Nederland en de Europese integratie, 1950-1986

 
English | Nederlands
Samenvatting
Jitta heeft ondershands vernomen dat op Buitenlandse Zaken een memorandum aan Beyen is opgesteld ten behoeve van zijn gesprek met Dulles en Stassen op 6 febr. De gedachtengang was als volgt.
A) De Nederlandse regering stelt voorop de noodzaak van het betrekken van W-Duitsland in de verdediging van W-Europa. Aangezien opname in de NAVO op dit moment voor Frankrijk niet aanvaardbaar is, is het EDG-verdrag het meest aanvaardbare, ofschoon allerminst ideale compromis. B) Ook kan het EDG-verdrag een belangrijke bijdrage vormen voor het Europese integratieproces. C) De Nederlandse regering wil het verdrag spoedig ter ratificatie aan de Staten-Generaal voorleggen. D) Hoewel de Nederlandse regering zich bewust is van de positie waarin Frankrijk zich in Indo-China en Afrika bevindt, kan dit geen aanleiding zijn om tegemoet te komen aan specifiek Franse verlangens, die zijn ingegeven door nationalistische desiderata.
Vervolgens wordt de Nederlandse opstelling inzake de Franse protocollen uit de doeken gedaan.
Zie ook