Rekenkamer ter Auditie van Holland in het Noorderkwartier (1590-1752)

Rekenkamer ter Auditie van Holland in het Noorderkwartier (1590-1752)

In het bestand zijn de volgende functies opgenomen:

Toelichting:

Institutionele toelichting Rekenkamer ter Auditie van Holland in het Noorderkwartier (1590-1752)

Naam college:
Rekenkamer ter auditie van het Noorderkwartier.

Datum oprichting:
1590.

Datum opheffing:
1 mei 1752 (met de Rekenkamer ter auditie van het Zuiderkwartier opgegaan in de Provinciale Rekenkamer van Holland).

Vestigingsplaats:
Hoorn.

Zetelaantal:
7.

Zetelverdeling tussen basiscolleges:
Eén zetel voor elk van de steden Alkmaar, Hoorn, Enkhuizen, Edam, Medemblik, Monickendam en Purmerend.

Zittingstermijn1:
De vroedschappen van Purmerend en Hoorn stellen de zittingstermijn in de loop van de zeventiende eeuw vast op twee jaar: Purmerend op 25 april 1654 en opnieuw op 1 mei 1668, Hoorn op 31 maart 16822. Al eerder blijkt echter een termijn van twee jaar gebruikelijk, ook voor de andere steden.

Benoemende instantie:
De stedelijke vroedschappen.

Benoemingsdatum:
Aanvangsdatum: datum van benoeming door de vroedschappen van de steden.
Een vaste aanvangsdatum voor alle steden in het Noorderkwartier bestond niet; elke stad benoemde zijn vertegenwoordigers op een zelfgekozen moment. Voor Hoorn, Edam3 en Purmerend was dat doorgaans in mei, voor Alkmaar begin februari, voor Medemblik aanvankelijk ook, maar vanaf het begin van de achttiende eeuw begin mei, en voor Monnickendam begin september. In Enkhuizen bepaalde de vroedschap op 30 december 1747 dat de zitting niet langer in mei inging, zoals tot dan toe gebruikelijk, maar in januari.
Sessiename in het college vond, voor zover na te gaan, enkele dagen na de benoeming door de vroedschap van de thuisstad plaats.
Einddatum: in principe aansluitend bij de aanvangsdatum van de opvolger, tenzij een specifieke einddatum bekend is (bijvoorbeeld door overlijden).

Ministers in dienst van het college:
Het college zal een secretaris hebben gehad, maar namen zijn niet bekend.

Naamlijsten en bronnen:
Algemeen
-Gecommitteerden 1670-1752: Rijksarchief in Noord-Holland, archief Gecommitteerde Raden van het Noorderkwartier, inv. nr. 323.
-Gecommitteerden 1728-1752: Naem-register van alle de heeren leden der regeering in de provintiën van Gelderland, Holland, Zeeland, Utrecht, Friesland, Overijssel, Groningen en Ommelanden (Amsterdam 1728-1794) Aanwezig in de Koninklijke Bibliotheek onder signatuur T 1141, vanaf 1730.
-Gecommitteerden 1615-1670: Rijksarchief in Noord-Holland, archief van Gecommitteerde Raden in het Noorderkwartier, inv. nr. 1-2, resoluties van de Magistraten en Gedeputeerden (niet volledige; bevat slechts de namen van gecommitteerden wanneer zij bij de vergadering van Magistraten en Gedeputeerden aanwezig zijn.

Per basiscollege
-Gecommitteerden uit Alkmaar 1602-1752: Regionaal Archief Alkmaar, oud-archief Alkmaar, inv. nr. 86-89, index op de vroedschapsresoluties van Alkmaar (en aanvullingen uit de resoluties zelf, inv. nr. 40-47).
-Gecommitteerden uit Hoorn 1601-1752: Westfries Archief, oud-archief Hoorn, inv. nr. 102 e.v., vroedschapsresoluties.
-Gecommitteerden uit Enkhuizen 1703-1719: Westfries Archief, oud-archief Enkhuizen, inv. nr. 31, bergnummer 1363.
-Gecommitteerden uit Edam 1599-1752: Pieter van Meghelen, Register van de regering tot Edam beginnende voor zoo veel men vinden kan van 't jaar 1572, Rijksarchief in Noord-Holland, losse aanwinsten, inv. nr. 104 en eveneens Streekarchief Waterland, oud-archief Edam, inv. nr. 64a, e.v., vroedschapsresoluties.
-Gecommitteerden uit Monnickendam 1623-1752: Waterlands Archief te Purmerend, oud-archief Monnickendam, inv. nr. 1 e.v., vroedschapsresoluties.
-Gecommitteerden uit Medemblik 1616-1752: Westfries Archief, oud-archief Medemblik, bergnummers 10 e.v., vroedschapsresoluties.
-Gecommitteerden uit Purmerend 1605-1752: Waterlands Archief te Purmerend, oud-archief Purmerend, inv. nr. 94a e.v., vroedschapsresoluties.

Hiaten in de bemanningsgegevens:
De namen van de gecommitteerden namens Enkhuizen vóór 1670 konden niet achterhaald worden. Daarnaast zijn van geen enkele stad gecommitteerden bekend vóór 1599 (zie het overzicht van de bronnen hierboven).

Literatuur over het college:
-Smit, J., Het archief der Rekenkamer ter Auditie van de Gemeenelandsrekeningen en de opvolgende colleges met de daaronder berustende rekeningen ('s-Gravenhage 1946) 25-29.
-Wagenaar, Jan, Hedendaegsche historie, of tegenwoordige staet van alle volkeren XIV (Amsterdam 1742) 374.

Noten:
1. Deze zittingstermijnen moeten opgevat worden als maximum zittingsduur zonder nieuwe benoeming. In praktijk kwamen kortere termijnen voor, maar ook herbenoemingen.
2. Westfries Archief te Hoorn, Oud-Archief Hoorn, index op vroedschapsresoluties, inv. nr. 152, plaatsingsnummer 123, f. 90. Zie ook de resolutie van 24 december 1642.
3. Vroedschapsresolutie 15 mei 1621 en 2 mei 1626, Waterlands archief, oud-archief Edam, inv. nr. 65c. Bij laatstgenoemde resolutie werd bepaald dat de benoeming op 2 mei plaatsvindt wanneer 1 mei op een zondag valt en dat men niet langer dan 14 dagen in mei mag blijven zitten. De eerstgenoemde resolutie stelde de benoeming 14 tot 8 dagen voor 1 mei, en bepaalde dat men 1 mei vertrokken moest zijn.