Nederland en de Europese integratie, 1950-1986

 
English | Nederlands
L00334
25-11-1960
Actoren
Notulen Ministerraad
Samenvatting
2d. Bespreking met Europees Parlement; voorbereiding bijeenkomst regeringsleiders

Tijdens het colloquium tussen de raad van ministers en het EP, is gebleken dat de stemming in het EP ten aanzien van de plannen van De Gaulle inzake o.a. de instelling van een politiek secretariaat negatief is geworden. Volgens Luns heeft deze verschuiving te maken met activiteiten van het comité-Monnet en van de Amerikanen. De Amerikanen blijken wel voor het samengaan in de EEG te zijn in verband met het belang van de samenwerking tussen Duitsland en Frankrijk, maar vrezen voor een samengaan tussen de Zes en de Zeven, omdat de EEG dan een te groot economisch en politiek blok voor de VS zouden kunnen vormen. Nederland stelt zich op het standpunt dat er geen afbraak van de EG mag plaatsvinden en evenmin een afbraak van de NAVO, dus wordt een organieke band voor de politieke consultatie tussen de Zes afgewezen. Volgens staatssecretaris Van Houten zijn er inmiddels ook plannen in de maak om een groep van de zes ministers van Defensie te vormen. Het is duidelijk dat het niet meer gaat om integratie, maar om herstel van oude vormen van intergouvernementele samenwerking waar Nederland geen voorstander van is.