Bosscha, Henriette Frederica (1831-1912)

 
English | Nederlands

BOSSCHA, Henriette Frederica, vooral bekend onder het pseudoniem Herfrieda (geb. Deventer 20-1-1831 – gest. Twello 14-1-1912), schrijfster, onderwijzeres. Dochter van Petrus Bosscha (1789-1871), hoogleraar letterkunde en geschiedenis, en Elisabeth van de Schaft (1792-na 1877). Henriette Frederica Bosscha bleef ongehuwd.

Henriette Frederica Bosscha werd geboren in een gezin van zes kinderen dat woonde op de Stroomarkt in Deventer, waar haar vader als hoogleraar verbonden was aan het Atheneum. Bij zijn dood in 1871 woonde ze nog altijd met haar moeder en zusters – onder wie haar schrijvende zuster Anna Maria Gesina Bosscha – in het ouderlijk huis (brief aan J.P. de Keyser, 18-8-1877). Later woonde zij, net als Anna Maria Gesina, in Twello.

Henriette Frederica Bosscha publiceerde in 1869 onder het pseudoniem Herfrieda Een teedere snaar. Open brief aan alle beschaafde vrouwen in Nederland (Deventer 1869), waarin ze pleitte voor beter onderwijs voor vrouwen, met name uit de lagere standen. Daarbij legde ze de nadruk op het ontwikkelen van smaak en schoonheidsgevoel in het onderwijs. Vooral de kleding van ‘moderne’ vrouwen was haar een doorn in het oog: meisjes gingen te veel met modes mee en kleedden zich smakeloos (2-4). In Ons Streven van juli 1871 brak zij een lans voor het teken- en muziekonderwijs voor meisjes. Een jaar later bepleitte zij de verbetering van het handwerkonderwijs voor meisjes in het artikel ‘Het onderwijs in de vrouwelijke handwerken’ (Ons Streven (1872) 7, 27). In het onderwijs moest aan meisjes uit de lagere standen, voorbestemd om dienstbode of naaister te worden, een groter schoonheidsgevoel worden bijgebracht. Als mededirectrice van een naai- en breischool voor meisjes in Deventer probeerde zij haar denkbeelden in praktijk te brengen. Behalve artikelen op haar vakgebied publiceerde Herfrieda ook verhalen.

Henriette Frederica Bosscha overleed op 14 januari 1912 op 80-jarige leeftijd in Twello.

Naslagwerken

Frederiks/Van den Branden.

Archivalia

  • Gelders Archief, Arnhem: toegang 0207, Burgerlijke Stand, inv. nr. 8759 (Voorst), nr. 9 (overlijden H.F. Bosscha).

  • Nederlands Letterkundig Museum, Den Haag: brief van H. F. Bosscha aan J.P. de Keyser, 18-8-1877.

Publicaties

Behalve de in het lemma genoemde titels publiceerde Henriette Frederica Bosscha onder het pseudoniem Herfrieda:

  • ‘Wie maakt zich gaarne belachelijk?’, Ons Streven (1871) 34, 135-136.
  • De zendeling en de kastanjeboom (Tiel 1873).
  • Margaretha en Evert met de bloemen (Tiel 1873).
  • Een ongeluk, wat toch een geluk was (Tiel 1873).
  • ‘Een droom’, De Tijdspiegel (1874) 356-365.

Literatuur

  • G. Mees Az., ‘Levensschets van Mr. Pieter Bosscha’, Handelingen en Mededelingen Maatschappij der Nederlandsche Letterkunde (1873) 3-36.
  • A.A. Vorsterman van Oyen, Stam- en wapenboek van aanzienlijke Nederlandsche familiën 1 (Groningen 1885) 83-84.
  • Lotte Jensen, ‘Bij uitsluiting voor de vrouwelijke sekse geschikt’. Vrouwentijdschriften en journalistes in Nederland in de achttiende en negentiende eeuw (Hilversum 2001) 200, 218, 259.

Redactie

laatst gewijzigd: 13/01/2014