Alfabetische Index

 
English | Nederlands
A   B   C   D   E   F   G   H   I   J   K   L   M   N   O   P   Q   R   S   T   U   V   W   X   Y   Z  

FABRE, JEAN-BAPTISTE. V
Frans resident in Perzië.
FABRI, N.N. IV
In samenwerking met François Goudet, de resident van Frankrijk in Genève, en madame de Maintenon betrokken bij vredespropaganda ten gunste van Frankrijk.
FABRICE, FRIEDRICH ERNST VON. XIV; XV; XVI; XVIII
(1683-1750) Zoon van Weipert Ludwig von Fabrice; diplomaat in dienst van Holstein-Gottorp; 1711-15 gezant in Zweden; 1716 afgevaardigde van Groot-Brittannië naar het congres van Brunswijk; 1718 bemiddelaar tussen Karl XII van Zweden en George I als keurvorst van Hannover. Repertorium, II.
FABRICE, JOHANN LUDWIG VON. XI; XIV
Extraordinaris envoyé van Hannover in Polen 1710-12.
FABRICE, WEIPERT LUDWIG VON. I
(1640-1724) Vice-kanselier van Celle. Repertorium, I.
FABRICIUS, (Mr.) ALBERT, heer van Almkerk. @ # III; IX; XI; XVI; XVIII; XIX
(1676-1736) Broer van de volgende; secretaris van Haarlem 1694; pensionaris van die stad 1716; secretaris van de Staten van Holland 1726. Elias, Vroedschap.
FABRICIUS, (Mr.) AREND. @ XV; XVIII
Broer van de voorgaande; 1704 vroedschap van Haarlem in plaats van zijn vader Willem Fabricius. De Jongste, Onrust aan het Spaarne.
FABRICIUS, (Mr.) WILLEM, heer van Santhorst. @ III; VII
(1642-1708) Haarlems regent en hoogbaljuw van Kennemerland. Elias, Vroedschap.
- echtgenote van, zie SCHAS, D.
FABRICIUS, N.N. XV
N.n.g. Gereformeerd predikant te Danzig.
FAELDERICKS, JURGEN. XII; XIII
Schipper uit Koningsbergen.
FAESCH, ISAAC. @ XII; XIV
Zwitsers officier in Nederlandse dienst; 1711 majoor van het nieuw opgerichte regiment Diesbach; verliet de Nederlandse dienst 1714. Ringoir, Hoofdofficieren infanterie.
FAGEL, CORNELIA. IX
(1619-1693) Tante van de griffier. Elias, Vroedschap; Japikse, Archief Fagel.
FAGEL, (Mr.) FRANÇOIS. I-XVIII
(1659-1746) Griffier van de Staten-Generaal 1690-1744. NNBW.
FAGEL, (Mr.) FRANÇOIS. XI
(1674-1718) Haarlems regent; raad van die stad 1699-1718; raad ter Admiraliteit van Amsterdam 1709-12; neef van de griffier Fagel. De Jongste, Onrust aan het Spaarne.
FAGEL, FRANÇOIS NICOLAAS. @ # I-XVII; XIX
(1655-1718) Neef van de griffier Fagel; 1685 kolonel van een Hollands regiment infanterie; 1701 luitenant-generaal; 1709 generaal; 1696 commandeur van Grave; 1704 gouverneur van Sluis; 1703 baron des H.R.R. NNBW; Staatsche Leger, VIII.
FAGON, LOUIS. XIX
(1680-1744) Frans ambtenaar; conseiller dÂ’état 1715; lid conseil royal des finances 1722. DBF.
FAHLSTRÖM, LUDVIG. XVII
(1655-1721) Zweeds ambtenaar; chef van een afdeling van de kanselarij te Stockholm; sinds 1690 getrouwd met Christina Elisabeth Ranck, zuster van Coenraad Ranck. SBL.
FAING, ALEXANDRE GEORGE DU, graaf van HASSELT. VI; VIII; X
(† 1709) In 1707 en 1709 voorschepen van Gent. Herckenrode, Nobiliaire, II, 738.
FAIRBORNE, (Sir) STAFFORD. I-V; VII
(† 1742) Engels marine-officier; 1701 schout-bij-nacht; 1703 vice-admiraal; 1707 admiraal. DNB.
FAIRFAIX of CAMERON, THOMAS, lord. X
(1657-1710) Schots edelman; medestander van Willem III van het eerste uur, M.P. en brigadier van de infanterie. Complete Peerage.
FALAIS, graaf van, zie NOYELLE, FRÉDÉRIC-LOUIS-CHARLES DE.
FALAISEAU, PIERRE DE. V
Hugenoot in dienst van de keurvorst van Brandenburg; 1682 resident te Londen; 1685-90 te Stockholm; tot 1698 te Kopenhagen; 1699-1701 te Brussel als resident bij de gouverneur-generaal van de Spaanse Nederlanden; daarna ontslag genomen uit de Pruisische dienst en in het gevolg van Halifax mee naar Hannover in 1706. Repertorium, I; Haag, La France Protestante, V.
FALCK, PETER. XV; XVI
Deens legatiesecretaris te St.Petersburg 1709-11; zaakgelastigde aldaar 1711-15. Marquard, Danske Gesandter.
FALKENBERG, GABRIËL, graaf. VI
(1643-1714) Zweeds edelman; president van de Hofraad te Stockholm. SBL.
FALMOUTH, viscount, zie BOSCAWEN, HUGH.
FAMARS, JACOB DANIEL DE. I
(1662-1704) Resident van de Staten-Generaal te Lissabon 1697-1704. Elias, Vroedschap; Schutte, Nederlandse vertegenwoordigers.
FANE, THOMAS, graaf van WESTMORLAND. XV
(1683-1736) Engels edelman, opgevoed in Holland; 1705-08 onder George van Denemarken deputy warden of the Cinque Ports; deputy governor of Dover Castle. Complete Peerage.
FANNIUS, DANIEL, heer van MAIRE. III; XII; XIX
(† 1717) Afkomstig uit Brouwershaven; burger van Middelburg sinds 1646; zeer actief in de volksbeweging na de dood van Willem III om diens protégés uit de regering te zetten; 1704 secretaris van de Zeeuwse Rekenkamer. Van der Bijl, Idee en interest.
FANTONI, LODOVICO, graaf. @ IX; XIII; XIV
Afgevaardigde van de hertog van Guastalla naar het vredescongres te Utrecht 1712-13. Repertorium, I.
FARNESE, ANTONIO FRANCESCO, hertog van PARMA en PIACENZA. XIX
(1679-1731) Broer van de volgende; 1727 laatse regerend hertog van Parma uit het huis Farnese.
FARNESE, FRANCESCO, hertog van PARMA en PIACENZA. @ VI; VIII; XI
(1678-1727) Regerend hertog sinds 1694. Stammtafeln II.
FARQUEHAR, FRANCIS. XVI
Schots officier in Staatse dienst; majoor van het regiment Wood 1709; luitenant-kolonel 1715. Ringoir, Hoofdofficieren infanterie.
FARRUKH-SIYAR. XIV
(† 1719) Groot-mogol van India 1713-19.
FARVACQUES, PHILIPPE-CHARLES. XI
President van het seminarie van Doornik; kanunnik sinds 1704; wegens Jansenistische sympathieën uitgesloten 1710; doet afstand van zijn waardigheden 1727.
FATIO, PIERRE. VI
(† 1707) Leider van een volksopstand in Genève.
FATIO DE DUILLIER, ANDRÉ. @ VIII
N.n.g. Zwitsers officier in Staatse dienst, regiment A. de Mestral.
FATIO DE DUILLIER, NICOLAS. VIII
Zwitsers wiskundige, bevriend met Newton; wegens revolutionair optreden uit Genève verbannen en naar Engeland uitgeweken; aldaar aanhanger van de fanatieke secte van de `profeten' van Marion. Jacob, Newtonians, 253.
FAUCONBERG, graaf van, zie BELASYSE, THOMAS.
- gravin van, zie CROMWELL, MARY.
FAURÉ, ALEXANDER. XIII
N.n.g. Griffier van de raad van de markies van Bergen-op-Zoom en aanhanger van de kardinaal van Bouillon.
FAURE, JACQUES. VIII
(1654-1722) Burger van Genève; vele malen syndicus van die stad. HBLS.
FAVIERRE, N.N. @ I
N.n.g. Hugenoots officier in Londen 1702.
FEDE, ANTONIO MACIO, graaf. I; VI
Agent van de keurvorst van de Palts te Rome sinds 1697; resident aldaar 1701-17. Repertorium, I.
FEHR, N.N. X
N.n.g. Raad van de koning van Polen in Koningsbergen.
FEIF, CASTEN. X; XIV; XVII
(1662-1739) Zweeds ambtenaar; leider van de kanselarij van Karl XII in Bender. SBL.
FELINCK, PIETER. VII
Assistent van de Staatse commissaris Pieter Dedel in Spanje, 1708.
FELIPE, zie PHILIPPE.
FELS VON COLONNA, KARL, graaf. XI-XIV
(† 1713) Keizerlijk generaal en bevelhebber van de keizerlijke troepen in de Nederlanden tijdens de afwezigheid van Eugenius van Savoye. Braubach, Prinz Eugen, III.
FÉNELLON, JEAN-BAPTISTE. XV
Afgevaardigde van Bordeaux in het Franse Conseil de Commerce; Frans onderhandelaar over handelszaken te Londen 1713-14. Schaeper, The French Council of Commerce.
FERDINAND KETTLER, hertog van KOERLAND. XIV
(1655-1737) Regerend hertog van Koerland sinds 1711.
FERDINAND CHRISTIAN, graaf van LIPPE-DETMOLD. VII
(1668-1724) Jongere broer van Friedrich Adolf, regerend graaf van Lippe-Detmold en heer van Vianen. Stammtafeln, I.
FERDINAND WILHELM hertog van WÜRTTEMBERG-NEUSTADT. I
(1659-1701) Oudere broer van Karl Rudolph; militair eerst in Deense, daarna in Hollandse dienst; 1693 generaal-majoor en kolonel van de Hollandse garde. Hora Siccama, Aanteekeningen.
FERIÉ, zie FERRIET.
FERNANDEZ DURAN, MIGUEL, markies van TOLOSA. XIX
Minister van oorlog van Spanje onder Philips V, 1716-19.
FERRAND, BENJAMIN. XIX
Nederlands consul te Barcelona 1720-35. Schutte, Nederlandse vertegenwoordigers.
FERRARY HASSAN PASHA. II
Caimacam van Constantinopel, opperschatmeester van het Turkse Rijk.
FERRERS, lord, zie SHIRLEY, ROBERT.
FERRIET, LOUIS CHARLES. @ XII
Nederlands officier; 1711 kapitein met de rang van luitenant-kolonel in het regiment Hollandse Gardes te voet; 1733 majoor; 1730 luitenant-kolonel; 1742 generaal-majoor van de infanterie; 1747 luitenant-generaal. Ringoir, Hoofdofficieren infanterie.
FERRIOL, CHARLES DE, baron D'ARGENTAL. II-XIV
(1652-1722) Frans ambassadeur in Constantinopel 1699-1711. Repertorium I; DBF.
FERSEN, HANS VON. XIX
(1683-1736) Zoon van de volgende; Zweeds officier; generaal-majoor 1719 na een omstreden benoeming; gouverneur van Narva 1720. SBL.
FERSEN, REINHOLD JOHAN VON. I
(† 1716) Van Duits-Baltisch geslacht; militair eerst in Hollandse, later in Zweedse dienst; 1702 generaal-majoor en gouverneur van Göteborg; luitenant-generaal 1709; graaf 1712. SBL.
FEUGEN, CHRISTIAAN VAN. II, VI
Nederlands officier; 1692 kapitein van de infanterie. (Commissieboek Raad van State, f.52).
FEUGEN, JOHAN MATTHEUS VAN. II; VI
Nederlands officier; 1693 kapitein van de infanterie. (Commissieboek Raad van State, f.97). In
1703 krijgt sergeant-majoor Van Feugen opdracht om naar Holstein te gaan; om welke van de twee het hier gaat is niet zeker.
FEUILLADE, hertog van LA, zie AUBUSSON, LOUIS DE.
FEUMERON, N.N. I
Frans intendant van Roermond, 1702.
FEVERSHAM, graaf van, zie DURAS, LOUIS.
FÈVRE, N.N. XI
N.n.g. Nederlands predikant in Duitsland, 1710.
FEYZULLAH, N.N. II
(† 1703) Mufti van Constantinopel.
FIENNES, CHARLES-MAXIMILIEN, markies DE. XIX
(1701-1750) Zoon van de volgende; officier in het Franse leger; 1720 in opspraak wegens een voorgenomen huwelijk met een Hollandse koorddanseres. DBF.
FIENNES, MAXIMILIEN-FRANÇOIS, graaf (markies) DE. XIV
(† 1716) Frans officier; luitenant-generaal 1704; commandant van Roussillon. DBF.
FIERECK, zie VIERECK.
FIERLANT, CHARLES-LÉOPOLD. XVI
Burgemeester van Brussel.
FIERVILLE LE HÉRISSY, LOUIS. XI; XII
N.n.g. Frans officier; brigadier in het leger van de Hongaarse opstandelingen. Köpeczi, La France et la Hongrie.
FIESCHI, LORENZO. I
Aartsbisschop van Avignon 1690-1705; extraordinaris nuntius te Parijs 1702-05. Kirchenlexicon, I; Repertorium, I.
FILLEY, N.N. I
N.n.g. Frans ingenieur, 1702.
FINCH, CHARLES, graaf van WINCHILSEA. II; IV; XII-XIII
(† 1712) Extraordinaris gezant van koningin Anne naar de keurvorst van Hannover februari-april 1703. Repertorium, I.
FINCH, DANIEL, graaf van NOTTINGHAM. @ # I-VII; X-XVII
(1647-1730) Engels secretary of state 1688-93 en 1702-04; 1712 ook graaf van Winchilsea. DNB.
FINCH, DANIEL. XVI; XVII
(1689-1769) Zoon van de voorgaande, bekend als lord Finch; M.P. voor Rutland 1710-30; commissioner of the Treasury en gentleman of the bedchamber van de prins van Wales 1714-16; 1730 graaf van Winchilsea en Nottingham. Complete Peerage.
FINCH, HENEAGE, baron GUERNSEY, graaf van AYLESFORD. X; XII-XVII
(1647-1719) Jongere broer van Nottingham; lid van de Privy Council 1703-08, 1711-14 en 1714-19; chancellor van het graafschap Lancaster 1714-16; 1714 graaf van Aylesford. DNB.
FINCH, HENEAGE. XVII
(1683-1757) Oudste zoon van de voorgaande, bekend als lord Guernsey; 1710-19 M.P. voor Surrey; master of the Jewel Office 1711-16; graaf van Aylesford 1719. Complete Peerage.
FINCH, WILLIAM. XIX
(1691-1766) Tweede zoon van Daniel Finch-Nottingham; 1720 secretaris van de Engelse gezant Carteret te Stockholm; 1720-24 zelf extraordinaris gezant te Stockholm; 1724-28 en 1733-34 gezant te 's-Gravenhage; 1727-47 en 1755-61 M.P. Horn, British Diplomatic Representatives; Sedgwick, House of Commons 1715-1754.
FINCK VON FINCKENSTEIN, ALBRECHT KONRAD REINHOLD, graaf. XI-XII; XIV; XIX
(1660-1735) Brandenburgs-Pruisisch officier; luitenant-generaal 1706; 1704 tevens opperhofmeester van kroonprins Friedrich Wilhelm, met wie hij verscheidene veldtochten in de Zuidelijke Nederlanden meemaakte. NDB.
FINDLATER, graaf van, zie OGILVIE, JAMES.
FINGERLIN, DANIËL. II
N.n.g. Bankier te Ulm.
FINGERLIN, JAN. II
N.n.g. Bankier te Ulm.
FIORELLI, GIACINTO. XIX
Secretaris van Venetië te Londen 1717-28. Repertorium, II.
FISCHER DE RIQUEBAC (REICHENBACH), JEANNE ESTER. @ XI
Echtgenote van de Nederlandse vertegenwoordiger in Schaffhausen Johann Ludwig Runckel. Schutte, Nederlandse Vertegenwoordigers.
FITZGERALD, ROBERT, graaf van KILDARE. XVI
(1675-1744) Graaf van Kildare 1707; 1714 een van de lords justices van Ierland. Complete Peerage.
FITZGERALD, N.N. III
N.n.g. Bediende van de Engelse koningin Maria Beatrice.
FITZHARDINGE, viscount, zie BERKELEY, JOHN.
FITZJAMES, JAMES, hertog van BERWICK. III; V-VIII; X-XI; XIII-XVII; XIX
(1670-1734) Natuurlijke zoon van James II van Engeland, in Frankrijk opgevoed en officier in het Franse leger; 1706 maarschalk van Frankrijk. DNB.
FITZJAMES, JAMES FRANCIS (JACOBO FRANCISCO), graaf van TINMOUTH, hertog van LIRIA. XVII; XIX
(1696-1738) Oudste zoon van de voorgaande; nam deel aan de opstand van 1715 in Schotland; vervolgens in Spaanse dienst als officier en diplomaat. Complete Peerage.
FITZROY, ANNE, gravin van SUSSEX. IX
(1661-1722) Natuurlijke dochter van Charles II en Barbara Villiers; trouwde in 1674 met Thomas Lennard, lord Dacre, graaf van Sussex († 1715).
FITZROY, CHARLES, hertog van GRAFTON. XIII; XVII
(1683-1757) Zoon van Henry Fitzroy; hertog van Grafton 1690; lord-lieutenant van Suffolk 1705-57; lord of the bedchamber van George I 1714-17; lord justice van Ierland 1715-17; onderkoning van Ierland 1720-24. Complete Peerage.
FITZROY, CHARLES, hertog van SOUTHAMPTON. IX
(1662-1730) Hertog van Southampton en Cleveland (na 1709); natuurlijke zoon van Charles II en Barbara Villiers.
FITZROY, CHARLOTTE, gravin van LICHFIELD. I; IX
(1664-1718) Natuurlijke dochter van Charles II en Barbara Villiers; 1677 getrouwd met Edward Henry Lee, graaf van Lichfield. DNB.
FITZROY, GEORGE, hertog van NORTHUMBERLAND. IX; XI; XIII
(1665-1716) Natuurlijke zoon van Charles II en Barbara Villiers; 'Grand-boutellier d'Angleterre'; lord-lieutenant van Surrey en constable van Windsor Park. Complete Peerage.
FITZROY, HENRY, hertog van GRAFTON. IX
(1663-1690) Natuurlijke zoon van Charles II en Barbara Villiers; medestander van Willem III in 1688.
FLEETWOOD, WILLIAM. XIII
(1656-1723) Bisschop van Saint Asaph 1708; van Ely 1714; overtuigd Whig. DNB.
FLEMMING, BOGISLAV BODO VON. I
(1671-1732) Zoon van de volgende; in 1702 in Saksische dienst. ADB.
FLEMMING, GEORG CASPAR VON. I
N.n.g. Brandenburgs geheimraad.
FLEMMING, HEINO HEINRICH, graaf von. II
N.n.g. Pruisisch veldmaarschalk.
FLEMMING, JAKOB HEINRICH, graaf von. I; III; IX-XIV
(1667-1728) Zoon van Georg Caspar von Flemming; Pools-Saksisch gezant in Berlijn van 1697-1728, maar tussentijds veel afwezig of geaccrediteerd aan andere hoven, zoals Denemarken in 1704. ADB; Repertorium, I.
FLEMMING, JOACHIM FRIEDRICH VON. I
(1665-1740) Zoon van Georg Caspar von Flemming.
FLEMMING, ROBERT. XII
Predikant van de Schotse kerk te Rotterdam, in ieder geval al in 1686; in 1703 woonde hij nog in Rotterdam; overbrenger van boodschappen uit Engeland voor Heinsius. (GA Rotterdam)
FLETCHER, ANDREW, of SALTOUN. V
(1655-1716) Schots patriot; M.P. en opposant van de unie met Engeland. DNB.
FLETSCHER, N.N. X
N.n.g. Dienaar van de hertog van Saksen-Zeitz.
FLEUR, N.N. LA. IX
Nederlands officier; cadet van de infanterie, regiment Plettenberg, dienend op een Staats oorlogsschip in de Deense wateren; 1709 gedood bij een vechtpartij in Helsingör.
FLEURIAU, CHARLES-JEAN-BAPTISTE, graaf van MORVILLE, heer van ARMENONVILLE. XVIII; XIX
(1686-1732) Zoon van de volgende; Frans ambassadeur te 's-Gravenhage 1718-20; bood in augustus zijn geloofsbrieven aan de Staten-Generaal aan en vertrok oktober 1720. Schutte, Buitenlandse vertegenwoordigers.
FLEURIAU, JOSEPH-JEAN-BAPTISTE, sieur d'ARMENONVILLE. XIX
(1661-1728) Frans ambtenaar en staatsraad; secretaris van staat voor de marine 1718. DBF.
FLEURY, HERCULE-ANDRÉ DE. XIX
(1653-1743) Frans priester; bisschop van Fréjus sinds 1698; `précepteur' van de minderjarige Louis XV sinds 1717. Na diens meerderjarigheid zou hij, inmiddels verheven tot kardinaal, nog een zeer lange carrière hebben als eerste minister van Frankrijk. DBF.
FLINCK, N.N. V
N.n.g. Mogelijk ontvanger van de invoerrechten wegens de Staten-Generaal. Van Kalken, La fin du régime espagnol, 102.
FLIRS, N.N., madame de. VIII
N.n.g. Verwikkeld in een proces te Lille.
FLORISON, F. @ X; XI-XVIII
N.n.g. Burger van Ieper, in contact met Heinsius en Merens vanaf 1710; ook in verbinding met Voysin en Torcy; in 1717-18 noemt hij zich griffier van de domeinen te Ieper.
FLOTARD, DAVID. @ II; III; V; VIII; IX; XIII; XIX
Hugenoot; agent van Miremont; brengt in juni 1703 een brief van koningin Anne naar de Camisards met beloften van hulp; in 1719 in 's-Gravenhage. Haag, La France Protestante, 2e éd., VI.
FLOUD, N.N. VII
N.n.g. Aanhanger van de Pretender, gevangen genomen 1708.
FLYGARE, ANDERS. XVI
(† 1734) Zweeds hof-intendant.
FOCK, HERMANN. XIX
(† 1731) Zweeds agent te Lübeck 1709-31, sinds 1712 met de rang van resident. Repertorium, II.
FOCKINCK, JOHAN. II
(*1673) Doctor in de beide rechten; burger van Deventer; 1716 richter van Oldenzaal. (GA Deventer).
FOCKINCK, JOOST. II
(1662-1739) Doctor in de beide rechten; sinds 1712 raad en burgemeester van Deventer. (GA Deventer).
FOKKAERT, WILLEM DE. XVIII
In 1718 kandidaat-lid van de vroedschap van Heusden, maar niet gekozen.
FOLCH, JOSÉ ALONSO LINO, graaf van CARDONA. IX
(† 1729) Spaans-keizerlijk staatsman; Amirante van Aragon.
FOLCH DE CARDONA, ANTONIO. XIII; XIV
(1658-1724) Aartsbisschop van Valencia; minister van Carlos III van Spanje. Braubach, Prinz Eugen.
FOLEY, THOMAS, baron. VIII
(1670-1737) M.P. voor Hereford 1701-12; neef van Robert Harley-Oxford; 1712 baron Foley of Kidderminster. Complete Peerage.
FONCK, zie FUNCK.
FONSECA, MARCUS, baron DE. XVI; XIX
Diplomaat, oorspronkelijk in dienst van Carlos II van Spanje, overgegaan in keizerlijke dienst; in 1715 in Brussel onderhandelend over een handelsverdrag tussen Engeland, de Republiek en de Oostenrijkse Nederlanden; lid van de Raad van Financiën te Brussel; gevolmachtigd minister van de Oostenrijkse Nederlanden te Parijs 1720-29; keizerlijk zaakgelastigde aldaar 1719 en 1722-30; thesaurier-generaal van de Oostenrijkse Nederlanden 1731-34. Lefèvre, Conseils Collatéraux; Repertorium, II.
FONTANNE, N.N. II
N.n.g. Hugenoots officier; op weg naar de Cévennes, 1703 in Genève.
FONTCLAIRE, N.N. DE. X
N.n.g. Tussenpersoon bij de geheime correspondentie tussen Engeland en Holland.
FONTENU, GASPARD DE. XIV
Consul van Frankrijk in Smyrna.
- echtgenote van, zie HOCHEPIED, MARIA BENEDETTA DE.
FONTES, markies de, zie ALMEIDA E MENEZES, DOM RODRIGO DE.
FONTEYN, PIETER JANSZ. III; IV
N.n.g. Officier van de VOC op het schip 'De Suykermolen.'
FONVIVE, JACQUES DE. III; VIII; IX; XII
N.n.g. Courantier in Londen 1709; uitgever van de 'Post Man'; huisvriend van Van Vrijbergen. Downie, Harley and the Press.
FORBES, GEORGE, viscount. XII
(1685-1765) Engels kapitein-ter-zee 1706; later afgezant naar Rusland en M.P. Sedgwick, House of Commons 1715-1754.
FORBES, (Sir) JAMES. XII
(† 1711) Hoffunctionaris van Willem III in Engeland. Hora Siccama, Aanteekeningen.
FORBIN, CLAUDE, chevalier de. I; VI-VIII
(1656-1733) Frans marine-officier; 1707 graaf de Forbin. Michaud, Biographie Universelle.
FORBIN-JANSON, TOUSSAINT. X
(1636-1713) Frans geestelijke; bisschop van Beauvais; kardinaal 1690; Frans ambassadeur bij de paus 1690-1706. Jadin, Correspondance.
FOREEST, CATHARINA VAN. XIII
(1683-1712) Dochter uit een Hoornse regentenfamilie; zuster van de volgende; echtgenote van Mr. Jacob Josias van Bredehoff, heer van Hobrede, secretaris van Hoorn. Kooijmans, Onder Regenten.
FOREEST, (Mr.) DIRK VAN. @ IX; XI; XIV
(1676-1717) Hoorns regent; vroedschap sinds 1707; burgemeester o.a. in 1708-09 en 1715; bewindhebber VOC 1709-17. Kooijmans, Onder Regenten.
FOREEST, MACHTELD VAN. @ XIV
(1642-1721) Echtgenote van Gerard van Egmond van de Nijenburg. NNBW.
FORFAR, graaf van, zie DOUGLAS, ARCHIBALD.
FORMAN, SAMUEL. III
Nederlands marine-officier; kapitein-ter-zee bij de Admiraliteit op de Maze. De Jonge, Zeewezen, III, 619.
FORNENBERG, JOHAN VAN. @ I; II; XIII
(† 1723) Agent van Hessen-Kassel te 's-Gravenhage 1698-1719; 1702 tevens agent van Hessen-Darmstadt. Schutte, Buitenlandse vertegenwoordigers.
FORRESTER, GEORGE, lord FORRESTER OF CORSTORPHINE. VIII
(1688-1727) Schots edelman en officier.
FORSTER, THOMAS. XVII; XVIII
(† 1738) Tory M.P. voor Northumberland 1708-15; leider van de opstand van 1715 aldaar; gevangen genomen in Preston, maar 1716 ontsnapt en naar Frankrijk uitgeweken. DNB.
FORSTNER, WOLFGANG JAKOB, Freiherr VON. II; IV; V; VIII; XII-XIV; XVII
Adjudant en vertrouwensman van Ludwig van Baden; later in dienst van de hertog van Lotharingen; 1709 diens afgezant naar Berlijn; later in 1709 afgezant naar de Staten-Generaal en Engeland; vertegenwoordiger te Parijs 1715. Schutte, Buitenlandse Vertegenwoordigers; Braubach, Prinz Eugen.
FOSCARINI, SEBASTIANO. @ IX-XI; XIII
(1649-1711) Venetiaans diplomaat; procurator van San Marco; extraordinaris envoyé te 's-Gravenhage 1709-11. Schutte, Buitenlandse Vertegenwoordigers.
FOUCAULT, ARMAND-LOUIS-JOSEPH, chevalier de SAINT-GERMAIN-BEAUPRÉ. VI; X
(1680-1767) Frans edelman en officier; Maltezer ridder. Dictionnaire de la Noblesse.
FOUCAULT, NICOLAS-JOSEPH. XIX
(† 1721) Intendant van Caen; conseiller d'état en chef du conseil van de hertogin-douairière van Orléans. Saint-Simon, Mémoires.
FOUCAULT-MAGNY, N.N. XIX
Zoon van de voorgaande; betrokken bij de affaire Cellamare 1718-19; naar Spanje gevlucht.
FOUCHIER, J. XIV
Agent van Saint-Saphorin te 's-Gravenhage; 1714-15 agent van Lotharingen aldaar. Schutte, Buitenlandse vertegenwoordigers.
FOUQUET, CHARLES-LOUIS-AUGUSTE, hertog van BELLE-ISLE. XIX
(1684-1761) Frans officier; 1719 gouverneur van Hüningen; onder Berwick dienend in Spanje, 1719. DBF.
FOURNEAU, GILLES. @ VI
Luikenaar, in Delft wegens schulden vervolgd, 1707.
FOURNIER, ANDRÉ DE. VI-X
(† 1710) Nederlands officier; 1699 luitenant-kolonel van het regiment infanterie Nassau-Wallon; kolonel 1707. Ringoir, Hoofdofficieren infanterie.
FOURNIER, NOË DE. VIII
Zoon van de voorgaande; kapitein van de infanterie in het regiment van zijn vader; 1728-34 majoor van dat regiment. Ringoir, Hoofdofficieren infanterie.
FOWLER, EDWARD. XVI
(1632-1714) Engels geestelijke; bisschop van Gloucester sinds 1691; in politiek opzicht meestal Whig. DNB.
FOX, (Sir) STEPHEN. I
(1627-1716) Engels staatsman en M.P.; 1679 lord commissioner of the treasury. DNB.
FRANCISCA CHRISTINE, gravin van PALTS-SULZBACH. XVIII
(1696-1776) Vorstin-abdis van Thorn 1717; abdis van Essen 1726. Houtmortels, Thorn.
FRANCISCA JOSEFA XAVIERA, prinses van PORTUGAL. XV
(1699-1766) Jongste zuster van koning João V van Portugal, ongehuwd overleden.
FRANCISCO, DON, prins van PORTUGAL. VI; XII; XIII
(1691-1742) Oudste nog levende broer van koning João V van Portugal. Stammtafeln, II, T. 55.
FRANCISCO ESTE, prins van MODENA. X
(1698-1780) Oudste zoon van hertog Rinaldo III van Modena, volgt in 1737 zijn vader op.
FRANCISCO MARIA PICO, hertog van MIRANDOLA. XI
(1688-1747) Aanhanger van Philippe V van Spanje; in de Rijksban. Braubach, Prinz Eugen.
FRANCKE, ADAM. @ III
(† 1718) Sinds 1692 correspondent of vertegenwoordiger van de VOC in Engeland en ook door Harley gebruikt voor het leggen van contacten. Van 't Hoff, Archief Anthonie Heinsius.
FRANCKEN, JAN. III; VII; VIII
(1668-1719) Nederlands marine-officier; commandeur bij de Amsterdamse Admiraliteit; kapitein-ter-zee 1708. Bruyn, Admiraliteit.
FRANCKEN, MATTHIJS. @ XII-XIV
Koopman van Amsterdam; Nederlands consul te Salee (Marokko) 1706-15. Schutte, Nederlandse Vertegenwoordigers.
FRANCKEN-SIERSTORFF, PIERRE-JOSEPH DE. III; XI-XIII; XVII
(1667-1727). Kanunnik van het Keulse Metropolitaan kapittel, belast met vele diplomatieke zendingen, 1707 bisschop van Antwerpen. BNB.
FRANÇOIS, N.N. V
N.n.g. Verdachte briefschrijver, 1706.
FRANÇOISE-MARIE DE BOURBON, hertogin van ORLEANS. XVI; XVII
(1677-1749) Echtgenote van PHILIPPE II, hertog van ORLEANS. Stammtafeln, II.
FRANCONIS, GUILLAUME. @ VI; XIX
(1646-1722) Burger van Genève; conseiller van die stad sinds 1709; procureur-generaal en correspondent van Heinsius over zaken de stad Genève betreffende. Dumont, Armorial Genevois, 192.
FRANCONIS, JACQUES. @ III; VI
N.n.g. woonachtig te Amsterdam; misschien zoon van de voorgaande.
FRANCQ, SIMON LE. VIII
Drukker en uitgever te Lille; protestant, en door de Staten-Generaal officieel erkend als drukker.
FRANKENBERG, N.N., Freiherr von. VII; XIV
N.n.g. Officier in Paltsische dienst; een regiment cavalerie Frankenberg diende in Spanje. Staatsche Leger, VIII.
FRANKLAND, Sir THOMAS. VII; XII
(1665-1726) Joint Postmaster General van Engeland met Sir Robert Cotton, later met John Evelyn.
FRANQUETOT, FRANÇOIS DE, graaf van COIGNY. XIX
(1670-1759) Zoon van de volgende; officier; kolonel-generaal van de dragonders; luitenant-generaal 1709; nam aan vrijwel alle veldtochten van zijn tijd deel; hertog van Coigny 1747. DBF.
FRANQUETOT, ROBERT-JEAN-ANTOINE-FRANÇOIS DE, graaf van COIGNY. I; III; IV; XII
(† 1704) Frans officier; luitenant-generaal sinds 1693; directeur-generaal van de cavalerie 1694. DBF.
FRANZ ANTON JOSEF, hertog van LOTHARINGEN. XII; XIII
(1689-1715) Jongste broer van regerend hertog Leopold Josef Karl en van Karl Josef Ignaz van Lotharingen; abt van Stavelot-Malmédy 1704-15. Stammtafeln, I.
FRANZ LUDWIG, paltsgraaf van NEUBURG. V; IX; X; XVII
(1664-1732) Jongere broer van regerend keurvorst van de Palts, Johann Wilhelm; grootmeester van de Duitse Orde; 1683 bisschop van Breslau; 1694 ook van Worms; 1710 ook coadjutor van Mainz; 1716 keurvorst-aartsbisschop van Trier; 1729 keurvorst-aartsbisschop van Mainz. Gams, Series.
FRASER, CAREY, gravin van PETERBOROUGH. VIII
(† 1709). Echtgenote van Charles Mordaunt, graaf van Peterborough.
FRASER, SIMON. II
Schots offcier in Nederlandse dienst; kapitein, 1706 majoor regiment Colyear. Ringoir, Hoofdofficieren infanterie.
FRAULA, THOMAS LOUIS. IX; X; XIV; XV
(1646-1738) Afkomstig uit Antwerpen; lid van de Raad van Financiën; 1718 directeur-generaal van de domeinen en financiën in de Oostenrijkse Nederlanden. Veenendaal sr., Dagboek Cuper.
FREAUX, N.N. X
N.n.g. Hugenoot, waarschijnlijk inwoner van Genève, betrokken bij de protestantse opstanden in Frankrijk.
FREDERICK LOUIS, hertog van GLOUCESTER. XVII
(1707-1751) Oudste zoon van de prins van Wales (George II); 1716 hertog van Gloucester.
FREDERICKS, JACOB. XIV
Nederlands schipper op de Levant, 1712.
FREDERIK III. V
(1609-1670) Koning van Denemarken.
- dochter van, zie ANNA SOFIE, FRIEDERIKE AMALIA, WILHELMINA ERNESTINE.
FREDERIK IV. I-XIX
(1671-1730) Koning van Denemarken sinds 1699.
FREDERIKSE, GERRIT. XII; XIV
N.n.g. Schipper van Amsterdam, aangehouden in de Sont.
FRESCARODE, JEREMIAS DE. XIX
(† 1749) Predikant van de Waalse gemeente te Rotterdam sinds 1710 en hoogleraar in de filosofie aan de Illustere School aldaar; 1720 beroepen naar Parijs, maar te Rotterdam gebleven. Bulletin Églises Wallonnes 1888, 112.
FREISING, bisschop van, sinds 1685, zie JOSEPH CLEMENS VAN BEIEREN.
FREMAN, RALPH. XI
(1665-1742) M.P. voor Hertfordschire 1679-1727; voorzitter van het `committee of privileges and elections' 1710-13. Sedgwick, House of Commons 1715-1754.
FRÉMOND, markies van, zie RAVEND, JEAN-FRANÇOIS.
FRESCHEVILLE, ANNA CHARLOTTE, lady. VI
(† 1717) Lady of the Bedchamber van koningin Anne. Snyder, Marlborough-Godolphin.
FREYTAGH, SCHOTTO, baron van. VII; VIII
(† 1709) Nederlands officier; kapitein van de infanterie.
FRIBERGT, FRIDBERG, zie VRIJBERGEN, MARINUS VAN.
FRIEDERIKE AMALIA, hertogin-weduwe van HOLSTEIN-GOTTORP.
(1649-1704) Weduwe van Christian Albrecht van Holstein-Gottorp; dochter van Frederik III van Denemarken. Von Isenburg, Stammtafeln, I.
FRIEDRICH, markgraaf van BADEN-DURLACH. I; X
(1647-1709) Regerend markgraaf sinds 1677.
FRIEDRICH, prins van HESSEN-DARMSTADT. VII
(1677-1708) Keizerlijk officier; jongere broer van Georg van Hessen-Darmstadt.
FRIEDRICH II, landgraaf van HESSEN-HOMBURG. VII
(1633-1708) Regerend sinds 1680, opgevolgd door Friedrich Jakob. Von Isenburg, Stammtafeln, I, T. 106.
FRIEDRICH, erfprins van HESSEN-KASSEL. @ # I-XIX
(1676-1751) Oudste nog levende zoon van landgraaf Karl van Hessen-Kassel; bevelhebber van de Hessische hulptroepen in Staatse dienst; 1704 generaal der cavalerie van het Staatse leger en kolonel van een Hessisch regiment dragonders in Nederlandse dienst; 1710-21 kolonel van een Hollands regiment cavalerie; koning van Zweden 1720; landgraaf van Hessen-Kassel 1730. NNBW; ADB; Staatsche leger, VIII.
- 1e echtgenote van, zie LUISE, prinses van PRUISEN.
- 2e echtgenote van, zie ULRIKE ELEONORE van ZWEDEN.
FRIEDRICH IV, hertog van HOLSTEIN-GOTTORP. I; VIII; X
(1671-1702) Regerend hertog sinds 1694; gehuwd met Hedvig Sophia, zuster van Karel XII van Zweden; gesneuveld in de slag bij Kliszów (Polen) 1702. Hatton, Charles XII.
FRIEDRICH I, koning in PRUISEN. @ # I-XV; XIX
(1657-1713) Sinds 1688 als Friedrich III keurvorst van Brandenburg; 1701 koning in Pruisen.
- tweede echtgenote van, zie SOPHIA CHARLOTTE van BRAUNSCHWEIG-LÜNEBURG.
- derde echtgenote van, zie SOFIE LUISE, van MECKLENBURG-SCHWERIN.
FRIEDRICH, prins in PRUISEN. VI
(1707-1708). Oudste zoon van Friedrich Wilhelm, kroonprins van Pruisen en zijn vrouw Sofie Dorothea van Hannover. Stammtafeln I.
FRIEDRICH II, hertog van SAKSEN-GOTHA. I-XI
(1676-1732) Regerend hertog sinds 1691. ADB; Stammtafeln, I.
- zoon van, zie EMANUEL, prins van SAKSEN-GOTHA.
FRIEDRICH, hertog van SLEESWIJK-HOLSTEIN. XI
(1652-1724).
FRIEDRICH ADOLF, graaf van LIPPE-DETMOLD, heer van VIANEN. II; IV; VII; XI
(1667-1718) Regerend graaf sinds 1697. Stammtafeln, I.
- oudste zoon van, zie SIMON HEINRICH ADOLF van LIPPE-DETMOLD.
FRIEDRICH AUGUST I, keurvorst van SAKSEN, koning van POLEN. I-XIX
(1670-1733) Keurvorst van Saksen sinds 1694; koning van Polen als AUGUSTUS II 1697-1706 en 1709-33.
FRIEDRICH AUGUST II, keurprins van SAKSEN. VI; X-XIV; XIX
(1696-1763) Enige zoon van de voorgaande; volgt op als keurvorst van Saksen en koning van Polen 1733. Stammtafeln I.
- echtgenote van, zie MARIA JOSEPHA, aartshertogin van OOSTENRIJK.
FRIEDRICH HEINRICH, prins van ANHALT-DESSAU. XVII
(1705-1781)
FRIEDRICH JAKOB, landgraaf van HESSEN-HOMBURG. @ II-V; VII; VIII; X-XII
(1673-1746) Sinds 1708 regerend landgraaf als Friedrich III; sinds 1692 kolonel van een Nederlands regiment cavalerie; 1702 brigadier; 1704 generaal-majoor; 1709 luitenant-generaal. Staatsche Leger, VIII.
- echtgenote van, zie ELISABETH DOROTHEA van HESSEN-DARMSTADT.
FRIEDRICH KARL, graaf von ERBACH. @ I; III; VIII; IX
(1680-1731) Zoon van Georg Ludwig von Erbach; officier in Nederlandse dienst; kapitein van de dragonders; 1706-20 majoor. Ringoir, Afstammingen cavalerie; Van Schilfgaarde, Archief Culemborg, I, ix-x.
FRIEDRICH KARL, hertog van WÜRTTEMBERG. I
(1652-1698) Regerend hertog van Württemberg als voogd over zijn minderjarige neef Eberhard Ludwig.
FRIEDRICH KARL BELGICUS, graaf van BENTHEIM. I
(1703-1733) Zoon van Ernst, graaf van Bentheim en Isabelle Justine, gravin van Horn. Stammtafeln, IV.
FRIEDRICH LUDWIG, keurprins van HANNOVER. VI
(1705-1751) Kleinzoon van Georg Ludwig, keurvorst van Hannover (George I); 1716 hertog van Gloucester; 1726 hertog van Edinburg; 1728 prins van Wales. Hatton, George I.
FRIEDRICH LUDWIG, hertog van HOLSTEIN-BECK. XIII
(1653-1728) Regerend hertog sinds 1719; oudere broer van Anton Günther. Stammtafeln, I.
FRIEDRICH LUDWIG, hertog van WÜRTTEMBERG. XIX
(1698-1731) Enige zoon van Eberhard Ludwig van Württemberg. Stammtafeln, I.
- echtgenote van, zie HENRIËTTE MARIA VAN BRANDENBURG-SCHWEDT.
FRIEDRICH ULRICH, graaf van OOSTFRIESLAND-KRIECHINGEN. @ II-VIII; X; XIII
(1667-1710) Officier in Nederlandse dienst; kolonel van een Hollands regiment cavalerie 1698; generaal-majoor van de cavalerie 1701; luitenant-generaal 1704. Ringoir, Afstammingen cavalerie
- echtgenote van, zie MARIE CHARLOTTE van OOSTFRIESLAND.
FRIEDRICH WILHELM, hertog van MECKLENBURG-SCHWERIN. @ I-III; VII-XIV
(1675-1713) Regerend hertog sinds 1692. Stammtafeln, I.
- echtgenote van, zie SOPHIE CHARLOTTE van HESSEN-KASSEL.
FRIEDRICH WILHELM, kroonprins in PRUISEN. I-XIV
(1688-1740) Koning in Pruisen sinds 1713.
- echtgenote van, zie SOPHIE DOROTHEA van HANNOVER.
FRIEDRICH WILHELM, prins in PRUISEN. XI
(1710-1711) Stammtafeln, I.
FRIEDRICH WILHELM, graaf van WIED-NEUWIED. @ VIII
(1684-1737) Stammtafeln, IV.
FRIEDRICH WILHELM KETTLER, hertog van KOERLAND. IV; X; XI
(1692-1711) Sinds 1698 hertog van Koerland onder voogdij van zijn oom Ferdinand Kettler; neef van de Pruisische koning door zijn moeder Elisabeth, een jongere zuster van Friedrich I van Pruisen. Stammtafeln, II.
- echtgenote van, zie ANNA van RUSLAND.
FRIESEN, HEINRICH FRIEDRICH, graaf von. I; VI
(1681-1739) In Holland geboren; kornet van de garde-dragonders; daarna in Russische dienst; 1712 kolonel in Saksische dienst; generaal, gouverneur van Dresden en opperkamerheer van de keurvorst van Saksen. ADB.
FRIESEN, JULIUS HEINRICH, graaf von. @ # I-V
(† 1706) In 1695 aangewezen als gezant van Willem III naar de keizer; 1702 aangewezen als gezant naar Berlijn, maar in beide gevallen niet in functie; daarna officier in keizerlijke dienst; gouverneur van Landau 1703; veldmaarschalk. ADB; Horn, British Diplomatic Service.
FRIESENDORFF, CARL GUSTAF, baron von. I-VII; X; XIII; XIV; XVII
(1663-1715) Zweeds diplomaat; secretaris te 's-Gravenhage 1691-1700; extraordinaris envoyé in Hannover 1699-1711; ambassadeur te Parijs 1712; extraordinaris envoyé te Berlijn 1712-15. Repertorium, I; SBL.
FRIESHEIM, CATHARINA VAN. IV; X
Dochter van Johan Theodoor van Friesheim; echtgenote van Willem Maurits Doys. NNBW; Nederlandsche Leeuw XCVI (1979), 302.
FRIESHEIM, GODFRIED, baron van. V; XII; XVII
(1679-1742) Oudste zoon van de generaal; kapitein in het regiment van zijn vader; 1708 majoor; 1711 luitenant-kolonel van dat regiment; 1737 kolonel. NNBW; Ringoir, Hoofdofficieren infanterie.
FRIESHEIM, JAN FREDERIK, baron van. IX; XII
(1683-1747) Jongere zoon van de generaal; 1711 majoor in het regiment van zijn vader; 1712-23 luitenant-kolonel van het regiment Villegas. Ringoir, Hoofdofficieren Infanterie.
FRIESHEIM, JOHAN THEODOOR, baron van. @ # I-XVII; XIX
(1642-1733) Van Duitse afkomst; page van Willem III 1659-65; daarna in Staatse dienst; 1688 commandeur van Heusden; 1690-1723 kolonel van een Hollands regiment infanterie; 1701 generaal-majoor; 1704 luitenant-generaal en onder Fagel bevelhebber van de Staatse troepen in Portugal en Spanje; 1709-33 gouverneur van Heusden; 1718 generaal van de infanterie; 1723 kolonel van de Hollandse gardes te voet; 1733 gouverneur van 's-Hertogenbosch. NNBW; Staatsche Leger, VIII; Ringoir, Hoofdofficieren infanterie,; Kool-Blokland, De elite in Heusden.
FRIIS, AXEL. X
Deens officier van de cavalerie, gevangen genomen door de Zweden in de slag bij Helsingborg en in 1713 uitgewisseld. (Rigsarkivet Kopenhagen).
FRIIS, NILS. I
(1664-1699) Deens gezant te 's-Gravenhage 1698-99. Schutte, Buitenlandse vertegenwoordigers.
FRIQUET, JEAN. II
N.n.g. Hugenoot; gereformeerd kapitein met een Gelders pensioen.
FRISCHING, SAMUEL VON. XIII
(1638-1721) Berns patriciër; president van de krijgsraad te velde en een van de Bernse aanvoerders in de slag bij Villmergen. HBLS.
FRISE, FRIZE, graaf van, zie FRIESEN, JULIUS HEINRICH.
FRITBERGH, zie FRIEDBERG.
FRITSCH, CASPAR. @ IX
Boekhandelaar te Rotterdam, opvolger van Reinier Leers.
FRITZ, N.N. VIII
N.n.g. Voormalig Gottorps diplomaat.
FRÖHLICH, CARL GUSTAF, graaf. XV
(1637-1714) Zweeds militair en ambtenaar; graaf sinds 1706. SBL.
FRONTEIRA, DON FERNANDO MASCARENHAS, markies de. IV; VII; VIII; X; XI
(1655-1729) Mestre-de-campo general van Portugal; gouverneur van de provincie Beira. Grande Enciciclopedia Portuguesa, 11.
FROULAI, RENÉ DE, graaf van TESSÉ. I; IV-VI; VIII
(1650-1724) Frans officier; luitenant-generaal, 1703 maarschalk van Frankrijk. Michaud, Biographie Universelle.
FROULAI, RENÉ-MANS DE, markies van TESSÉ. I
Zoon van de voorgaande; Frans officier. Moreri, Dictionaire, IV.
FROWDE, PHILIP. I
Deputy postmaster-general van Engeland 1678-89. DNB.
FRYDAG, KARL CHRISTIAN WILHELM VON. VII
(† 1737) Oostfries edelman; 1726-33 assessor, 1733 rechter van het Hofgericht van Oostfriesland. König, Verwaltungsgeschichte.
FRIJKENIUS, BARTHOLDUS. III; XIV
(plm.1660-1729) Afkomstig uit Lippe; predikant te Noordeloos 1686; te Vianen 1687; beroepen naar Delft (Gasthuiskerk) 1703, waar hij in 1728 met emeritaat ging.
- echtgenote van, zie TIEL, SARA VAN.
FRIJKENIUS, JOHANNES ADOLPHUS. XIV
(1690-1743) Predikant te Eijsden (Limburg) vanaf 1714; te Wesel 1715-43. Nederlandsche Leeuw XXXV (1917), 147, 176.
FUCHS VON BIMBACH UND DORNHEIM, CHRISTOPH ERNST, Freiherr (later graaf). I; XVII
(† 1719) Gezant van Würzburg bij de keizer 1701-08; overgegaan in keizerlijke dienst en onder andere keizerlijk gezant bij de Nedersaksische Kreits 1716. BLKO, 4; Repertorium, I.
FUCHS, PAUL VON. I-III
(1640-1704) Brandenburgs staatsman; geheime raad en staatssecretaris van de Pruisische koning; 1703 Reichsfreiherr. ADB.
FUCHS, WILHELM. II
(† 1704) Resident van Keurpalts te Frankfurt 1688-91; daarna in dienst van Brandenburg als resident te Frankfurt 1698-1704. Repertorium, I.
FUENCALADA, N.N. graaf. VI
N.n.g. Spaans officier in dienst van Carlos III van Spanje.
FÜNFKIRCHEN (PECS, HONGARIJE), bisschop van, zie NESSELRODE.
FUENTES, N.N., graaf. X
N.n.g. Spaans edelman; onderkoning van Sardinië voor Carlos III van Spanje.
FÜRSTENBERG, ANTON EGON, fürst von. XV
(1656-1716) Laatste telg uit de Heiligenbergsche Linie van dat geslacht, stadhouder van het keurvorstendom Saksen sinds 1697. Zedler, Universal-Lexikon, 9.
FÜRSTENBERG, PHILIPP KARL VON. XVIII
(1668-1718) Bisschop van Maribor (Karinthië); kardinaal 1708. Jadin, Correspondance.
FÜRSTENBERG-STÜHLINGEN, PROSPER FERDINAND PHILIPP, graaf. III
(1662-1704) Keizerlijk officier; 1702 bij het beleg van Landau; 1702 bevorderd tot Feldzeugmeister.. BLKO, 5.
FULLENIUS, JOHANNES. I
Ontvanger van de verpondingen te Bergen op Zoom en Steenbergen en ontvanger der contributiën te Hulst. Ferwerda, Wapenboek, I, 4, tab. 6; Staatsche Leger, VII.
- echtgenote van, zie COEHOORN, SYTSKE VAN.
FUNCK, THOMAS. XII-XIV
(† 1713) Zweeds vertegenwoordiger bij de Porte 1711-13. Repertorium, I.
FURLY, BENJAMIN. IX
(1636-1714) Engels koopman te Rotterdam; Quaker en vóór 1677 naar Rotterdam uitgeweken; vriend van John Locke die 1685-88 in zijn huis verbleef. Hull, Benjamin Furly and Quakerism.
FURNESE, (Sir) HENRY. III; IX; XI
Londens koopman en financier; Whig M.P. en aanhanger van Marlborough; betrokken bij de betaling van de Engelse troepen op het vasteland. Holmes, British Politics.
FIJCK, ADRIAEN. XIX
Assistent bij de VOC, uitgevaren in 1719.