Departement van Koloniën (1814-1861)

Departement van Koloniën (1814-1861)

In het bestand zijn de volgende functies opgenomen:

Toelichting:

Institutionele toelichting departement van Koloniën (1814-1861)

Naam:
Op 6 april 1814 kwam het secretariaat van Koophandel en Koloniën tot stand. Vanaf 16 september 1815 stond een directeur-generaal aan het hoofd. Per 19 maart 1818 ontstond het departement van Publiek Onderwijs, Nationale Nijverheid en Koloniën, onder leiding van een minister. Dit werd met ingang van 1 april 1824 het departement van Nationale Nijverheid en Koloniën. Op 5 april 1825 ontstond het departement van Marine en Koloniën. Per 1 januari 1830 werd Koloniën opgenomen in het departement van Waterstaat, Nationale Nijverheid en Koloniën, dat met ingang van 1 oktober 1831 Nationale Nijverheid en Koloniën werd. Van 1 januari 1834 tot 10 augustus 1840 bestond het departement van Koloniën, dat daarna wederom het departement van Marine en Koloniën werd. Vanaf 1 januari 1842 was er weer sprake van het departement van Koloniën.

Datum oprichting:
Bij souverein besluit van 6 april 1814 werd het secretariaat van Koophandel en Koloniën opgericht.

Vestigingsplaats:
De departementen van Kolonien waren in 's-Gravenhage gevestigd.

Personeel in dienst van het college:
Koophandel en Koloniën stond aanvankelijk onder leiding van een secretaris van staat en vanaf 16 september 1815 van een directeur-generaal. De verschillende departementen waarin Koloniën vanaf 19 maart 1818 werd opgenomen vielen onder een minister.
Functies op het departement die zijn opgenomen in dit repertorium: secretaris, secretaris-generaal, directeur, commissaris, referendaris, administrateur, raadadviseur.

Benoeming/verkiezing:
Met de invoering van de grondwet op 29 maart 1814 werden de hoofden van de departementen van algemeen bestuur aangesteld door de koning; na de grondwetswijziging van 1848 gebeurde dit op voordracht van een formateur.

Aanvangs- en einddata in het Repertorium:
De aanvangsdatum voor ministers is de datum van aantreden, voorzover bekend of in het k.b. vermeld. Bij ambtenaren is de datum van de besluiten tot benoeming of ontslag gevolgd.

Naamlijsten:
-Ette, A.J.H. van, Onze ministers sinds 1798 (Alphen aan den Rijn 1948).
-Naamlijst van de hoofden der departementen van Algemeen Bestuur, van de ministers van Staat, en van de leden der Staten-Generaal van de Vereenigde Nederlanden en van het Koningrijk der Nederlanden, 1813-1851. Met opgave van den tijd van benoeming en aftreding. Samengest. door H. Tollius Drabbe ('s-Gravenhage 1851).
-Onze bestuurders in moederland en koloniën (Leiden 1885).

Literatuur:
-Beth, J.C., De departementen van Algemeen Bestuur gedurende het tijdvak 1798-1907 (Groningen 1907).
-Brauw, W.M. de, De departementen van algemeen bestuur in Nederland, sedert de omwenteling van 1795 (Utrecht 1864).
-Ditzhuyzen, Reina van, Onderwijs als opdracht. Leven en werk van de eerste vijftien ministers belast met het onderwijs in de periode 1798-1830 ('s-Gravenhage 1977) [voor het departement van Publiek Onderwijs, Nationale Nijverheid en Koloniën].
-Otten, F.J.M., Gids voor de archieven van de ministeries en de Hoge Colleges van Staat 1813-1940 (Den Haag 2004).