Nederland en de Europese integratie, 1950-1986

 
English | Nederlands
S02422
12-03-1971
Samenvatting
241. Toetreding VK - Onafhankelijke Caraïbische Gemenebestlanden.
M.b.t. deze landen heeft de EEG zich nog niet uitgesproken over de vraag was zij deze landen kan aanbieden ter compensatie van het verlies aan preferenties op de Britse markt, welke het gevolg zal zijn van de Britse toetreding. Het is zeker dat het VK een verzoek om associatie van deze landen zal indienen.
Nederland heeft in deze nog geen positie gekozen. BuZa en EZ waren het eens dat er iets gedaan moest worden, maar men was het eens over de aard van de regeling. EZ meent dat de voorkeur moet worden gegeven aan een regeling voor de suikerinvoer uit deze landen in het kader van het Commonwealth Sugar Agreement, terwijl voor de overige exporten van deze landen het systeem van mondiale preferenties soelaas biedt. BuZa meent dat deze landen voor associatie in aanmerking komen.
De coördinatiecommissie meent dat er eerst bilateraal overleg moet worden gevoerd met het VK.