Repertorium van Nederlandse zendings- en missie-archieven 1800-1960

 
English | Nederlands

Missiezusters van Onze Lieve Vrouw van Afrika

Naam Missiezusters van Onze Lieve Vrouw van Afrika
Naamsvarianten
  • Witte Zusters (van Kardinaal Lavigerie)
  • Congregatie van de Zusters Missionarissen van Onze Lieve Vrouw van Afrika
  • Zusters Missionarissen van O.L. Vrouw van Afrika
  • Witte Zusters van Kardinaal Lavigerie
  • Witte Zusters
  • White Sisters
  • Missionary Sisters of Our Lady of Africa
Periode 1869-2011
Denominatie rooms-katholiek
Org Missie

Korte geschiedenis

De congregatie

De congregatie van de Missiezusters van Onze Lieve Vrouw van Afrika, vaak genaamd de Witte Zusters, werd in 1869 gesticht in Algiers (Algerije) door de aartsbisschop van Algiers, kardinaal Charles Martial Allemand Lavigerie (1825-1892). Hij was ook de geestelijk vader van de Sociëteit van de Missionarissen van Afrika (de zogenaamde Witte Paters, gesticht in 1868). Lavigerie deed een oproep aan vrouwen om zich in te zetten voor het apostolaat voor de Afrikaanse vrouw. De congregatie is in Nederland gevestigd sinds 1887 toen er in Wijck bij Maastricht een huis geopend werd met de bedoeling vrouwen op te leiden tot religieuze. In 1895 werd het Nederlandse moederhuis te Esch gebouwd. Het is nooit de bedoeling geweest een Nederlandse afdeling te stichten; de congregatie had een internationale oriëntatie. Wel had zij een onmiskenbaar Frans stempel, wat onder meer tot uiting kwam in de voertaal. 

 

De missie

De zusters werkten in de missie in Afrika, meestal in de missiegebieden van de Witte Paters. Overigens waren hun werkterreinen strikt gescheiden, om geen aanleiding te geven bij de bevolking hun celibaat ter discussie te stellen. Zij zorgden onder meer voor de opvang van en onderwijs aan vrouwen en meisjes, die soms opgeleid werden tot catechist. De eisen die aan het religieuze leven van de zusters gesteld werden waren aangepast aan het actieve missieleven . 

 

Nederlandse zusters in de missie

De congregatie had met opzet een internationale oriëntatie. De leiders wilden voorkomen dat de zusters zich zouden identificeren met de koloniale regeringen. Het Nederlandse aandeel in de missie is daarom moeilijk vast te stellen. Er is nooit sprake geweest van Nederlandse vestigingen overzee. Nederlandse zusters behoorden tot andere provincies van de congregatie en buitenlandse, waaronder ook Europese, zusters behoorden tot de Nederlandse provincie. Vast staat dat Nederlandse zusters werkzaam zijn geweest in een groot aantal landen in Afrika ten zuiden van de Sahara. In 1940 werkten 230 Nederlandse zusters op dit continent. Duidelijker aanwijsbaar was het Nederlandse aandeel van zusters in Tanzania. Afgezien van de onderwijssector, waren zij ook actief in de gezondheidszorg: kraamklinieken, poliklinieken, onderwijs voor verpleegkundigen en vroedvrouwen. Toen veel Afrikaanse landen rond 1960 onafhankelijk werden, maakten apostolische vicarissen plaats voor gewone bisschoppen en kreeg de katholieke kerk meer autonomie. Het proces van politieke onafhankelijkheid luidde in veel gevallen ook kerkelijke onafhankelijkheid in. Het zelfstandig worden van de vice-provincies geschiedde tussen 1961 en 1970  en valt daarmee buiten het bestek van dit Repertorium.

 

Alle informatie is, tenzij anders vermeld, geput uit: Willemsen, I, par. 2-42, Pius-almanak 1960/61, 359 en 430, Poels, Vrouwen met een missie, inleiding op de inventaris berustend op het Erfgoedcentrum Nederlands Kloosterleven in St. Agatha.

Organisatie

De congregatie

De stichter van de congregatie, kardinaal Lavigerie, zette de organisatie centralistisch op omdat dit overeen zou stemmen met het apostolisch doel. De congregatie stond onder het gezag van de aartsbisschop van Algiers en werd bestuurd door een algemeen overste met vier raadsleden, die allen gekozen werden door het generaal kapittel. Zuster Marie Salomé (Marie-Renée Roudaut 1847-1930) was de eerste algemene overste (1882-1925) . Zij verruimde het werkterrein vanuit Noord-Afrika tot het hele continent. In 1960 werd het moederhuis en generalaat verplaatst van Algiers naar Rome . Kardinaal Lavigerie gaf de zusters de leefregel van St. Ignatius mee, waaraan de zusters uitdrukking gegeven hebben door dienstbetoon aan anderen. In 1901 vond de eerst opdeling in regio's plaats in Afrika met als moederhuis 'St. Charles' te Algiers. In 1939 werd de congregatie in Europa opgedeeld in regio's, waaronder de Nederlandse. De in aantal toenemende regio's ontwikkelden zich tot vice- of pro-provincie en ten slotte tot provincies. Nederland werd in 1948 een zelfstandige provincie met het provincialaat in Boxtel. Niettemin bleef de organisatie na 1948 zeer centralistisch: het algemeen bestuur benoemde de provinciaal-oversten en regelde de overplaatsing van zusters. De rechtspersoon van de congregatie is de St. Monicastichting.

 

Missie

De provincies kregen, daartoe aangemoedigd door de Propaganda Fide, op hun beurt de verantwoordelijkheid voor eigen missiegebieden toegewezen. Voor Nederland was dat Tanganyika. In Afrika ontstond in 1953 een vice-provincie, van waaruit vanaf 1961 provincies begonnen te ontstaan. De zusters hielpen niet alleen in praktisch opzicht de missie, maar zij brachten ook geld binnen via de salarissen die zij ontvingen als zij op gesubsidieerde scholen lesgaven. Deze salarissen werden tot in de jaren vijftig van de twintigste eeuw aan de apostolisch vicaris afgestaan, die een uitkering gaf aan de zusters voor hun levensonderhoud maar het geld ook gebruikte om de priesters een salaris uit te betalen.

 

Bestuurlijke veranderingen na 1960

Voor de archiefvorming is van belang te weten dat de bestuursstructuur na 1960 aanzienlijk is veranderd. In 2000 werd een Europese provincie gevormd die bestond uit de huizen in Frankrijk, Zwitserland, Duitsland, België, Spanje, het Verenigd Koninkrijk en Nederland. Het provinciaal bestuur zetelde vanaf dat moment in Keulen.

 

Alle informatie is, tenzij anders vermeld, geput uit: Poels, Vrouwen met een missie, Inleiding op de inventaris van het Erfgoedcentrum Nederlands Kloosterleven

Doelstelling

Lavigerie was één van de eersten die het belang van zusters onderkende, omdat zij contact konden maken met vrouwen en gezinnen in bijvoorbeeld islamitische gebieden. Het eerste doel van de congregatie was heiliging van de leden en daarnaast de bekering van heidenen in Afrika. Belangrijk zijn altijd geweest de gerichtheid op Afrika,aandacht voor vrouwen en hun positie in de samenleving, opbouw van de kerk, internationaliteit en niet in de laatste plaats caritas ofwel liefdevolle zorg. Daartoe werden onderwijs en gezondheidszorg in brede zin in Afrika aangewend, waarbij de zusters de Witte Paters ondersteunden. De eerste algemeen-overste zuster Marie Salomé zorgde er voor dat bij de herziening van de constituties en regels in 1892 het apostolaat een grotere rol kreeg toebedeeld. Voordien stond handenarbeid op de voorgrond. In de opbouw van de kerk speelden de zusters een rol door hulp aan eigenlandse congregaties. De congregatie gaf er de voorkeur aan om eigenlandse (lokale) congregaties te stichten boven het opnemen van vrouwen in de eigen congregatie. Daartoe startten zij in 1905 met een noviciaat.

Taken en activiteiten
  • Ontwikkelingswerk (Landbouw/Technische opleiding etc.)
  • Onderwijs (hieronder ook kweekscholen)
  • Gezondheidszorg
  • Ondersteuning
  • Opleiding van zendingswerkers en missionarissen
  • Opleiding van (inheemse) werkkrachten (Te denken valt aan zendelingen, missionarissen, assistenten enz.)
  • Uitzending van zendingswerkers en missionarissen
  • Werk van en voor vrouwen en meisjes
Continenten
  • Afrika
Lokatie
  • Algerije
  • Aartsbisdom Algiers
  • Bisdom Constantine
  • Bisdom Laghouat
Selectie uit de literatuur
Titel
  • Terug van weggeweest : negen verhalen van teruggekeerde missionarissen / [red.: Lambert van Gelder]
Auteur
  • Lambert van Gelder
Reeks
  • Mensen met een missie
Paginering
  • 114 p
Uitgever
  • Oegstgeest : Week voor de Nederlandse Missionaris
Jaar van uitgave
  • 1999

Titel
  • Gaan voor God : ideaal en praktijk van missie in historisch perspectief / onder red. van José Eijt, Hester Genefaas, Peter Nissen
Auteur
  • Josepha Maria Antonia Eijt (1948-) ; Hester Genefaas (1972-)
Reeks
  • Metamorfosen ; 2
Paginering
  • 187 p
Uitgever
  • Hilversum : Verloren
Jaar van uitgave
  • 1998

Titel
  • Mensen ontmoeten zoals ze zijn : gedachten en visies bij de honderdste sterfdag van Charles kardinaal Lavigerie (1825-1892) / [samenst. Frans Koets ; eindred. Ton Smits]
Auteur
  • Frans Koets ; Ton Smits (fl.1973)
Paginering
  • 50 p
Uitgever
  • Boxtel : Provincialaat Witte PatersBoxtel : Provincialaat Witte Zusters
Jaar van uitgave
  • 1993

Titel
  • Eerste eeuwfeest van de sterfdag van kardinaal Charles Lavigerie (1825-1892), eminent missionaris, stichter van de Witte Paters en de Witte Zusters / [Missionarissen van Afrika (Witte Paters). Provincialaat, Missiezusters van O.L. Vrouw van Afrika (Witte Zusters van Kardinaal Lavigerie). Provincialaat]
Auteur
  • Charles Martial Allemand Lavigerie (1825-1892)
Paginering
  • 33 p
Uitgever
  • [Boxtel] : Missionarissen van Afrika (Witte Paters). Provincialaat, Missiezusters van O.L. Vrouw van Afrika (Witte Zusters van Kardinaal Lavigerie). Provincialaat in samenw. met de KNR-afdeling Pers en Publiciteit
Jaar van uitgave
  • 1992

Titel
  • Missionarissen van Afrika, Witte Zusters, Witte Paters / [red. en samenstelling: Jef van de Walle, Wim Wouters]
Auteur
  • Jozef Van de Walle (1925-) ; Wim Wouters
Paginering
  • 32 p
Uitgever
  • [Boxtel : Provincialaat: Witte Paters]
Jaar van uitgave
  • [ca.1989]

Titel
  • Zusters, missionarissen van O.L. Vrouw van Afrika : Witte Zusters van Kardinaal Lavigerie
Paginering
  • 32 p
Uitgever
  • [S.l. : Caritas]
Jaar van uitgave
  • [1937]

Titel
  • Vrouwen met een missie : vier congregaties in Nederland en de toekomst van hun missionair verleden / Vefie Poels ; m.m.v. Anna Damas
Auteur
  • Genoveva Maria Johanna Poels (1958-) ; Anna Damas (1966-)
Paginering
  • 160 p
Uitgever
  • [Nijmegen] : Valkhof Pers
Jaar van uitgave
  • cop. 2008


Periodieken
Titel
  • Tweemaandelijkse kroniek der Zusters Missionarissen van O.L. Vrouw van Afrika
Uitgever
  • Boxtel : Zusters Missionarissen
Jaar van uitgave
  • 1899-1947

Titel
  • Kroniek der Witte Zusters
Paginering
  • 49 (1948) - ...
Uitgever
  • Boxtel : Zusters Missionarissen van Onze Lieve Vrouw van Afrika
Jaar van uitgave
  • 1948-...

Titel
  • Afrika : tijdschrift van Witte paters en Witte zusters
Paginering
  • Jrg. 79, no. 1(1963) - -...
Uitgever
  • Esch : Afrika tijdschrift
Jaar van uitgave
  • 1963-...

Titel
  • Chronique Trimestrielle de la Société des Soeurs Missionaires de Notre-Dame d'Afrique
Jaar van uitgave
  • 1984-...

Titel
  • Société des soeurs de Notre Dame des Missions d'Afrique
Interviews

22 interviews, en wel de nrs.:

 

11

55

64

83

133

145

148

218

239

267

283

354

358

421

432

437

458

473

516

561

646

757

 

Meer over het archief
Beschrijving archief

Archief van de provincie

Het moederhuis in Esch (provincie Noord-Brabant) werd in 2005 opgeheven, waarna het archief werd overgebracht naar het Erfgoedcentrum Nederlands Kloosterleven in St. Agatha. In dit archief zijn opgenomen de huisarchieven van in de loop van de tijd gesloten vestigingen. Globaal gezien valt het archief daarom uiteen in twee delen. Het archief is in samenwerking tussen hoofdverantwoordelijke zuster Wilma Hoitink en medewerkers van Dienstencentrum Kloosterarchieven Nederland geïnventariseerd. De inventaris kan worden geraadpleegd op de website van het Erfgoedcentrum. Zie voor de oorspronkelijke opbouw van het archief inv. nr. 260. Het archief is nog niet afgesloten: recente stukken bevinden zich nog in Boxtel. Ook de archieven van het economaat en de missieprocuur en het fotoarchief zijn nog daar. Deze archieven zijn niet nader onderzocht. Het provinciaal archief bestaat uit: stukken van algemene aard, waaronder stukken betreffende de geschiedenis, kronieken en jaarrapporten van de Nederlandse provincie, stukken over de organisatie, waaronder spiritualiteit, contacten met onder andere het generalaat, provincialaat, andere communiteiten, jubilea, documentatie en intercongregationele contacten in Nederland en Afrika. Over de missiegebieden is veel statistisch materiaal bewaard. Verder is er documentatie over de werkzaamheden en leden. In de huisarchieven zijn diverse soorten boeken en verhandelingen, waaronder ook die door de zusters zelf geschreven zijn. Veel documentatie en publicaties dateren van en zijn relevant voor de periode na 1960. Wel zitten er enkele biografiëen van zusters in het archief voor de eerste helft van de twintigste eeuw.

 

Archief van het generalaat in Rome

Voor het thema culturele interactie is de betekenis van dit archief van een overigens belangrijke congregatie gering omdat er geen brieven van zusters aan het thuisfront bewaard zijn gebleven. Aangenomen mag worden dat deze er wel geweest zijn. De verslagen van het provinciaal kapittel zijn pas vanaf 1969 bewaard zijn gebleven, het archief bevat geen verslagen van de generale kapittels. In het algemeen dateren de meeste stukken van na 1960, documenten van vóór 1940 zijn zeldzaam. Wel is veel gedrukt materiaal bewaard maar dit heeft vaak geen betrekking op wat de zusters deden of ervoeren. Het generalaatsarchief bestaat uit manuscripten, waaronder verslagen van huizen en provincies, in- en externe correspondentie, kronieken en geschriften van de stichteres; overzichten, waaronder generale kapittels, huisarchieven en archivalia over de missie en de zusters. Verder documentatie, waaronder intern, zoals regels en constituties, rondzendbrieven en kronieken, en extern, zoals geschriften van zusters, studies en periodieken; en foto's. Het generalaat hecht waarde aan een goed beheerd archief omdat het bestuur dit nodig heeft, maar ook omdat onderzoekers en de congregatie in Afrika en Amerika dit kunnen gebruiken (Zr. Marie Lorin, "Objectif sur...les archives de la maison généralice." (1975)). In het archief worden onder meer dagboeken of kronieken bewaard, die gepubliceerd en bijeengebracht zijn in delen per jaar. Hierin is behalve informatie over het dagelijkse reilen en zeilen op de missiestatie informatie te vinden over thema's als slavernij en de verhouding tot de koloniale autoriteiten (Karin Pallaver PhD, "The WHite Sisters' Archives in Rome", unpublished paper, University of Bologna, April 2009).

 

Alle informatie is geput uit: Inleiding op de inventaris van het Erfgoedcentrum Nederlands Kloosterleven.

Bewaarplaats Erfgoedcentrum Nederlands Kloosterleven, St. Agatha
Periode archief 1869-2006
Openbaarheid beperkt
Opmerkingen openbaarheid

Het archief is in bewaring gegeven aan het Erfgoedcentrum in St. Agatha, het eigendomsrecht ligt bij de congregatie. Voor het inzien van archiefmateriaal is toestemming nodig van het bestuur van de congregatie. Een aanvraagformulier voor het verkrijgen van deze toestemming kan het erfgoedcentrum u per mail of per post toezenden (www.erfgoedkloosterleven.nl inleiding inventaris AR-Z093, 7-6-2010).

Omvang 4 meter
Toegang soort
  • Inventaris met inleiding
Opmerkingen toegang soort digitaal beschikbaar op www.archieven.nl / www.erfgoedkloosterleven.nl
Toegang titel Hoitink, zr. W.; Huijgevoort, A. van, AR-Z093 Missiezusters O.L. Vrouw van Afrika
Bijzondere relevantie
Toon

Verberg

Selectie

De selectie is uitgevoerd door Kirsten Hulsker in december 2010 en in februari-maart 2011 uitgewerkt.Veel hieronder beschreven stukken zijn door haar ingezien.

 

1  Bestuursarchief

1.1  Stichting en ontwikkeling

1.1.1  Geschiedenis van de Congregatie

-

1.1.2  Kronieken

Halfjaarlijkse kroniek van de Zusters Missionarissen van O.L. Vrouw van Afrika, genaamd "Charitas"

11  1899-1914

De naam doet vermoeden dat het hier om een dagboek-achtig archiefstuk gaat, maar het betreft de periodiek van de zusters. Deze periodiek werd uitgegeven door de St. Monica-stichting van de Witte Zusters op verzoek van weldoeners en lezers van de periodieken van de Witte Paters, die meer wilden weten over het werk van de zusters. Speciaal doel is de congregatie meer bekend te stellen in Nederland en vooroordelen erover weg te nemen. Met deze doelen kan de lezer bijvoorbeeld in het tweede nummer van de eerste jaargang lezen hoe de toestand in de missiegebieden van de Witte Zusters in 1898 was. Verder treft de lezer in deze periode spannende reisverslagen, anekdotes over exotische situaties, statistieken van verpleegden en dopen en romantische verslagen van het leven van alledag waarbij de lezer enerzijds wordt doordrongen van de medemenselijkheid van de geëxotiseerde ander, maar anderzijds goed meekrijgt hoeveel werk er nog te doen is om de mensen van hun duisternis en tekortkomingen te verlossen. Aandacht voor inschakelen van de lezer, in de vorm van spirituele, financiële of medewerkende hulp is er dan ook. De culturele informatie wordt ook mede in dit kader aangeboden. Zo is er het topos-bekeringsverhaal dat een bepaald patroon volgt en een didactische functie heeft. Dit verhaal zegt daarom minstens zoveel, zo niet meer over de verteller en diens beoogde publiek, dan over het onderwerp. De artikelen zijn grotendeels geschreven door de zusters zelf en niet voorzien van illustraties of foto's.

 

26  1937

In deze jaargang is er meer aandacht voor geldwerving, ondersteund door roerende foto's van kinderen ('onze schaapjes') die gevoed moeten worden en gekleed zijn. Giften zijn verbonden aan de handelingen die ermee zouden worden verricht, zoals het vrijkopen van een heidenkind of het onderhoud ervan. De kosten van het onderhoud van een Witte Zuster konden ook gedoneerd worden, maar vielen veel hoger uit. Het (geld)wervende karakter treedt hier meer op de voorgrond, zowel door de plaatsen in het tijdschrift (direct al vooraan en achteraan lijsten van gulle gevers) als door de expliciete wijze in woord en beeld. De wetenswaardigheden over andere volken en culturen wordt in deze jaargang ook gelardeerd met tekeningen van exotische tafereeltjes en kaart- en fotomateriaal. Eveneens is er feitelijke informatie te vinden over vertrekkende en terugkomende en overleden zusters. Hier en daar is er aandacht voor de eigenlandse missiehelpers die dan lezer ten voorbeeld worden gesteld. Verhaald wordt over de moeilijkheden die zij hebben moeten overwinnen vanwege hun omgeving of volksaard om toch een goed christen en een goede medehelper van de missie te worden.

 

Kroniek van de Witte Zusters, Zusters Missionarissen van O.L. Vrouw van Afrika

34 1949

De periodiek bevatte in deze periode onder andere fragmenten uit naar huis gezonden brieven (de vaste rubriek Post uit de Missie), gegevens over aankomst en vertrek en overlijden van missiezusters en belevingsverslagen door Witte Zusters in missiegebieden. Zo werd jonge lezers voorgehouden hoe het er op scholen in de missie toeging: wat anders en exotisch was, maar ook wat de Nederlandse kinderen van de kinderen in missiegebieden zouden moeten kunnen leren. Ook is er aandacht voor geldwerving. Het blad is rijkelijk geïllustreerd met fotomateriaal van zusters in avontuurlijke situaties (vaak te paard) en exotische plaatsen en personen. Het blad moest het beeld opwekken dat de zusters veel kennis hadden van de lokale bevolking, waaruit tevens hun Westerse perspectief en visie daarop naar voren komt. Enerzijds wordt de interesse gewerkt voor de exotische etnische ander, anderzijds wordt de Europese lezer duidelijk gemaakt dat er nog een hoop spirituele, geldelijke en menselijke steun van het thuisfront nodig is om het missiewerk succesrijk te maken. De periodiek is in opzet en vormgeving illustratief voor andere missietijdschriften van actieve vrouwelijke missiegezelschappen in deze periode, maar wellicht niet in die zin dat de zusters zelf veel van de artikelen lijken te hebben geschreven en met (klooster)naam genoemd worden.

 

"Kroniek der Witte Zusters"

40  1956-1958

In uiterlijke vorm  en inhoud lijkt deze representatief voor missieperiodieken in deze periode van buitenlandse, internationale missiecongregaties en vertoont grote overeenkomsten met de periodieken van bijvoorbeeld de missionarissen van het Heilig Hart van Jezus. In deze periode wordt informatie over de mondiale (politieke en kerkelijke) situatie nadrukkelijker in artikelen over de missie betrokken. Was de mening van de paus altijd belangrijk en de strijd tegen socialisme in de jaren dertig ook al actueel, explicieter wordt het communisme in Afrika en de rol van de Russen daarin besproken. In deze periode ook meer sjabloonmatige illustraties van Afrikaanse kunst en afbeeldingen van Afrikanen. De Afrikaanse cultuuruitingen en de toegeschreven karaktereigenschappen van Afrikanen staan prominent in de belangstellingen. Ogenschijnlijk zijn de artikelen feitelijker van toon, al worden alle cultuuruitingen die beschreven worden uiteindelijk wel afgewogen naar Westerse christelijke en anti-materialistische katholieke idealen met het uitgangspunt de 'goede' cultuuruitingen te bewaren. De foto's en bijschriften contrasteren af en toe flink met de tekst door de openlijke oordelen die erin vervat zitten, al neemt het aantal foto's van ogenschijnlijk ongecompliceerd lachende zusters en Afrikaanse kinderen toe. Nieuw is dat er nu een artikel aangetroffen kan worden van de hand van een Guinese évolué, waar eerder artikelen namens Afrikanen werden opgenomen en soms fragmenten uit hun brieven.

 

1.1.3  Jubilea

-

 

 

1.2  Regel, constituties, gebruiken

-

 

1.3  Spiritualiteit

-

 

1.4  Stukken betreffende het Provinciaal Kapittel (tot 2000)

-

 

1.5  Bestuur

1.5.1  Stukken betreffende het Provinciaal Bestuur (tot 2000)

Zie voor voorbeelden van bronnen in deze rubriek veld Verslaglegging.

 

1.5.2  Stukken betreffende de Provinciale Vergaderingen (tot 2000)

-

1.5.3  Contacten met Provinciaal Bestuur, Europese bijeenkomsten (vanaf 2000)

-

1.5.3  Contacten met Provinciaal Bestuur, Europese bijeenkomsten (vanaf 2000)

-

 

1.6  Betrekkingen

1.6.1  Contacten met het Generalaat

 

849 Rapport voor het generaal kapittel van 1953, 1953

 

67 Rondzendbrieven van de algemene overste en de raad inzake het Algemeen Kapittel, te weten het "Rapport" (lettre circulaire no.4), "Lettre-circulaire promulguant les décisions et voeux ne demandant pas l'approbation romaine" (no.5) en "lettre-circulaire annonçant les modifications aux Constitutions demandées par le Chapitre général de 1959", 1959-1960, 1959-1960

 

852 Registers van de kapittels van 1895 tot en met 1953, z.j.

 

1.6.1.2  Contacten met het Generaal Bestuur (met name Rondzendbrieven)

Zie voor een toelichting op bronnen in deze rubriek het veld Verslaglegging.


1.6.1.3  Contacten met de Algemene Vergaderingen en Netwerk 50

-

1.6.1.4 

-

1.6.2  Contacten met andere Provincies

-

1.6.3  Contacten met communiteiten

-

1.6.4  Contacten met derden

1.6.4.1  Contacten met andere Orden en Congregaties

210 Stukken betreffende Afrikaanse Zustercongregaties, waaraan de Congregatie der Witte Zusters hebben meegewerkt inzake vorming en voortgezette vorming waaronder veel statistieken houdende gegevens over aantallen zusters van bedoelde Congregaties en historische beschrijvingen over de periode vanaf 1899, 1948-1970, 1976, 1985, 1992, 1995, 2005

 

211-222 Verhandelingen over verschillende Afrikaanse Zustercongregaties, z.j., 1981, 1983-1984, 1988-1989, 1997-1998

211 Verhandeling "Some information on the history of the Congregation of Our Lady, Queen of Africa, Sumbawanga, Tanzania". Doorslag van typescript, z.j. Alsmede boekje "75th Anniversary of Religious life of the Daughters of Mary Bannabikira", 1988

[De congregatie is gesticht in 1903]

212  Verhandeling "Four Massai Women among the Iraqui" by Eloi Grondin (M.Afr.) Tabora, Tanzania. 1988

213  Verhandeling "Historia Fupi ya Shirika la Mabinti wa Maria Imakulata", z.j. Boekje "Historia ya Mabinti wa Maria Imakulata jana na Leo 1933-1983" en artikelen over Afrikaanse Congregaties/archiefstukken over zr. Jeanne Pijnacker, 1989, 1997, z.j.

214  Boekje "Jubilee ya dhahabu; masista wa mtakatifu Theresia Bukoba 1933-1983". Geïllustreerd. 1983

215 Boekje "The Assumption Sisters of Nairobi; silver jubilee 1959-1984". 1984. Geïllustreerd

[De congregatie is gesticht in 1957]

216  Boekje "75th Anniversary of Religious life of the Daughters of Mary Bannabikira". Geïllustreerd. 1985

222 Boekje "Daughters of Saint Therese of the Child Jesus (Banyatereza Sisters)", z.j.

[De congregatie is in 1932 gesticht]

NB in deze serie nog meer werken, maar onduidelijk of het over congregaties vóór 1960 gaat

 

 

1.6.4.2  Contacten met de UISG en SNVR

-

 

1.6.4.3  Contacten met de Romeinse Curie

-

 

1.6.4.4  Contacten met bisdommen en de Nederlandse kerkprovincie

231 Overeenkomsten tussen de Congregatie en (Afrikaanse) bisdommen met betrekking tot de te verrichten werkzaamheden van de zusters in Afrika, alsmede modellen/afschriften van overeenkomsten van andere Congregatie (die als voorbeeld hebben gediend voor overeenkomsten van de Witte Zusters). Met gedetailleerde inhoudsopgave, 1936, 1942, 1948-1952

*bekeken* Niet zozeer voor culturele interactie, als wel voor concrete financiële en hiërarchische verhoudingen in het missiegebied is deze bron interessant. Bijzonder is dat deze contracten gegroepeerd in het archief bewaard zijn gebleven.

 

232 Statistische gegevens over leden van Congregatie in Nederland en Afrika opgemaakt ten behoeve van het bisdom, 1947-1988

 

1.6.4.5  Contacten met bezoekers van open (klooster)dagen

-

 

1.6.4.6  Overige contacten

-

 

1.7  Leden van de Congregatie

1.7.1  Postulaat, noviciaat en vorming

630 Stukken betreffende de vormingsreis, dagindeling, spiritueel, inculturatie, talenstudie gedurende het postulaat/noviciaat alsmede de testamentregeling, 1949-1956

*gezien* Frans, incidenteel Nederlands. De stukken geven een beeld van dagindeling en lesprogramma in het postulaat en noviciaat. Pas na het noviciaat kwamen de jonggeprofeste zusters in aanmerking voor aanvullende apostolische vorming in het moederhuis in Algiers, onder andere stage op missieposten. Onderdeel van godsdienstige vorming was onder andere de sacramenten van het doopsel en het huwelijk in verband met het missiewerk. Na het apostolische vormingsjaar in Algiers gingen de zusters terug naar Europa of naar de missie, waar ze dan een halfjaar naar een speciaal studie-huis van de betreffende vice-provincie gingen waar ze inlandse talen en de gebruiken en mentaliteit van de inboorlingen leerden. De congregatie streefde binnen het noviciaat zelf naar zo groot mogelijke uniformiteit, omdat zij streefde naar internationale communiteiten (Antwoorden op de vragenlijst over de jonggeprofeste zusters, Boxtel 5-5-1954). In deze map is daarom beperkt informatie te vinden over culturele interactie. Desondanks kwam culturele interactie wel ter sprake in het document 'Reunion des superieures provinciales', octobre 1950 St Charles, exposé de Mère Jacqueline, Provinciale de France sur la formation des sujets, waarin op de vorming van Afrikaanse zusters gereflecteerd wordt. Hun eigenschappen worden beschreven (onder andere totale gulheid, het niet onderscheiden van de wil en het gevoel) en hoe dit uitwerkt op de vorming van kloosterlijke deugden, zoals gehoorzaamheid. Interessant punt is de Goddelijke trancedentie, waar veel zwarte zusters een ander beeld van hebben. In algemene zin zijn geringe opleiding en geringe kennis van de waarheden van het geloof grote problemen bij nieuwe leden. Diverse vormen van aanpassing worden voorgesteld, onder andere in extra (voor)opleiding, andere kleding en scheiding van groepen.

 

1.7.2  Lijsten en registers betreffende leden en statistische gegevens betreffende de congregatie en de leden

603 Registers houdende gegevens over het vertrek van de eerste zusters naar Soudan en Oost-Afrika over de jaren 1873-1927, [1926]-1927

 

254 Schema houdende gegevens over zusters van de Congregatie die werkzaam zijn in Afrika alsmede numerieke gegevens over de Afrikaanse bevolking en het land, 1946

 

751-764 Enveloppen met statistische algemene informatie apostolaat van de Vice-Provincie: Tanganyika/Tanzania, 1948-1965

NB Vertrouwelijk

751 Adult education- vrouwengroepen/sociale activiteiten 1958-1965

752 Algemene informatie/zusters/activiteiten. 1948-1965

753 Apostolaat v.d. Inlandse zusters: Batezera (Bukoba) & Bana Maria (Enfants de Marie) (Tabora) 1948-1965

754 Basis onderwijs: upperprimary/primary & nursery (3a) 1948-1956; (3b) 1957-1965

755  Handenarbeid/workshops 1948-1958

756  Hoger onderwijs: T.T.C.'s (Teacher's training courses), N.T.C.'s (Nurses training courses) verpleegkundige en vroedvrouwen training (1951-1965)

757  Huisbezoeken/Doopsels 1948-1965

758  Huishoudscholen 1952-1965

759  Jeugdbeweging/Katholieke actie groepen 1948-1965

760  Katechese/moraal 1948-1965

*bekeken* zie verslaglegging

761  Kraamklinieken 1948-1965

762  Poliklinieken 1948-1965

763  Voorbereiding tot de Eerste H. Communie/Internaten 1949-1964

764  Ziekenhuizen/poliklinieken 1948-1965

 

604 Register houdende gegevens over vertrek en terugkeer van de Hollandse zusters uit de missiegebieden, [1948]-1970

 

238 Statistieken houdende gegevens van de zusters van de Nederlandse Provincie en de Vice-Provincie Tanganyika opgesteld in januari 1949, januari 1950, november 1950, december 1952, november 1953, 1949-1950, 1952-1953

In het Frans. Vertrouwelijk

 

259 Pakket met Algemene Statistieken (rose & wit papier) van: aantal zusters; inlandse zusters; personeel; inwoners; katholieken; van: activiteiten van de zusters; van: plaatsen: Chala: 1951-1965; Kala: 1950-1965; Karema: 1949-1965; Kate: 1949-1965; Kisa: 1949-1965; Mkulwe: 1954-1965; Mwazye: 1949-1964; Sumbawanga: 1959-1965, 1949-1965

Niet compleet, Chala ontbreekt. Vertrouwelijk

 

251 Statistiek houdende gegevens over aantallen zusters van de Congregatie met vermelding van de regio's, Provincies en communiteiten. Met gedetailleerde inhoudsopgave, 1949-1972

In het Frans

 

261 Statistiek van de leden van de Vice-Provincie volgens bisdommen: Bukoba-Mwanza-Tabora-Kigoma-Mbeya-Karema alsmede gegevens over congregatieleden van Nederland met plaatsen, 1954-1965

Vertrouwelijk

 

262 Statistische gegevens alsmede geschiedkundige informatie over activiteiten in Tanzania, 1958-1990

In Engels, Frans en Nederlands

 

839 Register houdende de gegevens van vertrek, terugkomst, overlijden en uittreden van zusters in de periode 1894-1955 betreffende equatoriaal Afrika, z.j.

 

847 Register houdende de gegevens van vertrek, terugkomst, overlijden en uittreden van zusters in de periode 1897-1955 aangaande Sudan, z.j.

 

1.7.3  Necrologia

Necrologia houdende levensbeschrijvingen van overleden medezusters, waaronder Nederlandse zusters (ingebonden). Met bijlagen, 1871-1947

 

264 1871-1924. Met los inliggende levensbeschrijvingen van Nederlandse zusters

*bekeken* Frans. Feitelijke informatie als geboorteplaats en data van geboorte, inkleding, professie, noviciaat en verplaatsingen naar (missie)posten zijn uit deze bron te halen. Meestal bevat de beschrijving ook een tijdsgebonden oordeel over werk en leven van de zuster, zowel als kloosterlinge als missiezuster. Soms ook informatie over de missiegebieden. Op abstracter niveau biedt de bron zicht in veranderingen in de conventies binnen de congregatie ten aanzien van ziekte, sterven, lijden, het (be)oordelen van medezusters en (on)deugden.

Foto's werden vaak teruggegeven aan familie, aanvullende informatie werd meestal bewaard in het generaal archief, de beschrijvingen zoals in deze bron te vinden zijn werden veelal ook afgedrukt in de kroniek [zie periodieken] (Brief van Zr. Francien Franssen WZ, Boxtel 1987).

 

268 Levensbeschrijvingen van Nederlandse zusters, die zijn overleden tussen 1948-1989. Met een lijst houdende (verbeterde) gegevens over de Nederlandse zusters, die zijn overleden tussen 1948-1978, alsmede een lijst houdende gegevens van Nederlandse zusters die zijn overleden tussen 1979-1989, 1948-1989

In het Engels, Frans en Nederlands

*bekeken* Veelal in Frans. Informatie is hier afkomstig uit meerdere bronnen, bevat ook af en toe fotomateriaal.

 

275 Levensbeschrijvingen van zusters van andere nationaliteiten, die in de Vice-Provincie Tanzania of in Nederland zijn overleden in de periode 1951-1964, 1951-1964

 

1.7.4  Werkstukken, cursusmateriaal, handwerkstukken en onderscheidingen van zusters

NB interessant, maar na 1960

 

1.8  Eigendommen en financiën (archiefmateriaal in Boxtel)

[NB Veel archiefmateriaal bevindt zich nog bij de Congregatie]

-

 

1.9  Werkzaamheden

1.9.1  Contacten in Afrika en in Nederland

795 Stukken betreffende de inzet voor de afschaffing van de slavernij, 1904-1992 (met hiaten)

Waaronder een "Freibrief" voor een vrijgekochte slaaf tijdens de Duitse bezetting in Oost-Afrika (Tabora)

 

782 Propagandamateriaal van de Witte Zusters en de Witte Paters, ca. 1930, 1948

Gedetailleerde inhoudsomschrijving is toegevoegd

 

448-452 Artikelen van diverse personen ("Service de documentation") over de cultuur en de religie in Afrika, 1940, 1949-1951

In het frans

448  "La race negre et la malediction de Cham" van p. Albert Perbal OMI uit "Revue de l'Université d'Ottawa", vol. X, No. 2, april-juni 1940

449  Informatie over "idolatrie et fétichisme" van sr. Jean Chrysostôme, geschreven naar aanleiding van haar reis langs de Grote Meren (Grands Lacs), (Congo, Tanganyika, Mbya, Kigoma, Tabora). 1949

*bekeken* Frans. Zuster Jean Chrysostôme heeft op haar reis langs de grote meren een vragenlijst laten invullen, zo lijkt het. 8 respondenten (2 Witte Paters, 2 paters van de congregatie van de H Geest, 1 pater onbekend, 1 bisschop, 1 Mère Witte Zuster en 1 Soeur Witte Zuster) leveren informatie aan over hun gebieden (Congo: Bangwweolo, Chilubula, Albertville& Baudoinville; Uganda; Kenya: Thika; Tanzania: Tabora, Kigoma; Burundi) en daar levende volkeren (met name genoemd: Babemba, Balungu, Bamambwe, Babisa, Bene, Cishinga, Watabwa; Baganda; Banyamwezi) en hun gebruiken. De vragen liggen op het terrein van beeld van een Opperwezen of Schepper, cultus daarvoor, hoe men tegen de goden aankijkt die men vereert, waar bevinden die zich, is er daarvoor een cultus, hoe zien offers eruit en hoe duidt u die, is er volgens u onderscheid tussen godsverering en magie in uw gebied, is er sprake van fetisjisme, wat zijn taboes? Niet iedereen volgt de vragenlijst, degenen die dat wel doen beantwoorden lang niet altijd alle vragen. De auteurs gaan onder andere in op taalkundige kwesties, visies op de dood, medicijnman of geestenbezweerder etc.

 

450  "Les Mânes chez les Nyakyusa's" van (onbekend). 1949

451  "Dieu chez les Nyakyusa's Païens" van (onbekend). 1950

452  "Les Nyakyusa's de la Mission de Kisa; Dieu chez les Nyakyusa's païens" van (onbekend). 1951

 

453 Brieven en circulaires van zr. Marie Saint-Hervé, zr. M. Joseph de Bethleem en zr. M. Domnin over de politieke situatie op het land, de positie van de kerk, het apostolaat van de zusters in Algerije, Congo/Rwanda/Burundi, Uganda, Kenya, Tanganyika, Rhodesia/Nyassa, West-Afrika A.O.F., Europa/Amerika, 1955-1959, 1963

In het Frans

 

454 Verhandeling van zr. Paschalis (Christina Middelhoff) over het christelijk gezinsleven in Afrika. Met correcties, 1960

*bekeken* Lezing, gehouden op uitnodiging van P. Overste, over het christelijk gezinsleven in Afrika, passend in het kader van missie-maandintentie van het Apostolaat des Gebeds. Het stuk is geschreven of geredigeerd door zr. Paschalis. Auteur spreekt liever over kerstening van het gezinsleven in Afrika, van een christelijk gezinsleven is nog geen sprake. Wel veel goede katholieken, maar weinig goede katholieke gezinnen. Als bronnen lijkt auteur zich voornamelijk te baseren op boekje van Zr Marie-André Civilisations en marche (1949) en Pater Van Oostrom Blijf met het geluk. Auteur beschrijft resp. de noodzakelijke voorwaarden voor een christelijk gezinsleven, een toelichting daarop, de taak van met name vrouwelijke missionarissen in de kerstening van het gezin en ten slotte suggesties ter verwezenlijking daarvan. Het monogame christelijke onverbrekelijke huwelijk kent in Afrika tal van culturele obstakels die door de auteur uitgebreid beschreven worden, zoals het clansysteem, gebrek aan achting voor de vrouw, gebrek aan vrije keuze, polygamie etc etc. Het is bij uitstek een taak van de zusters om de vrouwen op te voeden en te onderwijzen, want met name van de vrouw zou de bestendigheid van het christelijk gezin afhangen. Adaptatie moet het grondbeginsel zijn waarmee missionarissen te werk gaan, aldus de auteur.

 

 

1.9.2  Roepingenpastoraat

-

 

1.10  Documentatie en publicaties

1.10.1  Congregatiebladen en contactbladen algemeen

324 Congregatiebladen "Société des soeurs de Notre Dame des Missions d'Afrique", 1894

In de jaren 1894-1902 waren de congregatiebladen handgeschreven en gekopieerd, vanaf 1902 zijn ze (meestal) gedrukt

 

325 Congregatiebladen "Chronique Trimestrielle de la Société des Soeurs de Notre Dame des Missions d'Afrique", 1895

 

326-328 Congregatiebladen "Chronique Trimestrielle de la Société des Soeurs de Notre Dame des Missions d'Afrique, 1896-1898

 

329-330 Congregatiebladen "Chronique Trimestrielle des Religieuses Missionnaires de Notre Dame d'Afrique", 1899-1900

 

331-400 Congregatiebladen "Chronique Trimestrielle de la Société des Soeurs Missionaires de Notre-Dame d'Afrique", 1901-1969

 

1.10.2  Publicaties voor intern gebruik

-

1.10.3  Boeken en verhandelingen

1.10.3.1  Boeken en verhandelingen algemeen

697  Boek "Muyinza" Vous pouves-Sr.Marie de Borgia (Agathe-Agatha Wesselingh)" par sr. Jean-Félix. 1938. Alsmede het boek "Een vol missieleven". 1941

 

1.10.3.2  Boeken en verhandelingen over de geschiedenis van de Congregatie

NB Voor inzage is toestemming vereist

 

1.10.3.3  Boeken en verhandelingen van/over moeder Marie-Salomé

712 Boek "Afrika: Een zegel op mijn hart; Mensen met een missie, met supplement (juni 2003) en fotokopie van stamboom van 22 Afrikaanse Zustercongregaties, 2003-2004

 

824 Boek met persoonlijke brieven aan zusters, deel III met nummers 109-196 betreffende de periode 1913-1930, 1978

 

1.10.3.4  Boeken en verhandelingen geschreven door leden van de Congregatie

713 Boek "La Femme noire en Afrique Occidentale" door Soeur Marie-André du Sacré-Coeur, 1939

 

714 Boek "Sous le ciel d'Afrique" door Soeur Marie-André du Sacré Coeur, 1948

 

715 Boek "La condition humaine en Afrique noire" door Soeur Marie-André du Sacré-Coeur, 1952

*bekeken* Dit boek is geschreven door Soeur Marie-André du Sacré-Coeur, membre du conseil supérieur des affaires sociales d’outre-mer, docteur en droit. Het boek is opgedragen aan haar Afrikaanse vrienden die zich in dit boek zullen terugvinden en voorzien van een voorwoord door Louis-Paul Aujoulat, secrétaire d'Etat au Ministre de la France d’Outre-Mer, Député du Cameroun, Président-Fondateur d’”Ad Lucem”. Deze uitgave is een soort heruitgave op basis van aanvullend onderzoek in Zuid-Kameroen van het eerder door haar gepubliceerde La Femme Noire en Afrique occidentale in 1939, op verzoek van l’Office de la Recherche scientifique Outre-Mer. Hoofdvraag: kan de Afrikaanse massa zich naar Europees niveau ontwikkelen of is dat voorbehouden aan een elite? De auteur beschrijft in het boek de kenmerken van de bezochte regio's en doet aanbevelingen voor de toekomstige ontwikkeling op het gebied van het gewoonterecht, vernieuwing op de oude van misbruiken gezuiverde culturele fundamenten, sociale educatie en individuele problemen en de ontwikkeling van de vrouw. Europa moet hierbij de kleine broer de hand reiken [het ouder-kind-topos is hier verdwenen, de idee echter niet, kh], maar die Europeanen die de Afrikaanse cultuur in hun oude gewoonten willen fixeren hinderen de ontwikkeling. Het clansysteem moet bijvoorbeeld aangepakt worden en de vrouw moet als opvoedster van de kinderen en echtgenote van een ontwikkelde man zorgen dat het gezin zich kan verheffen. Europese ontwikkelingen, van de romaanse en germaanse volkeren tot nu, moeten daarbij tot voorbeeld dienen, zodat de Afrikanen die ontwikkeling versneld kunnen doormaken. Europeanen kunnen nog leren van Afrikanen, bijvoorbeeld eerbied voor God, de familiezin en geest van onderling hulpbetoon zijn daar nog (!) te vinden, aldus auteur.

 

716 Boek "Civilisations en marche" door Soeur Marie-André du Sacré-Coeur, 1956

 

719 Boek "7 Ans de vie Soudanaise", 1935

 

720 Boek "Babira. L'ame Noire. Essai d'adaption 1 & 11" door Soeurs Constance-Marie. MSOLA, 1947

*bekeken* Dit boek is geschreven door een Belgische zuster. Het is voorzien van een voorwoord door niemand minder dan de beroemde missioloog Pierre Charles sj, die betoogt dat het de eerste taak van de missionaris is om het volk waar hij of zij de liefde wil verkondigen moet leren kennen. De bijdrage van dit boek is volgens hem dat de zuster de vrouwen van Babira heeft leren kennen door haar methode van observatie en hen de katholieke boodschap heeft gegeven. Zonder in de mensen te geloven zijn ze volgens p. Charles niet te redden.

Om de zwarte zielen te kunnen redden moet men die tot het diepste kennen, deel I is dan ook gewijd aan beschrijvingen van kenmerken van de vrouwen van Babira (Belgisch Congo), zoals maatschappij, talen, gebruiken, natuurlijke moraal etc. Het boek is redelijk uitgebreid geïllustreerd met fotomateriaal, onder andere 'dagelijkse' taferelen en exotische cultuuruitingen. Kernbegrip is adaptatie en het voortbouwen op de fundamenten van de Afrikaanse cultuur. In deel II vindt men dan ook 'aangepaste' stichtende liederen en toneelstukken.

 

721 Boek "Kasongo. Serie 'Trait d'union' no. 5-6" Soeurs Blanches, 1948

 

722 Boek "A flame for Africa" door sr. M. John Rigby, 1953

 

725 Boek "75ème Anniversaire de présence au Burkina Faso" 1912. Soeur Missionnaires de Notre Dame d'Afrique, 1987

 

728 Boek "75 Years Missionary Sisters of Our Lady of Africa in Ghana", 2003

 

1.10.3.5  Boeken en verhandelingen geschreven door leden en door Witte Paters

Meeste boeken gaan over de Witte Paters en/of de stichter Lavigerie

 

744 Boek "Missionarissen van Afrika. Witte Zusters-Witte Paters" door Jef van de Walle & Wim Wouters, z.j.

 

1.10.4  Documentatie betreffende de congregatie en haar leden

[NB voorkennis van namen van zuster-missionarissen is vereist voor nadere selectie, kh]

 

477 Krantenartikel 'De bekeering van El-Hadj-Abdallah' van zr. Marie Arsène uit (onbekend), ca. 1920

 

496-598, 859-865 Kranten-en tijdschriftartikelen alsmede andere documentatie over Nederlandse leden van de Congregatie, 1920-2004 (met hiaten)

496  Negentien Nederlandse postulanten, die rond 1925 naar Algerije zouden vertrekken i.v.m. hun verdere opleiding. Kopie van krantenartikel uit 1995

497  Zr. François de Borgia (Agatha Wesselingh). 1938, 1941

502  Enkele missiezusters die naar Afrika vertrokken: zr. Arnoldine (Maria van Roesvel), zr. St.Marcellin (Alice Martens), zr. Théonie (Catharina Sanders), zr. Vincent de Paul (M. Bos). 1945, 1950

 

479 Artikelen 'Meer persoonlijke leekenhulp in het Missiewerk' en 'De Witte Zusters van Kardinaal Lavigerie' uit "Romen's Aankondiger" van 11 september 1934 en 24 september 1934. Met reacties, 1934

 

767 Geschiedschrijving en foto's van Afrikaanse zustercongregaties, 1935-2000 (met hiaten)

 

480 Artikelen uit "De Nieuwe Eeuw" geschreven naar aanleiding van de missiebrochure uitgegeven door de Witte Zusters, 1937

 

482 Artikel 'De Witte Zusters in de Sahara' van (onbekend) uit de "Katholieke Illustratie" van 9 juni 1938, 1938

 

484 Artikel over de werkzaamheden van moeder Marie-Salomé (zr. Marie-Renée) in Noord-Afrika uit ["Dappere Vrouwen"], een uitgave van de missiezusters Dienaressen van de H. Geest, [ca. 1949]

 

485 Artikel 'Noord-Afrika' van zr. Marcellin (Alice Martens) over de ziekten, die bij Noord-Afrikanen voorkomen en over de werkzaamheden van de zusters in ziekenhuis en armenapotheek, 1950

 

636 Tijdschrift "De heraut van het Heilig Hart", jrg. 82, nr. 8-9 (augustus-september 1951), uitgegeven door het Orgaan van het Apostolaat des Gebeds, waarin veel informatie over het werk van de Witte Zusters, 1951

 

486 Artikel 'Medicijnmannen van Ndala verloren geheim' van Martin W. Duyzings uit "De Maasbode" van 22 juni 1955

 

831 Brieven van moeder Marie Salome aan zusters die vertrekken naar Afrika in de periode 1892-1916 alsmede het reglement van de huizen in Kabylie, 1980

Het betreft een getypte kopie van de originelen. In het Frans

 

827 Lijsten van posten in Afrika alsmede de namen van zusters die op deze posten hebben gewerkt in de periode 1874-1956, z.j.

 

 

2  Huisarchieven

-

 

1.10.3.4  Boeken en verhandelingen geschreven door leden van de Congregatie

Audio-visueel materiaal

1  Bestuursarchief

1.7  Leden van de Congregatie

1.7.1  Postulaat, noviciaat en vorming

 

637 

Foto's van diverse vormingshuizen (Vught, Esch, Algiers, Algerije, Frascati) alsmede foto's van zusters, z.j.

 

1.10.4  Documentatie betreffende de congregatie en haar leden

 

823 

Foto van vier zusters in Afrika, 1895

 

790 

Plakboek over werkzaamheden in Afrika vervaardigd door een zuster. Met bijlage, ca. 1954, 2005, z.j.

In het Engels, Frans en Nederlands

*bekeken* Deze collage heeft zeggingskracht voor wat de zuster die het album vervaardigd heeft bezighield in haar proces van herinneren. Door het ontbreken van feitelijke informatie bij de foto's en het ontbreken van bronvermelding [al zijn foto's te herkennen uit onder andere periodieken van de Witte Zusters] heeft dit archiefstuk beperkte zeggingskracht voor de missie van de Witte Zusters als zodanig.


Bewaarplaats Missiezusters van O.L.Vrouw van Afrika, Prins Bernhardstraat 19, 5281 JH Boxtel
Periode archief onbekend
Openbaarheid beperkt
Omvang onbekend

Bewaarplaats generalaat, Viale Trenta Aprile, 15 - 00153 ROMA, tel. (00-39)06.588.56.67, gen.archives@msolafrica.org
Periode archief 1869-heden?
Openbaarheid beperkt
Opmerkingen openbaarheid

It is advisable to book a visit in advance (Karin Pallaver PhD, "The WHite Sisters' Archives in Rome", unpublished paper, University of Bologna, April 2009).


Bewaarplaats Missionarissen van Afrika, Modestusstraat 20, PB 118, 5100 AC Dongen
Periode archief onbekend
Openbaarheid beperkt
Opmerkingen openbaarheid

Zij die het archief willen raadplegen dienen vooraf een afspraak te maken met de beheerder.

Omvang 443 inv. nrs.
Toegang soort
  • Anders nl
Opmerkingen toegang soort Database in Access, laatste versie uit 2008
Websites

http://www.smnda.org/

Bronnen met verslaglegging

ENK, AR-Z093 Missiezusters Onze Lieve Vrouw van Afrika

 

1.5.1  Stukken betreffende het Provinciaal Bestuur (tot 2000)

 

Jaarrapporten van de Nederlandse Provincie, 1948-2000

45  30 juni 1948-30 juni 1975. In het Frans. Alsmede aanvullende correspondentie o.a. met betrekking tot het opmaken van een jaarrapport

Alle rapporten voor 1960 zijn in het Frans. Deze rapporten zijn een handig startpunt om kennis te maken met de achtergronden van de congregatie, omdat er systematisch informatie te vinden is over personeel, aanwas en opleiding van nieuwe zusters, religieus leven, meldingen van visitaties [ook een handige bron om een overzicht van bijv. een missiegebied te krijgen], vertrek en terugkeer naar de missiegebieden en daarmee de missiegebieden waar Nederlandse zusters heengingen, want de Witte Zusters hadden meest internationale missiestaties. Verder vind u er informatie over gezondheid en uittredingen, financiële middelen en relaties met anderen. Die laatste categorie biedt zicht op verhoudingen met de Witte Paters, in Nederland en in de missie, net als de verhouding met bijvoorbeeld de apostolisch vicarissen en bisschoppen in de missiegebieden, waarbij de toon af en toe kritisch is in vergelijking met andere congregaties.

 

Verslagen van Provinciale Raadsvergaderingen (o.a. benoemingen, toestemming voor alleenwonen, verkiezingen voor kapittels; laatste tijdens de periode van de samengevoegde 'North-Sea' Provincie 15.07.1997-2000), 1958-1994  

136 

1948-1959

(In boekvorm, geschreven in het Frans). De verslagen van 1960-1970 bevinden zich in het archief van Rome

Handgeschreven. Soms paar keer per maand, soms één keer per twee maanden. Genoteerd datum, plaats van handelen, aanwezigen (provinciale overste en raadszusters) en verslagje, ongeveer twee kantjes handgeschreven info per vergadering, opening en sluiting met gebed. Op een arbeidsintensieve manier kan een goed beeld verkregen worden van het reilen en zeilen van de congregatie in Nederland, maar ook van het grote aantal beslissingen ten aanzien van de missie dat in Nederland werd genomen en/of voorgelegd aan het generaal bestuur. Tegen het einde van de jaren vijftig lijkt het thema missie in de beraadslagingen steeds belangrijker te worden. Het lijkt erop dat er op de missiestaties maar weinig zelfstandig beslist kon worden. Zo is er informatie over allerhande aankopen, personeelsverplaatsingen en het werk dat zusters daar deden. Wat eruit springt is de informatie over de verhoudingen tussen de zusters op de missiestatie en de plaatselijke apostolisch vicaris of bisschop, met name ten aanzien van geld en verplaatsingen. Vanuit Nederland wilde de provinciale overste de lokale clerus doordringen van haar bevoegdheden en de begrenzingen aan hun macht, iets wat bij een congregatie als de Dochters van Onze Lieve Vrouw van het Heilig Hart in de archieven helemaal niet geconstateerd kon worden.

 

849 

Rapport voor het generaal kapittel van 1953, 1953

Ook dit stuk is in het Frans en geeft een overzicht van de congregatie als geheel op dat moment, zoals het beleid ten aanzien van verloven uit de missie, visitaties missiegebieden, specifieke informatie over de huizen van de Nederlandse provincie en financiën, bijvoorbeeld ten aanzien van bouwwerkzaamheden in Afrika. Speciaal van belang is de rapportage over de historisch gegroeide financiële verhoudingen tussen de Chefs de Mission, ofwel de clerici die de Witte Zusters hadden verzocht in het missiegebied te komen werken, vaak Witte Paters, en Witte Zusters [Dit is tijdens het Generaal Kapittel van 1947 uitgebreid behandeld, zie ook inv.nr. 852]. De onderlinge verhoudingen en de ontwikkeling daarin, zowel financieel als de geest van het apostolaat, komen daarin goed tot uitdrukking. Verder is er de zeer interessante rubriek Missions, waarin een uitgebreide analyse wordt gegeven van de politieke ontwikkelingen van Afrika en de manieren waarop de zusters hun apostolaat aan de geest des tijds moeten aanpassen door tegemoet te komen aan de wens van de eigenlandse bevolking tot ontwikkeling en beter onderwijs. Daartoe moeten de zusters hun werken aanpassen (apostolaat staat voorop, niet de perfecte organisatie van de werken: efficiëntie en opleiding eigenlandse helpers), jonge zusters op het apostolaat voorbereiden door goede studie (taalstudie, pedagogische studie mn catechismus) en een goede katholieke geest hebben om begrip te hebben voor de inheemse opstandelingen, maar zelf boven nationalisme te staan en al helemaal niet meedoen aan raciale discriminatie.

 

 

1 Bestuursarchief

1.6 Betrekkingen

1.6.1 Contacten met het Generalaat

1.6.1.2 Contacten met het Generaal Bestuur (met name Rondzendbrieven)

Rondzendbrieven en raadgevingen van algemeen oversten aan de zusters, 1915-1999

In het Engels, Frans en Nederlands

 

100 

Uittreksels uit de rondzendbrieven en raadgevingen van mère Louise-Marie, de vierde algemene overste, aan de zusters. Ingebonden. 1947-1949. In het Engels

De rondzendbrieven zijn erg naar binnen gericht op alle zusters van de congregatie en bevatten allerlei directieven aan de zusters om zich naar de geest van de congregatie -en dus de interpretatie daarvan afhankelijk van tijd, plaats en persoon van de overste- te gedragen. Op die manier bieden ze zicht op opvattingen over de vormgeving en beleving van het apostolaat. Zoals 

No 10, C.L., January 6, 1950: Necessity of knowing the people and the language 32; nogmaals het belang van talen- en volkenkennis maar eveneens een ware internationaal geörienteerde non-discriminatoire geest in No15 Counsels, Retreat of April 1952: The Encyclical Evangelii Praecones; the spirit of our apostolate and its expression 18; ten slotte de erg naar de spiritualiteit en charisma van de congregatie gerichte No 31 Counsels, Retreat of August 1955: Missionary and African character of our Congregation; qualities needed for the apostolate 25.

 

1 Bestuursarchief

1.7 Leden van de Congregatie

1.7.2 Lijsten en registers betreffende leden en statistische gegevens betreffende de congregatie en de leden

Enveloppen met statistische algemene informatie apostolaat van de Vice-Provincie: Tanganyika/Tanzania  

 

760 

Katechese/moraal 1948-1965

*bekeken* Per maand, per missiepost aangegeven, met vermelding van regio, vicariaat en (vice)provincie, aantallen catechumenen, gesplitst naar vrouwen en kinderen, en daarbinnen in de missie, in de klas, in de dorpen.

Nadere Toegangen

ENK, AR-Z093 Missiezusters Onze Lieve Vrouw van Afrika

 

1 Bestuursarchief

1.1 Stichting en ontwikkeling

1.1.2 Kronieken

 

44 

Gedetailleerde inhoudsopgaven op de kronieken, z.j.

NB oude code was 34, waarnaar in de inventarisbeschrijvingen bij de kronieken nog naar wordt verwezen [1-3-2011 KH]

 

1 Bestuursarchief

1.6 Betrekkingen

1.6.1 Contacten met het Generalaat

1.6.1.1 Contacten met het Generaal Kapittel

 

852 

Registers van de kapittels van 1895 tot en met 1953, z.j.

Deze Frans geschreven nadere toegang maakt inzichtelijk dat op de kapittels volgens een gestandaardiseerd format verslaglegging werd ingebracht en besproken. Per kapittel wordt weergegeven hoe de agenda is verlopen en vervolgens een alfabetische index van behandelde onderwerpen. Zo kwam ter sprake de vraag of men eten mocht accepteren bij (huis)bezoeken aan inheemse mensen, de toelating van inheemse leden tot de congregatie, de (studie van) inheemse talen, het gebruik van de inheemse taal tijdens het postulaat, bezoek aan inheemse mensen tijdens lange tournées, catechisme in de missie, (studie van) islam en verhouding tot Afrikaanse zusters. Ook allerlei andere relevante zaken voor de missie in het algemeen zijn terug te vinden, zoals de financiën, kleding, verlof en verhouding tot de lokale clerus, in het bijzonder de Witte Paters.

Archivalie elders

In het Katholiek Documentatie Centrum in Nijmegen bevinden zich in de Verzameling Losse Archivalia de volgende stukken:

 

LARC 2862.

Verhandelingen ‘De Congregatie van de Afrikaanse zusters in Tabora’ (Tanzania) en ‘Saint Mary's School, Tabora’, door F. van Vlijmen WP. Typescripten. 1968, z.j, 2 stukken. <?>

NB: 1 exemplaar in het Engels is beschadigd.

Verwijzing naar andere archiefvormers
Opmerkingen

Van de hand van Joke Linders verscheen in 2008 Witte zuster in Donker Afrika. Portret van een boerenfamilie. In dit boek reconstrueert zij aan de hand van brieven, foto's, reisverslagen en documenten de geschiedenis van haar tante Aagje Wesselingh. De auteur heeft de brieven van haar tante in haar eigen woorden naverteld.

Informatiewaarde Groot

Geschiedenis

Korte geschiedenis

De congregatie

De congregatie van de Missiezusters van Onze Lieve Vrouw van Afrika, vaak genaamd de Witte Zusters, werd in 1869 gesticht in Algiers (Algerije) door de aartsbisschop van Algiers, kardinaal Charles Martial Allemand Lavigerie (1825-1892). Hij was ook de geestelijk vader van de Sociëteit van de Missionarissen van Afrika (de zogenaamde Witte Paters, gesticht in 1868). Lavigerie deed een oproep aan vrouwen om zich in te zetten voor het apostolaat voor de Afrikaanse vrouw. De congregatie is in Nederland gevestigd sinds 1887 toen er in Wijck bij Maastricht een huis geopend werd met de bedoeling vrouwen op te leiden tot religieuze. In 1895 werd het Nederlandse moederhuis te Esch gebouwd. Het is nooit de bedoeling geweest een Nederlandse afdeling te stichten; de congregatie had een internationale oriëntatie. Wel had zij een onmiskenbaar Frans stempel, wat onder meer tot uiting kwam in de voertaal. 

 

De missie

De zusters werkten in de missie in Afrika, meestal in de missiegebieden van de Witte Paters. Overigens waren hun werkterreinen strikt gescheiden, om geen aanleiding te geven bij de bevolking hun celibaat ter discussie te stellen. Zij zorgden onder meer voor de opvang van en onderwijs aan vrouwen en meisjes, die soms opgeleid werden tot catechist. De eisen die aan het religieuze leven van de zusters gesteld werden waren aangepast aan het actieve missieleven . 

 

Nederlandse zusters in de missie

De congregatie had met opzet een internationale oriëntatie. De leiders wilden voorkomen dat de zusters zich zouden identificeren met de koloniale regeringen. Het Nederlandse aandeel in de missie is daarom moeilijk vast te stellen. Er is nooit sprake geweest van Nederlandse vestigingen overzee. Nederlandse zusters behoorden tot andere provincies van de congregatie en buitenlandse, waaronder ook Europese, zusters behoorden tot de Nederlandse provincie. Vast staat dat Nederlandse zusters werkzaam zijn geweest in een groot aantal landen in Afrika ten zuiden van de Sahara. In 1940 werkten 230 Nederlandse zusters op dit continent. Duidelijker aanwijsbaar was het Nederlandse aandeel van zusters in Tanzania. Afgezien van de onderwijssector, waren zij ook actief in de gezondheidszorg: kraamklinieken, poliklinieken, onderwijs voor verpleegkundigen en vroedvrouwen. Toen veel Afrikaanse landen rond 1960 onafhankelijk werden, maakten apostolische vicarissen plaats voor gewone bisschoppen en kreeg de katholieke kerk meer autonomie. Het proces van politieke onafhankelijkheid luidde in veel gevallen ook kerkelijke onafhankelijkheid in. Het zelfstandig worden van de vice-provincies geschiedde tussen 1961 en 1970  en valt daarmee buiten het bestek van dit Repertorium.

 

Alle informatie is, tenzij anders vermeld, geput uit: Willemsen, I, par. 2-42, Pius-almanak 1960/61, 359 en 430, Poels, Vrouwen met een missie, inleiding op de inventaris berustend op het Erfgoedcentrum Nederlands Kloosterleven in St. Agatha.

Organisatie

De congregatie

De stichter van de congregatie, kardinaal Lavigerie, zette de organisatie centralistisch op omdat dit overeen zou stemmen met het apostolisch doel. De congregatie stond onder het gezag van de aartsbisschop van Algiers en werd bestuurd door een algemeen overste met vier raadsleden, die allen gekozen werden door het generaal kapittel. Zuster Marie Salomé (Marie-Renée Roudaut 1847-1930) was de eerste algemene overste (1882-1925) . Zij verruimde het werkterrein vanuit Noord-Afrika tot het hele continent. In 1960 werd het moederhuis en generalaat verplaatst van Algiers naar Rome . Kardinaal Lavigerie gaf de zusters de leefregel van St. Ignatius mee, waaraan de zusters uitdrukking gegeven hebben door dienstbetoon aan anderen. In 1901 vond de eerst opdeling in regio's plaats in Afrika met als moederhuis 'St. Charles' te Algiers. In 1939 werd de congregatie in Europa opgedeeld in regio's, waaronder de Nederlandse. De in aantal toenemende regio's ontwikkelden zich tot vice- of pro-provincie en ten slotte tot provincies. Nederland werd in 1948 een zelfstandige provincie met het provincialaat in Boxtel. Niettemin bleef de organisatie na 1948 zeer centralistisch: het algemeen bestuur benoemde de provinciaal-oversten en regelde de overplaatsing van zusters. De rechtspersoon van de congregatie is de St. Monicastichting.

 

Missie

De provincies kregen, daartoe aangemoedigd door de Propaganda Fide, op hun beurt de verantwoordelijkheid voor eigen missiegebieden toegewezen. Voor Nederland was dat Tanganyika. In Afrika ontstond in 1953 een vice-provincie, van waaruit vanaf 1961 provincies begonnen te ontstaan. De zusters hielpen niet alleen in praktisch opzicht de missie, maar zij brachten ook geld binnen via de salarissen die zij ontvingen als zij op gesubsidieerde scholen lesgaven. Deze salarissen werden tot in de jaren vijftig van de twintigste eeuw aan de apostolisch vicaris afgestaan, die een uitkering gaf aan de zusters voor hun levensonderhoud maar het geld ook gebruikte om de priesters een salaris uit te betalen.

 

Bestuurlijke veranderingen na 1960

Voor de archiefvorming is van belang te weten dat de bestuursstructuur na 1960 aanzienlijk is veranderd. In 2000 werd een Europese provincie gevormd die bestond uit de huizen in Frankrijk, Zwitserland, Duitsland, België, Spanje, het Verenigd Koninkrijk en Nederland. Het provinciaal bestuur zetelde vanaf dat moment in Keulen.

 

Alle informatie is, tenzij anders vermeld, geput uit: Poels, Vrouwen met een missie, Inleiding op de inventaris van het Erfgoedcentrum Nederlands Kloosterleven

Doelstelling

Lavigerie was één van de eersten die het belang van zusters onderkende, omdat zij contact konden maken met vrouwen en gezinnen in bijvoorbeeld islamitische gebieden. Het eerste doel van de congregatie was heiliging van de leden en daarnaast de bekering van heidenen in Afrika. Belangrijk zijn altijd geweest de gerichtheid op Afrika,aandacht voor vrouwen en hun positie in de samenleving, opbouw van de kerk, internationaliteit en niet in de laatste plaats caritas ofwel liefdevolle zorg. Daartoe werden onderwijs en gezondheidszorg in brede zin in Afrika aangewend, waarbij de zusters de Witte Paters ondersteunden. De eerste algemeen-overste zuster Marie Salomé zorgde er voor dat bij de herziening van de constituties en regels in 1892 het apostolaat een grotere rol kreeg toebedeeld. Voordien stond handenarbeid op de voorgrond. In de opbouw van de kerk speelden de zusters een rol door hulp aan eigenlandse congregaties. De congregatie gaf er de voorkeur aan om eigenlandse (lokale) congregaties te stichten boven het opnemen van vrouwen in de eigen congregatie. Daartoe startten zij in 1905 met een noviciaat.

Taken en activiteiten
  • Ontwikkelingswerk (Landbouw/Technische opleiding etc.)
  • Onderwijs (hieronder ook kweekscholen)
  • Gezondheidszorg
  • Ondersteuning
  • Opleiding van zendingswerkers en missionarissen
  • Opleiding van (inheemse) werkkrachten (Te denken valt aan zendelingen, missionarissen, assistenten enz.)
  • Uitzending van zendingswerkers en missionarissen
  • Werk van en voor vrouwen en meisjes

Geografie

Continenten
  • Afrika
Lokatie
  • Algerije
  • Aartsbisdom Algiers
  • Bisdom Constantine
  • Bisdom Laghouat

Niet-archivalische bronnen

Selectie uit de literatuur
Titel
  • Terug van weggeweest : negen verhalen van teruggekeerde missionarissen / [red.: Lambert van Gelder]
Auteur
  • Lambert van Gelder
Reeks
  • Mensen met een missie
Paginering
  • 114 p
Uitgever
  • Oegstgeest : Week voor de Nederlandse Missionaris
Jaar van uitgave
  • 1999

Titel
  • Gaan voor God : ideaal en praktijk van missie in historisch perspectief / onder red. van José Eijt, Hester Genefaas, Peter Nissen
Auteur
  • Josepha Maria Antonia Eijt (1948-) ; Hester Genefaas (1972-)
Reeks
  • Metamorfosen ; 2
Paginering
  • 187 p
Uitgever
  • Hilversum : Verloren
Jaar van uitgave
  • 1998

Titel
  • Mensen ontmoeten zoals ze zijn : gedachten en visies bij de honderdste sterfdag van Charles kardinaal Lavigerie (1825-1892) / [samenst. Frans Koets ; eindred. Ton Smits]
Auteur
  • Frans Koets ; Ton Smits (fl.1973)
Paginering
  • 50 p
Uitgever
  • Boxtel : Provincialaat Witte PatersBoxtel : Provincialaat Witte Zusters
Jaar van uitgave
  • 1993

Titel
  • Eerste eeuwfeest van de sterfdag van kardinaal Charles Lavigerie (1825-1892), eminent missionaris, stichter van de Witte Paters en de Witte Zusters / [Missionarissen van Afrika (Witte Paters). Provincialaat, Missiezusters van O.L. Vrouw van Afrika (Witte Zusters van Kardinaal Lavigerie). Provincialaat]
Auteur
  • Charles Martial Allemand Lavigerie (1825-1892)
Paginering
  • 33 p
Uitgever
  • [Boxtel] : Missionarissen van Afrika (Witte Paters). Provincialaat, Missiezusters van O.L. Vrouw van Afrika (Witte Zusters van Kardinaal Lavigerie). Provincialaat in samenw. met de KNR-afdeling Pers en Publiciteit
Jaar van uitgave
  • 1992

Titel
  • Missionarissen van Afrika, Witte Zusters, Witte Paters / [red. en samenstelling: Jef van de Walle, Wim Wouters]
Auteur
  • Jozef Van de Walle (1925-) ; Wim Wouters
Paginering
  • 32 p
Uitgever
  • [Boxtel : Provincialaat: Witte Paters]
Jaar van uitgave
  • [ca.1989]

Titel
  • Zusters, missionarissen van O.L. Vrouw van Afrika : Witte Zusters van Kardinaal Lavigerie
Paginering
  • 32 p
Uitgever
  • [S.l. : Caritas]
Jaar van uitgave
  • [1937]

Titel
  • Vrouwen met een missie : vier congregaties in Nederland en de toekomst van hun missionair verleden / Vefie Poels ; m.m.v. Anna Damas
Auteur
  • Genoveva Maria Johanna Poels (1958-) ; Anna Damas (1966-)
Paginering
  • 160 p
Uitgever
  • [Nijmegen] : Valkhof Pers
Jaar van uitgave
  • cop. 2008


Periodieken
Titel
  • Tweemaandelijkse kroniek der Zusters Missionarissen van O.L. Vrouw van Afrika
Uitgever
  • Boxtel : Zusters Missionarissen
Jaar van uitgave
  • 1899-1947

Titel
  • Kroniek der Witte Zusters
Paginering
  • 49 (1948) - ...
Uitgever
  • Boxtel : Zusters Missionarissen van Onze Lieve Vrouw van Afrika
Jaar van uitgave
  • 1948-...

Titel
  • Afrika : tijdschrift van Witte paters en Witte zusters
Paginering
  • Jrg. 79, no. 1(1963) - -...
Uitgever
  • Esch : Afrika tijdschrift
Jaar van uitgave
  • 1963-...

Titel
  • Chronique Trimestrielle de la Société des Soeurs Missionaires de Notre-Dame d'Afrique
Jaar van uitgave
  • 1984-...

Titel
  • Société des soeurs de Notre Dame des Missions d'Afrique
Interviews

22 interviews, en wel de nrs.:

 

11

55

64

83

133

145

148

218

239

267

283

354

358

421

432

437

458

473

516

561

646

757

 


Het archief

Meer over het archief
Beschrijving archief

Archief van de provincie

Het moederhuis in Esch (provincie Noord-Brabant) werd in 2005 opgeheven, waarna het archief werd overgebracht naar het Erfgoedcentrum Nederlands Kloosterleven in St. Agatha. In dit archief zijn opgenomen de huisarchieven van in de loop van de tijd gesloten vestigingen. Globaal gezien valt het archief daarom uiteen in twee delen. Het archief is in samenwerking tussen hoofdverantwoordelijke zuster Wilma Hoitink en medewerkers van Dienstencentrum Kloosterarchieven Nederland geïnventariseerd. De inventaris kan worden geraadpleegd op de website van het Erfgoedcentrum. Zie voor de oorspronkelijke opbouw van het archief inv. nr. 260. Het archief is nog niet afgesloten: recente stukken bevinden zich nog in Boxtel. Ook de archieven van het economaat en de missieprocuur en het fotoarchief zijn nog daar. Deze archieven zijn niet nader onderzocht. Het provinciaal archief bestaat uit: stukken van algemene aard, waaronder stukken betreffende de geschiedenis, kronieken en jaarrapporten van de Nederlandse provincie, stukken over de organisatie, waaronder spiritualiteit, contacten met onder andere het generalaat, provincialaat, andere communiteiten, jubilea, documentatie en intercongregationele contacten in Nederland en Afrika. Over de missiegebieden is veel statistisch materiaal bewaard. Verder is er documentatie over de werkzaamheden en leden. In de huisarchieven zijn diverse soorten boeken en verhandelingen, waaronder ook die door de zusters zelf geschreven zijn. Veel documentatie en publicaties dateren van en zijn relevant voor de periode na 1960. Wel zitten er enkele biografiëen van zusters in het archief voor de eerste helft van de twintigste eeuw.

 

Archief van het generalaat in Rome

Voor het thema culturele interactie is de betekenis van dit archief van een overigens belangrijke congregatie gering omdat er geen brieven van zusters aan het thuisfront bewaard zijn gebleven. Aangenomen mag worden dat deze er wel geweest zijn. De verslagen van het provinciaal kapittel zijn pas vanaf 1969 bewaard zijn gebleven, het archief bevat geen verslagen van de generale kapittels. In het algemeen dateren de meeste stukken van na 1960, documenten van vóór 1940 zijn zeldzaam. Wel is veel gedrukt materiaal bewaard maar dit heeft vaak geen betrekking op wat de zusters deden of ervoeren. Het generalaatsarchief bestaat uit manuscripten, waaronder verslagen van huizen en provincies, in- en externe correspondentie, kronieken en geschriften van de stichteres; overzichten, waaronder generale kapittels, huisarchieven en archivalia over de missie en de zusters. Verder documentatie, waaronder intern, zoals regels en constituties, rondzendbrieven en kronieken, en extern, zoals geschriften van zusters, studies en periodieken; en foto's. Het generalaat hecht waarde aan een goed beheerd archief omdat het bestuur dit nodig heeft, maar ook omdat onderzoekers en de congregatie in Afrika en Amerika dit kunnen gebruiken (Zr. Marie Lorin, "Objectif sur...les archives de la maison généralice." (1975)). In het archief worden onder meer dagboeken of kronieken bewaard, die gepubliceerd en bijeengebracht zijn in delen per jaar. Hierin is behalve informatie over het dagelijkse reilen en zeilen op de missiestatie informatie te vinden over thema's als slavernij en de verhouding tot de koloniale autoriteiten (Karin Pallaver PhD, "The WHite Sisters' Archives in Rome", unpublished paper, University of Bologna, April 2009).

 

Alle informatie is geput uit: Inleiding op de inventaris van het Erfgoedcentrum Nederlands Kloosterleven.

Bewaarplaats Erfgoedcentrum Nederlands Kloosterleven, St. Agatha
Periode archief 1869-2006
Openbaarheid beperkt
Opmerkingen openbaarheid

Het archief is in bewaring gegeven aan het Erfgoedcentrum in St. Agatha, het eigendomsrecht ligt bij de congregatie. Voor het inzien van archiefmateriaal is toestemming nodig van het bestuur van de congregatie. Een aanvraagformulier voor het verkrijgen van deze toestemming kan het erfgoedcentrum u per mail of per post toezenden (www.erfgoedkloosterleven.nl inleiding inventaris AR-Z093, 7-6-2010).

Omvang 4 meter
Toegang soort
  • Inventaris met inleiding
Opmerkingen toegang soort digitaal beschikbaar op www.archieven.nl / www.erfgoedkloosterleven.nl
Toegang titel Hoitink, zr. W.; Huijgevoort, A. van, AR-Z093 Missiezusters O.L. Vrouw van Afrika
Bijzondere relevantie

Selectie

De selectie is uitgevoerd door Kirsten Hulsker in december 2010 en in februari-maart 2011 uitgewerkt.Veel hieronder beschreven stukken zijn door haar ingezien.

 

1  Bestuursarchief

1.1  Stichting en ontwikkeling

1.1.1  Geschiedenis van de Congregatie

-

1.1.2  Kronieken

Halfjaarlijkse kroniek van de Zusters Missionarissen van O.L. Vrouw van Afrika, genaamd "Charitas"

11  1899-1914

De naam doet vermoeden dat het hier om een dagboek-achtig archiefstuk gaat, maar het betreft de periodiek van de zusters. Deze periodiek werd uitgegeven door de St. Monica-stichting van de Witte Zusters op verzoek van weldoeners en lezers van de periodieken van de Witte Paters, die meer wilden weten over het werk van de zusters. Speciaal doel is de congregatie meer bekend te stellen in Nederland en vooroordelen erover weg te nemen. Met deze doelen kan de lezer bijvoorbeeld in het tweede nummer van de eerste jaargang lezen hoe de toestand in de missiegebieden van de Witte Zusters in 1898 was. Verder treft de lezer in deze periode spannende reisverslagen, anekdotes over exotische situaties, statistieken van verpleegden en dopen en romantische verslagen van het leven van alledag waarbij de lezer enerzijds wordt doordrongen van de medemenselijkheid van de geëxotiseerde ander, maar anderzijds goed meekrijgt hoeveel werk er nog te doen is om de mensen van hun duisternis en tekortkomingen te verlossen. Aandacht voor inschakelen van de lezer, in de vorm van spirituele, financiële of medewerkende hulp is er dan ook. De culturele informatie wordt ook mede in dit kader aangeboden. Zo is er het topos-bekeringsverhaal dat een bepaald patroon volgt en een didactische functie heeft. Dit verhaal zegt daarom minstens zoveel, zo niet meer over de verteller en diens beoogde publiek, dan over het onderwerp. De artikelen zijn grotendeels geschreven door de zusters zelf en niet voorzien van illustraties of foto's.

 

26  1937

In deze jaargang is er meer aandacht voor geldwerving, ondersteund door roerende foto's van kinderen ('onze schaapjes') die gevoed moeten worden en gekleed zijn. Giften zijn verbonden aan de handelingen die ermee zouden worden verricht, zoals het vrijkopen van een heidenkind of het onderhoud ervan. De kosten van het onderhoud van een Witte Zuster konden ook gedoneerd worden, maar vielen veel hoger uit. Het (geld)wervende karakter treedt hier meer op de voorgrond, zowel door de plaatsen in het tijdschrift (direct al vooraan en achteraan lijsten van gulle gevers) als door de expliciete wijze in woord en beeld. De wetenswaardigheden over andere volken en culturen wordt in deze jaargang ook gelardeerd met tekeningen van exotische tafereeltjes en kaart- en fotomateriaal. Eveneens is er feitelijke informatie te vinden over vertrekkende en terugkomende en overleden zusters. Hier en daar is er aandacht voor de eigenlandse missiehelpers die dan lezer ten voorbeeld worden gesteld. Verhaald wordt over de moeilijkheden die zij hebben moeten overwinnen vanwege hun omgeving of volksaard om toch een goed christen en een goede medehelper van de missie te worden.

 

Kroniek van de Witte Zusters, Zusters Missionarissen van O.L. Vrouw van Afrika

34 1949

De periodiek bevatte in deze periode onder andere fragmenten uit naar huis gezonden brieven (de vaste rubriek Post uit de Missie), gegevens over aankomst en vertrek en overlijden van missiezusters en belevingsverslagen door Witte Zusters in missiegebieden. Zo werd jonge lezers voorgehouden hoe het er op scholen in de missie toeging: wat anders en exotisch was, maar ook wat de Nederlandse kinderen van de kinderen in missiegebieden zouden moeten kunnen leren. Ook is er aandacht voor geldwerving. Het blad is rijkelijk geïllustreerd met fotomateriaal van zusters in avontuurlijke situaties (vaak te paard) en exotische plaatsen en personen. Het blad moest het beeld opwekken dat de zusters veel kennis hadden van de lokale bevolking, waaruit tevens hun Westerse perspectief en visie daarop naar voren komt. Enerzijds wordt de interesse gewerkt voor de exotische etnische ander, anderzijds wordt de Europese lezer duidelijk gemaakt dat er nog een hoop spirituele, geldelijke en menselijke steun van het thuisfront nodig is om het missiewerk succesrijk te maken. De periodiek is in opzet en vormgeving illustratief voor andere missietijdschriften van actieve vrouwelijke missiegezelschappen in deze periode, maar wellicht niet in die zin dat de zusters zelf veel van de artikelen lijken te hebben geschreven en met (klooster)naam genoemd worden.

 

"Kroniek der Witte Zusters"

40  1956-1958

In uiterlijke vorm  en inhoud lijkt deze representatief voor missieperiodieken in deze periode van buitenlandse, internationale missiecongregaties en vertoont grote overeenkomsten met de periodieken van bijvoorbeeld de missionarissen van het Heilig Hart van Jezus. In deze periode wordt informatie over de mondiale (politieke en kerkelijke) situatie nadrukkelijker in artikelen over de missie betrokken. Was de mening van de paus altijd belangrijk en de strijd tegen socialisme in de jaren dertig ook al actueel, explicieter wordt het communisme in Afrika en de rol van de Russen daarin besproken. In deze periode ook meer sjabloonmatige illustraties van Afrikaanse kunst en afbeeldingen van Afrikanen. De Afrikaanse cultuuruitingen en de toegeschreven karaktereigenschappen van Afrikanen staan prominent in de belangstellingen. Ogenschijnlijk zijn de artikelen feitelijker van toon, al worden alle cultuuruitingen die beschreven worden uiteindelijk wel afgewogen naar Westerse christelijke en anti-materialistische katholieke idealen met het uitgangspunt de 'goede' cultuuruitingen te bewaren. De foto's en bijschriften contrasteren af en toe flink met de tekst door de openlijke oordelen die erin vervat zitten, al neemt het aantal foto's van ogenschijnlijk ongecompliceerd lachende zusters en Afrikaanse kinderen toe. Nieuw is dat er nu een artikel aangetroffen kan worden van de hand van een Guinese évolué, waar eerder artikelen namens Afrikanen werden opgenomen en soms fragmenten uit hun brieven.

 

1.1.3  Jubilea

-

 

 

1.2  Regel, constituties, gebruiken

-

 

1.3  Spiritualiteit

-

 

1.4  Stukken betreffende het Provinciaal Kapittel (tot 2000)

-

 

1.5  Bestuur

1.5.1  Stukken betreffende het Provinciaal Bestuur (tot 2000)

Zie voor voorbeelden van bronnen in deze rubriek veld Verslaglegging.

 

1.5.2  Stukken betreffende de Provinciale Vergaderingen (tot 2000)

-

1.5.3  Contacten met Provinciaal Bestuur, Europese bijeenkomsten (vanaf 2000)

-

1.5.3  Contacten met Provinciaal Bestuur, Europese bijeenkomsten (vanaf 2000)

-

 

1.6  Betrekkingen

1.6.1  Contacten met het Generalaat

 

849 Rapport voor het generaal kapittel van 1953, 1953

 

67 Rondzendbrieven van de algemene overste en de raad inzake het Algemeen Kapittel, te weten het "Rapport" (lettre circulaire no.4), "Lettre-circulaire promulguant les décisions et voeux ne demandant pas l'approbation romaine" (no.5) en "lettre-circulaire annonçant les modifications aux Constitutions demandées par le Chapitre général de 1959", 1959-1960, 1959-1960

 

852 Registers van de kapittels van 1895 tot en met 1953, z.j.

 

1.6.1.2  Contacten met het Generaal Bestuur (met name Rondzendbrieven)

Zie voor een toelichting op bronnen in deze rubriek het veld Verslaglegging.


1.6.1.3  Contacten met de Algemene Vergaderingen en Netwerk 50

-

1.6.1.4 

-

1.6.2  Contacten met andere Provincies

-

1.6.3  Contacten met communiteiten

-

1.6.4  Contacten met derden

1.6.4.1  Contacten met andere Orden en Congregaties

210 Stukken betreffende Afrikaanse Zustercongregaties, waaraan de Congregatie der Witte Zusters hebben meegewerkt inzake vorming en voortgezette vorming waaronder veel statistieken houdende gegevens over aantallen zusters van bedoelde Congregaties en historische beschrijvingen over de periode vanaf 1899, 1948-1970, 1976, 1985, 1992, 1995, 2005

 

211-222 Verhandelingen over verschillende Afrikaanse Zustercongregaties, z.j., 1981, 1983-1984, 1988-1989, 1997-1998

211 Verhandeling "Some information on the history of the Congregation of Our Lady, Queen of Africa, Sumbawanga, Tanzania". Doorslag van typescript, z.j. Alsmede boekje "75th Anniversary of Religious life of the Daughters of Mary Bannabikira", 1988

[De congregatie is gesticht in 1903]

212  Verhandeling "Four Massai Women among the Iraqui" by Eloi Grondin (M.Afr.) Tabora, Tanzania. 1988

213  Verhandeling "Historia Fupi ya Shirika la Mabinti wa Maria Imakulata", z.j. Boekje "Historia ya Mabinti wa Maria Imakulata jana na Leo 1933-1983" en artikelen over Afrikaanse Congregaties/archiefstukken over zr. Jeanne Pijnacker, 1989, 1997, z.j.

214  Boekje "Jubilee ya dhahabu; masista wa mtakatifu Theresia Bukoba 1933-1983". Geïllustreerd. 1983

215 Boekje "The Assumption Sisters of Nairobi; silver jubilee 1959-1984". 1984. Geïllustreerd

[De congregatie is gesticht in 1957]

216  Boekje "75th Anniversary of Religious life of the Daughters of Mary Bannabikira". Geïllustreerd. 1985

222 Boekje "Daughters of Saint Therese of the Child Jesus (Banyatereza Sisters)", z.j.

[De congregatie is in 1932 gesticht]

NB in deze serie nog meer werken, maar onduidelijk of het over congregaties vóór 1960 gaat

 

 

1.6.4.2  Contacten met de UISG en SNVR

-

 

1.6.4.3  Contacten met de Romeinse Curie

-

 

1.6.4.4  Contacten met bisdommen en de Nederlandse kerkprovincie

231 Overeenkomsten tussen de Congregatie en (Afrikaanse) bisdommen met betrekking tot de te verrichten werkzaamheden van de zusters in Afrika, alsmede modellen/afschriften van overeenkomsten van andere Congregatie (die als voorbeeld hebben gediend voor overeenkomsten van de Witte Zusters). Met gedetailleerde inhoudsopgave, 1936, 1942, 1948-1952

*bekeken* Niet zozeer voor culturele interactie, als wel voor concrete financiële en hiërarchische verhoudingen in het missiegebied is deze bron interessant. Bijzonder is dat deze contracten gegroepeerd in het archief bewaard zijn gebleven.

 

232 Statistische gegevens over leden van Congregatie in Nederland en Afrika opgemaakt ten behoeve van het bisdom, 1947-1988

 

1.6.4.5  Contacten met bezoekers van open (klooster)dagen

-

 

1.6.4.6  Overige contacten

-

 

1.7  Leden van de Congregatie

1.7.1  Postulaat, noviciaat en vorming

630 Stukken betreffende de vormingsreis, dagindeling, spiritueel, inculturatie, talenstudie gedurende het postulaat/noviciaat alsmede de testamentregeling, 1949-1956

*gezien* Frans, incidenteel Nederlands. De stukken geven een beeld van dagindeling en lesprogramma in het postulaat en noviciaat. Pas na het noviciaat kwamen de jonggeprofeste zusters in aanmerking voor aanvullende apostolische vorming in het moederhuis in Algiers, onder andere stage op missieposten. Onderdeel van godsdienstige vorming was onder andere de sacramenten van het doopsel en het huwelijk in verband met het missiewerk. Na het apostolische vormingsjaar in Algiers gingen de zusters terug naar Europa of naar de missie, waar ze dan een halfjaar naar een speciaal studie-huis van de betreffende vice-provincie gingen waar ze inlandse talen en de gebruiken en mentaliteit van de inboorlingen leerden. De congregatie streefde binnen het noviciaat zelf naar zo groot mogelijke uniformiteit, omdat zij streefde naar internationale communiteiten (Antwoorden op de vragenlijst over de jonggeprofeste zusters, Boxtel 5-5-1954). In deze map is daarom beperkt informatie te vinden over culturele interactie. Desondanks kwam culturele interactie wel ter sprake in het document 'Reunion des superieures provinciales', octobre 1950 St Charles, exposé de Mère Jacqueline, Provinciale de France sur la formation des sujets, waarin op de vorming van Afrikaanse zusters gereflecteerd wordt. Hun eigenschappen worden beschreven (onder andere totale gulheid, het niet onderscheiden van de wil en het gevoel) en hoe dit uitwerkt op de vorming van kloosterlijke deugden, zoals gehoorzaamheid. Interessant punt is de Goddelijke trancedentie, waar veel zwarte zusters een ander beeld van hebben. In algemene zin zijn geringe opleiding en geringe kennis van de waarheden van het geloof grote problemen bij nieuwe leden. Diverse vormen van aanpassing worden voorgesteld, onder andere in extra (voor)opleiding, andere kleding en scheiding van groepen.

 

1.7.2  Lijsten en registers betreffende leden en statistische gegevens betreffende de congregatie en de leden

603 Registers houdende gegevens over het vertrek van de eerste zusters naar Soudan en Oost-Afrika over de jaren 1873-1927, [1926]-1927

 

254 Schema houdende gegevens over zusters van de Congregatie die werkzaam zijn in Afrika alsmede numerieke gegevens over de Afrikaanse bevolking en het land, 1946

 

751-764 Enveloppen met statistische algemene informatie apostolaat van de Vice-Provincie: Tanganyika/Tanzania, 1948-1965

NB Vertrouwelijk

751 Adult education- vrouwengroepen/sociale activiteiten 1958-1965

752 Algemene informatie/zusters/activiteiten. 1948-1965

753 Apostolaat v.d. Inlandse zusters: Batezera (Bukoba) & Bana Maria (Enfants de Marie) (Tabora) 1948-1965

754 Basis onderwijs: upperprimary/primary & nursery (3a) 1948-1956; (3b) 1957-1965

755  Handenarbeid/workshops 1948-1958

756  Hoger onderwijs: T.T.C.'s (Teacher's training courses), N.T.C.'s (Nurses training courses) verpleegkundige en vroedvrouwen training (1951-1965)

757  Huisbezoeken/Doopsels 1948-1965

758  Huishoudscholen 1952-1965

759  Jeugdbeweging/Katholieke actie groepen 1948-1965

760  Katechese/moraal 1948-1965

*bekeken* zie verslaglegging

761  Kraamklinieken 1948-1965

762  Poliklinieken 1948-1965

763  Voorbereiding tot de Eerste H. Communie/Internaten 1949-1964

764  Ziekenhuizen/poliklinieken 1948-1965

 

604 Register houdende gegevens over vertrek en terugkeer van de Hollandse zusters uit de missiegebieden, [1948]-1970

 

238 Statistieken houdende gegevens van de zusters van de Nederlandse Provincie en de Vice-Provincie Tanganyika opgesteld in januari 1949, januari 1950, november 1950, december 1952, november 1953, 1949-1950, 1952-1953

In het Frans. Vertrouwelijk

 

259 Pakket met Algemene Statistieken (rose & wit papier) van: aantal zusters; inlandse zusters; personeel; inwoners; katholieken; van: activiteiten van de zusters; van: plaatsen: Chala: 1951-1965; Kala: 1950-1965; Karema: 1949-1965; Kate: 1949-1965; Kisa: 1949-1965; Mkulwe: 1954-1965; Mwazye: 1949-1964; Sumbawanga: 1959-1965, 1949-1965

Niet compleet, Chala ontbreekt. Vertrouwelijk

 

251 Statistiek houdende gegevens over aantallen zusters van de Congregatie met vermelding van de regio's, Provincies en communiteiten. Met gedetailleerde inhoudsopgave, 1949-1972

In het Frans

 

261 Statistiek van de leden van de Vice-Provincie volgens bisdommen: Bukoba-Mwanza-Tabora-Kigoma-Mbeya-Karema alsmede gegevens over congregatieleden van Nederland met plaatsen, 1954-1965

Vertrouwelijk

 

262 Statistische gegevens alsmede geschiedkundige informatie over activiteiten in Tanzania, 1958-1990

In Engels, Frans en Nederlands

 

839 Register houdende de gegevens van vertrek, terugkomst, overlijden en uittreden van zusters in de periode 1894-1955 betreffende equatoriaal Afrika, z.j.

 

847 Register houdende de gegevens van vertrek, terugkomst, overlijden en uittreden van zusters in de periode 1897-1955 aangaande Sudan, z.j.

 

1.7.3  Necrologia

Necrologia houdende levensbeschrijvingen van overleden medezusters, waaronder Nederlandse zusters (ingebonden). Met bijlagen, 1871-1947

 

264 1871-1924. Met los inliggende levensbeschrijvingen van Nederlandse zusters

*bekeken* Frans. Feitelijke informatie als geboorteplaats en data van geboorte, inkleding, professie, noviciaat en verplaatsingen naar (missie)posten zijn uit deze bron te halen. Meestal bevat de beschrijving ook een tijdsgebonden oordeel over werk en leven van de zuster, zowel als kloosterlinge als missiezuster. Soms ook informatie over de missiegebieden. Op abstracter niveau biedt de bron zicht in veranderingen in de conventies binnen de congregatie ten aanzien van ziekte, sterven, lijden, het (be)oordelen van medezusters en (on)deugden.

Foto's werden vaak teruggegeven aan familie, aanvullende informatie werd meestal bewaard in het generaal archief, de beschrijvingen zoals in deze bron te vinden zijn werden veelal ook afgedrukt in de kroniek [zie periodieken] (Brief van Zr. Francien Franssen WZ, Boxtel 1987).

 

268 Levensbeschrijvingen van Nederlandse zusters, die zijn overleden tussen 1948-1989. Met een lijst houdende (verbeterde) gegevens over de Nederlandse zusters, die zijn overleden tussen 1948-1978, alsmede een lijst houdende gegevens van Nederlandse zusters die zijn overleden tussen 1979-1989, 1948-1989

In het Engels, Frans en Nederlands

*bekeken* Veelal in Frans. Informatie is hier afkomstig uit meerdere bronnen, bevat ook af en toe fotomateriaal.

 

275 Levensbeschrijvingen van zusters van andere nationaliteiten, die in de Vice-Provincie Tanzania of in Nederland zijn overleden in de periode 1951-1964, 1951-1964

 

1.7.4  Werkstukken, cursusmateriaal, handwerkstukken en onderscheidingen van zusters

NB interessant, maar na 1960

 

1.8  Eigendommen en financiën (archiefmateriaal in Boxtel)

[NB Veel archiefmateriaal bevindt zich nog bij de Congregatie]

-

 

1.9  Werkzaamheden

1.9.1  Contacten in Afrika en in Nederland

795 Stukken betreffende de inzet voor de afschaffing van de slavernij, 1904-1992 (met hiaten)

Waaronder een "Freibrief" voor een vrijgekochte slaaf tijdens de Duitse bezetting in Oost-Afrika (Tabora)

 

782 Propagandamateriaal van de Witte Zusters en de Witte Paters, ca. 1930, 1948

Gedetailleerde inhoudsomschrijving is toegevoegd

 

448-452 Artikelen van diverse personen ("Service de documentation") over de cultuur en de religie in Afrika, 1940, 1949-1951

In het frans

448  "La race negre et la malediction de Cham" van p. Albert Perbal OMI uit "Revue de l'Université d'Ottawa", vol. X, No. 2, april-juni 1940

449  Informatie over "idolatrie et fétichisme" van sr. Jean Chrysostôme, geschreven naar aanleiding van haar reis langs de Grote Meren (Grands Lacs), (Congo, Tanganyika, Mbya, Kigoma, Tabora). 1949

*bekeken* Frans. Zuster Jean Chrysostôme heeft op haar reis langs de grote meren een vragenlijst laten invullen, zo lijkt het. 8 respondenten (2 Witte Paters, 2 paters van de congregatie van de H Geest, 1 pater onbekend, 1 bisschop, 1 Mère Witte Zuster en 1 Soeur Witte Zuster) leveren informatie aan over hun gebieden (Congo: Bangwweolo, Chilubula, Albertville& Baudoinville; Uganda; Kenya: Thika; Tanzania: Tabora, Kigoma; Burundi) en daar levende volkeren (met name genoemd: Babemba, Balungu, Bamambwe, Babisa, Bene, Cishinga, Watabwa; Baganda; Banyamwezi) en hun gebruiken. De vragen liggen op het terrein van beeld van een Opperwezen of Schepper, cultus daarvoor, hoe men tegen de goden aankijkt die men vereert, waar bevinden die zich, is er daarvoor een cultus, hoe zien offers eruit en hoe duidt u die, is er volgens u onderscheid tussen godsverering en magie in uw gebied, is er sprake van fetisjisme, wat zijn taboes? Niet iedereen volgt de vragenlijst, degenen die dat wel doen beantwoorden lang niet altijd alle vragen. De auteurs gaan onder andere in op taalkundige kwesties, visies op de dood, medicijnman of geestenbezweerder etc.

 

450  "Les Mânes chez les Nyakyusa's" van (onbekend). 1949

451  "Dieu chez les Nyakyusa's Païens" van (onbekend). 1950

452  "Les Nyakyusa's de la Mission de Kisa; Dieu chez les Nyakyusa's païens" van (onbekend). 1951

 

453 Brieven en circulaires van zr. Marie Saint-Hervé, zr. M. Joseph de Bethleem en zr. M. Domnin over de politieke situatie op het land, de positie van de kerk, het apostolaat van de zusters in Algerije, Congo/Rwanda/Burundi, Uganda, Kenya, Tanganyika, Rhodesia/Nyassa, West-Afrika A.O.F., Europa/Amerika, 1955-1959, 1963

In het Frans

 

454 Verhandeling van zr. Paschalis (Christina Middelhoff) over het christelijk gezinsleven in Afrika. Met correcties, 1960

*bekeken* Lezing, gehouden op uitnodiging van P. Overste, over het christelijk gezinsleven in Afrika, passend in het kader van missie-maandintentie van het Apostolaat des Gebeds. Het stuk is geschreven of geredigeerd door zr. Paschalis. Auteur spreekt liever over kerstening van het gezinsleven in Afrika, van een christelijk gezinsleven is nog geen sprake. Wel veel goede katholieken, maar weinig goede katholieke gezinnen. Als bronnen lijkt auteur zich voornamelijk te baseren op boekje van Zr Marie-André Civilisations en marche (1949) en Pater Van Oostrom Blijf met het geluk. Auteur beschrijft resp. de noodzakelijke voorwaarden voor een christelijk gezinsleven, een toelichting daarop, de taak van met name vrouwelijke missionarissen in de kerstening van het gezin en ten slotte suggesties ter verwezenlijking daarvan. Het monogame christelijke onverbrekelijke huwelijk kent in Afrika tal van culturele obstakels die door de auteur uitgebreid beschreven worden, zoals het clansysteem, gebrek aan achting voor de vrouw, gebrek aan vrije keuze, polygamie etc etc. Het is bij uitstek een taak van de zusters om de vrouwen op te voeden en te onderwijzen, want met name van de vrouw zou de bestendigheid van het christelijk gezin afhangen. Adaptatie moet het grondbeginsel zijn waarmee missionarissen te werk gaan, aldus de auteur.

 

 

1.9.2  Roepingenpastoraat

-

 

1.10  Documentatie en publicaties

1.10.1  Congregatiebladen en contactbladen algemeen

324 Congregatiebladen "Société des soeurs de Notre Dame des Missions d'Afrique", 1894

In de jaren 1894-1902 waren de congregatiebladen handgeschreven en gekopieerd, vanaf 1902 zijn ze (meestal) gedrukt

 

325 Congregatiebladen "Chronique Trimestrielle de la Société des Soeurs de Notre Dame des Missions d'Afrique", 1895

 

326-328 Congregatiebladen "Chronique Trimestrielle de la Société des Soeurs de Notre Dame des Missions d'Afrique, 1896-1898

 

329-330 Congregatiebladen "Chronique Trimestrielle des Religieuses Missionnaires de Notre Dame d'Afrique", 1899-1900

 

331-400 Congregatiebladen "Chronique Trimestrielle de la Société des Soeurs Missionaires de Notre-Dame d'Afrique", 1901-1969

 

1.10.2  Publicaties voor intern gebruik

-

1.10.3  Boeken en verhandelingen

1.10.3.1  Boeken en verhandelingen algemeen

697  Boek "Muyinza" Vous pouves-Sr.Marie de Borgia (Agathe-Agatha Wesselingh)" par sr. Jean-Félix. 1938. Alsmede het boek "Een vol missieleven". 1941

 

1.10.3.2  Boeken en verhandelingen over de geschiedenis van de Congregatie

NB Voor inzage is toestemming vereist

 

1.10.3.3  Boeken en verhandelingen van/over moeder Marie-Salomé

712 Boek "Afrika: Een zegel op mijn hart; Mensen met een missie, met supplement (juni 2003) en fotokopie van stamboom van 22 Afrikaanse Zustercongregaties, 2003-2004

 

824 Boek met persoonlijke brieven aan zusters, deel III met nummers 109-196 betreffende de periode 1913-1930, 1978

 

1.10.3.4  Boeken en verhandelingen geschreven door leden van de Congregatie

713 Boek "La Femme noire en Afrique Occidentale" door Soeur Marie-André du Sacré-Coeur, 1939

 

714 Boek "Sous le ciel d'Afrique" door Soeur Marie-André du Sacré Coeur, 1948

 

715 Boek "La condition humaine en Afrique noire" door Soeur Marie-André du Sacré-Coeur, 1952

*bekeken* Dit boek is geschreven door Soeur Marie-André du Sacré-Coeur, membre du conseil supérieur des affaires sociales d’outre-mer, docteur en droit. Het boek is opgedragen aan haar Afrikaanse vrienden die zich in dit boek zullen terugvinden en voorzien van een voorwoord door Louis-Paul Aujoulat, secrétaire d'Etat au Ministre de la France d’Outre-Mer, Député du Cameroun, Président-Fondateur d’”Ad Lucem”. Deze uitgave is een soort heruitgave op basis van aanvullend onderzoek in Zuid-Kameroen van het eerder door haar gepubliceerde La Femme Noire en Afrique occidentale in 1939, op verzoek van l’Office de la Recherche scientifique Outre-Mer. Hoofdvraag: kan de Afrikaanse massa zich naar Europees niveau ontwikkelen of is dat voorbehouden aan een elite? De auteur beschrijft in het boek de kenmerken van de bezochte regio's en doet aanbevelingen voor de toekomstige ontwikkeling op het gebied van het gewoonterecht, vernieuwing op de oude van misbruiken gezuiverde culturele fundamenten, sociale educatie en individuele problemen en de ontwikkeling van de vrouw. Europa moet hierbij de kleine broer de hand reiken [het ouder-kind-topos is hier verdwenen, de idee echter niet, kh], maar die Europeanen die de Afrikaanse cultuur in hun oude gewoonten willen fixeren hinderen de ontwikkeling. Het clansysteem moet bijvoorbeeld aangepakt worden en de vrouw moet als opvoedster van de kinderen en echtgenote van een ontwikkelde man zorgen dat het gezin zich kan verheffen. Europese ontwikkelingen, van de romaanse en germaanse volkeren tot nu, moeten daarbij tot voorbeeld dienen, zodat de Afrikanen die ontwikkeling versneld kunnen doormaken. Europeanen kunnen nog leren van Afrikanen, bijvoorbeeld eerbied voor God, de familiezin en geest van onderling hulpbetoon zijn daar nog (!) te vinden, aldus auteur.

 

716 Boek "Civilisations en marche" door Soeur Marie-André du Sacré-Coeur, 1956

 

719 Boek "7 Ans de vie Soudanaise", 1935

 

720 Boek "Babira. L'ame Noire. Essai d'adaption 1 & 11" door Soeurs Constance-Marie. MSOLA, 1947

*bekeken* Dit boek is geschreven door een Belgische zuster. Het is voorzien van een voorwoord door niemand minder dan de beroemde missioloog Pierre Charles sj, die betoogt dat het de eerste taak van de missionaris is om het volk waar hij of zij de liefde wil verkondigen moet leren kennen. De bijdrage van dit boek is volgens hem dat de zuster de vrouwen van Babira heeft leren kennen door haar methode van observatie en hen de katholieke boodschap heeft gegeven. Zonder in de mensen te geloven zijn ze volgens p. Charles niet te redden.

Om de zwarte zielen te kunnen redden moet men die tot het diepste kennen, deel I is dan ook gewijd aan beschrijvingen van kenmerken van de vrouwen van Babira (Belgisch Congo), zoals maatschappij, talen, gebruiken, natuurlijke moraal etc. Het boek is redelijk uitgebreid geïllustreerd met fotomateriaal, onder andere 'dagelijkse' taferelen en exotische cultuuruitingen. Kernbegrip is adaptatie en het voortbouwen op de fundamenten van de Afrikaanse cultuur. In deel II vindt men dan ook 'aangepaste' stichtende liederen en toneelstukken.

 

721 Boek "Kasongo. Serie 'Trait d'union' no. 5-6" Soeurs Blanches, 1948

 

722 Boek "A flame for Africa" door sr. M. John Rigby, 1953

 

725 Boek "75ème Anniversaire de présence au Burkina Faso" 1912. Soeur Missionnaires de Notre Dame d'Afrique, 1987

 

728 Boek "75 Years Missionary Sisters of Our Lady of Africa in Ghana", 2003

 

1.10.3.5  Boeken en verhandelingen geschreven door leden en door Witte Paters

Meeste boeken gaan over de Witte Paters en/of de stichter Lavigerie

 

744 Boek "Missionarissen van Afrika. Witte Zusters-Witte Paters" door Jef van de Walle & Wim Wouters, z.j.

 

1.10.4  Documentatie betreffende de congregatie en haar leden

[NB voorkennis van namen van zuster-missionarissen is vereist voor nadere selectie, kh]

 

477 Krantenartikel 'De bekeering van El-Hadj-Abdallah' van zr. Marie Arsène uit (onbekend), ca. 1920

 

496-598, 859-865 Kranten-en tijdschriftartikelen alsmede andere documentatie over Nederlandse leden van de Congregatie, 1920-2004 (met hiaten)

496  Negentien Nederlandse postulanten, die rond 1925 naar Algerije zouden vertrekken i.v.m. hun verdere opleiding. Kopie van krantenartikel uit 1995

497  Zr. François de Borgia (Agatha Wesselingh). 1938, 1941

502  Enkele missiezusters die naar Afrika vertrokken: zr. Arnoldine (Maria van Roesvel), zr. St.Marcellin (Alice Martens), zr. Théonie (Catharina Sanders), zr. Vincent de Paul (M. Bos). 1945, 1950

 

479 Artikelen 'Meer persoonlijke leekenhulp in het Missiewerk' en 'De Witte Zusters van Kardinaal Lavigerie' uit "Romen's Aankondiger" van 11 september 1934 en 24 september 1934. Met reacties, 1934

 

767 Geschiedschrijving en foto's van Afrikaanse zustercongregaties, 1935-2000 (met hiaten)

 

480 Artikelen uit "De Nieuwe Eeuw" geschreven naar aanleiding van de missiebrochure uitgegeven door de Witte Zusters, 1937

 

482 Artikel 'De Witte Zusters in de Sahara' van (onbekend) uit de "Katholieke Illustratie" van 9 juni 1938, 1938

 

484 Artikel over de werkzaamheden van moeder Marie-Salomé (zr. Marie-Renée) in Noord-Afrika uit ["Dappere Vrouwen"], een uitgave van de missiezusters Dienaressen van de H. Geest, [ca. 1949]

 

485 Artikel 'Noord-Afrika' van zr. Marcellin (Alice Martens) over de ziekten, die bij Noord-Afrikanen voorkomen en over de werkzaamheden van de zusters in ziekenhuis en armenapotheek, 1950

 

636 Tijdschrift "De heraut van het Heilig Hart", jrg. 82, nr. 8-9 (augustus-september 1951), uitgegeven door het Orgaan van het Apostolaat des Gebeds, waarin veel informatie over het werk van de Witte Zusters, 1951

 

486 Artikel 'Medicijnmannen van Ndala verloren geheim' van Martin W. Duyzings uit "De Maasbode" van 22 juni 1955

 

831 Brieven van moeder Marie Salome aan zusters die vertrekken naar Afrika in de periode 1892-1916 alsmede het reglement van de huizen in Kabylie, 1980

Het betreft een getypte kopie van de originelen. In het Frans

 

827 Lijsten van posten in Afrika alsmede de namen van zusters die op deze posten hebben gewerkt in de periode 1874-1956, z.j.

 

 

2  Huisarchieven

-

 

1.10.3.4  Boeken en verhandelingen geschreven door leden van de Congregatie

Audio-visueel materiaal

1  Bestuursarchief

1.7  Leden van de Congregatie

1.7.1  Postulaat, noviciaat en vorming

 

637 

Foto's van diverse vormingshuizen (Vught, Esch, Algiers, Algerije, Frascati) alsmede foto's van zusters, z.j.

 

1.10.4  Documentatie betreffende de congregatie en haar leden

 

823 

Foto van vier zusters in Afrika, 1895

 

790 

Plakboek over werkzaamheden in Afrika vervaardigd door een zuster. Met bijlage, ca. 1954, 2005, z.j.

In het Engels, Frans en Nederlands

*bekeken* Deze collage heeft zeggingskracht voor wat de zuster die het album vervaardigd heeft bezighield in haar proces van herinneren. Door het ontbreken van feitelijke informatie bij de foto's en het ontbreken van bronvermelding [al zijn foto's te herkennen uit onder andere periodieken van de Witte Zusters] heeft dit archiefstuk beperkte zeggingskracht voor de missie van de Witte Zusters als zodanig.


Bewaarplaats Missiezusters van O.L.Vrouw van Afrika, Prins Bernhardstraat 19, 5281 JH Boxtel
Periode archief onbekend
Openbaarheid beperkt
Omvang onbekend

Bewaarplaats generalaat, Viale Trenta Aprile, 15 - 00153 ROMA, tel. (00-39)06.588.56.67, gen.archives@msolafrica.org
Periode archief 1869-heden?
Openbaarheid beperkt
Opmerkingen openbaarheid

It is advisable to book a visit in advance (Karin Pallaver PhD, "The WHite Sisters' Archives in Rome", unpublished paper, University of Bologna, April 2009).


Bewaarplaats Missionarissen van Afrika, Modestusstraat 20, PB 118, 5100 AC Dongen
Periode archief onbekend
Openbaarheid beperkt
Opmerkingen openbaarheid

Zij die het archief willen raadplegen dienen vooraf een afspraak te maken met de beheerder.

Omvang 443 inv. nrs.
Toegang soort
  • Anders nl
Opmerkingen toegang soort Database in Access, laatste versie uit 2008
Websites

http://www.smnda.org/

Bronnen met verslaglegging

ENK, AR-Z093 Missiezusters Onze Lieve Vrouw van Afrika

 

1.5.1  Stukken betreffende het Provinciaal Bestuur (tot 2000)

 

Jaarrapporten van de Nederlandse Provincie, 1948-2000

45  30 juni 1948-30 juni 1975. In het Frans. Alsmede aanvullende correspondentie o.a. met betrekking tot het opmaken van een jaarrapport

Alle rapporten voor 1960 zijn in het Frans. Deze rapporten zijn een handig startpunt om kennis te maken met de achtergronden van de congregatie, omdat er systematisch informatie te vinden is over personeel, aanwas en opleiding van nieuwe zusters, religieus leven, meldingen van visitaties [ook een handige bron om een overzicht van bijv. een missiegebied te krijgen], vertrek en terugkeer naar de missiegebieden en daarmee de missiegebieden waar Nederlandse zusters heengingen, want de Witte Zusters hadden meest internationale missiestaties. Verder vind u er informatie over gezondheid en uittredingen, financiële middelen en relaties met anderen. Die laatste categorie biedt zicht op verhoudingen met de Witte Paters, in Nederland en in de missie, net als de verhouding met bijvoorbeeld de apostolisch vicarissen en bisschoppen in de missiegebieden, waarbij de toon af en toe kritisch is in vergelijking met andere congregaties.

 

Verslagen van Provinciale Raadsvergaderingen (o.a. benoemingen, toestemming voor alleenwonen, verkiezingen voor kapittels; laatste tijdens de periode van de samengevoegde 'North-Sea' Provincie 15.07.1997-2000), 1958-1994  

136 

1948-1959

(In boekvorm, geschreven in het Frans). De verslagen van 1960-1970 bevinden zich in het archief van Rome

Handgeschreven. Soms paar keer per maand, soms één keer per twee maanden. Genoteerd datum, plaats van handelen, aanwezigen (provinciale overste en raadszusters) en verslagje, ongeveer twee kantjes handgeschreven info per vergadering, opening en sluiting met gebed. Op een arbeidsintensieve manier kan een goed beeld verkregen worden van het reilen en zeilen van de congregatie in Nederland, maar ook van het grote aantal beslissingen ten aanzien van de missie dat in Nederland werd genomen en/of voorgelegd aan het generaal bestuur. Tegen het einde van de jaren vijftig lijkt het thema missie in de beraadslagingen steeds belangrijker te worden. Het lijkt erop dat er op de missiestaties maar weinig zelfstandig beslist kon worden. Zo is er informatie over allerhande aankopen, personeelsverplaatsingen en het werk dat zusters daar deden. Wat eruit springt is de informatie over de verhoudingen tussen de zusters op de missiestatie en de plaatselijke apostolisch vicaris of bisschop, met name ten aanzien van geld en verplaatsingen. Vanuit Nederland wilde de provinciale overste de lokale clerus doordringen van haar bevoegdheden en de begrenzingen aan hun macht, iets wat bij een congregatie als de Dochters van Onze Lieve Vrouw van het Heilig Hart in de archieven helemaal niet geconstateerd kon worden.

 

849 

Rapport voor het generaal kapittel van 1953, 1953

Ook dit stuk is in het Frans en geeft een overzicht van de congregatie als geheel op dat moment, zoals het beleid ten aanzien van verloven uit de missie, visitaties missiegebieden, specifieke informatie over de huizen van de Nederlandse provincie en financiën, bijvoorbeeld ten aanzien van bouwwerkzaamheden in Afrika. Speciaal van belang is de rapportage over de historisch gegroeide financiële verhoudingen tussen de Chefs de Mission, ofwel de clerici die de Witte Zusters hadden verzocht in het missiegebied te komen werken, vaak Witte Paters, en Witte Zusters [Dit is tijdens het Generaal Kapittel van 1947 uitgebreid behandeld, zie ook inv.nr. 852]. De onderlinge verhoudingen en de ontwikkeling daarin, zowel financieel als de geest van het apostolaat, komen daarin goed tot uitdrukking. Verder is er de zeer interessante rubriek Missions, waarin een uitgebreide analyse wordt gegeven van de politieke ontwikkelingen van Afrika en de manieren waarop de zusters hun apostolaat aan de geest des tijds moeten aanpassen door tegemoet te komen aan de wens van de eigenlandse bevolking tot ontwikkeling en beter onderwijs. Daartoe moeten de zusters hun werken aanpassen (apostolaat staat voorop, niet de perfecte organisatie van de werken: efficiëntie en opleiding eigenlandse helpers), jonge zusters op het apostolaat voorbereiden door goede studie (taalstudie, pedagogische studie mn catechismus) en een goede katholieke geest hebben om begrip te hebben voor de inheemse opstandelingen, maar zelf boven nationalisme te staan en al helemaal niet meedoen aan raciale discriminatie.

 

 

1 Bestuursarchief

1.6 Betrekkingen

1.6.1 Contacten met het Generalaat

1.6.1.2 Contacten met het Generaal Bestuur (met name Rondzendbrieven)

Rondzendbrieven en raadgevingen van algemeen oversten aan de zusters, 1915-1999

In het Engels, Frans en Nederlands

 

100 

Uittreksels uit de rondzendbrieven en raadgevingen van mère Louise-Marie, de vierde algemene overste, aan de zusters. Ingebonden. 1947-1949. In het Engels

De rondzendbrieven zijn erg naar binnen gericht op alle zusters van de congregatie en bevatten allerlei directieven aan de zusters om zich naar de geest van de congregatie -en dus de interpretatie daarvan afhankelijk van tijd, plaats en persoon van de overste- te gedragen. Op die manier bieden ze zicht op opvattingen over de vormgeving en beleving van het apostolaat. Zoals 

No 10, C.L., January 6, 1950: Necessity of knowing the people and the language 32; nogmaals het belang van talen- en volkenkennis maar eveneens een ware internationaal geörienteerde non-discriminatoire geest in No15 Counsels, Retreat of April 1952: The Encyclical Evangelii Praecones; the spirit of our apostolate and its expression 18; ten slotte de erg naar de spiritualiteit en charisma van de congregatie gerichte No 31 Counsels, Retreat of August 1955: Missionary and African character of our Congregation; qualities needed for the apostolate 25.

 

1 Bestuursarchief

1.7 Leden van de Congregatie

1.7.2 Lijsten en registers betreffende leden en statistische gegevens betreffende de congregatie en de leden

Enveloppen met statistische algemene informatie apostolaat van de Vice-Provincie: Tanganyika/Tanzania  

 

760 

Katechese/moraal 1948-1965

*bekeken* Per maand, per missiepost aangegeven, met vermelding van regio, vicariaat en (vice)provincie, aantallen catechumenen, gesplitst naar vrouwen en kinderen, en daarbinnen in de missie, in de klas, in de dorpen.

Nadere Toegangen

ENK, AR-Z093 Missiezusters Onze Lieve Vrouw van Afrika

 

1 Bestuursarchief

1.1 Stichting en ontwikkeling

1.1.2 Kronieken

 

44 

Gedetailleerde inhoudsopgaven op de kronieken, z.j.

NB oude code was 34, waarnaar in de inventarisbeschrijvingen bij de kronieken nog naar wordt verwezen [1-3-2011 KH]

 

1 Bestuursarchief

1.6 Betrekkingen

1.6.1 Contacten met het Generalaat

1.6.1.1 Contacten met het Generaal Kapittel

 

852 

Registers van de kapittels van 1895 tot en met 1953, z.j.

Deze Frans geschreven nadere toegang maakt inzichtelijk dat op de kapittels volgens een gestandaardiseerd format verslaglegging werd ingebracht en besproken. Per kapittel wordt weergegeven hoe de agenda is verlopen en vervolgens een alfabetische index van behandelde onderwerpen. Zo kwam ter sprake de vraag of men eten mocht accepteren bij (huis)bezoeken aan inheemse mensen, de toelating van inheemse leden tot de congregatie, de (studie van) inheemse talen, het gebruik van de inheemse taal tijdens het postulaat, bezoek aan inheemse mensen tijdens lange tournées, catechisme in de missie, (studie van) islam en verhouding tot Afrikaanse zusters. Ook allerlei andere relevante zaken voor de missie in het algemeen zijn terug te vinden, zoals de financiën, kleding, verlof en verhouding tot de lokale clerus, in het bijzonder de Witte Paters.

Archivalie elders

In het Katholiek Documentatie Centrum in Nijmegen bevinden zich in de Verzameling Losse Archivalia de volgende stukken:

 

LARC 2862.

Verhandelingen ‘De Congregatie van de Afrikaanse zusters in Tabora’ (Tanzania) en ‘Saint Mary's School, Tabora’, door F. van Vlijmen WP. Typescripten. 1968, z.j, 2 stukken. <?>

NB: 1 exemplaar in het Engels is beschadigd.

Verwijzing naar andere archiefvormers
Opmerkingen

Van de hand van Joke Linders verscheen in 2008 Witte zuster in Donker Afrika. Portret van een boerenfamilie. In dit boek reconstrueert zij aan de hand van brieven, foto's, reisverslagen en documenten de geschiedenis van haar tante Aagje Wesselingh. De auteur heeft de brieven van haar tante in haar eigen woorden naverteld.

Informatiewaarde Groot