Onderzoeksgids Bestuur en administratie van de Bataafs Franse tijd 1795-1813

Instelling

Secretaris van Staat Departement van Buitenlandse Zaken


Actief vanaf 01-12-1801 tot 29-04-1805

Aantekeningen:

De Secretaris van Staat voor de Buitenlandse Zaken was belast met de buitenlandse betrekkingen en met de uitvoering van de desbetreffende bevelen van het Staatsbewind. Hij werd aangesteld door het Staatsbewind, waaraan hij ook verantwoording schuldig was. Zijn besluiten werden aangetekend in het register der besluiten van het Staatsbewind Departement van Buitenlandse Zaken. Alle belangrijke informatie diende de secretaris ter kennis van het Staatsbewind of de betreffende commissie te brengen, waartoe hij vrije toegang tot de vergadering had.

Hem werd in zijn instructie onder andere opgedragen vooral de belangen van de koophandel in het oog te houden die een aanmerkelijk deel uitmaken van de buitenlandse betrekkingen. Op grond van het volkenrecht moest hij de neutrale vlag in oorlogstijd laten eerbiedigen.

Blijkens de instructie, art. 19, bestond het personeel van het departement uit een secretaris van het departement, een secretaris van de cijffers, twee eerste commiezen, twee tweede commiezen, vier klerken en twee boden. Daarnaast stond het diplomatiek personeel, dat contact hield met het departement via de directeur van de correspondentie.


Wetgeving:

1801/10/16 Staatsregeling van het Bataafse Volk. meer informatie
1801/12/01 Besluit van het Staatsbewind: vaststelling van de instructie voor de Secretaris van Staat voor Buitenlandse Betrekkingen. meer informatie
1805/04/29 Staatsbesluit Raadpensionaris: Secretaris van Staat Departement van Buitenlandse Zaken in functie gecontinueerd. meer informatie

Archieven:




Literatuur:

Ditzhuyzen, R.E. van, A.E. Kersten, A.L.M. van Zeeland en A.C. van der Zwan, Tweehonderd jaar Ministerie van Buitenlandse Zaken. Den Haag, 1998.
Greeven, J., Het Staatsbestuur der Bataafsche Republiek in zijn wetgevende, uitvoerende en rechterlijke magt. Volgens de jongste Staatsregeling in den jaare 1801 aangenomen, en na aanleiding der reglementen en instructiën voor de geconstitueerde magten en authoriteiten kortelijk beschreven. 2 dln. Amsterdam, 1802-1803.