Onderzoeksgids Bestuur en administratie van de Bataafs Franse tijd 1795-1813

Instelling

Commissie van Superintendentie over de Waterstaat der Bataafse Republiek


Actief vanaf 01-05-1805 tot 20-01-1807

Aantekeningen:

Het bestuur en en het beheer van de gehele waterstaat werd opgedragen aan de Secretaris van Staat voor de Binnenlandse Zaken. Samen met vier andere leden vormde hij de Commissie van Superintendentie over de Waterstaat. Over de provinciale en gemeentelijke waterwerken werd een indirect beheer uitgeoefend.

De Secretaris van Staat zat de Commissie van Superintendentie voor. De overige leden werden benoemd door de Raadpensionaris. De Commissie kwam tenminste eenmaal in de veertien dagen bijeen. Om de band met de waterstaat in de Departementen te behouden werden de Departementale besturen uitgenodigd elk één persoon te benoemen om op aanschrijving van de Commissie tweemaal per jaar naar Den Haag te komen. Deze bijeenkomsten, die niet langer dan twee weken mochten duren, dienden voor de uitwisseling van informatie en voor beraad en onderlinge besluitvorming over door de Commissie voorgelegde punten. In het voorjaar diende een generaal verslag van de staat van de rivier- en zeewerken te worden opgesteld, in het najaar kwamen de rapportages inzake uitgevoerde werken aan de orde. Wanneer dat noodzakelijk was, kon de Commissie haar lid uit het Departement waar een probleem zich voordeed naar Den Haag beschrijven en overleg plegen.

De Commissie stemde hoofdelijk, zonder last of ruggespraak. De leden stemden naar anciënniteit, de gecommitteerde leden uit de Departementen volgens een eenmalig vast te stellen ranglijst. De voorzitter bepaalde steeds de werkwijze per zaak. De Commissie kon de Raadpensionaris voorstellen doen ter verbetering van de waterstaat. Voor alles wat boven de begroting en het gewone onderhoud uitging, was een nieuw staatsbesluit noodzakelijk.

Indien de Commissie van Superintendentie het nodig zou vinden, kon op voordracht aan de Raadpensionaris een directeur-generaal van de waterstaat worden aangesteld. Dit is echter niet gebeurd. Het personeel dat zich tot 1805 toe met de waterstaat had beziggehouden, ging van de Algemene Secretarie over naar de Secretarie van Staat voor de Binnenlandse Zaken. De organisatie van de dienst van de waterstaat bleef dezelfde als die van 1803.


Wetgeving:

1805/05/01 Staatsbesluit Raadpensionaris: opheffing van de beide Commissies van Superintendentie; overdracht van de waterstaat aan de Secretaris van Staat voor Binnenlandse Zaken, met een Commissie van Superintendentie over de Waterstaat. meer informatie
1805/06/21 Staatsbesluit Raadpensionaris: vaststelling van het reglement voor de Commissie van Superintendentie over de Waterstaat. meer informatie
1805/11/11 Staatsbesluit Raadpensionaris: vaststelling van additionele artikelen inzake de waterstaat. meer informatie
1807/01/20 Koninklijk besluit Lodewijk Napoleon: instelling van een Algemene Administratie over de Waterstaat; ontbinding van de Commissie van Superintendentie van de Waterstaat. meer informatie

De voornaamste bij deze instelling betrokken personen (links naar Repertorium applicatie):



Literatuur:

Bonder, H., De archieven van Inspecteurs en Commissies van de Waterstaat in Nederland vóór 1850. Den Haag, 1952.
Boogaard, J.F., Wetten, decreten, besluiten en tractaten op de waterstaat in Nederland, met aantekeningen. 's-Gravenhage, 1858.
Bosch, A., "Naar eenheid en eenvoud. De oprichting en ontwikkeling van de Rijkswaterstaat 1798-1815" in: Waterstaat XIX (1998) p. 43-53.
Bosch, A., en W. van der Ham, Twee eeuwen Rijkswaterstaat, 1798-1998. Zaltbommel, 1998.
Bosch, A., Om de macht over het water. De nationale waterstaatsdienst tussen staat en samenleving, 1798-1849. Zaltbommel, 2000.
Ven, G.P. van de, "Lodewijk Napoleon en de waterstaat" in: J. Hallebeek en A.J.B. Sirks, Nederland in Franse schaduw. Recht en bestuur in het Koninkrijk Holland (1806-1810) (Hilversum,2006) 125-146.