Bergsma, Titia (1786-1821)

BERGSMA, Titia (geb. Leeuwarden 13-2-1786 – gest. Den Haag 2-4-1821), eerste westerse vrouw in Japan. Dochter van Ennius Harmen Bergsma (1755-1828), advocaat, en Barthina Bouwina Schultz (1755-1829). Op 12-4-1815 trouwde Titia Bergsma in Den Haag met Jan Cock Blomhoff (1779-1853), opperhoofd van Deshima. Uit dit huwelijk werd 1 zoon geboren.

Titia Bergsma, middelste van de drie dochters van Ennius Bergsma en Bartha Schultz, werd gedoopt in de Waalse kerk in Leeuwarden, waar haar vader advocaat en later president van het Provinciaal Gerechtshof was. In 1806 vroeg de handelaar Jan Cock Blomhoff haar ten huwelijk, maar haar ouders vonden hun dochter nog te jong. Blomhoff vertrok naar de Oost, waar hij opklom tot opzichter der pakhuizen van Nederlands handelsvestiging in Japan, Deshima (bij Nagasaki). Daar verwekte hij een dochter bij Itohagi, een ‘yujo’ (vrouw van lichte zeden): moeder en kind mochten op Deshima blijven. Het meisje overleed in 1813 aan een infectie.

Ondertussen kreeg Ennius Bergsma een hoge baan bij het Hof in Den Haag. In 1811 verhuisde het gezin Bergsma naar de hofstad, met achterlating van de oudste dochter, Sytske, die in Leeuwarden inmiddels een eigen gezin had. Titia’s jongere zuster, Catherine, trouwde in 1814 in Den Haag. Eind dat jaar ook keerde Blomhoff terug in Nederland en in april 1815 traden hij en Titia Bergsma in het huwelijk. Het echtpaar verhuisde naar Dordrecht, waar Blomhoff boekhouder werd bij de legermagazijnen. Op 6 maart 1816 werd hun enige kind geboren, Johannes (gest. 1900). In datzelfde jaar vertrok het gezin naar de Oost, met de min Petronella Muns. Enige maanden na aankomst in Batavia werd Blomhoff benoemd tot opperhoofd van Deshima. Hoewel westerse vrouwen daar door Japan niet werden toegelaten, nam Blomhoff toch vrouw, kind en min mee. Op 16 augustus 1817 zetten Titia Bergsma en Petronella Muns voet op Deshima. Ruim vijf weken later kwam het bevel van de shogun dat de vrouwen met het kind Deshima moesten verlaten. Beroep hiertegen was niet mogelijk. In december vertrokken zij en keerden via Batavia terug naar Nederland, waar Titia Bergsma na enkele jaren van ziekte overleed zonder ooit haar man teruggezien te hebben. Zij werd begraven in de Nieuwe Kerk in Den Haag.

Het waren er dus twéé die als eerste westerse vrouw Japan betraden: Titia Bergsma en Petronella Muns. Hun verblijf op Deshima was van korte duur, maar is vereeuwigd door contemporaine Japanse kunstenaars. Er bestaan verschillende prenten en tekeningen waarop beiden afgebeeld staan, meestal in gezelschap van Titia’s man en zoon, of ook Titia alleen, waaronder een waarop zij piano speelt. Tot op de dag van vandaag verkoopt men in de toeristenindustrie van Nagasaki beeldjes van Titia met Johannes en andere voorwerpen waarop zij staat afgebeeld. Op 14 maart 2008 zond de AVRO de documentaire ‘Verliefd op Titia: een Hollands icoon in Japan’ uit.

Archivalia

Zie de verwijzingen bij Bersma (2002).

Literatuur

  • J. Stellingwerff, De diepe wateren van Nagasaki. Nederlands-Japanse betrekkingen sedert de stichting van Deshima (Franeker 1983).
  • R.P. Bersma, Titia. The first western woman in Japan (Amsterdam 2002) [een Nederlandse vertaling is in 2004 verschenen onder de titel: Titia. De eerste westerse vrouw in Japan].

Illustratie

Prent van de aankomst van Titia Bergsma met min en kind op Deshima, door onbekende kunstenaar, 1817 (Scheepvaartmuseum, Amsterdam).

Redactie

Biografienummer in 1001 Vrouwen: 637

laatst gewijzigd: 13/01/2014