Alfabetische Index

 
English | Nederlands
A   B   C   D   E   F   G   H   I   J   K   L   M   N   O   P   Q   R   S   T   U   V   W   X   Y   Z  

HAAK, ALBERT. I; XI
Pensionaris van Enkhuizen; 1700 secretaris van de Admiraliteit van het Noorderkwartier; doet in 1711 afstand t.b.v. Joan van Akerlaken.
HAACK, SIMON. XI
Fiscaal van de Admiraliteit van Amsterdam.
HAAR, HENDRIK VAN DER. @ XVII
Sergeant in dienst van de VOC; verre verwant van Heinsius en Van Riebeeck.
HAAS, DIRK DE. III
(† 1701) Afkomstig uit Amsterdam; opperkoopman van de VOC; opperhoofd in Japan 1676-77 en 1678-79; gouverneur van Amboina 1687-91 en daarna raad van Indië. Wijnaendts van Resandt, Gezaghebbers, 147.
- echtgenote van, zie RIEBEECK, ELISABETH VAN.
HABET, NICOLAAS. XIX
Regent van Haarlem; 1719 voorgedragen als baljuw van Kennemerland.
HABRET, ANTOINE. XIV
Vertegenwoordiger van Bern in Holland.
HACKEBORN, WOLF CHRISTOPH VON. XIII; XV
(† 1719) Brandenburgs-Pruisisch officier; generaal-majoor sinds 1709; Pruisisch afgezant naar de tsaar tijdens diens verblijf in Polen in 1712. Repertorium, I; Zedlitz, Preussisches Adels-Lexicon, 2, 312.
HAECK, N.N. III
N.n.g. Ook wel HACKE; Wolfenbüttels kolonel en afgezant naar 's-Gravenhage, 1704.
HAECK, N.N. @ VI
N.n.g.; indiener van een rekest.
HAEFTEN, STATIUS REINIER VAN, heer van GRAMSBERGEN. I
(† 1702) Overijssels edelman en officier; sinds 1677 lid van de Ridderschap van Overijssel; 1689 luitenant-kolonel van het Utrechtse regiment infanterie Dedem. Van Doorninck, Geslachtkundige Annteekeningen, 200; Ringoir, Hoofdofficieren infanterie.
HAEGEN, N.N. VAN DER. I
Nederlands officier; kapitein van de infanterie.
HAELEN, PAULUS (PABLO) VAN DER. VI
(† 1735) Nederlands consul te Alicante van 1706 tot zijn dood. Schutte, Nederlandse Vertegenwoordigers.
HAEN, SIMON IJSBRANDTSEN. XII; XIII
Fries schipper uit Stavoren, aangehouden op de rede van Kopenhagen, 1711.
HÄNDEL, GEORG FRIEDRICH. I-II
Musicus; kapelmeester te Hannover in 1710.
HAER, BONIFACIUS VAN DER. III
(† 1704) Nederlands officier; afkomstig uit een aanzienlijk Fries geslacht; 1701 majoor van het Hollandse regiment infanterie Holstein-Plön; 1701 luitenant-kolonel van dat regiment. Ringoir, Hoofdofficieren infanterie.
HAER, (Mr.) BONIFACIUS VAN DER. @ XVI
(1663-1734) Zoon van een Haags regent; sinds 1691 griffier van de Raad van Brabant te 's-Gravenhage. Fölting, Vroedschap 's-Gravenhage.
HAER, ELISABETH VAN DER. II
Weduwe van Bonifacius van Vrijbergen; moeder van Marinus van Vrijbergen. Schutte, Nederlandse vertegenwoordigers.
HAER, N.N. VAN DER. IV
Nederlands officier; luitenant van de infanterie.
HAERSOLTE, HENDRIK CASIMIR VAN. XIV
N.n.g. Nederlands officier.
HAERSOLTE, JOHAN VAN, heer van CRANENBURG. @ # I-XVII
(1647-1716) Overijssels edelman en officier; lid van de Ridderschap; verscheidene diplomatieke zendingen vóór 1700; 1701-06 extraordinaris envoyé naar Polen, Saksen en de Zweedse koning te velde; 1708 bemiddelaar bij de geschillen te Hamburg; 1709-16 extraordinaris envoyé bij de keurvorst van Saksen/koning van Polen. NNBW; Schutte, Nederlandse vertegenwoordigers.
- echtgenote van, zie SICKINGE, ANNA.
- secretaris van (1701-11), zie BIE, JACOB DE; (1712-16) zie BRAIS, SAMUEL DE.
HAERSOLTE, NICOLAAS STEVEN VAN. VI; IX
(1681-1737) Gelders jonker en officier; jongste zoon van Willem van Haersolte-van Yrst; geadmitteerd in de Ridderschap van Veluwe 1706; majoor van het regiment infanterie Keppel 1709; ambtsjonker van Nijkerk 1713; kolonel van de infanterie 1723. D'Ablaing van Giessenburg, Ridderschap Veluwe; Ringoir, Hoofdofficieren infanterie.
HAERSOLTE, RUDOLF VAN. VIII
(† 1721) Nederlands officier; majoor van de infanterie 1701; luitenant-kolonel 1704; 1708 kolonel-commandant van het Overijsselse regiment infanterie van Heiden; 1716 kolonel van dat regiment. Ringoir, Hoofdofficieren infanterie.
HAERSOLTE, RUTGER VAN, heer van EGEDE en HOENLO. V; IX; X; XIV
(† 1713) Jongere broer van Johan van Haersolte-Cranenburg; beschreven in de Ridderschap van Overijssel 1691; officier Staatse leger sinds 1674; 1684-1700 kolonel van een Overijssels regiment infanterie; raad van de vorstin-douairière van Nassau-Dietz. Van Doorninck, Geslachtkundige Aanteekeningen, 224-26.
HAERSOLTE, RUTGER SWEER VAN. X; XIV
Nederlands officier; schoonzoon van de voorgaande; officier van de cavalerie; 1705 majoor van het Overijsselse regiment Vittinghof; 1721 kolonel-commandant van dat regiment; 1728-45 kolonel; 1742 luitenant-generaal van de cavalerie. Ringoir, Afstammingen cavalerie; Van Doorninck, Geslachtkundige aanteekeningen, 224-25.
HAERSOLTE, WILLEM VAN, heer van YRST. VI; VII; XIII
(1644-1728) Gelders edelman; in de Ridderschap van Veluwe sinds 1685; richter van Arnhem en Veluwezoom 1706; gedeputeerde te velde wegens Overijssel 1712; landdrost van de Veluwe 1717. D'Ablaing van Giessenburg, Ridderschap Veluwe.
HAES, DE, zie HAZE DE GEORGIO.
HAESWINDIUS, HENDRIK. VI
(† 1727) Haarlems regent; vroedschap van die stad sinds 1694; vele malen burgemeester, o.a. in 1707. Naamlijst Haarlem.
HAGA, WILLEM HENDRIK. IX
Nederlands officier; majoor regiment infanterie Ranck 1704; luitenant-kolonel 1712; kolonel van een ander regiment 1718-26. Ringoir, Hoofdofficieren infanterie.
HAGEDORN, HANS STATIUS. VII-XI; XIV; XIX
(1668-1722) Deens ambtenaar en staatsraad; Deens resident in Hamburg en bij de Niedersächsische Kreis 1702-22. NDB; Marquard, Danske Gesandter.
HAGEN, FRANZ VOM. IX; X; XVII
(1672-1749) Deens ambtenaar; secretaris aan de Duitse kanselarij te Kopenhagen 1705; Justitieraad 1709. (Rigsarkivet Kopenhagen)
HAGEN, N.N. XIX
Holsteins ambtenaar in Zweedse dienst, na de val van Görtz gearresteerd, 1719.
HAGHEN, FERDINAND VAN DER. VII; XIV
Lid van de Collatie of Brede Raad van Gent.
HAGHEN, FRANÇOIS VAN DER. V; XVII
Voorzitter van de Raad van Financiën te Brussel. Veenendaal [sr.], Dagboek Cuper.
HAGI SELIM GHERAY. II
Khan van de Krim-Tartaren.
HAGOORT, P. XII-XIII
Inwoner van Meeuwen; drossaard van het Land van Maas en Waal.
HAKE, N.N. III; XIX
Kolonel in dienst van Anton Ulrich van Braunschweig-Wolfenbüttel; 1704 via 's-Gravenhage naar de hertog van Marlborough om de belangen van Anton Ulrich te bepleiten.
HALBERSCHMIT, BERNHARD VAN. @ XVII
Chirurgijn-generaal van het Staatse leger sinds 1688.
HALDANE, JAMES. XIX
Engels diplomaat; afgezant naar de keurvorst van de Palts ter behartiging van de belangen van de protestanten aldaar, 1719-20. Horn, British Diplomatic Representatives.
HALES, ROBERT. @ XVII
Koninklijk klerk te Londen, eind 1715 bij Heinsius te 's-Gravenhage.
HALEWIJN, CORNELIS TERESTEYN VAN. I
Raadsheer in het Hof van Holland.
HALEWIJN, SIMON VAN, heer van ABBENBROEK. I; XV
(1654-1731) Regent van Dordrecht; kandidaat voor het ambt van raadpensionaris in 1688/89, maar geweigerd; uitgeweken naar Suriname en daar aan lager wal geraakt; in 1713 is er sprake van zijn terugkeer naar Holland.
HALF-WASSENAER, ADAM. XVII
(1666-1732) Heer van Stad aan 't Haringvliet; solliciteur-militair te 's-Gravenhage. Nederland's Adelsboek 1907, 279.
HALIFAX, baron, zie MONTAGU, CHARLES.
HALIFAX, graaf van, zie MONTAGU, GEORGE.
HALKETT, EDWARD. II
(† 1706) Schots officier in Nederlandse dienst; majoor van het regiment Colyear 1703; luitenant-kolonel 1705. Ringoir, Hoofdofficieren infanterie.
HALLART, LUDWIG NIKOLAUS, Freiherr von. X; XIV; XVII
(1659-1727) Saksisch officier, later in Russische dienst. Amburger, Behördenorganisation Russlands.
HALLIBURTON, JAMES. X
Schots officier in Nederlandse dienst; 1710 kapitein in het regiment van James Douglas.
HALLIER, N.N. XIII
N.n.g. Avonturier.
HALLINCQ, HERMAN. I
Secretaris van Dordrecht.
HALLING, (Mr.) PIETER JOHANSZ. @ VII; X; XIV
(1648-1719) Regent van Delft; burgemeester van die stad 1705; daarna raad ter Admiraliteit op de Maze.
HALLUNGIUS, JOHAN. IV; XI
(† 1727) Afkomstig uit Duitsland; sinds 1697 te 's-Gravenhage gevestigd als solliciteur-militair; agent voor Marinus van Vrijbergen te 's-Gravenhage; 1709-27 resident van Saksen-Gotha-Altenburg te 's-Gravenhage; 1714 ook envoyé van Braunschweig-Wolfenbüttel. Schutte, Buitenlandse vertegenwoordigers.
HALLUNGIUS, N.N. VII
Nederlands officier van de dragonders; n.n.g.; 1708 in een proces gewikkeld voor Gecommitteerde Raden van Holland.
HALMA, FRANÇOIS. @ VI
(1653-1722) Boekhandelaar en boekdrukker; sinds 1699 in Amsterdam gevestigd; 1710 naar Leeuwarden; drukker van de Staten van Friesland; uitgever van dichtwerken en woordenboeken. NNBW.
HAM, (Mr.) FRANÇOIS. @ XVI-XIX
(† 1723) Secretaris van ambassadeurs J.W. Ripperda en W.M. van Cats te Madrid; Nederlands zaakgelastigde aldaar 1718-19 en 1722-23. Schutte, Nederlandse vertegenwoordigers.
HAM, JOHAN. @ II-V; VII; XII; XIV; XVII
(1654-1725) Burgemeester van Arnhem en gedeputeerde ter Staten-Generaal wegens Gelderland; 1683 tot 1699 Nederlands commissaris, resident en gezant in Brandenburg. Schutte, Nederlandse Vertegenwoordigers.
HAMEL BRUYNINCX, (Mr.) JACOB JAN. @ # I-XIX
(1661-1738) Nederlands extraordinaris envoyé bij de Duitse keizer te Wenen 1700-38; 1704 ook als bemiddelaar naar de malcontenten in Hongarije. Von Antal en De Pater, Weensche Gezantschapsberichten, II, vii-xi; Schutte, Nederlandse vertegenwoordigers.
- secretaris van, zie SCHENKBERG, THEODORUS; SCHLENK, C.
HAMER, ADAM. @ XVI; XVII
Zoon van de volgende; predikant te Nieuwenhoorn sinds 1709; te Vlissingen 1729.
HAMER, PETRUS. @ IX,72; XI-XIII; XVI; XVII
(1646-1716) Predikant te Numansdorp van 1672 tot zijn dood. NNBW.
HAMER, PETRUS, JR. XVI
Zoon van de voorgaande; kandidaat-predikant te Schipluiden 1714.
HAMILTON, Lord ARCHIBALD. X
Jongere broer van James Douglas, hertog van Hamilton; 1710 gouverneur van Jamaica.
HAMILTON, GEORGE. @ VI-IX; XI; XIV; XVI
Schots officier in Nederlandse dienst; kolonel van een regiment infanterie 1697-1714; brigadier 1704; generaal-majoor 1709; doet in 1714 een vergeefse poging om M.P. voor Anstruther (Schotland) te worden. Ringoir, Hoofdofficieren infanterie.
HAMILTON, GEORGE, graaf van ORKNEY. V; IX; XI-XIII
(1666-1737) Luitenant-generaal van de infanterie in Engelse dienst 1704; een van de Schotse peers in het nieuwe Parlement van Groot-Brittannië 1707. DNB.
HAMILTON, HANS. IV
Engels kolonel. Francis, Peninsular War.
HAMILTON, HUGO. XV
(1655-1724) Officier van Ierse afkomst in Zweedse dienst sinds 1681; generaal-majoor van de infanterie 1710; luitenent-generaal 1716. SBL.
HAMILTON, JOHN, lord BELHAVEN AND STENTON. V; VII
(1656-1708) Schots edelman; fel tegenstander van de unie met Engeland. DNB.
HAMILTON, JOHN, lord BELHAVEN AND STENTON. XIX
(† 1721) Schots edelman; zoon van de voorgaande; lord of the bedchamber van de prins van Wales 1714-21; representative peer voor Schotland 1715-21; benoemd tot gouverneur van Jamaica, maar op weg naar zijn standplaats verdronken. Complete Peerage.
HAMILTON, KATHERINE, hertogin van ATHOLL. VI
Eerste echtgenote van John Murray, hertog van Atholl.
HAMILTON, hertog van, zie DOUGLAS, JAMES.
- hertogin van, zie GERARD, ELIZABETH.
HAMMAR, INGELA. XIX
(1692-1729) Echtgenote van de Zweedse kaperkapitein en reder Lars Gathenhielm; zette na diens dood in 1718 de zaken nog enige tijd voort. SBL.
HAMPDEN, RICHARD. VII; XIII
Whig M.P. voor Buckinghamshire en later voor Berwick. Holmes, British Politics, 320.
HANAU, rijksvorst van, zie PHILIPP REINHARD.
HANDT, (Dr.) SYBRANT. XVI
(1664-1721) Regent van Alkmaar; lid van de vroedschap 1694; vele malen burgemeester, o.a. 1714; een van de Hollandse gedeputeerden tot ontvangst van koning George I op doorreis naar Engeland 1714. Bossaers, 'Van Kintsbeen aan ten staatkunde opgewassen'.
HANEDOES, A. @ VIII
Wijnhandelaar te Woudrichem.
HANEDOES, ISAÄC. III
Nederlands marine-officier; commandeur bij de Admiraliteit op de Maze. Van der Aa, Biographisch Woordenboek.
HANMER, (Sir) THOMAS. XI-XIV
(1677-1746) Engels politicus; M.P. 1701-27; speaker van het Lagerhuis 1714-15. Sedgwick, House of Commons 1715-1754.
- echtgenote van, zie BENNET, ISABELLA.
HANNECKEN, ANTON GÜNTHER. I; VI
Deens legatiesecretaris te 's-Gravenhage, zaakgelastigde na de dood van Niels Frijs oktober 1699; teruggeroepen 1700. Marquard, Danske Gesandter.
HANNOVER, keurvorst van, zie GEORG LUDWIG.
- keurvorstin-douairière van, zie SOPHIA.
- keurvorstin van, zie SOPHIA DOROTHEA.
- keurprins van, zie GEORG AUGUST.
- keurprinses van, zie KAROLINE.
- prins van, zie ERNST AUGUST.
- prinses van, zie ANNA; SOPHIA DOROTHEA.
HANOT DE SAINT-HILAIRE, N.N. @ XVI
Echtgenote van G. Grénus, luitenant van de Zwitsers in het Staatse leger.
HANSES, HENNING DETLOF, Freiherr VON. II-IV; VI; VII; X-XIV
(† 1713) Keizerlijk resident te Kopenhagen 1699-1713. Repertorium, I.
HANSTEIN, JOHAN COENRAAD. XV
Predikant te Vaals sinds 1704, ontslagen 1713.
HAPPE, FRANZ WILHELM VON. XVIII; XIX
Pruisisch officier en ambtenaar; 1717-20 Pruisisch gezant te Kopenhagen. Repertorium, II.
HARBOE, ANDREAS VON. I; III
(1648-1706) Deens generaal-majoor van de infanterie; 1702-04 kolonel van het 2e bataljon van het Sjaellandske regiment in Nederlandse dienst; 1704 overgeplaatst naar de Deense troepen in keizerkijke dienst; gesneuveld tegen de Hongaren. DBL; Staatsche Leger, VIII, bd.III.
HARCOURT, HENRI, hertog van. I; VIII; XI; XIV
(1654-1718) Frans militair en diplomaat; maarschalk van Frankrijk 1703. Michaud, Biographie Universelle, 18, 438.
HARCOURT, SIMON, baron STANTON HARCOURT. I; VII; VIII; XI-XIV
(1661-1727) Engels jurist; 1702 solicitor-general; 1707 attorney-general; 1710 lord keeper of the great seal; 1713-14 lord chancellor; M.P. sinds 1690. DNB.
HARDENBERG, CHRISTIAN ULRICH VON. XVI
(1663-1735) Hofmaarschalk van de keurvorst van Hannover sinds 1707 en vervolgens als zodanig in Engeland. Hatton, George I.
HARDENBROEK, JAN LOUIS VAN. XV
(1691-1747) Nederlands marine-officier; extraordinaris kapitein-ter-zee bij de Admiraliteit van .Amsterdam 1713; verlaat de dienst 1734. Bruijn, Admiraliteit.
HARDENBROEK, heer van, zie ROSSEM, PIETER GODARD VAN.
HARDENFELDT, N.N. V
N.n.g. Opperjagermeester van de koning van Pruisen.
HARDINXVELD, heer van, zie ROOVERE, POMPEJUS DE.
HARDY, GASPARD ANTOINE. VIII; IX
Nederlands officier; vaandrig; 1747 luitenant-kolonel van de Friese Garde te voet; 1751 kolonel; 1772 generaal-majoor. Ringoir, Hoofdofficieren infanterie.
HARDY, (Sir) THOMAS. VI; XII; XIV
(1666-1732) Engels marine-officier; 1707 eskadercommandant ter bescherming van een Lissabons konvooi; 1711 schout-bij-nacht. DNB.
HARE, THOMAS. XVI
Undersecretary of state onder St. John-Bolingbroke 1710-14. Sainty, Officials Secretaries of State.
HAREN, ADAM ERNST VAN. XVII
(1683-1717) Fries regent; grietman van het Bildt en raad ter Admiraliteit te Harlingen. Sminia, Nieuwe naamlijst, 320.
- echtgenote van, zie DU TOUR, AMALIA HENRIËTTE WILHELMINA.
HAREN, WILLEM VAN. @ I-III; VI; VIII; IX; XIV
(1626-1708) Fries regent; grietman van het Bildt; gedeputeerde ter Staten-Generaal; 1702 met Van Reede van de Lier en Van Weede van Dijkvelt extraordinaris ambassadeur in Engeland. Baerdt van Sminia, Nieuwe naamlijst, 318.
HARLAY, NICOLAS, sieur de SANCY. VIII
(† 1627) Frans financier, eigenaar van 'De Kleine Sancy', een diamant van 34,5 karaat; verkocht aan Willem III; de steen kwam terecht in de verzameling van de Hohenzollerns te Potsdam. Twining, Jewels of Europe, 503-504.
HARLEY, ABIGAIL. IX
(† 1750) Jongste dochter van Robert Harley; getrouwd 1709 met George Hay († 1758), burggraaf Dupplin, 1719 graaf van Kinnoull. Complete Peerage.
HARLEY, EDWARD. XIII
(1689-1741) Enige zoon van Robert Harley, graaf van Oxford; 1713 getrouwd met Henrietta Cavendish Holles († 1755), enige dochter en erfgename van John Holles, hertog van Newcastle. DNB.
HARLEY, ELIZABETH. XIV
(1691-1713) Dochter van Robert Harley-Oxford; 1712 eerste echtgenote van Peregrine Osborne, markies van Carmarthen. Complete Peerage.
HARLEY, ROBERT, graaf van OXFORD. @ # I-XIV
(1661-1724) Engels politicus; M.P. sinds 1689; speaker 1701-02; secretary of state 1704; een van de commissarissen voor de unie met Schotland 1706; ontslagen 1708; terug in functie 1710, praktisch als eerste minister; 1711 graaf van Oxford; 1711 gouverneur van de South Sea Company; kort voor de dood van Anne ontslagen; 1715 in de Tower gevangen gezet op beschuldiging van verstandhouding met de pretender, maar in 1717 vrijgesproken. DNB.
HARLEY, THOMAS. XII-XIV
Neef van de voorgaande; 1711-14 junior secretary van de Treasury; 1712 en 1714 speciaal afgezant naar Hannover.
HARLING, EBERHART-ERNEST DE. XIX
(1665-1729) Frans officier; kapitein van de gardes van de hertogin van Berry 1715; gouverneur van Sommières 1717. DBF.
HARMENSE, zie HERMANSZ., DIRK.
HARMENSZ, JAN. XIV
Hollands schipper.
HARMENSZ., SIJBRAND. VI
Nederlands schipper.
HARO Y LARA, DON JOSÉ. VI
Spaans secretaris van staat en oorlog in de Zuidelijke Nederlanden 1693-97. De Schryver, Bergeyck.
HARQUEL, N.N. @ XIII
N.n.g. Frans commandant van Sierck aan de Moezel, 1712.
HARRACH, ALOYS THOMAS, graaf. XII
(1669-1742) Keizerlijk minister en diplomaat; in verband met de verkiezing van een nieuwe keizer door het Weense hof afgezonden naar de Pruisische koning, die in deze tijd in Holland verbleef te Honselaarsdijk. Braubach, Prinz Eugen.
HARRACH, FERDINAND BONAVENTURA, graaf. I; II
(1637-1706) Keizerlijk diplomaat; gezant in Spanje 1697-98; daarna opperhofmeester en als zodanig nominaal de invloedrijkste man aan het hof. ADB.
HARRACH, JOHANN JOSEPH PHILIPP, graaf. V
(1678-1764) Keizerlijk officier; luitenant-veldmaarschalk 1708, veldmaarschalk 1723. BLKO.
HARRISON, THOMAS. XI
Engels officier; kolonel van de infanterie en adjudant-generaal van Stanhope in Spanje. Snyder, Marlboroug-Godolphin.
HARRISON, WILLIAM HENRY. XIV
Secretaris van de Engelse gevolmachtigden te Utrecht 1712-13.
HARRUCKER, JOHANN GEORG. XIII; XVI
(1662-1742) Keizerlijk officier en Proviant-Commissär; o.a. dienend in de Nederlanden. BLKO; Feldzüge, XVI, 75.
HARSCH, FERDINAND AMADÄ VON. @ II
(1664-1722) Elzasser officier in keizerlijke dienst; Generalfeldwachtmeister 1702; Rijksgraaf en lid van de Hofkriegsrat 1713. ADB.
HARSELE, AERNOUT. IV
Nederlands officier; majoor van het regiment Luikerwalen van Jaymaert 1709. Staatse Leger, VIII, bd.III.
HARTELOIRE, N.N. DE LA. III
N.n.g. Frans marine-officier.
HARTIGSVELT, CORNELIS VAN. XIV
(1650-1723) Secretaris van de Admiraliteit op de Maze. Engelbrecht, Vroedschap.
HARTINGTON, markies van, zie CAVENDISH, WILLIAM.
HARTMANS, JOHAN. I; II
(† 1724) Nederlands officier; 1694-1704 majoor van het regiment cavalerie van Tilly. Ringoir, Afstammingen cavalerie.
HARTOGHE, CHRISTIAAN DE. XIII
Eerste secretaris van Marie Louise van Hessen-Kassel, weduwe van Johan Willem Friso. Drossaers-Lunsingh Scheurleer, Inventarissen, I, 576.
HARTOP, THOMAS DOMINIQUE. VII; VIII; XI
(† 1723) Van Ierse afkomst; officier in de dienst van Philippe V in de Nederlanden; overgegaan in dienst van Carlos III; kolonel van een regiment Walen; 1720 gouverneur van Lier. Ruwet, Régiments nationaux.
HARVEY, EDWARD, of COOMBE. XVII
(1618-1736) Tory M.P. voor Clitheroe tot 1715; Jacobiet, gearresteerd in 1715 en in ballingschap gestorven. Henning, House of Commons 1660-1690.
HARWICH, markies van, zie SCHOMBERG, CHARLES.
HASEBROECK, GERARD. @ I-III
Nederlands ambtenaat; 1700-04 contrerolleur van de convooien en licenten te Zwolle. Wertheim-Gijse Weenink, Twee woelige jaren.
HASEBROECK, (Dr.) GERRIT. III
Rentmeester van Albemarle's heerlijkheid de Voorst. Wertheim-Gijse Weenink, Twee woelige jaren.
HASINEL, N.N. I
N.n.g. Advocaat te Luik, 1707.
HASSAN PASHA. IX; X; XII
Grootvizier van Turkije; gouverneur van Egypte, zwager van sultan Achmed III van Turkije; onderkoning van Tripoli di Soria.
HASSAN PASHA. XII
Gouverneur-generaal van Rumelië; generaal van het Turkse leger.
HASSAN, N.N. XI
Turkse ziaus.
HASSELAAR, AGNES. X
(1668-1710) Echtgenote van Mr. Gerbrand Pancras. Elias, Vroedschap.
HASSELAAR, (Mr.) GERRIT. @ XI; XII; XVIII; XIX
(1668-1719) Amsterdams regent; schepen in 1706, 1709 en 1710; vroedschap van 1717 tot zijn dood; 1719 kandidaat voor de extraordinaris bezending naar Zweden. Elias, Vroedschap.
HASSELT, graaf van, zie FAING, ALEXANDRE GEORGE DU.
HASTINGS, GEORGE, graaf van HUNTINGDON. I; II
(† 1705) Engels officier; kolonel van de infanterie. Hora Siccama, Aanteekeningen.
HASTINGS, THEOPHILUS, graaf van HUNTINGDON. V
(1650-1701) Getrouwd met Frances Leveson Fowler.
HATTAGIE SULTANA. XII
Zuster van sultan Achmed III van Turkije.
HATTORF, JOHANN PHILIPP VON. XVII
(1682-1737) Kabinets-secretaris van George I als keurvorst van Hannover. Hatton, George I.
HATZFELD, EDMUND FLORENTIN, graaf. XVIII
Paltsisch diplomaat en officier; 1717 betrokken bij de verkiezing van een abdis van Thorn.
HAUTEFORT, FRANÇOIS-MARIE, markies de. VIII
(1654-1727) Frans officier; luitenant-generaal sinds 1702. Dictionnaire de la Noblesse, 10.
HAUTEFORT, LOUIS-CHARLES DE, markies van SURVILLE. IX; XI; XIII
(1658-1721) Frans officier; 1702 luitenant-generaal en gouverneur van de citadel van Doornik. Dictionnaire de la Noblesse, 10.
HAVERSHAM, baron, zie THOMPSON, JOHN.
HAVESKERCKE, LOUIS VAN, baron van LIGHTERVELDE. @ IV; V; VIII; IX
Vlaams edelman; schepen en oud-burgemeester van het Vrije van Brugge; lid van de Staten van Vlaanderen. Veenendaal, Condominium, 106; Stork-Penning, Grote Werk, 26-31.
HAVRÉ, hertog van, zie CROY, CHARLES-ANTOINE-JOSEPH DE.
HAWLES, (Sir) JOHN. I
(1645-1716) Engels rechtsgeleerde; 1695-1702 sollicitor-general; M.P. 1695-1710. DNB.
HAY, GEORGE, viscount DUPPLIN, graaf van KINNOULL. IX; XII; XVII
(† 1758) Engels edelman; baron Hay of Pedwardine 1711; teller of the Exchequer 1711-14; graaf van Kinnoull 1719. Complete Peerage.
- echtgenote van, zie HARLEY, ABIGAILl.
HAY, JOHN, tweede markies van TWEEDDALE. III; V
(1645-1713) Engels edelman; 1704 koninklijk commissaris bij het Schotse Parlement en lord high chancellor van Schotland. DNB.
HAY, THOHAS, graaf van KINNOULL. XII
(† 1719) Engels edelman; verdacht van betrokkenheid bij de opstand van 1715 in Engeland.
HAYE, N.N. DE LA. IX
Kanunnik te Lille, lid van de commissie voor de verkiezing van de magistraat.
HAZARD, SIMON. VIII
Protestant; graanhandelaar te Lille.
HAZE, CLARA MAGDALENA DE. XI
(1677-1710) Dochter van de volgende; echtgenote van Abraham Muyssart sinds 1700. Elias, Vroedschap.
HAZE DE GEORGIO, (Mr.) JERONIMUS DE. @ # I; II-IV; V; VII-XIX
(1651-1725) Heer van Mijnden, de beide Loosdrechten en Stabroek; Amsterdams regent; burgemeester o.a. 1703, 1705 en 1706. Elias, Vroedschap.
HEATHCOTE, (Sir) GILBERT. I; VII; IX-XI
(1651-1733) Koopman te Londen; 1700-10 Whig MP voor Londen; 1710 lord mayor. DNB.
HECK, GEORGE AUGUST VAN DER. XI
(*1688) Zoon van de volgende; 1711 kandidaat-vaandrig in de gardes te voet. Schutte, Buitenlandse vertegenwoordigers.
HECK, GILLIS VAN DER. @ VI-VIII; XI-XII; XVII
(1650-1727) Agent van verschillende Duitse vorsten te 's-Gravenhage en solliciteur-militair aldaar. Schutte, Buitenlandse vertegenwoordigers.
HECTOR, N.N. X
N.n.g. Gevangene in Zwitserland.
HEDGES, (Sir) CHARLES. @ I-V; XII; XIII
(† 1714) Engels politicus; 1700-06 secretary of state. DNB.
HEDVIG ELEONORA van HOLSTEIN-GOTTORP. I-VI; VIII; XIII; XVII
(1636-1715) Koningin-moeder van Zweden; 1654 getrouwd met koning Karl X Gustav; grootmoeder van Karl XII.
HEDVIG SOPHIA, prinses van ZWEDEN. I-VIII
(1681-1708) Zuster van Karl XII van Zweden; weduwe van Friedrich IV van Holstein-Gottorp. Hatton, Charles XII.
HEDWIGER, zie SPONECK.
HEECK, JOHAN VIGLIUS VAN. # III-VII; IX; XII
(1653-1711) Gronings (stedelijk) regent; vele stedelijke functies; afgevaardigde ter Staten-Generaal o.a. 1705; in de Raad van State o.a. 1702, 1708 en 1711; burgemeester van Groningen 1710-11. Nederlandsche Leeuw, LVI (1938), 7.
HEECKEREN, WALRAVEN VAN, heer van NETTELHORST. V; IX
(1643-1701) Gelders edelman; extraordinaris envoyé te Stockholm 1692-94 en 1694-98. Schutte, Nederlandse vertegenwoordigers.
HEEMS, ARNOLD, Freiherr VON. @ I; III; IV; VI-XIX
(† 1718) Keizerlijk resident te Berlijn 1696-1707; daarna tot zijn dood resident en later extraordinaris envoyé te 's-Gravenhage. Repertorium, I.
HEEMS, JOHANN BAPTIST, Freiherr VON. XII
Broer van de voorgaande; later secretaris van de Raad van State te Brussel. Von Antal en De Pater, Weensche Gezantschapsberichten.
HEEMSKERCK, GERRIT. III; VII
(† 1708) Nederlands marine-officier; kapitein-ter-zee bij de Admiraliteit op de Maze. De Jonge, Zeewezen, III, p.192.
HEEMSKERCK, COENRAAD VAN. XII
(1646-1702) Nederlands diplomaat; 1698-1701 ambassadeur in Parijs. NNBW.
- echtgenote van, zie PAUW, CORNELIA.
HEEMSKERCK, JOOST VAN. @ II; III; IV; VIII; XII
(1648-1717) Leids regent; gedeputeerde ter Staten-Generaal; gedeputeerde te velde 1704 en 1705; met Johan Becker en Martinus van Scheltinga gedeputeerde van de Staten-Generaal naar Vlaanderen 1703.
HEEMSKERCK, N.N. XIII
N.n.g. Onderkoopman van de VOC, vertrokken 1712; vermoedelijk lid van het Delftse regentengeslacht Van Heemskerck van Beest.
HEEMSKERK, heer van, zie DEUTZ, JEAN.
HEEMSTEDE, heer van, zie VELDHUYSEN, DIEDERIK VAN.
HEEMSTRA, FEYE VAN. XVI
Nederlands officier; kapitein van de infanterie; 1730 majoor regiment Oranje-Friesland; 1735 luitenant-kolonel; 1742-43 kolonel-commandant; zoon van Schelte. Ringoir, Hoofdofficieren infanterie.
HEEMSTRA, GEORGE SIGISMUND VAN. III
(1668-1709) Nederlands officier; jongere broer van de volgende; 1703 luitenant-kolonel van het Hollandse infanterie-regiment Coehoorn; gesneuveld bij Malplaquet. NNBW; Ringoir, Hoofdofficieren infanterie.
HEEMSTRA, SCHELTE VAN. @ III; XVI
(1665-1733) Uit een aanzienlijke Friese familie; aanvankelijk officier; 1702 gouverneur van Johan Willem Friso; later burgemeester van Bolsward en postmeester-generaal van Friesland; 1721-24 Fries gedeputeerde in de Admiraliteit van Amsterdam. NNBW.
HEERDT, ADRIAAN VAN. @ I-III; VI; VII; X; XI; XIII; XIV
(1637-1714) Sinds 1662 beschreven in de Ridderschap van Nijmegen; 1702 burgemeester van Nijmegen; aanhanger van de Nieuwe Plooi; weer afgezet door de Staten van Gelderland, maar in februari 1703 opnieuw burgemeester; later gedeputeerde in de Raad van State. Van Meurs, Ridderschap Nijmegen, 30; Brants, Plooierijen.
HEERDT, CORNELIA MECHTELT VAN. XI
(1679-1714) Dochter van de voorgaande; echtgenote van Abraham Pagniet. Van Heerdt, Herde, Heerde, Heerdt.
HEERDT, GIJSBERTA ALBERTINA VAN. X
(1682-na 1725) Zuster van de voorgaande; 1703 echtgenote van Andreas Meyer. Van Heerdt, Herde, Heerde, Heerdt.
HEERDT TOT EVERSBERG, BOLDEWIJN VAN. XI
(† 1720) Nederlands officier; in de Ridderschap van Overijssel sinds 1690; 1706 luitenant-kolonel van het regiment gardes van de Friese stadhouder. Van Doorninck, Geslachtkundige Aanteekeningen, 223; Ringoir, Hoofdofficieren infanterie.
HEERING, zie HERINGH, PHILIPS VAN.
HEES, (Mr.) HENDRICK VAN. XI
(1694-1748) Rotterdams regent; schepen 1715; lid van de vroedschap 1717-18; daarna president van de Hoge Raad van Holland en Zeeland. Engelbrecht, Vroedschap.
HEES, H. VAN. @ XVIII
Commies van de Admiraliteit op de Maze te Hellevoetsluis, 1718.
HEESPEN, ANTON GÜNTHER VON. @ II-VIII; XII-XIV; XVII; XVIII
(† 1723) Afkomstig uit Schwaben; Württembergs regerings- en geheimraad; afgevaardigde op het vredescongres te Rijswijk; Württembergs envoyé te 's-Gravenhage 1704-19; gezant van de Frankische en Schwabische kreitsen op het vredescongres te Utrecht 1712. Repertorium, I; Schutte, Buitenlandse vertegenwoordigers.
- echtgenote van, zie ESSEN, AUGUSTA POLIXENE VON.
HEESPEN, WILHELM VON. VIII
(† 1742) 1694 kabinets-secretaris van de vorst van Oost-Friesland; 1700 geheime raad; 1703 Kanzlei Verwalter in Esens. Verwaltungsgeschichte.
HEETERMAN, zie HETTERMAN.
HEEZE EN LEENDE, heer van, zie SNOUCKAERT VAN SCHAUBURG.
HEFFERMAN, JOHN. XVIII
Secretaris en kanselier van de Engelse ambassadeurs te Constantinopel 1705-21. Horn, British Diplomatic Representatives.
HEGEMANS, N.N. II
N.n.g. Luitenant in Franse dienst.
HEIDEN, JOHAN DIEDERIK, baron van, heer van OOTMARSUM. @ I; III-XI
(1643-1716) Nederlands officier; kolonel van een Overijssels regiment infanterie 1690; generaal-majoor 1704; luitenant-generaal 1709; sinds 1701 gouverneur van Coevorden; 1713 gouverneur van Charleroi. Ringoir, Hoofdofficieren infanterie.
HEIDEN, JOHANN SIGISMUND VON. I; IX
(1656-1730) Officier in Pruisische dienst; verwant van de voorgaande; 1701 kolonel van een Pruisisch regiment cavalerie in Hollandse dienst; 1702 ontslag uit de Pruisische dienst; 1716 heer van Ootmarsum als erfgenaam van de voorgaande. Nederland's Adelsboek, 1940, 458; Hora Siccama, Aanteekeningen; Staatsche Leger, VIII, bd.I en III.
HEILMAN, FRANÇOIS. VIII
Koopman te Londen.
HEIM, (Dr.) ADAM VAN DER. @ II; XVI
(1644-1728) Regent van Schiedam; gecommitteerde ter Admiraliteit op de Maze 1706-10 en 1714. Roelants, Gulden Boek van Schiedam.
HEIM, (Mr.) ANTHONIE VAN DER. I; X; XI-XIV; XIX
(1693-1746) Zoon van de volgende en Catharina Heinsius; neef van de raadpensionaris; secretaris van de Generaliteits-Rekenkamer 1710; griffier van de Leen- en Registerkamer van Holland 1710; thesaurier-generaal van de Unie 1727-37; raadpensionaris van Holland en West-Friesland 1737; hij was een van de erfgenamen van Heinsius in 1720 en kreeg het archief en de bibliotheek van de overleden raadpensionaris toebedeeld. NNBW; Fölting, Landsadvocaten.
HEIM, (Mr.) ANTHONIE VAN DER, GERRITSZ. I; III-VI; IX-XI
(1653-1714) Raadsheer in de Hoge Raad van Holland en Zeeland sinds 1691; rekenmeester van de Domeinen van Holland. Elias, Vroedschap.
- echtgenote van, zie HEINSIUS, CATHARINA.
HEIM, MARIA ADRIANA VAN DER. I; III
(1686-1714) Dochter van de voorgaande; getrouwd 1704 met Willem Sluyskens. Elias, Vroedschap.
HEINRICH, hertog van SAKSEN-RÖMHILD. X
(1650-1710) Oom van Ernst Friedrich van Saksen-Hildburghausen; van de trap gevallen. Isenburg, Stammtafeln, I, T.49.
HEINRICH FRIEDRICH, hertog van WÜRTTEMBERG. VII; XI; XII; XIII
(1687-1734) Officier in Nederlandse dienst; kolonel van de cavalerie 1698, brigadier 1706, generaal-majoor 1709; uit Nederlandse dienst 1713. Ringoir, Afstammingen cavalerie.
HEINS, LOUIS. I
Inwoner van Broekburg (Bourbourg, Frans-Vlaanderen); tegen het einde van de 16e eeuw gevestigd in Delft; voorvader van de raadpensionaris. Veenendaal sr., "Raadpensionaris Heinsius in correspondentie met zijn Vlaamse bloedverwanten", BMHG, 66.
HEINS, MATTHEUS. VIII-X; XV; XVII
(† 1713?) Pastoor van Pitgam (Frans-Vlaanderen); verre bloedverwant van Heinsius.
HEINS, POUL. I
(† 1705) Deens diplomaat; extraordinaris envoyé in Moskou 1697-1705. Marquard, Danske Gesandter.
HEINSIUS, ADRIAAN. I
Vader van de raadpensionaris.
- echtgenote van, zie DEDEL, MARIA.
HEINSIUS, ANTHONIE. I; III
Grootvader van de raadpensionaris.
- 1e echtgenote van, zie BLEISWIJCK, ERCKGE VAN.
- 2e echtgenote van, zie LANGE, CATHARINA WILLEMSDR. DE.
HEINSIUS, ANTHONIE LOUIS. I
Neef van de raadpensionaris.
HEINSIUS, CATHARINA. I; II; III; V; VI; X
(1651-1706) Echtgenote van Anthony van der Heim Gerritsz.; jongere zuster van de raadpensionaris. Elias, Vroedschap.
HEINSIUS, CORNELIA. I
Tante van de raadpensionaris.
HEINSIUS, C. @ XV
Zoon van de predikant J.Heinsius te Loosduinen; verwant van de raadpensionaris, verder onbekend.
HEINSIUS, ERKENRAAD. I
Tante van de raadpensionaris.
HEINSIUS, ERKENRAAD. VII; VIII; XI
(1643-1708) Oudste zuster van de raadpensionaris, ongehuwd overleden. Nederlandsche Leeuw XXXII (1914), 293 (waar haar overlijdensdatum onjuist is).
HEINSIUS, J. XV
Predikant te Loosduinen 1667-1714; overleden kort na zijn aftreden als zodanig; verwant van de raadpensionaris Heinsius.
HEINSIUS, LOUIS. I
Oom van de raadpensionaris.
HEINSIUS, MARIA. II; III; XII; XVIII
(1649-1718) Zuster van de raadpensionaris; echtgenote van Mr. Frederick Sluysken, heer van Ter Horst; na 1712 als weduwe inwonend bij haar broer te 's-Gravenhage. Elias, Vroedschap.
- zoon van, zie SLUYSKEN, WILLEM.
HEINSIUS, MARGARITA. @ XVII
Verwante van Heinsius in Bourbourg/Broekburg, Frans Vlaanderen, weduwe van N.N. Heijers.
HEISTER, SIEGBERT, graaf. II-IV; VI
(1646-1728) Keizerlijk generaal en veldmaarschalk, vooral ingezet in Hongarije tegen de opstandelingen; 1708 opperbevelhebber aldaar. ADB.
HELDEWIER, ABRAHAM. II
Paymeester van de Brabantse zijde over de oude stadsmiddelen van Maastricht sinds mei 1701.
HELDT, ISAÄC DEN. XIX
Afkomstig uit Veere; enigszins dubieuze figuur, sterk Oranjegezind; burgemeester van Veere sinds 1695; 1703 uit al zijn ambten gezet. Van der Bijl, Idee en Interest.
HELEDRIER, N.N. III
Hugenoots predikant.
HELL, CASIJN VAN DER. I
(1644-1732) Beschreven in de Ridderschap van Veluwe 1664; burgemeester van Lochem; 1681 raad in het Hof van Gelderland; 1720 president van het Hof. Van der Aa, Biographisch Woordenboek; Nederlandsche Leeuw, 1955, 95.
HELM BODDAERT, (Mr.) CORNELIS VAN DEN. III; XII
(1651-1713) Afkomstig uit een Middelburgse regentenfamilie; raad en later president van de Raad van Vlaanderen. De Vos, Vroedschap Zierikzee.
HELT, VILHELM. XIII
(1652-1724) Deens ambtenaar; secretaris van verschillende gezanten; 1699-1719 maitre des requêtes van de Deense kanselarij; schrijver en vertaler van werk van Jacob Cats. DBL.
HELVETIUS, (Dr.) ADRIAAN ENGELHART. I; IV; VI-VIII; X; XIX
(1662-1727) In Nederland geboren; doctor in de medicijnen; naar Parijs getrokken en daar een grote carrière gemaakt; lijfarts van de hertog van Orléans; door de Franse regering enige malen gebruikt als tussenpersoon bij de vredesonderhandelingen; was in Holland in 1705, opnieuw in 1707-08 en maart 1710. NNBW; Van der Bijl, 'Helvetius', BMHG 80 (1966).
HEMMEMA, DOECKE VAN. I,593; IV; VII; VIII; XI
(1652-1721). Lid van de Domeinraad van de Friese Nassau's. De Haan Hettema, Stamboek Frieschen Adel, I, p. 193.
HEMMEN, zie HYMMEN, RITHARD VON.
HEMPSELRODE DE STARCKENBURG, FRANCISCUS GASPAR VAN. @ III; XIII
(† 1721) Raad in de Raad van Gelderland te Roermond; 1702 presiderend raad; 1721 kanselier, maar enkele maanden later overleden. Geradts, Souvereine Raad, 120.
HÉNIN-LIÉTARD, CHARLES-LOUIS, vorst van CHIMAY. XII; XIV
(1674-1740) Heer van Weert en Nederweert; oudste zoon van Louise Verreyken, vorstin-douarière van Chimay. Stammtafeln, VI, T.109; Annuaire de la Noblesse de Belgique 6 (1852), 70.
HÉNIN-LIÉTARD, THOMAS-PHILIPPE DE, graaf van BOUSSU, dit d'ALSACE et de BOUSSU. XIV; XV
(1679-1759) Tweede zoon van de prince de Chimay; RK geestelijke; bestemd voor de vacante stoel van Ieper 1713, maar door tegenwerking van de Staten-Generaal niet benoemd; 1714 door de keizer benoemd tot aartsbisschop van Mechelen; 1716 gewijd; 1719 kardinaal, en bekend als cardinal d'Alsace. BNB.
HÉNIN-LIÉTARD D'ALSACE, PHILIPPE-LOUIS DE, vorst van CHIMAY. VI
(1646-1688) Vader van de beide voorgaanden; echtgenoot van Louise Verreyken. Stammtafeln, VI, T.109.
HENNEKYN, GUALTERUS. IV-VI; VIII-XI; XIII; XIV; XVIII
(1654-1738) Rotterdams koopman en regent; vroedschap sinds 1701; burgemeester 1711-12; vele andere stedelijke functies; door zijn handelsrelaties met Frankrijk betrokken bij de eerste contacten met dat land. Stork-Penning, Het Grote Werk, 17; Engelbrecht, Vroedschap.
HENNEKYN, JEAN. V; VI
(1686-1708) Enige zoon van de voorgaande. Engelbrecht, Vroedschap.
HENNIGES, HEINRICH VON. I; II
(† 1711) Brandenburgs-Pruisisch vertegenwoordiger bij de Rijksdag te Regensburg 1692-1711. Repertorium, I.
HENRICA FRANCISCA, gravin van HOHENZOLLERN-HECHINGEN, markiezin van BERGEN OP ZOOM. I
(1642-1698) Eerste echtgenote van Frédéric-Maurice de La Tour, graaf van Auvergne, officier in Nederlandse dienst. Von Isenburg, Stammtafeln, I, T.154; Hora Siccama, Aanteekeningen.
HENRIËTTE AGNES, prinses van ANHALT-DESSAU. @ VIII-X
(1674-1729) Jongere zuster van Henriëtte Amalia van Nassau-Dietz. Von Isenburg, Stammtafeln, T. 63, 131.
HENRIËTTE ALBERTINA, prinses van NASSAU-DIETZ. III
(1686-1754) Oudste dochter van de Friese stadhouder Hendrik Casimir II en Henriëtte Amalia van Anhalt-Dessau; ongehuwd overleden. Dek, Genealogie Nassau.
HENRIËTTE AMALIA, vorstin van NASSAU-DIETZ. @ # I-XIV; XIX
(1666-1726) Geboren prinses van Anhalt-Dessau; weduwe van Hendrik Casimir II van Nassau-Dietz (1657-1696), stadhouder van Friesland, Groningen en Drente. Dek, Genealogie Nassau.
HENRIËTTE CASIMIRA, prinses van NASSAU-DIETZ. XVI
(1696-1738) Dochter van de voorgaande; ongehuwd overleden.
HENRIËTTE CATHARINA van NASSAU, vorstin van ANHALT-DESSAU. I-III; V; VII-IX
(1637-1708) Dochter van stadhouder Frederik Hendrik; getrouwd met Johann Georg II van Anhalt-Dessau (1627-1693) en moeder van Henriëtte Amalia, weduwe van de Friese stadhouder Hendrik Casimir II. Dek, Genealogie Nassau.
HENRIQUES, SAMUEL. XI
Koopman te Barcelona; 1711 door admiraal Pieterson voorlopig aangesteld tot consul aldaar, benoeming echter door de Staten-Generaal niet bevestigd. Schutte, Nederlandse vertegenwoordigers.
HENRIQUES, N.N. VI
Commissaris van de vivres van de Staatse troepen in Spanje.
HENRIQUEZ, JACOB, sr. II; III
(*1630) Portugees-Joods koopman te Amsterdam en consul van Carlos III van Spanje aldaar.
HENRIQUEZ, JUDA, sr. II
Portugees-Joods koopman te Amsterdam.
HENSBROEK, DIRK. XII
Koopman van Maassluis.
HENSBROEK, JACOB. XII
Koopman van Maassluis.
HEPBURN, JOHN. V; IX
(† 1709) Schots officier in Nederlandse dienst; 1700 majoor van het regiment Portmore; 1702 luitenant-kolonel; 1706 kolonel van dat regiment; gesneuveld bij Malplaquet. Ringoir, Hoofdofficieren infanterie.
HERBERSTEIN, JOHANN ERNST, graaf. XI; XII
Keizerlijk gezant in Polen 1710-11. Repertorium, I.
HERBERSTEIN, JOHANN FERDINAND, graaf. XIV
(1663-1721) Keizerlijk officier; veldmaarschalk en vice-president Hofkriegsrat te Wenen. BLKO.
HERBERT, ARTHUR, graaf van TORRINGTON. V; XVII
(1647-1716) Engels admiraal; na de slag bij Beachy Head (1690) niet meer in actieve dienst. DNB.
HERBERT, PHILIP. VI
Engels Lagerhuislid 1706-07.
HERBERT, THOMAS, graaf van PEMBROKE. I; II; IV-IX; XI; XII; XVIII
(1656-1733) Januari-mei 1702 lord high admiral; juli 1702 president of the council; 1706 commissaris voor de unie met Schotland; 1707 lord-lieutenant van Ierland; 1708-09 opnieuw lord high admiral. DNB.
HERBERT, WILLIAM, markies POWIS. XIV; XVII
(1665-1745) Engels rooms-katholiek edelman met jacobitische sympathieën; in 1715 verdacht van medeplichtigheid aan de opstand van dat jaar. DNB.
- echtgenote van, zie PRESTON, MARY.
HERCOLANI, FILIPPO, vorst, markies van FLORIMONTE. V; VII
Keizerlijk diplomaat; 1705-14 ambassadeur in Venetië. Repertorium, I.
HERCULES, N.N. VIII
N.n.g. Kolonel van een Holstein-Gottorps regiment in Nederlandse dienst, 1709. Staatsche Leger, VIII, bd.III.
HERDENFELD, N.N. V
N.n.g. Verdacht persoon aan het hof in Berlijn.
HEREFORD, viscount, zie DEVEREUX, PRICE.
HERIFORT, N.N. IV
N.n.g. Frans agent.
HERINGH, PHILIPS VAN. I; III
Raad van de prinses-douairière van Nassau-Dietz, Fries gedeputeerde ter Staten-Generaal 1700-02; aanwezig bij het openen van het testament van Willem III. Van der Aa, Biographisch Woordenboek.
HERMANSZ., DIRK. X
Nederlands schipper.
HERMELIN, OLOF. I-VI; VIII; IX
(† 1709) Hoogleraar in de welsprekendheid aan de universiteit van Dorpat; ambtenaar bij de Zweedse kanselarij te velde 1701; onderhandelaar bij de vrede van Altranstädt 1706; gesneuveld bij Poltawa. Hatton, Charles XII.
HÉRON, markies du, zie CARADAS, CHARLES-FRANÇOIS DE.
HERREVELD, heer van, zie REEDE, GODARD ADRIAAN VAN.
HERSBERGEN, PAULUS. XI
(† 1710) Nederlands officier; kapitein van het infanterie-regiment Fournier-Hertaing, gesneuveld vóór Aire.
HERSELE, ADRIAEN VAN. VI; VII; IX
(1678-1716) Rotterdams regent; een zoon van deze wordt vermeld als officier. Engelbrecht, Vroedschap.
HERSELE (Sr.), ADRIAEN VAN. VI
(1645-1689) Rotterdams regent.
HERSELE, JACOB VAN. XIV; XVIII
(1676-1724) Rotterdams regent; schepen o.a. 1712-13. Engelbrecht, Vroedschap.
HERTAING, LOUIS MAXIMILIAAN, heer van MARQUETTE. @ XI; XII; XIV; XVIII
Nederlands officier; 1703 kapitein (met de rang van luitenant-kolonel) van de Hollandse gardes te voet; 1710-23 kolonel van het regiment Walen van wijlen Fournier. Ringoir, Hoofdofficieren infanterie.
HERTELL, CHRISTIAAN FREDERIK. @ IV; VI-XI; XIII; XIV
Nederlands ingenieur; 1698 ingenieur; 1704 directeur van de approches; 1707 luitenant-kolonel; 1710 kolonel; 1725 directeur van de fortificatiën; 1730 luitenant-generaal en directeur generaal van de fortificatiën. Van der Aa, Biographisch Woordenboek; Staatsche Leger, VIII, bd.III.
HERTFORD, graaf van, zie SEYMOUR, ALGERNON.
HERTOGHE, CHRISTIAAN DE. II
Secretaris van Van Reede van de Lier en Van Haren in Londen, 1702-03.
HERVART, PHILIBERT DE, baron van HÜNINGEN. XII
Zwitser in Engelse dienst; 1689-1702 Engels gezant bij de Evangelische Zwitserse kantons. Horn, Diplomatic Representatives.
HERVEY, CARR. XVI
(1691-1723) Bekend als lord Hervey; oudste zoon van de volgende; M.P. voor Bury St.Edmunds 1713-22. Complete Peerage.
HERVEY, JOHN, graaf van BRISTOL. XVI; XVII
(1665-1751) Baron Hervey of Ickworth 1703; graaf van BRISTOL 1714. Complete Peerage.
HESSEL, JAN VAN. XIX
Schipper van de VOC, Kamers Delft en Amsterdam; eerste reis als schipper in 1710, laatste in 1718. Bruijn, Gaastra et al., Dutch-Asiatic Shipping.
HESSELER, ADRIAAN. X-XII
Afkomstig uit Vlieland; schipper van 'De Wijnberg'.
HESSELS, ADRIAAN JANSZ. II
Koopvaardijschipper.
HESSELT VAN DINTHER, FREDERIK. IX
Nederlands officier; kapitein van de infanterie; 1728 majoor; 1731-37 luitenant-kolonel. Ringoir, Hoofdofficieren infanterie.
HESSELT VAN DINTHER, IGNACE. IX
(† 1735) Nederlands officier; 1728 kapitein (met de rang van luitenant-kolonel) van de Hollandse Gardes te voet. Ringoir, Hoofdofficieren infanterie.
HESSEN-DARMSTADT, hertog/prins van, zie FRIEDRICH; GEORG; PHILIPP.
- hertogin/prinses van, zie ELISABETH DOROTHEA; MAGDALENA; MAGDALENA SYBILLE.
- landgraaf van, zie ERNST LUDWIG.
HESSEN-HOMBURG, landgraaf van, zie FRIEDRICH JAKOB.
HESSEN-KASSEL, erfprins van, zie FRIEDRICH.
- landgraaf van, zie KARL; WILHELM VI.
- prins van, zie KARL; LEOPOLD; LUDWIG; MAXIMILIAAN; WILHELM.
- prinses van, zie MARIE LOUISE; SOPHIE CHARLOTTE.
HESSEN-PHILIPSTHAL, landgraaf van, zie PHILIPP.
- prins van, zie KARL; WILHELM.
HETEREN, HENDRIK VAN, de jonge. II; VI; VII; XIII; XVII
Nederlands ambtenaar; commies van de finantiën van de Generaliteit sinds 1682.
HETEREN, (Mr.) LEONARD VAN. @ XVI; XVII
(1677-1723) Zoon van een regent van 's-Gravenhage; secretaris van curatoren van de hogeschool van Harderwijk; sinds 1716 ook burgemeester van die stad. Fölting, Vroedschap 's-Gravenhage.
HETTERMAN, (Dr.) JOHANN HEINRICH. II; IV; VI-VII; X-XI; XIII
Paltsisch diplomaat; 1697 vertegenwoordiger op het congres van Rijswijk; 1703-11 gezant te 's-Gravenhage. Repertorium, I.
HEUBER, JEAN-FRANÇOIS. @ IX
Advocaat en lid van de regering van Gent.
HEUKELUM, JOHAN FREDERIK VAN, heer van KRONENSTEIN. @ X
Zoon van Willem van Heukelum.
HEUKELUM, MARIA ANNA VAN. @ X
Dochter van de generaal Willem van Heukelum.
HEUKELUM, WILLEM VAN, heer van KRONENSTEIN. @ I-VII; IX; X
(1649-1710) Nederlands officier; kolonel van een Hollands regiment infanterie 1690; generaal-majoor 1695; luitenant-generaal 1704. Hora Siccama, Aanteekeningen; Ringoir, Hoofdofficieren infanterie.
HEUNISCH, ADAM IGNAZ, Edler von. VII; IX; XI
Münsters edelman; 1708-12 vertegenwoordiger van de bisschop van Münster en Paderborn te Wenen. Repertorium, I. Ook genoemd als agent van de hertog van Savoye aldaar. Von Antal en De Pater, Weensche Gezantschapsberichten.
HEURN, (Mr.) JOHAN VAN. I
(1677-1741) Schepen van 's-Hertogenbosch; griffier van de Leen- en Tolkamer aldaar; rentmeester van het kapittel van St. Pieter te Oirschot. Sasse van Ysselt, Huizen van 's-Hertogenbosch, II, 353; Mommers, Brabant, 412.
HEUSCH, JOHANN WILHELM. XV; XIX
(† 1719) Zaakgelastigde van de keurvorst van Hannover in Berlijn 1696-1719, met onderbrekingen. Repertorium, I.
HEUSSEN, HUGO FRANCISCUS VAN. IV-V; XI
(1654-1719) Pastoor te Leiden en een van de voormannen van de Cleresie. Polman, Katholiek Nederland; NNBW.
HEUVEL, HENDRICK VAN DEN. IX-X
Nederlands marine-officier; 1705 ordinaris kapitein-ter-zee bij de Rotterdamse Admiraliteit.
HEUVEL, ISAAC VAN DEN. I
Commissaris-deciseur met Heinsius naar Engeland, 1685.
HEUVEL, ISAACQ VAN DEN. XI; XII
Nederlands ingenieur; 1708 extraordinaris ingenieur; 1710-15 ordinaris ingenieur der 3e klasse. Ringoir, Afstammingen Genie
HEUVEL, (Mr.) JACOB VAN DEN. I
(† 1702) Commissaris-instructeur te Maastricht en president-schepen van den Vroenhove sinds 1697.
HEUVEL, zie HÖEVEL TOT NIJENHUIS, ROELOF VAN.
HEUVELEN, GEORGE FERDINAND VAN DEN. XVII
Nederlands vice-consul te Tripoli 1715-16.
HEYCOOP, JOHAN JOHANSZ. XI
(† 1710) Dorts regent en gedeputeerde ter Staten-Generaal. (GA Dordrecht).
HEYCOOP, N.N. VI
Provediteur van brood voor het Staatse leger in de Zuidelijke Nederlanden, met hoofdkwartier in Brussel. Staatsche Leger, VIII, bd.II.
HEYDEBRECK, ADAM VON. III
(† 1705) Brandenburgs officier; 1703 kolonel van een Brandenburg-Anspachs regiment infanterie in Hollandse dienst. Staatsche Leger, VIII, bd.III.
HEYDEN, N.N. XIV
N.n.g. Voormalig voogd van Berchem (Gulik).
HEIJDEN, JOHAN VAN DER. XIV
(† vóór 1720) Koopman en schepen van Rotterdam; nooit lid van de vroedschap. (GA Rotterdam)
HEYDEN À BLISIA, LAMBERT VAN DER. I
(† 1708) Kanunnik van St. Lambert te Luik; proost van de O.L.V. kerk te Keulen; 1702 commissaris-deciseur naar Maastricht namens de keizer. Jadin, Correspondance; Daris, Histoire de Liège, II, 241.
HEYDEN, N.N. VAN DER. VIII
N.n.g. Notaris te Delft; niet bekend bij GA Delft.
HEYDENFELDT, MATHIAS, baron VON. V-VI; VIII
Beiers diplomaat; agent te Berlijn 1706-07; nam daar ook de Franse belangen waar; 1713-17 envoyé van de keurvorst van Beieren te 's-Gravenhage. Repertorium, I.
HEYERS, MARGUÉRITE, zie HEINSIUS.
HEYMAN, JOHANNES. X
(1667-1737) Predikant in het Gulikse; 1700-06 te Smyrna; 1707 hoogleraar in de Oosterse talen aan de Leidse Hogeschool; 1707-09 studiereis naar het Nabije Oosten; 24 maart 1710 aanvaardde hij zijn ambt in Leiden. NNBW.
HEYNEN, JAN. III
Tweede man van de VOC factorij te Suratte, in 1684 wegens knoeierijen vervolgd. Coolhaas, Generale Missiven, IV.
HEYNINGEN, JACOB VAN. XI
Koopman in granen te Amsterdam, in conflict met Adam S. Leenrale.
HEYSTERMAN, ABRAHAM. @ III-V; IX-X; XII-XIV; XVIII
(† 1739) Nederlands consul te Lissabon 1702-39; 1731-32 ook zaakgelastigde in Portugal; 1704 met verlof in Holland. Schutte, Nederlandse vertegenwoordigers.
HEYSTERMAN, WILLEM. III; X
Vader van de voorgaande.
HIDALGO, DON ANTONIO DE. IX
In de Negenjarige oorlog plaatsmajoor van Gent.
HIGGINS, N.N. VI
Anglicaans priester, 1707.
HIGGONS, (Sir) THOMAS. @ XVII
Sinds 1713 secretary of state van koning 'James III Stuart' in ballingschap. Szechi, Jacobitism.
HILDEBRAND, MARIA DOROTHEA. XI-XII
(1681-1731) Dochter van een Zweeds ambtenaar; sinds 1710 echtgenote van Hendrik Willem Rumpf. Schutte, Nederlandse Vertegenwoordigers.
HILDEBRAND, HENRIK JAKOB. XI
Zweeds bankier en ambtenaar; schoonvader van H.W. Rumpf.
HILDESHEIM, bisschop van, (1702) zie BEIEREN, JOSEPH CLEMENS VAN; (1688) zie BRABECK, JOBST EDMUND VON.
HILL, ABIGAIL. VII; IX-XIV
(† 1734) Begonnen als kamermeisje van Queen Anne; 1707 getrouwd met Samuel Masham (later baron Masham of Oates) en vertrouwde van de koningin; 1711 privy purse; door haar verwantschap met Harley vormde zij een schakel in de relatie tussen Harley en Anne. Holmes, British Politics.
HILL, ALICE. XIV
(† 1762) Jongere zuster van de voorgaande; lady of the bedchamber van Anne. DNB.
HILL, JOHN. X-XIV
Engels officier; broer van beide voorgaanden; 1711 brigadier; 1712 lieutenant of the Tower.
HILL, RICHARD. I-VI; X; XII; XIX
(1655-1727) Engels staatsman en diplomaat; onder Willem III lord of the treasury; onder Anne een van de raadslieden van George van Denemarken; 1703-06 extraordinaris gezant in Savoye. DNB.
HILL, ROBBERT. III; V
(† 1711) Nederlands consul in Cork 1686-1711. Schutte, Nederlandse vertegenwoordigers.
HILL, WILLEM VAN. I-III; V
(† 1711) Nederlands officier; adjudant-generaal van Willem III; commandeur van Hulst. Hora Siccama, Aanteekeningen; Staatsche Leger, VIII, bd.III.
HILLEBRANDZ, JOHAN. IV
Nederlands schipper, veroordeeld in Zweden, 1705.
HILLENRAEDT, heer van, zie SCHENK VAN NYDEGGEN, ARNOLD.
HILLERMAN, L.D. @ XIII
Vertegenwoordiger van de graven van Bentheim te 's-Gravenhage, 1712.
HILLERSBERG, ADOLF VAN. XII
(† 1711) Nederlands officier; majoor van het regiment infanterie Friesheim 1703; luitenant-kolonel 1708. Ringoir, Hoofdofficieren infanterie.
HINLOOPEN, JELMER. @ II; VI
(1634-1711) Secretaris van Hoorn sinds 1668. Nederlandsch Patriciaat, 1915, 165.
HINOJOSA, (Mr.) ADRIAAN PIETER DE. III; XV; XVII
(1669-1741) Raadsheer in het Hof van Holland sinds 1697; president 1713; hoofdingeland van Delfland 1714. Elias, Vroedschap.
HIRZEL, JOHANN KASPAR. @ I-VI; VIII; XII; XIII
(† 1708) Zwitsers officier in Nederlandse dienst; luitenant-kolonel van het regiment Lochmann; kolonel van dat regiment 1702; gesneuveld vóór Rijssel. Ringoir, Hoofdofficieren infanterie.
HIRZEL, LUDWIG. XII
(1677-1725) Zwitsers officier in Nederlandse dienst; jongere broer van de voorgaande en de volgende; verlaat in 1711 de dienst en keert terug naar Zürich. HBLS.
HIRZEL, SALOMON. @ VIII; XII; XIII
(1672-1755) Broer van de beide voorgaanden; Zwitsers officier in Nederlandse dienst; 1701 majoor van het regiment Albemarle; 1703 luitenant-kolonel; 1710 kolonel-commandant; brigadier 1717; generaal van de infanterie 1747. HBLS; Ringoir, Hoofdofficieren infanterie.
HOADLEY, BENJAMIN. IX; XVIII
(1676-1761) Anglicaans geestelijke en publicist; een van de voormannen van de 'low church' binnen de Anglicaanse kerk; 1715 bisschop van Bangor; later bisschop van Winchester. DNB.
HOARE, JAMES. XVI
Betaalmeester van de troepen in Engeland.
HOARE, (Sir) RICHARD. XIV
(1648-1718) Bankier te Londen; M.P. voor de City of London 1710-1715, Lord Mayor 1712.
HOBREDE, heer van, zie BREDEHOFF, JACOB JOSIAS VAN.
HOCHARD, GILLES. VIII
N.n.g. protestants burger van Lille.
HOCHEPIED, DANIEL JEAN DE. @ I; V-XIV; XVII
(1657-1723) Nederlands consul te Smyrna (Izmir) 1688-1723; zwager van Colyer. Schutte, Nederlandse Vertegenwoordigers.
HOCHEPIED, JUSTINUS CONSTANTINUS DE. VIII; XVII
(† 1717) Zoon van de voorgaande; 1706-11 adjunct-consul te Smyrna; 1709-11 en 1714-15 in Holland. Schutte, Nederlandse Vertegenwoordigers.
HOCHEPIED, MARIA BENEDETTA DE. XIII
Echtgenote van Gaspard de Fontenu, Frans consul in Smyrna; oudste dochter van D.J. de Hochepied.
HODENPIJL, (Mr.) PHILIPS. @ III; VI; VII; IX; XIX
(† 1710/1711) Nederlands ambtenaar; commies-generaal van de convooien en licenten sinds 1700.
HOECKGEEST, DAVID. XI; XIV
(1667-1720) Nederlands marine-officier; kapitein-luitenant bij de Admiraliteit op de Maze 1707; kapitein-ter-zee 1713; 1717 overgegaan in Portugese dienst met behoud van rang in Nederland; 1719 uit Nederlandse zeedienst.
HOGWALL, BENGT. X
(† 1714) Zweeds ambtenaar; secretaris voor de Duitse zaken van de kanselarij in Stockholm 1710. (Riksarkivet, Stockholm)
HOENSBROEK, JOHAN WILLEM ADRIAAN VAN. VII; X; XIII; XIV
(1666-1735) Lid van de Ridderschap van het Overkwartier van Gelre sinds 1690; erfmaarschalk van het hertogdom Gelre; heer van Hoensbroek. (RA Limburg)
HOEUFT, GIDEON. VIII
(† 1710) Kanunnik van Sint-Pieter te Utrecht; sinds 1693 lid van geëligeerden in de Staten van Utrecht. Placcaatboek Utrecht, I, 212.
HOEUFT, JACOB. @ VI
(1660-1717) Regent van Dordrecht; burgemeester van die stad; lid van Gecommitteerde Raden, maar na 1702 niet meer in functie wegens zijn Oranjegezindheid. Hoeuft, Genealogie Hoeuft, 126.
HOEUFFT VAN OYEN, MATTHEUS. @ III-V; VII-IX; XI-XIII; XVII
(1647-1720) Nederlands officier; kolonel van een Hollands cavalerieregiment 1683; brigadier van de cavalerie 1690; op eigen verzoek wegens ziekte ontslagen 1691; weer in dienst als luitenant-generaal 1704; kolonel van de cavalerie. NNBW; Hora Siccama, Aanteekeningen; Ringoir, Afstammingen cavalerie.
HOEUFFT VAN OYEN, PHILIPPUS. XVII
(1686-1759) Zoon van de voorgaande, ritmeester van de cavalerie. Ringoir, Afstammingen cavalerie.
HÖEVEL TOT NIJENHUIS, ROELOF VAN. VIII; XI
(† 1765) Overijssels jonker; volontair bij de gardes te paard; geen verdere militaire carrière. Van Doorninck, Geslachtkundige Aanteekeningen, 295.
HOEVEN, (Mr.) JOHAN VAN DER. IV; XIV; XVIII
(1661-1744) Heer van de Tempel, Berkel en Rodenrijs; Rotterdams regent; vroedschap sinds 1692; baljuw van de stad o.a. 1705-07; burgemeester o. a. 1717. Engelbrecht, Vroedschap.
HOEVEN, PHILIPPUS VAN DER. I; X; XIV; XVIII
(1663-1747) Rotterdams regent, vele malen schepen tussen 1709 en 1743. Engelbrecht, Vroedschap.
HOEY, (Mr.) ABRAHAM VAN. @ XII; XIV; XVII; XVIII
(1684-1766) Pensionaris van Gorinchem; 1713 raad in het Hof van Holland; 1717 raad en rekenmeester van de Domeinen van Holland en pensionaris-honorair van Gorinchem, met zitting in de Staten van Holland, waar hij een tijdlang de leider van de z.g. bond van kleine steden was; 1727-47 ambassadeur te Parijs. Van der Aa, Biographisch Woordenboek; Schutte, Nederlandse vertegenwoordigers.
HOEY, GERARD VAN. III; IV
(1656-1708) Regent van Gorinchem; lid van de Raad van State 1687-88; gedeputeerde ter Staten-Generaal wegens Holland 1704. NNBW.
HOFFLAND, (Mr.) ANDRIES. II
Advocaat-fiscaal crimineel en procureur-generaal van het Hof van Holland, 1696-1707. Memorialen Rosa, lviii.
HOFFMANN, JOHANN PHILIPP. I; XII-XVIII
(† 1724) Keizerlijk resident in Londen 1693-1724. Repertorium.
HOFMAN, JOHAN. @ VI
(*1666) Afkomstig uit Dordrecht; naar Londen vertrokken; weer terug naar Dordrecht en vertaler van talrijke theologische werken uit het Engels en schrijver van verscheidene tractaten op hetzelfde gebied. Van der Aa. Biographisch Woordenboek.
HOGENDORP, (Mr.) GYSBERT VAN. @ VI-XIX
(1668-1750) Broer van de volgende; ontvanger-generaal van de Unie 1707-40; door keizer Karl VI in de Rijksgravenstand verheven. Nederland's Adelsboek, 1942, 582.
HOGENDORP, (Mr.) WILLEM VAN. @ I; V-VI; IX; XI; XIV; XVII; XVIII
(plm. 1656-1735) Rotterdams regent; lid van de vroedschap 1689-1730; vele malen burgemeester tussen 1697 en 1726; gecommitteerde in de Staten van Holland 1703-30; bewindhebber VOC 1692-1733; raad in de Admiraliteit op de Maze 1700-03. Engelbrecht, Vroedschap.
HOHENDORFF, GEORG WILHELM VON. XI; XIII; XIV; XVII; XIX
(1670-1719) Keizerlijk officier en adjudant van Eugenius van Savoye. Braubach, Prinz Eugen.
HOHENDORFF, LAGE. VI; VII; X; XIII
(1662-1729) Deens officier; 1703 brigadier van de infanterie; 1707 commandant van Rendsburg; 1710 generaal-majoor; 1711 luitenant-generaal. DBL.
HOHENZOLLERN-HECHINGEN, gravin van, zie HENRICA FRANCISCA.
HOLA, (Dr.) JEREMIAS. VI
Regent van Schoonhoven; secretaris van de stad 1696-1735. Van Berkum, Beschryving Schoonhoven.
HOLLAERT, NICOLAAS. I
Koopman van Zierikzee.
HOLLAND, (Sir) JOHN. XII
Comptroller of the household van Queen Anne, 1709-11.
HOLLEBEEK, PETRUS. VIII
(1646-1709) Predikant te Leiden sinds 1680; 1707 regent van het Statencollege aldaar. NNBW.
HOLLES, HENRIETTA CAVENDISH. XIII
(† 1755) Enig kind van John Holles, hertog van Newcastle; 1713 getrouwd met Edward Harley, later 2e graaf van Oxford. DNB.
HOLLES, JOHN, hertog van NEWCASTLE. IV; VII-XIII; XVI; XVII
(1662-1711) Engels edelman; 1705 lord privy seal; talrijke andere functies.DNB.
HOLMER, G. II
Staatsraad en vertegenwoordiger van Holstein-Gottorp in Stockholm. Repertorium, I.
HOLST, HENNING PEDERSEN. V; VI; XIV
(1668-1715) Koninklijk Deens ambtenaar. DBL.
HOLSTEIN, JOHAN GEORG VON. XVII; XIX
(1662-1730) Deens koninklijk ambtenaar; geheime raad 1712; verwant van de volgende. DBL.
HOLSTEIN, ULRIK ADOLPH, graaf. XIII; XIX
(1664-1737) Verwant van de voorgaande; Deens staatsman; graaf sinds 1708; grootkanselier 1719; getrouwd met Christine Sophie, gravin Reventlow (1672-1757), dochter van grootkanselier Conrad Reventlow, en halfzuster van Anna Sophie, de maitresse van koning Frederik IV en latere koningin van Denemarken. DBL.
HOLSTEIN-BECK, hertog van, zie ANTON GÜNTHER; FRIEDRICH LUDWIG; PHILIPP WILHELM.
HOLSTEIN-GOTTORP, hertog van, zie FRIEDRICH IV; KARL FRIEDRICH.
-.hertog-administrateur van, zie CHRISTIAN AUGUST.
- hertogin-weduwe van, zie FRIEDRIKE AMALIA; HEDVIG SOPHIA.
- prinses van, zie MARIE ELISABETH; SOFIE AMALIE.
HOLSTEIN-NORBURG, hertog van, zie ERNST LEOPOLD; JOACHIM FRIEDRICH.
- hertogin van, zie MAGDALENE JULIANE.
HOLSTEIN-PLÖN, hertog van, zie CHRISTIAN KARL; JOHANN ADOLF.
HOLSTEIN-SONDERBURG-PLÖN, hertog van, zie JOHANN ERNST FERDINAND.
HOLSTEN, FRANS HELFRICH VAN. @ III; IX; XV
(† 1725) Officier in Nederlandse dienst; luitenant-kolonel van het regiment infanterie Brandenburg-Anspach 1701; kolonel-commandant 1709. Ringoir, Hoofdofficieren infanterie.
HOLT, (Sir) JOHN. X
(† 1710) Engels rechtsgeleerde; lord chief justice. DNB.
HOLTMAN, WILLEM. @ XIII
Burgemeester en secretaris van Meurs.
HOLTZE, JOHAN JACOB. XVII
Deens ambtenaar, extraordinaris gezant naar Engeland 1716. Marquard, Danske Gesandter.
HOMBEEK, burggraaf van, zie LOCQUET, JEAN-MICHEL.
HOMPESCH, ADAM LUDWIG, baron VON. III-VI; X
(† 1733) Broer van de beide volgenden; officier in Nederlandse dienst; 1698 luitenant-kolonel van het Hollandse regiment infanterie Kroonprins van Pruisen; 1703 kolonel-commandant van dat regiment; 1709 brigadier; 1727 generaal-majoor. Ringoir, Hoofdofficieren infanterie; Fahne, Geschichte der Kölnischen, Jülischen und Bergischen Geschlechter, 169.
HOMPESCH, ADRIAAN GUSTAAF, graaf van. III; IV; VIII-X
(† 1710) Broer van de voorgaande en de volgende; officier in Nederlandse dienst; majoor van het regiment gardedragonders van Wilhelm van Hessen-Kassel 1702; luitenant-kolonel 1705; gesneuveld vóór Douai. Ringoir, Afstammingen cavalerie; Hora Siccama, Aanteekeningen.
HOMPESCH, REINHART VINCENT, baron. @ # I-V; VII-XIX
(1660-1733) Afkomstig uit Gulik; officier in Nederlandse dienst; majoor van de Hollandse gardes te paard 1691; kolonel van dat regiment 1711; generaal-majoor van de cavalerie sinds 1701; luitenant-generaal 1704; commandeur van Grave 1704; gouverneur van Luxemburg 1713; van Namen 1714; van 's-Hertogenbosch 1718; generaal van de cavalerie 1723; graaf des H.R.R. Van der Aa, Biographisch Woordenboek; Ringoir, Afstammingen cavalerie.
HONERT, (Mr.) HERMAN VAN DEN. II; IV-VII; X; XIII
(1645-1730) Regent van Dordrecht; secretaris van die stad 1674-88; burgemeester o.a. in 1702, 1706-07, 1712-13 en 1718-19; vele malen wegens Dordrecht lid van Gecommitteerde Raden van Holland, o.a. 1703-05; curator der Leidse Hogeschool sinds 1703. NNWB.
HONEYWOOD, PHILIP. XI
Engels kolonel.
HONING, N.N. VIII
Kanselier van Oost-Friesland.
HONKOOP, GERRIT. XVII
Belastingpachter te Leiden.
HONORÉ, JAN. XI
Amsterdams koopman.
HONSTEIN, zie ONSTEIN.
HONTHEYM, zie HUNDHEIMB.
HOOFT, AGATHA WENDELA. XI
(1681-1721) Dochter van Willem Hooft uit zijn eerste huwelijk; echtgenote van Rutger Mogge, heer van Haamstede.
HOOFT, (Mr.) GERRIT. I-II; IV-V; VII-VIII; XI-XIX
(1649-1717) Amsterdams regent; vroedschap sinds 1679; burgemeester 1708, 1711, 1714, 1716 en 1717; bewindhebber VOC sinds 1678; commissaris-adviseur, toegevoegd aan het gezantschap dat onder leiding van Heinsius de geschillen met de Engelse E.I.C. ging bespreken, 1685-86; zwager van Jacob Hop. Elias, Vroedschap.
HOOFT, HENDRIK. @ II; VI; X
(1641-1707) Amsterdams regent; advocaat-fiscaal van de Amsterdamse Admiraliteit sinds 1666; 1691 tevens drossaard en kastelein van Muiden, baljuw van Naarden en Gooiland en hoogbaljuw en dijkgraaf van Weesp en Weesperkarspel. Elias, Vroedschap.
HOOFT, (Mr.) HENDRIK. XVII; XVIII
(1676-1752) Zoon van Gerrit Hooft; advocaat van de VOC; 1716 raad en rekenmeester van de Grafelijkheidsdomeinen van Holland. Elias, Vroedschap.
HOOFT, (Mr.) HENDRIK, de Jonge. @ X
(1666-1717) Van 1708 tot zijn dood drossaard en kastelein van Muiden en baljuw van Naarden, als opvolger van zijn vader Mr. Hendrik Hooft (1641-1707). Elias, Vroedschap.
HOOFT, ISABELLA. IV
(1659-1701) Jongere zuster van Gerrit Hooft; echtgenote van Jacob Hop. Elias, Vroedschap.
HOOFT, (Mr.) WILLEM. @ # VIII-XIV
(1661-1740) Amsterdams regent; secretaris van Amsterdam 1678-90; baljuw en dijkgraaf van het Groot-Waterschap Woerden 1690-40; na 1690 gevestigd in Delft, waar hij in 1708 schepen en lid van de vroedschap werd en burgemeester in 1720; gedeputeerde te velde voor Holland 1709-12; baljuw en dijkgraaf van Delfland 1721; zwager van Jacob Hop. Elias, Vroedschap.
- tweede echtgenote van, zie VERBURCH, ADRIANA.
't HOOFT, WILLEM. @ XI; XIV; XVI; XVII
(1675-1752) Nederlands marine-officier; commandeur bij de Admiraliteit op de Maze 1703; kapitein-ter-zee 1713; in Portugese dienst 1717-25; daarna weer terug in Nederlandse dienst en tenslotte luitenant-admiraal van Holland.
HOOGE, PIETER DE. XVI
Nederlands vice-consul te Alicante 1702-11; consul te Barcelona 1711-19. Schutte, Nederlandse vertegenwoordigers.
HOOGENHOUCK, (MR) ABRAHAM. @ X; XV
(1683-1756) Zoon van Justus Hoogenhouck; lid van de vroedschap van Leiden 1710; zwager van Pieter Marcus, de pensionaris van Leiden. Prak, Gezeten Burgers.
HOOGENHOUCK, CATHARINA. XIV, XV
(1674-1761) Halfzuster van de voorgaande; echtgenote van Mr.Pieter Marcus.
HOOGENHOUCK, JUSTUS. VIII; X
(† 1714) Afkomstig uit Delft; lid van de veertigraad van Leiden sinds 1690; vele malen schepen en burgemeester; bewindhebber van de WIC; doet 1710 vrijwillig afstand van zijn plaats in de veertigraad. Prak, Gezeten burgers.
- echtgenote van, zie TOMBE, MARGARETHA DES.
HOOGENHOUCK, (Mr.) MAARTEN PIETERSZ. @ II; VI; IX
(1651-1720) Delfts regent; bewindhebber VOC sinds 1699; lid Gecommitteerde Raden van Holland 1702-04; baljuw en dijkgraaf van Delfland 1714. Van der Lely, "Delftse vroedschappen". Nederlandsche Leeuw, 1915, 77.
- echtgenote van, zie BOOGAERT, MACHTELD.
HOOGERHEYDE, heer van, zie AERSSEN, CORNELIS VAN.
HOOGERHUYS, MANUEL VAN 'T. VI
Nederlands schipper, 1707.
HOOGHE, PIETER DE. XI
Nederlands consul te Barcelona 1711-19. Schutte, Nederlandse Vertegenwoordigers, 420.
HOOGTWOUD, JOAN. IX; XIII
(† 1712) Regent van Hoorn; vroedschap sinds 1692. Kooijmans, Onder regenten.
HOOGVORST, baron van, zie VILLEGAS, JACQUES-FERDINAND.
HOOP, CORNELIS VAN DER. V
Baljuw van Lekkerkerk.
HOOP, (Mr.) FRANÇOIS VAN DER. XI
(1675-1741) Sinds 1700 advocaat voor het Hof van Holland; 1717 raadsheer in de Hoge Raad van Holland en Zeeland. Elias, Vroedschap.
HOOP, N.N. VAN DER. XVII
Advocaat te Dordrecht. (Dezelfde als voorgaande?)
HOOPER, GEORGE. VI
(1640-1727) Engels Angilcaans geestelijke; bisschop van Bath and Wells sinds 1704.
HOOREMAN, WOUTER. @ IX
(1660-1726) Nederlands ambtenaar; cCommies ter griffie van de Staten-Generaal wegens de provincie Utrecht. Hora Siccama, Aanteekeningen; Nederlandsche Leeuw CIV (1987) 432.
HOORN, HENDRIK VAN. XIII; XVI
Suikerraffinadeur te Amsterdam, samen met zijn broer Nicolaes. Elias, Vroedschap.
HOORN, JACOB VAN. I
Met Heinsius commissaris-instructeur naar Engeland, 1685-86.
HOORN, JOAN VAN. IX; XI; XIV
(1653-1711) Gouverneur-generaal van Indië 1704-09; gerepatrieerd als commandeur van de retourvloot 1709, in patria gearriveerd juli 1710. NNBW.
- echtgenote van, zie RIEBEECK, JOHANNA MARIA VAN.
HOORN, JURRIEN. XI
Zweeds schipper.
HOORN, NICOLAAS VAN. II
(† 1734) Regent van Vlissingen; raad sinds 1672; burgemeester o.a. in 1703. Van Woelderen, "Lijst van baljuws etc. van Vlissingen".
HOORNBEEK, HENDRIK AEMILIUS VAN. @ # II-V; IX; XI; XII; XV
(† 1741) Jongere broer van de volgende; commies fiscaal der imposten van Holland; later pensionaris van Delft. Van der Aa, Biographisch Woordenboek.
HOORNBEEK, (Mr.) ISAÄC VAN. @ # I-XIX
(1655-1727) Zoon van een Leids hoogleraar; advocaat te 's-Gravenhage; sinds 1692 pensionaris van Rotterdam; 1720 opvolger van Heinsius als raadpensionaris van Holland. NNBW.
HOORNBERGH, JOHAN REINHARD VAN. I; II
(† 1703) Nederlands officier; kolonel van een Hollands regiment cavalerie sinds 1695; brigadier 1701. Ringoir, Afstammingen cavalerie.
HOP, (Mr.) CORNELIS. XVIII; XIX
(1658-1716) Jongere broer van de thesaurier-generaal Jacob Hop en zwager van Robert Goes; secretaris van de Weeskamer te Amsterdam; zaakwaarnemer van zijn zwager Goes in Holland. Elias, Vroedschap, II, 742.
HOP, (Mr.) CORNELIS. @ # VIII; XVIII;XIX
(1685-1762) Oudste zoon van Jacob Hop; regent in Amsterdam; 1718-26 ordinaris ambassadeur te Parijs. Elias, Vroedschap.
HOP, HENRICK. V; VIII; IX
(1686-1761) Tweede zoon van Jacob Hop; Nederlands officier; ritmeester in het regiment Nassau-Ouwerkerk; majoor 1710; kolonel-commandant 1727; eindigt zijn militaire carrière als generaal van de cavalerie en gouverneur van Namen; daarna 1723-61 gezant te Londen. Elias, Vroedschap.
HOP, (Mr.) JACOB. @ # I-XIX
(1654-1725) Sinds 1699 baron des HHR; pensionaris van Amsterdam 1680-87; thesaurier-generaal van de Unie 1699-1725; vele diplomatieke zendingen, o.a. in mei 1702 naar de koning van Pruisen in Wesel; 1703 gedeputeerde te velde; 1706 deel uitmakend van het Engels-Nederlandse bestuur over de Zuidelijke Nederlanden. NNBW; Elias, Vroedschap.
- echtgenote van, zie HOOFT, ISABELLA.
HOP, JOHANNA. III V; VI; IX; XIII
(1652-1706) Oudere zuster van de thesaurier-generaal Jacob Hop; 1685 getrouwd met Robert Goes. Schutte, Nederlandse Vertegenwoordigers.
HOPKINS, EDWARD. IX
(1675-1736) Neef van Sunderland; Whig M.P. voor Coventry van 1707-10; voor Eye 1713-27. Sedgwick, House of Commons 1715-1754.
HOPKINS (Sir) THOMAS. I; II
(1642-1717) Engels marine-officier; vice-admiraal; onderbevelhebber van Rooke bij de expeditie naar Cadiz 1702, daarna niet meer in dienst. DNB.
HORION, GÉRARD-ASSUÉRUS, baron de. @ I-II; V; IX-XI; XIII; XIV-XVI
Sinds 1700 lid van de raad van de prins-bisschop van Luik. Daris, Histoire de Liège, II, 277.
HORLEMAN, Mme. N.N. XIII
Genoemd door H.W. Rumpf in Stockholm.
HORN, ARVID BERNHARD. III-V; VIII-XIV
(1664-1742) Zweeds officier en staatsman; generaal-majoor van de cavalerie; commissaris bij de vergadering van de Poolse geconfedereerden; graaf Horn 1706; president van de kanselarij 1710-19; naaste medewerker van Karl XII. SBL.
- (3e) echtgenote van, zie GYLLENSTIERNA, MARGARETHA.
HORN, THURE SIGISMUND. XVII
(† 1724) Zweeds officier; krijgsgevangen gemaakt bij de overgave van Strahlsund. (Riksarkivet Stockholm)
HORN, N.N., graaf. VI
Zweeds officier in Franse dienst?
HORNES, ANTOINE, graaf van. XIX
(1698-1720) Tweede zoon van Philippe-Emanuel van Hornes; avonturier; 26 maart 1720 te Parijs terechtgesteld wegens beroving en moord op een effectenmakelaar. Hyde, John Law, 147-48.
HORNES, ISABELLE JUSTINE, gravin van, gravin van BENTHEIM. @ I; X; XI; XIV
(† 1734) Echtgenote van Ernst, graaf van Bentheim. Stammtafeln, Neue Folge, VI, T.65.
HORNES, PHILIPPE-EMANUEL, prins en graaf van, graaf van BAUCIGNIES, HOUTKERKE EN BAILLEUL. I; V; IX; X; XIV; XIX
(1661-1718) Zuid-Nederlands edelman; gouverneur en kapitein-generaal van Spaans Gelre 1699-1702; luitenant-generaal in Spaanse dienst; grande van Spanje. Stammtafeln, Neue Folge, VI, T.65.
HORNES, EUGENE-MAXIMILIEN DE, graaf van HOUTKERCKE. IV
(1659-1709) Zuid-Nederlands edelman; vader van de voorgaande; officier in Franse dienst; luitenant-generaal. Herckenrode, Nobiliaire, I, 1063; Stammtafeln, Neue Folge, VI, T.65.
HORSMAN, N.N. IV
Nederlands officier; luitenant van de infanterie.
HORST, N.N. Freiherr von der. VII
Uit een Rijnlands geslacht; officier in Trierse dienst; commandant van Koblenz en Ehrenbreitstein; later overgegaan in keizerlijke dienst.
HORST, N.N. VAN DER. XVIII
Klerk van de stad Amsterdam te 's-Gravenhage.
HORVAN, N.N. V
Afgezant van Rákóczi naar de Porte.
HOSTE, N.N. X
Voormalig agent van Clairmont.
D'HOSTUN, CAMILLE, graaf van TALLARD, hertog van HOSTUN. @ I-VI; XI-XIII; XIX
(1652-1728) Frans officier; luitenant-generaal 1693; maarschalk van Frankrijk 1703; krijgsgevangenen gemaakt in de slag bij Hochstädt 1704 en tot 1712 in Engeland gebleven; 1712 hertog van Hostun; 1697-1701 extraordinaris ambassadeur te Londen voor de verdeling van de Spaanse erfenis. Michaud, Biographie Universelle, 40, 593.
D'HOSTUN, MARIE-JOSEPH, graaf van TALLARD, graaf van HOSTUN. @ VI
(† 1755) Tweede zoon van de voorgaande; maarschalk Tallard; 1715 hertog van Hostun; Frans officier; bij Ramillies gevangen genomen; uitgewisseld 1707. Dictionnaire de la Noblesse, 8..
HOTOFS, N.N. XIV
Geheime oorlogsraad van de keurvorst van Hannover.
HOUDELETT, DAVID. IX
Ouderling in de Waalse kerkeraad van Isenburg, 1709.
HOUTMAN, ADOLPH. I; IV; V
Amsterdams koopman op Moscovië en Archangel; vriend van tsaar Peter. Elias, Vroedschap.
HOUTMAN, CORNELIS. @ IV
N.n.g. Vermoedelijk een Rotterdams koopman te Parijs; betrokken bij de uitwisseling van krijgsgevangenen.
HOUTMAN, JAN. IV
Zoon van de voorgaande.
HOUTTEN, JACOB VAN. XI
Nederlands koopman in Portugal.
HOUWENS, LOUIS. XIX
(1664-1731) Commissaris der belastingen te Amsterdam 1712-17; Nederlands resident te Lissabon 1718-31. Schutte, Nederlandse vertegenwoordigers.
HOVE, MICHIEL TEN. I
Pensionaris van Haarlem; korte tijd raadpensionaris van Holland; voorganger van Heinsius.
HOVERBECK, JOHANN DIETRICH, Freiherr VON. II; III
Gezant van Brandenburg-Pruisen in Polen 1690-1704. Repertorium, I.
HOVERLAND, N.N. XII
Raad van Doornik; kandidaat voor het ambt van raad in de Chambre Supérieure des Appellations, 1711.
HOVORST, baron de, zie VILLEGAS, JACQUES-FERDINAND DE.
HOWARD, CHARLES, graaf van CARLISLE. I
(1674-1738) Engels edelman; privy councillor 1701; deputy earl-marshall van Engeland 1701-06; first lord of the treasury 1701-02; commissaris voor de unie met Schotland 1706. DNB.
HOWARD, THOMAS, hertog van NORFOLK. XVI
(1683-1732) Engels edelman. Complete Peerage.
HOWARD, ELIZABETH, hertogin van GORDON. XII; XVII
(† 1732) Echtgenote van George Gordon, hertog van Gordon; sinds 1696 in een klooster in Vlaanderen; 1707 van haar man gescheiden. Complete Peerage.
HOWE, EMANUEL SCROPE. IV; V; VIII-X
(† 1709) Engels officier; onder Willem III groom of the bedchamber; brigadier 1704; generaal-majoor 1707; luitenant-generaal van de infanterie 1709; 1705-09 extraordinaris gezant in Hannover. DNB.
HOWE, JOHN GRUBHAM. I; IV
(1657-1722) Broer van de voorgaande; bekend als John How; politicus; M.P. 1689-1701 en 1702-05; aanvankelijk Whig, later Tory; onder Anne privy councillor en verscheidene andere functies. DNB.
HOYET, THOMAS. @ XIII
Nederlands officier; 1712 majoor van het regiment cavalerie Coilin Lambert; 1733 majoor regiment Mattha; 1742-56 kolonel-commandant; 1747 generaal-majoor van de cavalerie. Staatsche Leger, VIII, bd.III; Ringoir, Afstammingen Cavalerie.
HOYM, ADOLF MAGNUS, graaf. VII; X
(1688-1723) Saksisch ambtenaar; minister van de keurvorst 1706-11; Saksisch gezant in Holstein 1710. NDB.
HUBER, HERMAN. IX; XII
(1663-1730) Fries jurist; secretaris van de Staten van Friesland; gemachtigde van Johan Willem Friso inzake de erfenis van Willem III. NNBW; Drossaers-Lunsingh Scheurleer, Inventarissen Oranjes, II.
HUBERT, zie HUYBERT.
HUDDE, JOANNES. I-II; XII
(1628-1704) Heer van Waveren, Botshol en Ruige Wilnis; Amsterdams regent; raad sinds 1667; vele malen burgemeester tussen 1672 en 1703, o.a. in 1702. Elias, Vroedschap.
HUDSON, JOSEPH. XVIII
Engels koopman te Tunis; 1713-52 Nederlands consul te Tunis. Schutte, Nederlandse vertegenwoordigers.
HUDSON, N.N. VII-VIII; X
Koopman en solliciteur van de Engelse troepen in Gent; aannemer van de uitrusting van de regimenten in dienst van Carlos III in de Nederlanden. Van Houtte, Occupations, II, 275; Veenendaal [sr.], Condominium, 205.
HUENDAÑO Y BILLELA, DON INIGO DE. @ VI
N.n.g. Correspondent in 1707.
HÜNERBEIN, FRIEDRICH GOTTFRIED VON. X
Münsters officier; kolonel van een Münsters regiment infanterie in Nederlandse dienst, 1701. Staatsche Leger, VIII, bd.III.
HUFFEL, JOHAN FREDERIK VAN. II; IV; VII-XIV; XVII
(† 1733) Nederlands officier; uit een Overijssels geslacht; zwager van A.H. van Rechteren-Almelo; kolonel-commandant van het Hollandse regiment infanterie Birkenfeld 1701; kolonel van dat regiment 1704; brigadier 1706; generaal-majoor 1709; plaatsvervangend commandant van Lille 1710; luitenant-generaal 1727. Van Doorninck, Geslachtkundige Aanteekeningen, 270; Ringoir, Hoofdofficieren infanterie.
HUGUETAN, JEAN-HENRI. @ II-V; VI-VIII; XI; XII; XVIII
(1665-1749) Groot bankier te 's-Gravenhage, met kantoren te Amsterdam en Genève; 1710 drossard van Vianen namens de graaf van Lippe-Detmold; 1717 Deens graaf GULDENSTEEN. Van Biema, Les Huguetan de Mercier et de Vrijhoeven.
- echtgenote van, zie NASSAU-ODIJK, MAURICE MARGARETHA.
HUGUETAN, PIERRE. II
Broer van de voorgaande; koopman te Amsterdam.
HUISSEN, N.N. VON. II
N.n.g. Frans afgezant naar de Zweedse koning, 1703.
HULFT, (Mr.) JAN. II
Advocaat te Amsterdam; neef van de volgende.
HULFT, (Mr.) JOHAN. @ # I; II; III-IX; XI; XIX
(1646-1709) Uit een Amsterdams regentengeslacht; Nederlands commissaris te Brussel; resident aldaar 1688-1709; 1704 ook gecommitteerde te Luik. Elias, Vroedschap.
HULS, CAREL WILLEM VAN. @ # I-II-VI; XI-XVII; XIX
(*1663) Uit een Haags regentengeslacht; sinds 1688 in Engeland; werkzaam bij de secretarie van Willem III; later secretaris en vertegenwoordiger van Albemarle in Engeland; Harley-Oxford gebruikt hem als kanaal om met Heinsius in contact te blijven. Hora Siccama, Aanteekeningen; Benschop, Postwezen, 81; Fölting, Vroedschap 's-Gravenhage; Schutte, Buitenlandse vertegenwoordigers.
HULS, (Mr.) SAMUEL VAN. I-II; IX; XI-XIII; XIX
(1655-1734) Broer van de voorgaande; klerk ter secretarie des konings te Londen sinds 1688; contrarolleur van de convooien en licenten te Nijmegen 1699; schepen van 's-Gravenhage 1700, 1701 en 1704; burgermeester 1702. Hora Siccama, Aanteekeningen.
HULST, ALEXANDER VAN DER. @ XVII
Zoon van de volgende.
HULST, HENDRIK JACOBSZ. VAN DER. @ III; IV; VIII; X; XI; XVII
(† 1710) Nederlands resident in Moskou 1700-10. Schutte, Nederlandse vertegenwoordigers.
HUME, PATRICK, graaf van MARCHMONT. VI
(1641-1724) Schots edelman; adviseur van Willem III. Snyder, Marlborough-Godolphin.
HUME-CAMPBELL, ALEXANDER, lord POLWARTH. XVII; XVIII
(1675-1740) Zoon van de voorgaande, bekend als lord Polwarth tot 1724, daarna graaf van Marchmont; 1716-21 extraordinaris gezant van Engeland te Kopenhagen, ook geaccrediteerd bij de tsaar tijdens diens verblijf in Duitsland en Denemarken. Complete Peerage; Repertorium, II.
HUNDHEIMB, LOTHAR FRIEDRICH, Freiherr von. VII; XIII-XV
Paltsisch General-Kriegskommissar; 1712-13 afgevaardigde van de keurvorst op het vredescongres van Utrecht. Repertorium, I.
HUNEKEN, CATHARINA CECILIA. @ XVII
(1669-1737) Dochter van de volgende, echtgenote van Casimir Abraham, graaf Schlippenbach. Schutte, Buitenlandse vertegenwoordigers.
HUNEKEN, HENDRIK. @ III; XVII
(1638-1708) Advocaat te 's-Gravenhage en resident van de Hanzesteden, Danzig, Osnabrück, Keulen en Hannover en Celle aldaar. Schutte, Buitenlandse vertegenwoordigers.
HUNGERFORD, JOHN. XVII
(† 1729) Tory M.P. voor Scarborough 1707-29. Sedgwick, House of Commons 1715-1754.
HUNSDON, baron, zie CAREY.
HUNTER, ROBERT. IX; X
(† 1734) Engels officier; luitenant-kolonel 1703; luitenant-gouverneur van Virginia 1707, maar op weg naar zijn post door een Franse kaper gevangen genomen en in het volgende jaar uitgewisseld tegen de bisschop van Quebec; 1709-19 gouverneur van New York; 1729-34 gouverneur van Jamaica. DNB.
HUNTINGDON, graaf van, zie HASTINGS, GEORGE; THEOPHILUS.
- gravin van, zie LEVESON FOWLER, FRANCES.
HUPKEN, N.N. VI
Zweeds ambtenaar; secretaris van de kanselarij te Stockholm.
HURCK, N.N. VAN. XII
Advocaat in Meeuwen, 1711 gevangen genomen door Franse partijgangers.
HURT, N.N. XIV
Engels boekdrukker; uitgever van de 'Flying Post' in Londen, 1712.
HURTADO DE MENDOZA Y SANDOVAL, DIEGO, graaf van CORZANA. I; II; VI; XII-XIV
Spaans edelman; aanhnager van Carlos III; 1707 onderkoning van Catalonië; keizerlijk gevolmachigde op het congres te Utrecht 1712-13. Enciclopedia Universal Illustrada, 15, 1093; Repertorium, I; Francis, First Peninsular War.
HUSSON, N.N. VI
Hospitaalmeester in Gent, 1707.
HUSTIN, N.N. XII
Functionaris te Douai, 1711.
HUTCHINSON, ALEXANDER. XII; XIII
Schots officier in Nederlandse dienst; 1712 luitenant-kolonel van het regiment Hepburn/Douglas. Ringoir, Hoofdofficieren infanterie.
D'HUXELLES, markies van, zie DU BLÉ, NICOLAS.
HUYBERT, (Mr.) DAVID DE. III; XII
(1658-1719) Middelburgs regent; schepen o.a. in 1704 en 1705; burgemeester in 1707, bewindhebber VOC. Nagtglas, Levensberichten, I, 446.
HUYBERT, (Mr.) PIETER DE. IV
(1622-1697) Raadpensionaris van Zeeland van 1664-87. Hora Siccama, Aanteekeningen.
HUYBREGTS, CORNELIS. I
Koopman uit Vlaardingen.
HUYGE, JACOB. XII
Zeeuwse kaper, voerende de 'Griffioen' van 46 stukken, afkomstig uit Middelburg.. Verhees, Zeeuwse Kaapvaart.
HUYSSEN, JOHAN. XIV
(† 1716) Utrechts regent; lid van de vroedschap 1684; 1712-13 burgemeester. Groot Placaatboek Utrecht, 3, 194.
HYDE, EDWARD. XIV
(1650-1712) Gouverneur van North Carolina 1711-12. Who was Who in America, 1607-1896.
HYDE, EDWARD, lord CORNBURY, graaf van CLARENDON. IX; XII; XIII; XVI
(1661-1723) Zoon van Henry Hyde, graaf van Clarendon; gouverneur van New York en New Jersey 1701-08; derde graaf van Clarendon 1709; lid van de Privy Council 1711; extraordinaris envoyé naar Hannover 1714. DNB.
HYDE, FRANCES. I
Echtgenote van Thomas Keigthley, zuster van Laurence Hyde-Rochester. DNB.
HYDE, HENRY, graaf van CLARENDON. I
(1638-1709) Zwager van James II en oom van Anne; na 1688 medestander van James II. DNB.
HYDE, HENRY, graaf van ROCHESTER. I; XII
(1672-1753) Hij erft in 1711 de titel graaf van Rochester van zijn vader; 1723 ook nog graaf van Clarendon. Complete Peerage.
- echtgenote van, zie LEVESON-GOWER, JANE.
HYDE, LAURENCE, graaf van ROCHESTER. I-IV; VI; VII; XI-XIV
(1641-1711) Graaf van Rochester sinds 1681; lord lieutenant van Ierland 1702-03; oom van Queen Anne. DNB.
HYMMEN, (Dr.) RYTHARD VON. @ II; V-XIV
(† 1722) Brandenburgs ambtenaar; vice-kanselier van Kleef; 1711-13 extraordinaris envoyé van Brandenburg-Pruisen te 's-Gravenhage. Repertorium, I; Schutte, Buitenlandse vertegenwoordigers.
HIJSTERMAN, zie HEYSTERMAN.