Court, Petronella de la (1624-1707)

 
English | Nederlands

COURT, Petronella de la, ook bekend als juffrouw Oortmans (geb. Leiden 24-8-1624 – gest. Amsterdam 22-3-1707), kunstverzamelaarster. Dochter van Nicolaas de la Court (voor 1600-1650), bakker, en Tanneke de Tailleur (ca. 1600-1668). Petronella de la Court trouwde op 24-8-1649 in Leiden met Adam Oortmans (1622-1684), zijdelakenwinkelier, later brouwer. Uit dit huwelijk werden 10 kinderen geboren, van wie 3 dochters en 3 zoons de volwassen leeftijd bereikten. 

Petronella de la Court groeide op in een welvarend Leids immigrantenmilieu. Haar vader (Nicolaas) was rond 1613 uit Yperen naar Leiden gekomen met zijn broer Pieter: Nicolaas vestigde zich als bakker, Pieter maakte carrière in de Leidse lakenindustrie. In 1623 trouwde Nicolaas met Tanneke de Tailleur, een in Leiden geboren dochter van immigranten. Petronella was hun oudste dochter. Na haar werden nog zeven dochters en één zoon geboren. Het gezin was gereformeerd en ging naar de Hooglandse kerk, waar de kinderen ook gedoopt werden en de familie een eigen graf bezat. Hun kinderen kwamen goed terecht: twee van Petronella's zusters, Catalina en Christina, trouwden met twee broers, de arts Jacob en de lakenkoopman Adriaan de Vallan, zonen van een zakenrelatie van de familie De la Court; broer Nicolaes reisde voor de firma van neef Pieter de la Court de Jonge naar Afrika en Curaçao. Petronella trouwde met Adam Oortmans, een volle neef in Amsterdam.

Na haar huwelijk verhuisde Petronella de la Court naar Amsterdam. Zij woonde eerst in de Stilsteeg, nu de Paleisstraat, waar haar man een zijdelakenwinkel had. In 1657 kocht het echtpaar Oortmans-de la Court brouwerij De Zwaan aan het Singel. Dit was een groot complex van verschillende huizen, waar in de loop van de tijd nog meer panden aan toegevoegd werden. Tegenwoordig bevindt zich op deze plek het Bungehuis. De brouwerij was zeer winstgevend en de familie Oortmans-de la Court kon daarom veel geld besteden aan de aankoop van kunst. De tien kinderen van Petronella en Adam werden geboren tussen 1650 en 1662. Het eerste kind (een dochter) overleed in 1651, het jaar waarin een zoon werd geboren. Ook de andere kinderen volgden met intervallen van één à twee jaar. In deze drukke jaren had Petronella de la Court ongetwijfeld hulp van kindermeisjes en dienstboden.

Enkele jaren na haar huwelijk moet Petronella de la Court begonnen zijn met het aanleggen van een kunstverzameling. Toen vlak na haar dood in 1707 haar verzamelingen werden geveild – er waren veilingen voor respectievelijk porselein, schilderijen, rariteiten en tekeningen – werd in de veilingcatalogi vermeld: ‘Met grote kosten en moeite in meer dan 50 jaren bij een vergaard en nagelaten door Petronella de la Court, weduwe wijlen Adam Oortmans, in zijn leven brouwer in de Zwaan.’ De schilderijenverzameling bestond uit zo’n honderdvijftig schilderijen, voornamelijk eigentijds maar ook van oudere meesters, inclusief zeventien familieportretten. De nadruk lag op genrestukken, vooral van Leidse fijnschilders en italianiserende landschappen. Petronella de la Court bezat vier schilderijen van Frans van Mieris, waaronder de bekende ‘Doktersvisite’ en was de mecenas van zijn zonen, de schilders Jan en Willem van Mieris. Een ander bekend schilderij uit haar verzameling is ‘Achilles onder de maagden’ van Gerard de Lairesse (nu in het Herzog Anton Ullrich Museum in Braunschweig). Verder had zij veertien objecten van de bekende beeldsnijder Francis van Bossuit, waarvan het beeld ‘Mars’ en het reliëf ‘Venus en Adonis’ (beide nu in het Rijksmuseum) de beroemdste zijn. Haar rariteitenverzameling bestond onder andere uit schelpen en edelstenen. Vijf van haar schelpen worden als uitzonderlijke exemplaren vermeld in D’Amboinse rariteitkamer van G.E. Rumphius uit 1741. Tevens bezat ze vele door de parelmoerbewerker Cornelis Bellequin gegraveerde schelpen. Haar tekeningen- en prentenverzameling was ook zeer uitgebreid, met prenten van Lucas van Leiden, van Rembrandt en vele anderen en aquarellen van Willem van Mieris.

Petronella de la Court is tegenwoordig vooral bekend vanwege haar poppenhuis (nu in het Centraal Museum te Utrecht), dat na haar dood nog wel geruime tijd in familiebezit bleef. Het komt globaal overeen met de indeling en inrichting van haar eigen huis en dit geldt met name voor de kunstkamer in het poppenhuis, die verwijst naar de witte zaal in haar woonhuis en die als kunstkamer was ingericht. Het poppenhuis bevat niet alleen vele miniatuurvoorwerpen die een getrouw beeld geven van de aankleding van een zeventiende-eeuws woonhuis maar ook 28 poppen, waarvan een zestal musiceert in een door Frederik de Moucheron beschilderde kamer. Bovendien bevinden zich in het poppenhuis kunstvoorwerpen zoals schilderijen en beeldjes van kunstenaars die ook in haar kunstverzameling vertegenwoordigd waren. Zo verbeeldt het poppenhuis het leven dat Petronella de la Court leidde, als moeder van een gezin, als vrouw van een brouwer én als kunstverzamelaarster. De kraamkamer en de kinderkamer getuigen van de eerste jaren van haar huwelijk toen ze haar kinderen kreeg. In het kantoor ligt een stempel met de initialen van haar man die daar zijn administratie deed, een taak die zij na zijn dood van hem overgenomen heeft, en de kunstkamer is een symbool van haar grote en belangrijke verzameling.

Na het overlijden van haar man in 1684 zette Petronella de la Court de brouwerij zelfstandig voort, bijgestaan door haar zoons Nicolaes en Adam. Toen haar zoons Adam en Willem tegenslag in zaken ondervonden, schonk Petronella hun meer dan hun erfdeel om faillissement te voorkomen. De andere kinderen kregen hun aandeel na de veiling van de verzamelingen en de taxatie van de brouwerij. Alle kinderen keerden uiteindelijk terug naar de brouwerij om daar hun laatste dagen te slijten. De brouwerij werd aan het einde van de achttiende eeuw door de erfgenamen verkocht en opgeheven.

Naslagwerken

Wurzbach.

Archivalia

Gemeentearchief Amsterdam: Notarieel Archief, Inventaris Petronella de la Court, 16-8-1707, Notaris G. Ypelaer 5338, folio 553-642; Boedelscheiding Petronella de la Court 1710, Notaris G. Ypelaer 5339C, folio 1639-1666.

Literatuur

  • I.H. van Eeghen, ‘Het poppenhuis van Petronella de la Court huisvrouw van Adam Oortmans’, Maandblad Amstelodamum 47 (1960) 159-167.
  • C.W. Fock en R. Ekkart, ‘De portretgalerij van de familie De la Court’, Jaarboek van het Centraal Bureau voor Genealogie 35 (1981) 177-230.
  • J. Pijzel-Dommisse, Het poppenhuis van Petronella de la Court (Utrecht 1987).
  • E. Elen-Clifford Kocq van Breugel, ‘Sculpturen van Francis van Bossuit getekend door Willem van Mieris’, Delineavit et Sculpsit 8 (1992) oktober, 12-24.
  • H.H. Pijzel-Dommisse, Het Hollandse pronkpoppenhuis. Interieur en huishouden in de 17de en 18de eeuw (Zwolle 2000).
  • F. Scholten, ‘Een yvore Mars van Francis, de beeldsnyder Van Bossuit en de familie de la Court’, Bulletin van het Rijksmuseum 47 (1999) 1, 26-43.

Illustratie

Portret van een dame (Petronella de la Court?) door Jan van Mieris (?). Huidige verblijfplaats onbekend (Foto ter beschikking gesteld door auteur).

Auteur: Margreet van der Hut

Biografienummer in 1001 Vrouwen: 280

laatst gewijzigd: 01/03/2014