Charlotte Brabantina van Oranje (1580-1631)

 
English | Nederlands

CHARLOTTE BRABANTINA prinses van ORANJE (geb. Antwerpen 17-9-1580 gest. Chateaurenard, Frankrijk 19-8-1631). Dochter van Willem prins van Oranje (1533-1584) en Charlotte de Bourbon (1547-1582). Charlotte Brabantina trouwde op 11-3-1598 te Chatellerault, Frankrijk met Claude de La Tremoille prins van Talmont (1566-1604). Uit dit huwelijk werden 2 zoons en 2 dochters geboren, van wie 1 dochter jong overleed.

Charlotte Brabantina werd in 1580 geboren als vijfde dochter van Willem van Oranje en zijn derde vrouw, Charlotte de Bourbon. Als petekind van de Staten van Brabant werd zij op 25 oktober Brabantina gedoopt en kreeg bij die gelegenheid een jaargeld van tweeduizend gulden toegekend, dat overigens niet altijd werd betaald. Omstreeks 1582 werd ze door Daniël van den Queeborn geschilderd in het kader van een portretreeks van het prinselijk gezin. Brabantina was nog geen twee jaar oud toen haar moeder stierf. Na de dood van haar vader twee jaar later werd zij door Louise de Coligny, met wie Willem was hertrouwd, opgevoed op het Oude Hof aan het Haagse Noordeinde. Met haar stiefmoeder kreeg Brabantina een speciale band; zij zou het lievelingetje van Louise zijn geweest.

Bij de totstandkoming van Brabantina’s huwelijk speelde Louise de Coligny een belangrijke rol. In 1594 introduceerde ze de veertienjarige Brabantina samen met haar oudere zus Elisabeth aan het Franse hof van koning Hendrik IV. De zusters maakten er furore en werden omringd door bewonderaars uit de Franse aristocratie. Brabantina kreeg een aanzoek van de vijftienjarige hertog Henri de Rohan, maar haar stiefmoeder vond hem te jong. Op voorstel van de hertog van Bouillon, met wie haar zuster Elisabeth inmiddels was getrouwd, trouwde Brabantina in 1598 met de vijftien jaar oudere Claude de La Tremoille, hertog van Thouars. Hij was een neef van haar zwager en van haar stiefmoeder en een van de kopstukken van de hugenootse adel. Brabantina’s halfbroer Frederik Hendrik, die de voorkeur had gegeven aan zijn vriend Rohan, toonde zich teleurgesteld over die keuze: ‘je m'estonne fort que vous aves abandonne le pauvre Monsieur de Rohan pour en prendre un autre qui ne vous a pas fait tant de service que lui’, schreef hij in 1597 aan Brabantina (Tulot, onder: Frederic-Henri de Nassau, nr. 3).

Het huwelijk van Brabantina werd op 11 maart 1598 luisterrijk gevierd in Chatellerault, in aanwezigheid van haar stiefmoeder en Frederik Hendrik. Van de Staten van Brabant kreeg zij twintigduizend gulden als bruidsschat. Brabantina gold als de mooiste van de dochters van Charlotte de Bourbon en werd door prins Maurits ‘la belle Brabantine’ genoemd. Haar bruidegom werd echter door tijdgenoten omschreven als ‘wat mismaakt van lichaam, korthalzig en een oog groter dan het andere’ (Van der Does, 112). De bruid verweerde zich aanvankelijk tegen de avances van haar bruidegom, die zij waarschijnlijk niet eerder persoonlijk had ontmoet. ‘Het huwelijk is gesloten, maar nog niet voltrokken; er zijn een paar mooie ruzies over geweest’, zo schreef haar zwager, de hertog van Bouillon, aan een vriend (gecit. Doorn, 205). Louise de Coligny zou al haar tact hebben moeten aanwenden om de bruid het huwelijksbed in te praten.

Hertogin van Tremoille

Het paar vestigde zich in het stamslot van de Tremoilles in Thouars, in het westen van Frankrijk. Ze kregen vier kinderen: Henri (1598-1674), Charlotte (1599-1664), Elisabeth (1601-1604) en Frederik Maurits (1602-1642). Met haar eveneens in Frankrijk wonende zusters Elisabeth (Sedan) en Flandrina (Poitiers) had Brabantina een hechte band. Zij bezocht hen regelmatig en correspondeerde veel met hen. De levendige en geestige brieven geven een goed beeld van het leven op de Franse landgoederen en van de politieke ontwikkelingen aan het hof in Parijs. In hun correspondentie noemden zij zichzelf en elkaar femmes détat, staatsvrouwen.

Na zes jaar huwelijk overleed Brabantina’s echtgenoot, en kort erna stierf ook haar dochtertje Elisabeth. Zo stond zij er als 24-jarige weduwe met drie kleine kinderen opeens alleen voor. Zij nam actief deel aan het maatschappelijk leven, kwam op voor de protestanten in de regio en liet haar politieke invloed regelmatig gelden. Zo bemiddelde ze met enig succes in het politieke conflict van haar zwager Bouillon met koning Hendrik IV.  Met de koning, zijn opvolger Lodewijk XIII en koningin-moeder Maria de Medici had Brabantina een goede verstandhouding. Brieven van Lodewijk XIII aan haar laten zien dat de koning belang hechtte aan haar oordeel. Als dank voor haar bemiddelende rol bij de totstandkoming van de Vrede van Loudun in 1616 gaf Lodewijk haar in 1617 de leiding van de 22e Nationale Synode van de hervormde kerken die in mei en juni in Vitre (Bretagne) werd gehouden. Brabantina verbleef ook regelmatig aan het stadhouderlijk hof in Den Haag. Uit berichten van enkele Venetiaanse gezanten blijkt dat zij goed was ingewijd in politieke en militaire zaken (Relazioni veneziane, 114, 235). Ook was zij een belangrijke politieke schakel tussen het Franse hof en de republiek. In 1626 woonde Brabantina er het huwelijk bij van haar dochter Charlotte met James Stanley, graaf van Derby en zij begeleidde het paar naar Londen.

Brabantina genoot ook het vertrouwen van haar familie. Op verzoek van haar oudste zus Louise Juliana trad zij na het overlijden van hun oudste broer Filips Willem in 1618 in Den Haag op als zaakwaarnemer voor haar zussen bij de afwikkeling van de nalatenschap van hun vader. De broers waren weinig geneigd rekening te houden met de belangen van hun zusters. Brabantina werd afgevaardigd omdat zij de enige zou zijn die iets bij Maurits gedaan zou kunnen krijgen, en, ‘estant femme d'affaires, il faut que vous soiés nostre présidente’, aldus Louise Juliana.

Voor haar oudste zoon vond Brabantina een echtgenote in Maria de La Tour d'Auvergne (1601-1665), een dochter van haar zus Elisabeth. Uit deze verbintenis werd Henri Charles de La Tremoille (1620-1672) geboren, die later werd geweigerd als huwelijkskandidaat van de op hem verliefde Louise Henriette, oudste dochter van Frederik Hendrik en Amalia van Solms. Brabantina's zoon Henri ging in 1628 over tot het katholicisme. Ook haar jongste zoon, de avonturier Frederik Maurits, baarde haar zorgen: hij veroorzaakte enkele schandalen, verspeelde de gunst van de Franse koning en prins Maurits, en werd uiteindelijk in 1642 gedood bij een duel in Venetië.

De overgang van haar zoon tot de katholieke kerk was voor Brabantina aanleiding Thouars te verlaten. Haar laatste jaren bracht zij door in het kasteel in Chateaurenard (Orléans), het voormalige eigendom van Louise de Coligny. Brabantina overleed er op 19 augustus 1631, vijftig jaar oud. Volgens Jean Luc Tulot, editeur van haar correspondentie, en ook volgens de Britse historicus Simon Hodshon is zij door historici niet op waarde geschat. Haar rol bij de politieke ontwikkelingen en de geschiedenis van het protestantisme in Frankrijk in het eerste kwart van de zeventiende eeuw was belangrijker dan tot op heden is onderkend.

Naslagwerken

Dek Nassau; Van Ditzhuyzen; NNBW; Oranje van A tot Z.

Archivalia

Koninklijk Huisarchief, Den Haag: Archief Willem I van Oranje-Nassau. Archief Maurits van Nassau. Archief Frederik Hendrik van Nassau.

Literatuur

  • J.W.A. Naber, Prinsessen van Oranje en hare dochters in Frankrijk (Haarlem 1901).
  • Relazione veneziani Venetiaansche berichten over de Vereenigde Nederlanden van 1600-1795, P.J. Blok ed. (Den Haag 1909) 114, 235.
  • N. Japikse, ‘De huwelijken van de dochters van prins Willem’, in: Idem, De geschiedenis van het huis Oranje Nassau (Den Haag 1937) 145-154.
  • J.C. van der Does, Prinsessen uit het huis van Oranje (Putten 1938) 107-119.
  • P. Scherft, Het sterfhuis van Willem van Oranje (Leiden 1966) 39-46, 135-147.
  • J.J. Poelhekke, Frederik Hendrik, prins van Oranje. Een biografisch drieluik (Zutphen 1978) 34-39, 55.
  • R.E.O. Ekkart, ‘Een portretreeks uit de tweede helft van de zestiende eeuw. Daniel van den Queeborn als portrettist van Willem de Zwijger en zijn gezin’, Jaarboek Vereniging Oranje-Nassau Museum (1982) 17-34.
  • J. Doorn, De prijs van het bloed 1584-1625. De kinderen van Willem van Oranje, hun rol en hun lot (Zaltbommel 1984).
  • Jean Luc Tulot, ‘Le monde des La Tremoille dans le premier XVIIe siècle’ [correspondentie van o.a. de Nassau-Bourbon prinsessen]. URL: http://pagesperso-orange.fr [laatst geraadpleegd november 2009].
  • Simon Hodson, The power of female dynastic networks. A brief study of Louise de Coligny, princess of Orange, and her stepdaughters, Womens History Review 16 (2007) 335-351.

Illustratie

Charlotte Brabantine (midden) neemt rouwbeklag in ontvangst na Maurits’ dood. Door Jacques de Gheyn, 1625 (Rijksmuseum Amsterdam).

Auteur: Matty Klatter

Biografienummer in 1001 Vrouwen: 194

laatst gewijzigd: 13/01/2014