' vervulde hij tot 1964. In zijn radiojaren heeft Kommer Kleijn ruim 2500 hoorspelen voor de microfoon gebracht. Niet voor niets kreeg hij de eretitel 'koning van het hoorspel'. De luisteraars waren zeer vertrouwd met de aankondiging van een hoorspel: 'De spelleiding heeft... Kommer Kleijn.' Binnen de vaste kern van een aantal altijd herkenbare medespelers, werd Kommer Kleijns stem zelf een haast overbekend geluid. Tot op zekere hoogte een echte toneelstem met ietwat overdreven gebruik van wisselende toonhoogte, enigszins precieus in de uitspraak en gewoonlijk 'deftige' rollen vervullend. In 1967 keerde hij terug naar zijn eerste, nooit vergane, liefde: het toneel. Bij verscheidene gezelschappen heeft hij gastrollen vervuld, en ook trad hij enkele malen op in televisiespelen.

Kommer Kleijn was een zeer kundig, hardwerkend vakman van hoog niveau, die bij zijn collega's en de andere radiomedewerkers zeer gezien was. Hij was een vriendelijk, hoffelijk en humorvol man van een aanstekelijke opgewektheid. Een optimist die ook anderen graag opgewekt zag. Hij genoot zeer van het goede van het leven. 'Een gezonde wijze van leven, acht grote sigaren per dag, voor het eten drie borrels en een beetje lief zijn voor vrouwen. Dat is mijn hele geheim' (De Gelderlander, 16-2-1980).

Terugblikkend op zijn carrière getuigde hij dat hij in zijn werk een volmaakte artistieke bevrediging had gevonden zowel als regisseur en acteur, maar 'zeker niet in de laatste plaats ook als dramaturg, omdat ik bij de verzorging van het repertoire werk kan introduceren dat het waard is tot de luisteraars te worden gebracht' (De Gooi- en Eemlander, 14-9-1982).

A: Documentatiedienst AVRO en Afd. documentatie van de Stichting Nederlands Omroepmuseum, beide in Hilversum.

P: 'Radio-Tooneel', in Radio-jaarboek 1932 [Samengest. door E.P. Weber] (Amsterdam, 1932) 194-196.

L: Interviews, herdenkingsartikelen en necrologieën in: De Radiobode, 15-12-1939; Intercom. Maandblad voor radio- en televisiepersoneel, oktober 1963; dagblad Het Centrum, 27-10-1966; Televizier, 6-6-1973 en 18-11-1978; De Gooi- en Eemlander. 3-7-1979; De Telegraaf, 11-2-1980; De Gelderlander, 16-2-1980; De Gooi- en Eemlander, 14-9-1982; Televizier, 2-10-1982. Rob Geraerds, De spelleiding heeft... Kommer Kleyn... (Hoorn, 1954); C.H. Bulte, Het Nederlandse hoorspel (Utrecht, 1984) 61-62; 247-248.

I: Persoonlijkheden in het Koninkrijk der Nederlanden in woord en beeld. Onder hoofdred. van H.P. van den Aardweg (Amsterdam 1938) 810.

H.W.A. Joosten


Oorspronkelijke versie opgenomen in: Biografisch Woordenboek van Nederland 3 (Den Haag 1989)
Laatst gewijzigd op 12-11-2013